Word abonnee
Meer

Snowboarden

Nicolien Sauerbreij en Arjen Robben over wat een snowboardster en voetballer van elkaar kunnen leren

Ze kenden elkaar alleen van televisie, [...]
Ze kenden elkaar alleen van televisie, maar reageerden beiden meteen positief: Arjen Robben wilde Nicolien Sauerbreij graag een keer ontmoeten en Nicolien is al jaren fan van Arjen. “Hij is authentiek, is volgens mij volledig zichzelf. En ook hij heeft tegenslagen overwonnen.” Eind 2013 was het zover: de winnaar van de Champions League ontmoette in München de olympisch kampioene. In aanloop naar de Olympische Winterspelen doken we de archieven in. De schok 48 uur na interview en fotosessie was groot. Arjen voelde zich beresterk en was opvallend ontspannen. Het leven lachte hem toe. Die avond van het interview kwam om negen uur zijn ostheopaat overgevlogen uit Limburg voor een reguliere servicebeurt. De volgende dag zou Bayern München met de bus naar Augsburg rijden, voor de bekerwedstrijd tegen de lokale FC. Het zou Arjens laatste wedstrijd van het jaar worden. Na een jaar zonder blessures en nadat hij en passant de openingsgoal had gemaakt, schopte de keeper van FC Augsburg met een schofterige overtreding Arjen letterlijk het ziekenhuis in en het jaar uit. De keeper kreeg slechts geel. Opvallend is nog steeds de geringe verbazing over de aanslag op de knie van Arjen, maar dat terzijde. Op advies van Roy Makaay spraken we in 2013 af in Forsthaus Wörnbrunn, een gemoedelijk Zuid-Duits restaurant vlak bij het huis van Arjen in Grünwald. Nicolien: “Jij hebt lekker een thuisbasis. Thuis is voor mij zo’n relatief begrip, zeker in de winter. Tussen 2 januari en 24 februari kom ik helemaal niet thuis. Ik heb eigenlijk nauwelijks een thuisbasis.” Arjen: “Wij zijn gedurende het seizoen ook veel van huis, alleen zijn dit kortere periodes. Voor bijna elke wedstrijd slapen we in een hotel en tijdens de voorbereiding gaan we vaak een dag of tien op trainingskamp. Maar de hele winter reizen, zoals Nicolien, dat kennen wij niet.” Nicolien, hoe kijk jij naar Arjen? Nicolien: “Ik zie hem als een gedreven persoon met een enorme geldingsdrang waardoor hij af en toe wel eens een tegenspeler over het hoofd ziet. Ja toch?” Arjen knikt instemmend. “Ik ken hem eigenlijk alleen van televisie. Ik zie een fris Hollands hoofd, iemand die eerlijk is en in interviews de moeite neemt om zaken goed te verwoorden. Ik heb me altijd gestoord aan de wijze waarop hij in Nederland is bejegend. Zijn hele houding straalt gedrevenheid uit. Ik vrees dat veel Nederlanders die uiterste passie om de top te halen niet kennen en daarom al gauw denken dat wij ons aanstellen. Ik zie een op en top sportman die totaal niet naast zijn schoenen loopt. Dacht je dat Arjen die blessures leuk vond? Alsof je daar iets aan kunt doen. En ook typisch Nederlands, nu hij maar blijft winnen en scoren, schrijven al die journalisten die hem jaren hebben afgekraakt alleen maar positief. Zelfs zo positief dat hij was genomineerd voor Sportman van het Jaar. Maar Arjen is niet veranderd, dat zijn de journalisten.” Arjen luistert bescheiden en lacht af en toe: “Wat ik bij Nicolien bijzonder vind, is dat zij in een sport excelleert en zelfs het hoogst haalbare heeft gehaald, zonder enige faciliteit in eigen land. Zij heeft dus van het begin af aan heel veel offers moeten brengen, ja, dat vind ik ongelooflijk knap.” Nicolien is vereerd en oprecht verbaasd dat Arjen haar gouden olympische traject in 2010 tot en met de laatste race helemaal heeft gezien. Nicolien: “Dat is natuurlijk ook een vooroordeel, maar ik dacht: wat moet een voetballer nou met een vrouw die aan snowboarden doet? Ik vind dat wel bijzonder, daar sta je niet bij stil. Ik dacht, hij is even gaan googelen wie ik ben.” Arjen: “Dat hoor ik wel vaker, dat er een beeld van ons bestaat, alsof wij voetballers niet naar andere sporten kijken of in andere sporten geïnteresseerd zijn. Ik kan je legio voorbeelden noemen van topsporters die een heel brede belangstelling hebben.” Wie moet meer doen en laten voor haar/zijn leven als topsporter? Arjen: “Die vraag is bijna niet te beantwoorden. Het is een beetje appels met peren vergelijken. Ik denk dat we allebei alles voor onze sport over hebben. Je leeft in een bepaald ritme en laat daar veel voor, maar je doet het graag omdat je er veel voor terugkrijgt.” Nicolien: “Er zijn tientallen miljoenen voetballers. Dat alleen al maakt het bijzonder als je als voetballer de top haalt. Ook jou komt lichamelijke fitheid niet aangewaaid. Daar moet je voor werken en vooral een gedisciplineerd leven leiden.” Is het makkelijker voor een man dan voor een vrouw om topsporter te zijn? Nicolien: “In het begin niet, maar verderop in je carrière wel. Dan moet een vrouw keuzes maken die een man nooit hoeft te maken. Hij kan kinderen hebben en een lieve vrouw naast zijn carrière. Waar zou ik mijn kinderen moeten laten, als ik ze zou willen? Als je op mijn leeftijd kiest voor topsport, dan kies je voor een leven zonder gezin, zonder kinderen. Los van de aanslag op je lichaam, hoewel ze zeggen dat een vrouw na een bevalling sterker is. Er is een Duits meisje dat voor Vancouver per ongeluk zwanger raakte en die is inderdaad sterker teruggekomen, maar die was 21. Ze brengt haar kind nu bijna het hele jaar naar haar ouders, dus dankzij haar ouders kan ze sporten, maar dat zou ik niet willen.” Arjen: “Nicolien heeft volkomen gelijk, je zult niet vaak zien dat een vrouw haar sport beoefent en dat de man het hele jaar door voor de kinderen zorgt. Ik ben veel weg, maar niet lang achter elkaar. Als ik tien dagen weg ben, verlang ik enorm naar mijn kinderen.” Nicolien: “Een vrouw heeft het op alle fronten lastiger. Neem de menstruatie. Sommige vrouwen zijn daar doodziek van. Het is heel lekker dat je daar als man niet aan hoeft te denken.” Whereabouts en controles Voeding en gewicht zijn steeds belangrijker bij sporters, blijkt als we appeltaart voorgeschoteld krijgen. Nicolien hapt graag toe, Arjen bedankt. Nicolien: “Ik heb er belang bij zwaar te zijn. Ik moet dus juist niet letten op wat ik eet, maar opletten dat ik niet te licht ben. In de zomer maak ik zoveel trainingsuren dat ik er niet tegenop kan eten. Ik moet dan minimaal zes keer op een dag eten. En op grote hoogte moet je helemaal zorgen dat je goed eet, omdat je veel sneller verbrandt dan op zeeniveau en je hartslag sowieso tien slagen boven normaal zit. Ik verbruik in mijn trainingsuren 6000 calorieën per dag, dat is veel hoor.” Arjen: “Ik heb geen idee hoeveel ik verbrand op een dag. Wij trainen ook bijna nooit met een hartslagmeter.” Nicolien, oprecht verbaasd: “Echt niet? En bloedtesten dan?” Arjen: “Nee, hebben we ook niet. Wij worden aan het begin van het seizoen helemaal doorgelicht. Conditietesten? Het klinkt gek, maar die doen we bijna nooit. Whereabouts? Nee, het klinkt hier aan tafel bijna lachwekkend, maar die hoef ik ook niet in te vullen. De Duitse spelers moeten het wel, maar de internationale spelers niet. We worden wel vaak gecontroleerd. Tijdens wedstrijden maar ook out of competition op het trainingscomplex.” Nicolien: “Wat een heerlijkheid. Neem vandaag. Ik heb vanochtend moeten opgeven dat ik uit Oostenrijk naar München zou rijden, daarvoor moest ik van zes tot zeven uur vanochtend bereikbaar zijn voor controle en morgen moet ik ook weer tussen zes en zeven uur ’s ochtends bereikbaar zijn. Ik moet een uur per dag bereikbaar zijn en tijdens de Spelen 24 uur per dag. Ik ben de laatste vier maanden zes keer out of competition gecontroleerd. Dan staan ze om zes uur ’s ochtends voor je deur.” Arjen: “Bij Duitse spelers hebben ze ook wel eens voor de deur gestaan, maar mij is dat gelukkig nooit overkomen." Nicolien: “Wees blij, want die controles vormen echt een zware belasting. Dat is het eerste waarop ik me kan verheugen als ik na de Spelen stop, dat ik nooit meer om zes uur ’s ochtends word gewekt voor een dopingcontrole. Laatst droomde ik zelfs dat er werd gebeld. Ik ren naar de deur, als de dood dat ik ze zou missen en roep door mijn intercom: wie is daar? Stond er niemand. Krankzinnig, hoe het je slaap beïnvloedt.” Straks bij de Spelen moet Nicolien maar afwachten hoe de omstandigheden en wie de tegenstanders zijn. Een voetballer wordt zelden verrast. Arjen: “Wij weten alles van onze tegenstanders, die worden uitgebreid voor ons geanalyseerd. Zijn er bij jou tegenstanders die je niet kent?” Nicolien: “De meesten ken ik wel. Er is een nieuw Tsjechisch meisje van negentien. Die zal zeker meedoen en de Russen komen eraan.” Wij vertrouwen de Russen in zoverre niet, dat we denken dat ze nauwelijks te controleren zijn. Mogen wij dat zeggen? Nicolien: “Jullie mogen dat zeggen. Ik moet toegeven dat we de Russen bij wedstrijden nog niet zijn tegengekomen. Laat ik het zo formuleren: Rusland zal er alles aan doen om te presteren tijdens de Spelen. En ze hebben mogelijkheden, dat wil zeggen geld, zat.” Geluk en verdriet Het gouden moment van Nicolien heeft ze in een eerdere uitgave van Helden prachtig beschreven. Zou jij jouw gouden moment nog eens helemaal kunnen terughalen, die 89ste minuut in de finale van de Champions League van zaterdag 25 mei 2013 in Londen? Arjen: “Ik zal jullie iets geks zeggen: ik had een heel goed gevoel voor de wedstrijd, ik voelde dat we de finale zouden winnen. Ik was er zelf helemaal klaar voor. Ik heb ook ge-sms’t aan vrienden, dat het eindelijk goed zou komen. In de kleedkamer, in de rust nadat ik al twee mogelijkheden had gehad om te scoren, heb ik even een momentje voor mezelf gezocht. Je hebt van die bakken met koud water en daar heb ik even mijn handen in gestopt, mijn kop opgefrist en tegen mezelf gezegd dat ik klaar moest zijn voor het volgende moment. Nee, ik had geen moment angst dat ik zou worden gewisseld. Ik was alleen maar gefocust op de wedstrijd. Uiteindelijk kwam het moment en maakte ik hem af. Ik anticipeerde goed bij de goal. Mijn eerste intentie was om de keeper te omspelen. Ik ging naar links maar de keeper ging goed met mij mee, dat gebeurt allemaal in een fractie van een seconde. Ik moest mijn actie in de actie aanpassen en de bal daardoor contra inschieten. Het leek alsof ik de bal niet goed raakte, maar dat kwam omdat ik snel moest schakelen. Die goal was echt een bevrijding, gaf me zo’n intens gevoel. Toen dat laatste fluitsignaal kwam, voelde ik echt een ultiem geluksmoment. Het was de ultieme droom die uitkwam.” Jullie hebben allebei een groot geluksmoment, maar ook een moment van groot verdriet beleefd door op het moment suprême te verliezen. Bij veel sporters blijft verliezen langer hangen, bij jullie ook? Nicolien: “Als individuele topsporter maak je meer teleurstellende momenten mee dan momenten waar je heel blij van wordt. Dus ik herken dat wel. Als je niet in topvorm bent of niet voldoet aan de verwachtingen, ja, dat hakt erin. Arjen zit nu in een team dat alles wint, maar bij een individu bestaat dat niet, tenzij je Sven Kramer heet. En ook hij heeft een heel grote teleurstelling ervaren, zelfs na een honderd procent kans.” Arjen: “Op de een of andere manier blijft die WK-finale bij mij toch een open wond. Met de eerste verloren Champions League finale heb ik vrede. Wij waren die avond gewoon niet klaar voor de overwinning. Die tweede CL-finale begrijp ik nog steeds niet, we waren veel beter dan Chelsea en er was eigenlijk maar een team dat verdiende te winnen. Maar toch verloren we na penalty’s. Zo bizar. De WK-finale had het verhaal compleet gemaakt: dan had ik een wereldtitel en de Champions League gewonnen, dan is je carrière volmaakt.” Jullie zijn Helden, zoals Helden zijn bedoeld. Toch hebben jullie ook veel shit in de pers over je heen gekregen. Raakt dat je? Nicolien: “Je vindt het nooit leuk. Wat me bij Arjen is opgevallen, is dat hij aan een teamsport doet maar dat hij er vaak negatief werd uitgelicht. Daardoor denk ik dat hij hetzelfde voelt als een individuele sporter.” Arjen: “Ik stoor me niet zozeer aan kritiek op mezelf, maar meer aan stukken die geschreven zijn door gebrek aan kennis.” Nicolien: “Ik heb soms nog steeds het gevoel dat je in Nederland moet uitleggen dat het niet zo simpel is om een medaille in mijn discipline te halen. Bij ons is de wereldtop zo breed, dat ik nu al zou tekenen als ik überhaupt een medaille haal. Ja hoor, ook brons.  Ik heb moeten leren om te vechten, om te willen winnen.k moet mezelf dwingen te geloven dat er iets geheel nieuws wacht.” Arjen: “Heel goed, want je weet zelf uiteindelijk het beste wat je moet doen en laten. Ik hoop echt van harte dat Nicolien haar kunstje van vier jaar geleden kan herhalen. Maar dat is zo moeilijk, dat realiseer ik me ook. Het is niet vanzelfsprekend, sterker het is niet eens reëel te veronderstellen dat ze een medaille wint. Als je er alles aan hebt gedaan en je hebt de perfecte races geboard, maar je wordt vijfde dan is dat een wereldprestatie. Maar het publiek wil niet zien dat vier wereldtoppers die dag net ietsje beter waren. En dan heeft ze voor het grote publiek gefaald. Onzin natuurlijk, volslagen onzin maar zo werkt het. Dat geeft extra druk voor iemand als Nicolien.” Pijn en machteloosheid Topsporters zijn in diepste wezen vaak onzeker. Hoe belangrijk is vertrouwen? Arjen: “Heel belangrijk, we hebben het vaak over het mentale aspect in topsport. Ik kan jullie verzekeren dat vertrouwen een van de meest onderschatte elementen in de sport is. Iedere speler, ieder mens heeft vertrouwen nodig, ook of misschien juist topsporters.” Nicolien: “Ik ben misschien te gevoelig voor complimentjes. Ik ben uiteindelijk vaak aan het twijfelen en vraag me af of ik het allemaal goed doe. En dan is een complimentje of een opmerking van een deskundige dat je goed traint of een goede race hebt geboard, heel belangrijk.” Arjen, wat is nu belangrijker geweest bij jouw constante topvorm dit seizoen, de bevrijdende goal in de Champions Leage finale of een trainer (Guardiola) die wel vertrouwen in je heeft? Arjen: “Het heeft natuurlijk geholpen dat de nieuwe trainer al vrij snel zijn vertrouwen heeft uitgesproken. Ik moet het niet groter maken dan het is, maar hij zei in een kort gesprekje meteen in het begin heel duidelijk: `jij hoeft je niet meer te bewijzen. Ga genieten van je gezin, van je voetbal, van alles.’ Ik heb ook vreselijk moeten lachen om al die stukken voordat Guardiola kwam. Hij zou mijn contract niet willen verlengen. Hij kwam van Barcelona. Hij was van het tikkie-takkie en daar zou ik niet in passen, want ik was van de dribbels en dus een egoïst. Dat was zo kort door de bocht, dat is zelfs de bocht uitvliegen. Eigenlijk zei hij wat mijn vrouw altijd tegen me zegt, dat vond ik grappig. Hij bevestigde haar gevoel en haar visie. Bernadien heeft me zo vaak gezegd dat ik meer moet ontspannen. ‘Kom eens uit die tunnel,’ zei ze wel eens. Er zijn dagen geweest dat ik iets had meegemaakt en dat mijn vrouw merkte dat ik met iets rondliep. Dan ben je onbewust misschien thuis afwezig.” Je vrouw heeft ook zwaar geleden na de WK-finale, hè? Nicolien: “Oh, dat geloof ik meteen. Het is net als bij een bevalling. Je kunt niets doen, je leeft ontzettend mee maar je bent machteloos, de moeder moet het helemaal alleen doen. Na alles wat er met mij was misgegaan tijdens de Spelen van Salt Lake City met die verkeerde wax en wat daar nog bij kwam, hebben mijn moeder en mijn oma het meest geleden, louter omdat ze dezelfde naam droegen. Die voelden zo sterk hoe lelijk er over mij werd geschreven. Mijn oma was tot ze overleed op haar 96ste mijn grootste fan. Ze bleef alle kranten lezen, dan belde ze me helemaal ontdaan op en dan zei ik alleen maar: oma, lees niet alles. Al die stukken na Salt Lake hebben haar veel pijn gedaan.” Arjen: “Mijn grootouders hebben dat niet zo gehad, maar mijn moeder heeft ook pijn gevoeld. Dat weet ik zeker. Als ze weer iets naars over mij zeiden, kwamen ze toch aan haar kind. Ik merkte wel dat ze dat erg vond en dat ze zich heel machteloos voelde.” Nicolien: “Dat is een van de redenen voor mij om, als ik kinderen krijg, te hopen dat ze niet aan topsport gaan doen. Ik zal mijn kinderen absoluut niet stimuleren om topsport te gaan doen. Mijn ouders en ik zijn erin gerold. Dan kan je op die weg naar boven niet meer terughollen, maar met mijn eigen kind zou ik het niet doen.” Arjen: “Het is geen kwestie van willen. Als je een kind hebt met talent en als je kind ook plezier heeft, dan heb je niets te kiezen. Dan rol je erin.” Nicolien: “Bij een teamsport kun je nog lief en leed delen. Als ik gewonnen heb, sta ik in m’n eentje. Maar je verliest meer en dan sta je ook in je eentje. Geloof me, de leegte die je dan voelt, is enorm. Het heeft lang geduurd voordat ik daaraan gewend was. Daarbij heeft die ene gouden dag natuurlijk enorm geholpen. Maar voor je zover bent, moet je veel lijden. En dat wil ik mijn kind besparen. Als Arjen scoort, springt hij in de armen van zijn teamgenoten. Dat delen van vreugde lijkt me prachtig. Maar ook verlies kun je delen. Toen ik goud had gewonnen in Vancouver, kon ik dat met niemand delen. Dat vond ik zo jammer. Eerst stond ik vrij lang alleen maar tussen mijn concurrenten. Nou, die delen echt geen vreugde met je. Die zien je liever in de grond zakken. Je wilt iemand omhelzen, maar er was niemand. Dan kom je na een half uur eindelijk onder de mensen, moest ik eerst met de pers praten. Pas na drie kwartier kwam ik mijn vader tegen en later de rest van mijn team. Ja, dan is de eerste echte euforie al getemperd.” Schroefnoppen en wax Materiaal speelt vooral bij Nicolien een belangrijke rol. Bij een voetballer zijn het eigenlijk alleen de schoenen? Arjen: “Klopt. Mijn schoenen worden op maat gemaakt, maar verder ben ik niet zo’n schoenenfreak. Ik train en speel bij voorkeur op dezelfde schoenen en ik speel nooit, echt nooit met schroefnoppen. Ik ben een van de weinigen die alleen op schoenen met vaste noppen speelt. Dan glijd ik maar een keer weg, zoals laatst in de Arena. Ik voel me beter, wendbaarder, sneller en het is beter voor mijn knieën. Ik ben een uitzondering. Verdedigers spelen allemaal met schroefnoppen want die mogen niet uitglijden.” Nicolien: “Houd op over mijn materiaal. In het voorjaar ben ik de hele dag aan het testen, boards zijn van hout en dus van levend materiaal. Ik heb vorige week nog zeker twintig boards getest. Voor de reuzenslalom heb ik een langer board dan voor de gewone slalom en per discipline kies ik zes boards met zes verschillende karakters, afhankelijk van de piste en weersomstandigheden. Gisteren stond ik op een steile piste. Ik koos een board dat voor mijn gevoel het snelste was, maar toen we de video terugzagen, bleek dat helemaal niet zo te zijn. Dus je gevoel laat je soms in de steek. Het materiaal is bij ons van gigantisch belang. De schoenen zijn ook zo belangrijk. Ik heb eindelijk de schoenen waar ik al sinds mei op wacht en die moet ik nu helemaal uittesten tot ze perfect zitten. Na een lange vlucht naar Amerika moet je ook altijd afwachten hoe en of alles goed aankomt. En dan heb je nog de helm en de sneeuwbril. Ik heb tien brillen en daarvoor verschillende lenzen, ook weer afhankelijk van het weer. Bij mist of sneeuw draag je een andere lens dan met volle zon. Ik heb wel dertig lenzen bij me die ik in de bril kan zetten.” Arjen: “Er gaat een wereld voor mij open, ook omdat snowboarden in Nederland een onbekende sport is. Ik ben verbaasd wat er allemaal nog bij komt kijken. En dan ben ik iemand die alle sporten volgt.” Nicolien: “Ik ben een paar weken geleden gigantisch op mijn kop gestuiterd. Ik werd vol gelanceerd en was zelfs even buiten bewustzijn. Moet je een zwaardere of lichtere helm, vraag je je dan af. Je hebt het over grammen, maar je moet het wel afwegen.” Arjen: “Word je dan niet bang?” Nicolien: “De eerste momenten daarna sta je wel even te trillen. En er zijn landen waar ik niet in het ziekenhuis wil belanden, zoals in Rusland of in Chili.” Stoppen Nicolien verheugt zich op het moment dat ze kan stoppen en vraagt Arjen of hij daar ook wel eens mee bezig is. Arjen: “Ik denk er over na. In januari word ik dertig. Ik ben bijna de helft van mijn leven profvoetballer, heb gelukkig nog heel veel plezier en ga nog zeker even door. Maar ik denk steeds vaker aan de periode na mijn carrière, waarin je geen verplichtingen meer hebt die je een zekere vrijheid ontnemen om te doen wat je wilt. Skiën bijvoorbeeld kan nu niet, omdat je een blessure kan oplopen.” Nicolien: “Ik heb dat ook heel sterk. Ik voel me mede nooit vrij door die angst om een controle te missen. Als ik terug ben uit Amerika en een enorme jetlag heb, slaap ik zo maar overal doorheen. Daar heb ik nachtmerries van. Ik reis veel: van Frankrijk naar Zwitserland, Italië en dan weer naar Oostenrijk en dan schiet ik weleens in de stress als ik ben vergeten mijn whereabouts in te vullen. Dat kon tot voor kort niet via mijn smart Phone, maar alleen via een laptop, dus had je internet nodig. Ik ben 34 en heb nooit een ander leven geleid. Ik heb een team om me heen, maar dat is deels afhankelijk van mij. Ik boek de hotels, vraag of iedereen zijn paspoort heeft en of de tickets zijn geregeld. Dat is best een grote verantwoordelijkheid. Het is ook wel een prettig vooruitzicht als ik dat achter me kan laten. Tegelijk zal ik het leven missen en moet ik mijn hele team ontbinden. Daar zie ik dan weer tegenop. Maar de druk en de spanning zal ik zeker niet missen.” Arjen: “Ik zal de spanning juist missen. Spanning heeft iets. Daar doe je het voor, voor de belangrijke, grote wedstrijden. Ik ben ook geen type dat stijf staat van de spanning voor een grote wedstrijd. Integendeel, dan voel ik me juist het beste. Ik word daar niet onrustig van. We spelen elk jaar heel veel belangrijke wedstrijden en hebben elk seizoen de kans om meerdere titels te pakken. Alleen moet je natuurlijk zo’n Champions League finale eerst bereiken. Wij hebben alleen niet de Olympische Spelen een keer in de vier jaar, waar het moet gebeuren.” Nicolien: “Maar bij jou kijken er honderd miljoen mensen en staan de kranten dagelijks vol over die ene misser. Dat geeft ook extra druk. Daarom is vergelijken leuk en tegelijk heel moeilijk.” Nicolien stopt na Sochi en gaat werken bij Randstad. Nicolien: “Ik kan rondkomen en mijn huis betalen. Ik heb bewuste keuzes gemaakt. Ik had drie keer per week aan tv-spelletjes mee kunnen doen, maar dat is niet het leven dat ik nastreef. Ook bij de keuze van mijn hoofdsponsors heb ik gekozen voor bedrijven waar ik een goed gevoel bij heb en niet voor het geld. Als ik stop, moet ik gewoon werken. Ik ben heel benieuwd naar dat nieuwe leven. Ik zie het als een mooie uitdaging en weet één ding zeker: je ziet mij nooit meer op een snowboard. Ik kan het niet opbrengen als een toerist af te dalen.” Arjen: “Dat kan ik me voorstellen. Ik speel nu bij misschien wel de beste club van de wereld en voel me fantastisch. Maar ik denk ook wel eens na hoe ik mijn carrière moet afsluiten, of ik nog wil voetballen als het iets minder gaat. FC Groningen is een optie, maar alleen als ik echt voel dat ik nog iets kan toevoegen. Je moet heel voorzichtig zijn met het doen van beloftes. Je hebt ook niets meer te winnen. Alle mogelijke volgende keuzes worden overigens bepaald door mijn gezin, financiën spelen geen rol meer. Als ik ooit nog wegga, volg ik dus mijn hart. Misschien wil mijn vrouw gaan werken, maar zij verlangt vooral naar het gewone leven. En ik herken wat Nicolien bedoelt. Ik ga als ik ben gestopt misschien wel tennissen in plaats van voetballen. ” Meer lezen? Femke Kok: 'Mensen denken: ze doet het wel even' Kimberley Bos: the Boss Joy Beune: 'Ik denk nog steeds: dit is een grap'

Shorttrack

Xandra en Michelle Velzeboer: van zussen naar concurrenten

Xandra en Michelle Velzeboer zijn [...]
Xandra en Michelle Velzeboer zijn zussen, teamgenoten, concurrenten én houden een familienaam in het shorttrack hoog. Xandra (24) heeft al acht wereldtitels en olympisch goud op de aflossing. En reed al naar individueel goud in Milaan. Michelle (22), tweemaal wereldkampioen op de aflossing, maakt zich op voor haar olympisch debuut. Wij spraken voor Helden Magazine nummer 80 met ouders Marc en Carianne, tantes Monique en Simone en oom Alex, en legden tien uitspraken van hen aan de zussen voor. Xandra en Michelle Velzeboer “Het wordt nu veel professioneler aangepakt dan vroeger. Wij trainden ook twee keer per dag, maar voor mijn gevoel was dat vrijblijvender. Wij kunnen ze bijna niet meer zien; alles wordt afgeschermd. Met kerst hadden ze zelfs een heel hygiëneprotocol. In mijn tijd ging dat heel anders. Ik zat gewoon op kamers en deed er van alles naast. Ik vraag me weleens af: hoe is dat voor hen?” Tante Simone Velzeboer, voormalig shorttrackster. Ze nam deel aan de Spelen van Calgary in 1988 en Albertville in 1992. Xandra lachend: “Zo klinkt het wel heel dramatisch. Sinds corona zijn er inderdaad anti-infectieprotocollen. In de winter heersen er zoveel virussen. Als topsporter wil je verkoudheden voorkomen. De kerstperiode zat redelijk dicht op de Spelen, vandaar dat hygiëneprotocol.” Michelle: “Onze ouders vierden kerst met de hele familie. Dat was wat ingewikkelder voor ons. Maar de voorgaande jaren hebben we wel gewoon kerst gevierd met de hele familie hoor, alleen afgelopen keer was het anders vanwege de Spelen.” Xandra: “Het is ook niet zo dat we nu niemand zien, in tegenstelling tot de Spelen in Beijing vier jaar geleden. Door corona zagen we toen echt helemaal niemand.” Michelle: “Wij hebben de sport nooit beleefd op de manier van Simone. In haar tijd moest je er wel naast werken of studeren om het te bekostigen. Wij hebben het geluk dat we er een salaris aan overhouden.” Xandra: “Wij studeren er ook naast, zitten allebei bij de Open Universiteit en voelen gelukkig niet echt tijdsdruk. Ik studeer Milieu- & Natuurwetenschappen, al gaat dat heel langzaam. Fulltime studeren naast het shorttracken zou nu niet meer kunnen.” Michelle: “Vroeger deden ze dat wel. Papa woonde zelfs gewoon nog in Wageningen en reed heen en weer naar Zoetermeer. Ik studeer Psychologie, het is fijn dat alles online kan.” Jullie tantes Simone en Monique zeiden dat het contact wat minder is dan vroeger. Xandra: “We hebben inderdaad een druk schema, zien elkaar niet veel. Maar ze zijn heel betrokken.” Michelle: “Vroeger gingen we altijd naar verjaardagen. Nu we ouder zijn, hebben we meer ons eigen leven. Onze neven en nichten, de kinderen van Monique en Simone, zien we ook minder. Maar als we elkaar zien, is het hartstikke leuk.” Xandra: “Bij wedstrijden worden er berichtjes gestuurd in onze groepsapp.” Michelle: “En krijgen we ook apart nog berichtjes van oom Alex, Monique en Simone.” Medaille-alarm Tijdens de Winterspelen gaan we los met onze grootste kortingsactie ooit. Bij elke medaille van een Nederlandse atleet hoort een beloning voor jou. Doe mee en profiteer direct.Zo werkt het: 🥇 Goud 50% korting op een jaarabonnement Vijf nummers voor slechts €22,50 🥈 Zilver Vraag een gratis editie aan van HELDEN, Formule 1 Magazine, Fiets of Procycling 🥉 Brons 20% korting + gratis verzending op een nummer naar keuze ⏰ Let op: elke actie is slechts 24 uur geldig. 👉 Houd onze Instagram Stories in de gaten en mis geen medailledeal.

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: Jorinde van Klinken stapt uit de schaduw

De atletiek in Nederland zit al jaren in de lift. Met [...]
De atletiek in Nederland zit al jaren in de lift. Met voorheen Dafne Schippers en nu Sifan Hassan, Femke Bol, Abdi Nageeye, Nadine Visser en Lieke Klaver aan boegbeelden geen gebrek. Maar zij blinken – en blonken – uit op de loopnummers. Er zijn nóg twee vrouwen die er wat van kunnen, maar hun knappe prestaties bleven lange tijd een beetje onderbelicht. Zij komen namelijk uit op de ‘werpnummers’. Bij de WK in Tokio traden ze echt uit de schaduw. Jessica Schilder won goud bij het kogelstoten en werd gekozen als Sportvrouw van het Jaar bij het jaarlijkse sportgala. Discuswerpster Jorinde van Klinken – ook kogelstootster overigens - pakte zilver, het was de eerste WK-medaille van een Nederlandse in die discipline. Met haar worp van 67,50 meter hoefde ze alleen de Amerikaanse Valarie Allman voor zich te dulden. Jorinde pakte haar kans toen ze voor de camera van de NOS stond. Ze stelde: “Als ik eruit zou zien als een poppetje, had ik al een miljoenencontract.” Het ijzer smeden als het heet is, dat is de 25-jarige atlete wel toevertrouwd. Bij het sportgala verklapte ze dat haar opmerking ervoor had gezorgd dat sponsors haar weten te vinden. Ze won dus zilver met een gouden rand.  

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: de estafettemannen schrijven historie

Nsisak Ekpo, Elvis Afrifa, Taymir Burnet en Xavi Mo-Ajok [...]
Nsisak Ekpo, Elvis Afrifa, Taymir Burnet en Xavi Mo-Ajok zorgde voor een flinke verrassing op de WK atletiek van afgelopen zomer. De estafetteploeg plaatstte zich als laatste voor de finale, maar kwamen als derde over de finishlijn op de 4x100 meter estafette. Ze pakte niet alleen een medaille, maar waren met een tijd van 37,87 seconden sneller dan ooit en verbraken zo ook het zes jaar oude Nederlandse record. Slotloper Afrifa was tijdens de laatste etappe zelfs sneller dan het Amerikaanse sprintfenomeen Noah Lyles, die desondanks wel met de Amerikaanse ploeg goud won. "Toen ik het stokje kreeg, zag ik dat we derde lagen", zei Afrifa. "Toen was het voor mijn leven naar de finish rennen. Ongeloof, euforie, alles van het hele jaar is er nu uitgekomen” vertelde hij voor de camera van de NOS.

Baanwielrennen

Dé sportmomenten van 2025: quadruple Harrie

Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago [...]
Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago raasde. De Nederlandse baanwielrenners verlieten de Chileense hoofdstad met liefst negen wereldtitels. Harrie Lavreysen won er vier. Waar hij de afgelopen jaren steeds voor een hattrick ging en op de Spelen zijn bijnaam Harrie Hattrick eer aan deed met olympisch goud op de sprint, teamsprint en keirin, deed hij in oktober iets wat nog nooit iemand had geflikt: vier wereldtitels naast de eerder genoemde disciplines, ook op de kilometertijdrit – pakken op één WK. Dankzij Harries Kwartet staat het aantal regenboogtruien dat hij in zijn carrière won nu op twintig, ook dat kan niemand hem navertellen. Het vervelende voor de concurrentie: hij is altijd nog maar 28 jaar. Het is inderdaad gestoord wat hij op zijn 27ste allemaal al heeft gewonnen. Geen record is veilig voor Harrie Lavreysen. En dan te bedenken dat het noodlot hem nog maar acht jaar geleden naar de baan dreef. “Toen ik net was overgestapt van de BMX wist ik niets, ik deed precies wat de coaches me vertelden. Hoe ouder ik werd, des te meer ik zelf na ging denken. Het programma in aanloop naar de Spelen en de WK heb ik voor negentig procent zelf geschreven. Daar ben ik heel trots op en dat maakt de medailles nog mooier.” Harrie kijkt alweer stiekem naar de Spelen in Los Angeles in 2028. Hij is al de succesvolste Nederlandse olympiër op de Zomerspelen, maar schaatsster Ireen Wüst die onder andere zes olympische titels won in haar carrière, staat nog een treetje hoger. En leuk die zes wereldtitels op de sprint op een rij, maar de Japanner Koichi Nakano won er tussen 1977 en 1986 tien op een rij. O ja, Jason Kenny won dus acht olympische titels, de teller van Harrie staat op vijf. “Ik ga de komende tijd rustig analyseren wat er nog beter kan. Dat het nog beter kan, daarvan ben ik overtuigd. Ik kan alleen nu nog geen dingen opnoemen waardoor ik in LA harder kan, maar dat kon ik meteen na de Spelen in Tokio ook niet. Dat komt met de tijd. Ik word ook ouder, daar moet ik ook rekening mee gaan houden. Blessurepreventie en lichaamsonderhoud zullen een belangrijkere rol gaan spelen. Ik heb in aanloop naar Parijs ook een paar kleine blessures gehad. Iets kleins met m’n knie. Daar kon ik prima mee fietsen, ik kon alleen geen diepe squats doen tijdens de trainingen in aanloop naar Parijs.” Hij weet dat er ook de komende jaren weer op hem gelet en gejaagd zal worden. “Ik besef dat ik de maatstaf ben in mijn sport. Ik heb laten zien: om olympisch kampioen te worden, moet je dit kunnen. Daarom is het nodig om de grens steeds weer een beetje te verleggen. Op het moment dat de concurrentie mijn niveau haalt, ben ik ondertussen alweer een stukje verder. Om telkens weer iets meer uit mezelf te halen tijdens de training, dat is waar ik misschien wel het allermeest van geniet.”  

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: het Jessica Schilder-effect

2025 was voor Jessica Schilder een jaar om nooit te [...]
2025 was voor Jessica Schilder een jaar om nooit te vergeten. Ze stootte haar kogel nog nooit zover als dit jaar. Het leverde haar een goud op het WK outdoor, zilver op de EK en zilver op de WK indoor op. Ook werd ze door de atletiekbond verkozen tot atlete van het jaar. “Geweldig dat het zo goed gaat met de atletiek in Nederland. Dat ze mij bestempelen als ‘de Femke Bol van het kogelstoten’ vind ik een groot compliment. Of ze Femke straks de Jessica Schilder van de 400 meter hordenlopen moeten noemen? Nee, daar doen we Femke echt te kort mee. Ik heb al een paar keer op een poster gestaan van European Athletics. Ik, als kogelstootster, hoe mooi is dat? Bij de FBK Games en de EK indoor in Apeldoorn werd er echt even gewacht totdat ik mijn kogel had gestoten voordat het programma van de andere atletieknummers weer doorging. Ik wist: nu is alle aandacht op mij gericht. Het geeft enerzijds een kick, maar tegelijkertijd zorgt het voor extra druk. Bij de EK in Apeldoorn heb ik laten zien dat ik onder die druk heel goed kan presteren. Voor mijn gevoel zat heel Nederland, inclusief de koning, in de zaal en ik stootte beter dan ik ooit had gedaan. Wat ik ook echt heel leuk vind, is dat ik ook steeds meer jonge meiden naar Papendal zie komen om zich te concentreren op de werpnummers. Of dat het Jessica Schilder-effect is? Nou, dat weet ik niet, hoor. Maar die talenten help ik natuurlijk graag. Als ik zo’n meisje met een kogel in de hand zie, denk ik geregeld: dat is net een kleine Jessica, gaat zij op een dag mijn Nederlands record verbreken?”

Baanwielrennen

Dé sportmomenten van 2025: Drieslag voor Hetty Raketty

Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago [...]
Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago raasde. De Nederlandse baanwielrenners verlieten de Chileense hoofdstad met liefst negen wereldtitels. Drie daarvan nam Hetty van de Wouw voor haar rekening. Stapje voor stapje is Hetty Raketty richting wereldtop geslopen. Vorig jaar won de 27-jarige sprintster nog drie keer WK-zilver en op de Spelen werd ze tweede op de keirin. Dit keer nam ze geen genoegen met een zilvervloot. Van de Wouw bracht in 2024 nog naar buiten dat ze had geworsteld met eetstoornissen. Dat moest ze achter zich laten en dat lukte onder meer door de hulp van de vorige bondscoach, Mehdi Kordi. Tegen de NOS zei Khordi, die Van de Wouw in december 2022 onder zijn hoede kreeg: "Haar transformatie is echt ongelooflijk geweest. Ze was een beetje verloren. Ze was nerveus en gespannen als het om haar eigen kwaliteiten ging. Maar ik zag ook iemand die iets bijzonders in zich had. Het kwam er op neer dat ik haar vooral zelfvertrouwen moest geven. Wat mij is bijgebleven is dat ze eens aangaf dat ze wereldkampioen wilde worden. Ik vroeg haar toen: hoe weet je hoe je dat moet doen? Toen zei ze: dat weet ik als ik het ben. Maar zo werkt het niet. Je moet eerst in jezelf geloven en je moet denken als een kampioen, voordat je ook de beste kan zijn.” En dat is gelukt. Held van het Jaar 2025 2025 was een jaar vol nieuwe Helden, emotionele afscheidsmomenten en indrukwekkende verhalen van doorzetters die opstonden. De afgelopen elf maanden hebben Julie vol enthousiasme telkens weer jullie Held van de Maand gekozen: Angel Daleman, Jenning de Boo, Kimberley Bos, Virgil van Dijk, Daphne van Domselaar, Kees Smit, Thymen Arensman, Zoë Sedney, Jessica Schilder, Hetty van de Wouw en Femke Kok. Maar… we doen er nog een schepje bovenop! We hebben de lijst aangevuld met vijf wildcards: toppers die volgens ons absoluut niet mogen ontbreken: Mathieu van der Poel, Joy Beune, Joep Wennemars, Harrie Lavreysen en Femke Bol. Stem nu op jouw Held van het Jaar.

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: Femke Bol zwaait af met goud

 Femke Bol liep ook dit jaar als een gazelle over de [...]
 Femke Bol liep ook dit jaar als een gazelle over de atletiekbaan. Alle races op ‘haar’ 400 meter horden won ze. In de WK-finale in Tokio was ze oppermachtig. Ze won haar tweede wereldtitel op die discipline. Daarnaast won ze ook nog zilver op de gemengde 4x400 meter estafette en brons op de 4x400 meter estafette voor vrouwenteams. Vanwege die prestaties werd ze voor de derde keer gekozen als Europees atlete van het jaar.  In Femke – die dit jaar ook nog een huwelijksaanzoek kreeg van haar Belgische vriend Ben Broeders en een kinderboek met de titel ‘Go Femke! Team TOFF gaat ervoor!’ uitbracht - zit ook dat ze uitgedaagd wil blijven worden. Waar anderen in haar plaats nog jarenlang de medailles binnen zouden harken op de 400 meter horden, nam zij na het WK een drastisch besluit. Ze stopt met de 400 meter horden en gaat een ‘extra rondje zonder hindernissen’ rennen. Vanaf heden richt ze zich dus op de 800 meter, de afstand waarop Ellen van Langen in 1992 olympisch goud veroverde. De atletiekwereld was in rep en roer. Op haar 25ste begint ze aan een omscholingstraject. Of ze in haar tweede atletiekcarrière nou succesvol zal zijn of niet; de prijs voor de grootste durfal van in de sport gaat naar Femke Bol.

Handbal

Dione Housheer: in de schijnwerpers

Handbalster Dione Housheer is 26 en heeft nu al bereikt waar ze als jong meisje van droomde. Ze werd wereldkampioen met het Nederlands team in 2019 en won afgelopen seizoen de Champions League met haar Hongaarse club Györ. Hoog tijd om een van de nieuwe boegbeelden van Oranje beter te leren kennen in aanloop naar het WK handbal in Duitsland en Nederland (27 november - 14 december). Mijn looks “Ik ben kleurrijk. Dat komt door mijn rode haar, maar ook door mijn persoonlijkheid. Ik ben vrolijk en energiek, draag graag kleur. Je ziet wel iemand staan als je naar me kijkt. Ik was iets meer een buitenbeentje qua uiterlijk en viel daarom op. Vroeger op school trok ik aandacht vanwege mijn haar. En mijn huid is ook wat witter dan gemiddeld. Ik werd niet gepest, maar er werd wel over me gesproken en geregeld ‘ginger’, ‘vuurtoren’ of iets anders in die strekking naar me geroepen. Soms dacht ik: het was rustiger geweest als ik gewoon blond of donker haar had gehad. Toch raakten die opmerkingen me niet echt, ik was vroeger al mondig en riep altijd wel wat terug. En ik heb ook geregeld complimenten gekregen, hoor. Mensen zeiden ook: ‘Wat heb jij mooi haar, had ik dat maar.’ Mijn rode haar ervaar ik meer als positief dan negatief, ik zou niet anders willen.” Lachend: “Een voordeel is dat mijn oma mij altijd meteen herkende op tv, omdat ik als enige rood haar heb in het team. Ik ben trots op mijn lichaam en wat het aankan. Wij krijgen enorme klappen in het veld. Ik draag een knielap omdat ik vaak op mijn knie val, en twee enkelbraces, omdat ik beide enkelbanden vroeger heb afgescheurd. En ik moet extra aandacht aan mijn schouder besteden. Mijn hele linkerarm krijgt veel te verduren, ik haal er zoveel kracht uit bij een worp. Ik ben net 26, maar ik merk inmiddels wel dat het fysiek zwaarder wordt. Ik speel al een aantal jaren in de Champions League en het speelschema is intens. Vakantie of überhaupt een dag vrij hebben wij nauwelijks. Voorheen dacht ik: we hebben getraind, ik ben nu klaar. Tegenwoordig denk ik: na de training begint het pas, het is zaak zo snel mogelijk te herstellen door mid- del van goede fysiotherapie, massages en goede voeding. Dat onderschatten buitenstaanders weleens. Die denken: je handbalt een paar uur per dag, dat is het. Maar wat er allemaal bij komt kij- ken, is best veel.” Helden Magazine nummer 79 Het eerste deel van het verhaal over Dione Housheer komt uit Helden Magazine nummer 79. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Baanwielrennen

Elis Ligtlee: ‘M’n leven staat alweer op z’n kop’

Elis Ligtlee (31) werd in 2016 olympische kampioen op de keirin. Tegenover de successen stonden ook diepe dalen. Twee jaar later, op haar 24ste, stopte ze met baanwielrennen. Het plezier was weg. Al snel werd ze moeder. Afgelopen zomer kreeg ze de boodschap waar ze al een paar jaar zo bang voor was: ze bleek borstkanker met uitzaaiingen naar de oksel te hebben. Tussen de chemo’s door nam ze de tijd om haar verhaal te doen. Met een stralende lach doet ze de deur van het huis van haar ouders in Eerbeek open. Ze vertelt dat ze een dag eerder haar negende chemokuur heeft gehad. “Maandag is chemodag. Laat ik het afkloppen, maar ik heb tot op heden weinig last van de chemo’s, ben er nog niet heel erg ziek van geworden.” Ze aait over haar kale hoofd. “Mijn haar heeft het alleen niet overleefd.” Elis Ligtlee vertelt dat ze een dag eerder haar eerder al kortgeknipte haar er helemaal af heeft gehaald. Ze gaat voor naar de keukentafel, vertelt dat het mooie huis van haar ouders beter geschikt is voor een interview en fotoshoot dan het huis waar zij met haar man Emmo, zoontje Lio van vijf en de tweeling Loek en Lola-Lou van twee woont, iets verderop in het Gelderse dorp. Vader Gerjan zet koffie en thee op tafel waar ook een hoofd van piepschuim staat waarop het haarstuk van Elis rust. “M’n leven staat ineens alweer op z’n kop,” zegt de vrouw die negen jaar geleden olympisch kampioen op de keirin werd in Rio en op haar 31ste bijna zeven jaar baanwielrenster-in-ruste is. Sinds haar 25ste weet Elis dat ze, net als haar moeder, draagster van het BRCA1-gen is. Het komt erop neer dat ze sinds zes jaar wist dat ze een verhoogde kans op borst- en eierstokkanker had. “Mijn moeder wist pas vanaf haar vijftigste dat ze het gen heeft. Haar zus had twee keer kanker gehad en toen is zij het gaan testen. Mijn moeder heeft, toen bleek dat ze het gen had, zowel haar borsten als haar eierstokken weg laten halen. Een paar jaar later kon ik op het gen worden getest. Toen bleek dat ik het gen had, dacht ik natuurlijk meteen ‘wat als’. Ik heb er ook over nagedacht preventief mijn borsten weg te laten halen. Ik besloot dat niet te doen. Mijn nicht heeft het gen ook, koos ervoor om haar borsten preventief te laten verwijderen, maar kreeg daarna alsnog kanker vanuit de oksel. Ik besloot me elk jaar te laten controleren, nog geen drastische beslissingen te nemen met de kans dat ik alsnog ziek zou worden. Natuurlijk heb ik geregeld gedacht: ik leef op een tijdbom. Maar die gedachte ging al snel naar de achtergrond. Op mijn 26ste raakte ik in verwachting van Lio en op mijn 28ste werd de tweeling geboren.” Ze zegt: “Ik ben trouwens ook nog drager van het Stickler- syndroom, onze tweeling Loek en Lola-Lou zijn daardoor geboren met een schisis, een open gehemelte. Ze zijn daar allebei op jonge leeftijd aan geholpen, ondervinden daar gelukkig helemaal geen last meer van.” Lachend: “Zo zie je maar: ik ben één grote genafwijking, maar wel mooi olympisch kampioen.” Dan serieus: “Alles draaide om de kinderen. Ik liet me controleren, maar maakte me eigenlijk niet heel erg druk. Ook al wist ik dat de kans dat ik op een dag kanker zou krijgen tussen de zestig en tachtig procent lag.” Helden Magazine nummer 79 Het eerste deel van het interview met Elis Ligtlee komt uit Helden Magazine nummer 79. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.