Word abonnee

Column

Hopelijk is Cruijff nog heel lang wereldnieuws

door: Frits Barend
23 oktober 2015

Gisteren werd bekend dat Johan Cruijff longkanker heeft. Ook Frits Barend schrok zich rot.

Begin 1991, midden tijdens de Golfoorlog, belde mijn nichtje uit Israël ontzet op. Ze zat met haar gezin weer eens in de schuilkelder, maar dat waren we al gewend. Er was 'breaking news', niet over een inslag of over een scud. Het reguliere avondprogramma op de Israëlisch televisie werd onderbroken omdat Johan Cruijff een hartaanval zou hebben gehad en met spoed moest worden geopereerd.

Of ik iets wist? Mijn nichtje, werkzaam in het Tel Hasjomer ziekenhuis in Tel Aviv, was geschrokken. ‘Hij mag tegelijk blij zijn dat het op tijd is ontdekt. Ze zijn heel ver met hartkwalen, nu blijft hij de rest van zijn leven onder controle.’ Ik wist die avond nog van niets, naar het gaf wel aan dat de gezondheid van Cruijff wereldnieuws is. Na zijn hartoperatie stopte hij abrupt met roken en hij zat een paar maanden later al weer op de bank als coach van Barcelona. Alsof er niets was gebeurd.

'Teveel logica kon zelfs Cruijff niet op'

Een paar jaar geleden sijpelde een bericht door dat Cruijff was overleden. Een grote krant was intern een nieuw internetsysteem aan het testen met fakeberichten. Door een vreselijke fout van de systeembeheerder was Cruijff even dood. Het bericht bereikte ook mij, een dag nadat we elkaar nog hadden gesproken. Mijn tweede reactie na de eerste schrik was twijfel. Met grote aarzeling belde ik vervolgens naar Barcelona. Er werd snel opgenomen. De schrik was meteen verdwenen. Opgelucht zei ik: ‘Ik bel omdat je vannacht zou zijn overleden.’

Cruijff moest vreselijk lachen en haalde een oude anekdote op. Toen hij 65 werd, moest hij zijn AOW aanvragen. Daarvoor moet je via mail en internet een hele rits vragen beantwoorden. Niets voor Cruijff. Dus belde hij met de dienstdoende instantie of hij de vragen niet even telefonisch mocht beantwoorden. Dat mocht niet. ‘Want u moet bewijzen dat u het bent,’ zei de ambtenaar. ‘Maar ik bel nu toch met u?’ was de logische reactie aan de andere kant van de lijn. ‘Klopt, maar u moet ook bewijzen dat u nog leeft.’

Tegen zoveel logica kon zelfs Cruijff niet op. ‘Mevrouw, zal ik u wat zeggen. Als ik overlijd, denk ik dat u het eerder weet dan ikzelf.’ Dus lachte hij na zijn 'overlijdensbericht': ‘Ik zei het toch, ook jij wist het eerder dan ik.’

'Hij deed alleen de aftrap, hij had het druk, verder was er niets bijzonders'

Donderdag kwamen de berichten uit Spanje. Cruijff was ernstig ziek, uiteindelijk bleek het te gaan om longkanker. Dit keer was het verdomme wel waar. Twee weken geleden deed hij voor het eerst niet mee in de jaarlijkse wedstrijd van zijn Cruyff Foundation (met onder andere Wim Jonk, Kenneth Perez, Rob Witschge, Simon Tahamata, Martijn Reuser, Raoul Heertje, John Bosman) tegen het bedrijf dat voor die wedstrijd het meest had geboden. Hij deed alleen de aftrap, hij had het druk, maar verder was er niets bijzonders.

Nu heeft hij dus longkanker. Ik denk zomaar dat hij op dat vreselijke nieuws weer net zo reageert als na zijn hartproblemen. Zo van: diagnose, therapie, behandelen en dan zien we wel weer verder. Laten wij nu maar hopen dat hij nog heel, heel lang wereldnieuws is. 

Delen: