Word abonnee

Uit helden

Gerritsen: ‘De rest is gewoon veel harder gaan rijden’

door: Redactie Helden
28 november 2015

Als klein meisje keek Annette Gerritsen met grote ogen naar het Rijksmuseum. De sprintster van Team AfterPay liet de kans om tijdens een bezoek aan het iconische gebouw de geschiedenis van ‘haar stad’ te ontdekken, dan ook niet aan zich voorbijgaan.

“Als kind kreeg ik zwemles in het Zuiderbad, recht tegenover het Rijksmuseum. Dat was in een tijd dat je de auto nog midden op het Museumplein kon parkeren. Ik liep dan met mijn moeder over het plein en zag dat immense, prachtige gebouw. Imponerend. Maar ik was eigenlijk nog nooit echt binnen geweest. Slecht hè? Alleen voor het Schaatser van het Jaar-gala was ik er een keertje. In het buitenland ga ik altijd naar een museum, maar ja, je bent natuurlijk niet snel een toerist in eigen stad.”

'Het ijs was verschrikkelijk, het had meer met hardlopen dan met schaatsen te maken'

Gouden bocht
Hoewel Annette Gerritsen op papier een Waterlandse is, stroomt er Amsterdams bloed door de aderen van de winnares van het olympisch zilver op de kilometer in Vancouver 2010. Haar familie bestaat uit rasAmsterdammers en ook bij Gerritsen zelf is de hoofdstedelijke tongval duidelijk te herkennen. Tijdens het bezoek aan het museum wilde de schaatsster dan ook graag leren over de geschiedenis van de stad waarin haar familie opgroeide.

Daarbij koos ze voor De Bocht van de Herengracht van Gerrit Adriaenszoon Berckheyde. In het stadsgezicht wordt de ‘Gouden bocht’ van de gracht met mathematische precisie weergegeven. Vooral het stadse leven op de kades trekt de aandacht van Gerritsen. “Als kind hoorde ik de verhalen van mijn ouders en grootouders. Over hoe zij opgroeiden zonder badkamer in huis en dus altijd naar het badhuis moesten om zich te kunnen wassen. Dat zie ik in dit werk terug, het oude Amsterdam. Geen bomen, geen auto’s, de gracht zoals hij vroeger was. Daar kan ik uren naar staren.” 

Gerritsen heeft een band met de Amsterdamse grachten. Hoewel haar sportieve hoogtepunt in Vancouver ligt, vond een van haar mooiste wedstrijden vlak naast de Herengracht plaats. In de Keizersrace wist zij zich in 2012 tot keizerin te kronen. “Als wedstrijd op zich sloeg dat natuurlijk nergens op. Het ijs was verschrikkelijk, het had meer met hardlopen dan met schaatsen te maken,” blikt Gerritsen terug. “Maar het was een geweldig evenement. Ik kan me zo weer de hooibalen op het ijs voor de geest halen en de duizenden mensen die vanaf de kant toekeken. Het stond rijen dik en uit elk raam hingen mensen. Een fantastische ervaring. Elke keer als ik nu nog in een bootje over de Keizersgracht vaar, roep ik: ‘Daar schaatste ik!’ Wat dat betreft zou de Gouden bocht ook niet misstaan als locatie voor zo’n race.”

'Ik voelde dat het niet goed zat'

Tekst gaat verder onder de foto

Ongeduld
De bochten waar Gerritsen zich voorlopig op gaat richten, liggen gewoon op de 400- meterbaan. Na een zomer die in het teken stond van een zware knieblessure, is de schaatsster gerevalideerd en vol enthousiasme aangehaakt bij haar nieuwe ploeg Team AfterPay, gecoacht door Dennis van der Gun. “Natuurlijk heb ik vorige winter gedacht: waarom wil ik dit nog doen?” reageert Gerritsen op de vraag of ze overwogen heeft te stoppen met schaatsen. “Ik schaats toch al een paar jaar niet zo goed als ik zou willen. Op zich zijn mijn tijden vergeleken met 2010 niet eens zoveel slechter, de rest is gewoon veel harder gaan rijden en ik heb die stap niet gemaakt. Misschien gaat me dat ook nooit lukken. Ik heb de laatste jaren alleen niet het gevoel gehad dat ik het op honderd procent heb kunnen proberen. Daar bedoel ik mee dat er altijd iets was dat niet goed zat. Fysiek, technisch. Terwijl, zeker tegenwoordig, alles moet kloppen. Ook mentaal.”

Bij AfterPay stelt Gerritsen dankzij Van der Gun het plezier in het schaatsen weer te hebben gevonden. “Ik heb een geweldige tijd bij Jac Orie gehad, maar hij heeft wel een heel wetenschappelijke benadering. Dennis werkt veel meer op gevoel en dat is toch iets dat ik de laatste jaren heb gemist. Ik voelde dat het niet goed zat, dat ik echt moe was, maar dat gevoel schakelde ik uit. Ik wilde zo graag weer goed schaatsen dat ik mezelf geen rust gunde.”

'Ik zou zelfs 2018 kunnen halen'

“Ik zat in een ploeg waarin iedereen top was, terwijl ik juist de hele tijd achter de feiten aanliep. Ik had steeds het gevoel dat ik zo snel mogelijk een inhaalslag moest maken. In één keer de grote sprong voorwaarts, in plaats van de benodigde tien kleine stapjes zetten. Dat is puur de ongeduldige kant van mijn karakter. Eigenlijk loopt Dennis nu de hele tijd mijn ongeduld te temperen. Ha, daar heeft hij bijna een fulltimebaan aan. Hij remt me steeds een beetje af en dat werkt. Ik weet nog niet of ik er beter door ga schaatsen, maar dankzij die aanpak heb ik nu wel het antwoord op de vraag die ik mezelf vorige winter stelde: waarom doe ik dit nog? Omdat schaatsen voor mij nog steeds het allerleukste is om te doen. Ik doe dit nog altijd met heel veel plezier, met passie. Dat gevoel moest nog in me zitten, dat wist ik, en Dennis weet het eruit te halen met zijn positieve aanpak.”

“Ik betwijfel of ik op de oude werkwijze nog door had kunnen gaan. Wat er komende winter op het ijs ook gebeurt: ik heb nu al het gevoel dat ik weer enorm veel geleerd heb. En daardoor zowel een betere sporter als een beter mens ben geworden. Dat pakt niemand me meer af. Ik voel me nu zo goed dat ik niet eens durf te zeggen waar dit ophoudt. Eerst dacht ik: 2018, Pyeongchang, dat is te ver weg. Nu denk ik: misschien wel. Ik doe weer iets wat ik leuk vind en daarmee zou ik zelfs 2018 kunnen halen.”

Het hele verhaal met Annette Gerritsen is hier op Blendle te lezen.

Delen: