Word abonnee

Wielrennen

‘Lekker nuchter, daar hou ik van’

Maurits Giesen

Wielrennen

‘Lekker nuchter, daar hou ik van’

door: Jasper Boks & Marlies van Cleeff
27 mei 2021
2 tot 7 minuten lezen

Marianne Vos is al jaren het boegbeeld van het vrouwenwielrennen. Ze is meervoudig wereldkampioen en tweevoudig olympisch kampioen in verschillende disciplines, maar kreeg in haar carrière ook te maken met een fysieke burn-out. Inmiddels maakt de 34-jarige wielrenster zich op voor haar vierde Olympische Spelen. We haalden met haar herinneringen op.

‘“Het gaat niet om dat stuk metaal in mijn kast, maar om de herinneringen. Om de momenten waar je samen naartoe hebt geleefd en met elkaar hebt meegemaakt. Dat vind ik het mooiste van het wielrennen. Maar het is makkelijk praten als je al olympisch goud in de kast hebt liggen, hoor,” zegt Marianne Vos. “De wegwedstrijd op de Spelen in Londen in 2012 was een absoluut hoogtepunt. Het was beestenweer. Veertig kilometer voor de finish ging ik in de aanval. Ik lag met Elizabeth Armitstead en Olga Zabelinskaja voorop, de tijdsverschillen wisten we niet. In de verte achter ons zagen we grijze koplampen schijnen. Dat betekende dat het jagende peloton eraan kwam. Het moment dat ik als eerste over de finish kwam, is wel een van de meest ultieme momenten van euforie. Die dag viel de puzzel precies in elkaar, het spelletje was perfect gespeeld.”

Afzien
Dit voorjaar was het weer raak voor Marianne. In Gent-Wevelgem klopte ze de concurrentie in de massasprint en een maand later schreef ze de Amstel Gold Race op haar naam door in een eveneens zinderende finale landgenoten Demi Vollering en Annemiek van Vleuten achter zich te laten. Het waren twee overwinningen die nog ontbraken op haar uitpuilende palmares. Bovendien had ze al sinds 2013 geen voorjaarsklassiekers meer gewonnen. “Dat wist ik niet eens, ik ben niet zo bezig met statistieken. Dit jaar waren het twee vliegen in één klap.” Marianne was achttien toen ze haar eerste wereldtitel veroverde in het veldrijden, er volgden er daarna nog zes. Op de baan werd ze twee keer wereldkampioen en in 2008 olympisch kampioen. Op de weg werd ze drie keer wereldkampioen en pakte ze dus olympisch goud in 2012. Ook schreef ze bijna alle wedstrijden minimaal één keer op haar naam. “Er blijft nog wat te wensen over, hoor. Parijs-Roubaix wordt dit jaar ook voor het eerst gereden door vrouwen, dus dat is automatisch een nieuw doel.”

Het volledige verhaal lezen? Dat kan via Blendle. Je kunt het magazine ook in de winkel halen óf online bestellen!

Delen: