Word abonnee

Helden in het nieuws

Brand: ‘NK-succes best bewaarde geheim van Nederland’

door: Robert Prins
23 juni 2016

Het Nederlands kampioenschap ligt Lucinda Brand wel. De 26-jarige wielrenster van Rabo-Liv werd de laatste drie jaar twee keer Nederlands kampioen. Daarnaast eindigde ze tussendoor ook nog op het podium. Helden Online ging bij haar langs en legde haar een aantal thema’s voor. 

NK
Lucinda, de laatste drie jaar ben je twee keer Nederlands kampioen geworden. Hoe verklaar je jouw succes?
“Ha! Dat is het best bewaarde geheim van Nederland. Vaak ga ik richting de zomer beter rijden, ben ik beter in vorm dan in het voorjaar. Misschien heeft het weer er ook wel mee te maken. Ik ben dol op de hoge temperaturen. De laatste jaren kreeg ik vaak een vrije rol, omdat ik bewezen heb op kampioenschappen goed te kunnen rijden. Dat vind ik erg prettig.”

Hoe kijk je terug op jouw nationale titels?
“Erg positief. Het waren twee totaal verschillende kampioenschappen. Het is mooi dat ik heb kunnen laten zien, dat ik zo allround ben. Tussendoor stond ik natuurlijk ook nog op het podium (Lucinda werd tweede in 2014, red.). Ik mag wel zeggen dat het Nederlands kampioenschap mij ligt, ha. Hopelijk kan ik deze goede vorm doortrekken.”

'Ik moet zeggen, dat ik in 2013 mezelf heel lang te veel druk oplegde'

Hoe voelt het om de Nederlandse kampioenstrui een heel jaar te dragen?
“Heel goed. In het begin is het heel bijzonder, maar naarmate je verder in het seizoen komt, krijg je het gevoel alsof het de normaalste zaak van de wereld is, maar dat is natuurlijk niet zo. Als je iedere dag die trui aantrekt, vergeet je weleens dat jij de enige bent in het peloton met zo'n rood-wit-blauwe-trui.”

Brengt die trui ook een bepaalde druk met zich mee?
“Zeker! Natuurlijk leg je jezelf ook een hoop druk op. Je wilt laten zien dat je die trui waard bent. Als Nederlands kampioen wil je uiteraard niet helemaal achteraan rijden. Ik moet zeggen, dat ik in 2013 mezelf heel lang te veel druk oplegde. Daardoor kwam het er een lange tijd niet uit, moest ik lang wachten op mijn volgende overwinning. Ik wilde te graag. Gelukkig heb ik veel van die tijd geleerd. Vorig jaar gebeurde het tegenovergestelde. Vrijwel direct na mijn nationale titel schreef ik in Italië nog twee etappes in de Giro Rosa op mijn naam.”

Honkbal
Naast wielrenster ben je een groot honkbalfan. Waar komt de liefde voor die sport vandaan?
“Mijn ex-vriend deed aan honkbal. Daardoor ben ik die sport veel beter gaan snappen. Eerst kende ik alleen de regels die je op school leert. Ik vind honkbal een prachtige sport. Veel mensen denken dat ze maar even een balletje wegslaan en vervolgens heel hard over de honken rennen. Dat is niet zo. Er komt zoveel tactiek bij kijken. Prachtig. Mijn ex-vriend kon er ook altijd zo gepassioneerd over vertellen. Hij liet me regelmatig wat filmpjes zien van mooie acties, waardoor ik steeds enthousiaster werd.

Tijdens mijn trainingskamp in de Verenigde Staten zette ik regelmatig een wedstrijd op. Als je al die onzin op de Amerikaanse televisie ziet, kijk ik als sportliefhebber liever naar een wedstrijd. Je kan er ook niet omheen daar. Ze zenden zelfs een aantal collegewedstrijden live uit. Amerika is een ideaal land voor een sportliefhebber zoals ik. Of ik een favoriete club heb? Zeker! Tijdens mijn trainingskamp ben ik namelijk naar de San Francisco Giants geweest. Dat vind ik een erg mooi team om naar te kijken. In de laatste zes jaar zijn ze drie keer kampioen geworden, dus ik ben niet de enige fan, ha.”

'Het doet weleens pijn als je ziet dat Nederlandse sporters een topprestatie leveren, maar vervolgens geen enkele aandacht van de media krijgen'

Vrouwenwielrennen
Het vrouwenwielrennen krijgt tegenwoordig nog steeds een hoop minder media-aandacht dan de mannen. Wat vind je daarvan?
“Ik heb er een beetje een dubbel gevoel bij. Anna van der Breggen won vorig seizoen de Giro Rosa. Een fantastische prestatie van haar. Toen ik een dag later de kranten las, zag ik dat het nieuws vaak in een klein hoekje was gepropt. Een aantal kranten besteedde er helemaal geen aandacht aan. Dat vond ik werkelijk schandalig. Natuurlijk geldt het probleem niet alleen voor het vrouwenwielrennen. Er zijn genoeg andere sporten die er ook last van hebben. Je kan geen krant openslaan of er staan drie tot vijf pagina’s over voetbal in. Zelfs tijdens periodes dat er eigenlijk helemaal geen wedstrijden worden gespeeld. Dat is kennelijk de cultuur in Nederland.

Het doet weleens pijn als je ziet dat Nederlandse sporters een topprestatie leveren, maar vervolgens geen enkele aandacht van de media krijgen. Gelukkig gaat het de laatste tijd wel steeds beter. In het buitenland zijn er zelfs kanalen, die verslag doen van al onze wedstrijden. Het Engelse Voxwomen is een goed voorbeeld. Een stap in de goede richting!”

Olympische Spelen
Een aantal weken geleden zag je je ultieme droom, uitkomen op de Olympische Spelen van Rio de Janeiro, uiteenspatten. Heb je die enorme teleurstelling al verwerkt?
“Het is vreselijk balen dat ik niet ben geselecteerd voor de Olympische Spelen. Het is het grootste sportevenement ter wereld, dus dat wil je als sporter ooit een keer hebben meemaakt. Ik ben nu 26, weet dus niet of ik over vier jaar opnieuw een kans krijg. Toen ik hoorde dat ik niet geselecteerd was, deed dat enorm veel pijn. Toch moet je verder. Je kunt moeilijk bij de pakken neer gaan zitten. De Spelen zijn fantastisch, maar het feit dat ik er niet heen ga, is nou ook weer niet het einde van de wereld. Er zijn veel ergere dingen. Het feit dat bijvoorbeeld Chantal Blaak (winnares van Gent-Wevelgem, red.) en ik niet zijn geselecteerd, zegt genoeg over de concurrentie in Nederland. We hebben zoveel goede rensters. Ik wens Annemiek van Vleuten, Ellen van Dijk, Marianne Vos en Anna van der Breggen heel veel succes in Rio.”

Droom 
Waar droom je nu van?
“Ik zou het fantastisch vinden als ik mijn Nederlandse titel kan prolongeren. In een droom kan veel gebeuren, toch? Ha! Het zou uniek zijn als het gebeurt. Daarnaast wil ik heel graag weer eens een World Tour-wedstrijd winnen.”

Delen: