Word abonnee

Tennis

‘Soms is tennis een klote sport’

Tommy n Lance

Tennis

‘Soms is tennis een klote sport’

door: Barbara Barend & Jasper Boks
15 maart 2022
5 tot 10 minuten lezen

Tallon Griekspoor (25) won in 2021 liefst acht challenger-toernooien. Dat had niemand vóór hem gepresteerd. De laatste 26 wedstrijden van het jaar bleef hij bovendien ongeslagen. In aanloop naar Roland Garros (vanaf 22 mei) gingen we bij hem langs.

Raemon Sluiter in die periode met de vraag of hij samen met Dennis mijn coach wilde worden. Ik vertelde hem dat ik op zoek was naar iemand die er volledig voor mij zou zijn, dat had ik nodig om die laatste stap te kunnen zetten. Dat miste ik bij de bond. Toen ik hem sprak, kwam wel net naar buiten dat hij een gesprek had gevoerd met Feyenoord voor een eventuele rol als teammanager. Maar Raemon liet weten dat zijn hart nog bij tennis lag en dan vooral bij het Nederlandse tennis.

Hij had nadat een einde was gekomen aan de samenwerking met Kiki Bertens tal van aanbiedingen gehad van tennissters, hij kon zo aan de slag met speelsters uit de top twintig, maar Raemon liet weten dat hij bovenal aan de slag wilde met iemand met wie hij een goede klik heeft. Hij kwam bij mij kijken bij het ABN AMRO World Tennis Tournament in februari vorig jaar en we merkten meteen dat die klik er was. Raemon en Dennis besloten elkaar af te wisselen als coach en om beurten met mij mee te gaan. Vanaf dat moment is het als een trein gegaan. Wat Raemon betreft: hij is heel erg zorgzaam. Ik ben nog niet van de baan af of hij brengt mijn rackets al naar de bespanner.

Dingen die nog niet eens bij mij zijn opgekomen, heeft hij al geregeld. Hij is eigenlijk te lief voor deze wereld. Op en naast de baan hebben we veel lol. Je kunt erg met en om hem lachen, maar hij kan ook heel serieus zijn. Raemon heeft ook wel wat meegemaakt met het kindje van zijn broer dat op jonge leeftijd overleed aan een ernstige ziekte. De eerste keer dat ik daarover sprak met hem, ging hij meteen ook heel erg de diepte in. Ik vond dat zo indrukwekkend, zo mooi en zo eerlijk. Van hem pik ik het ook meteen als hij keihard is, want dat kan hij ook zijn, hoor. Hij is gewoon eerlijk, zegt waar het op staat. De ene keer met een grap, de andere keer met een vloek. Ik kan ook alles tegen hem zeggen. En als we bij elkaar over het randje gaan, dan wordt het meteen uitgesproken.

Toen we net samenwerkten, wees Raemon me er wel op dat ik erg lang op m’n telefoon zat. Hij had het over mijn aandachtsspanne. Daar heeft hij een punt, daar probeer ik wat aan te doen. Dat ik zoveel op m’n telefoon zat, is mede ontstaan door corona. Ik verbleef vaak lang alleen op m’n hotelkamer en greep dan naar m’n telefoon. Het rare was, thuis keek ik bijna niet om naar m’n mobiel, maar zodra ik bij een toernooi was, zat ik alleen nog maar op dat ding. En zat ik niet op m’n telefoon, dan zat ik wel achter m’n laptop om te gamen. Vroeger, rond m’n achttiende, ging ik met vrienden ook wel naar het casino. Dat wilde ik ook ontdekken. Ik merkte gelukkig al snel dat de stress van het gokken mijn tennis in de weg stond.

Het is niet zo dat Dennis en Raemon me als een klein kind m’n telefoon of laptop moeten afpakken, af en toe wordt er alleen een opmerking gemaakt. Dat is genoeg. Het is al veel minder. Raemon zit helemaal niet op z’n telefoon. Hij is heel gevat en grappig op Twitter, maar verder is hij superonhandig met z’n mobiel en laptops. Ik ben van een generatie die is opgegroeid met de telefoon en gamen.”

Tallons jeugd
“Mijn vader heeft een bedrijf in civiele techniek, mijn tweelingbroers Scott en Kevin en ik kwamen niets tekort. Er was bij ons thuis eigenlijk maar één regel: keihard werken. Opa, die het familiebedrijf begon, komt mij nog steeds vertellen dat een werkdag op z’n minst duurt van acht uur ’s ochtends tot vier uur ’s middags.

Mijn broers en ik waren van jongs af aan altijd op de tennis- baan te vinden. Mijn vader en moeder hebben niet getennist en waren al helemaal geen dwingende tennisouders. Ze werden alleen kwaad als ik me misdroeg op de baan. Het gebeurde wel dat ik scheldend en huilend op de baan stond. Ik heb het een keer zo bont gemaakt dat m’n moeder al m’n tennisspullen in vuilniszaken heeft gedaan. ‘Het is klaar met je,’ zei ze, ‘ik breng alles naar de vuilnisbelt.’ Ik heb vreselijk gehuild. De volgende dag mocht ik weer tennissen, maar ik had de boodschap begrepen.”

Het volledige verhaal lezen? Dat kan via Blendle en Tijdschrift.nl. Je kunt het magazine ook in de winkel halen óf online bestellen!

Delen: