Nederland stond jarenlang synoniem voor kickboksen. Van Peter Aerts en Ernesto Hoost tot Sem Schilt en Rico Verhoeven: de grootste zwaargewichten kwamen uit ons land. Maar de wind lijkt langzaam te draaien. Waar vroeger Glory het ultieme podium was, kijken steeds meer Nederlandse vechters tegenwoordig naar de UFC.
De overstap van Levi Rigters is daarvan het nieuwste bewijs. De voormalig uitdager van Rico Verhoeven verruilt het kickboksen voor MMA en begint opnieuw bij Levels Fight League, met uiteindelijk één groot doel: de UFC. “In MMA heb ik gevonden wat ik al een tijd miste in het kickboksen”, vertelde Rigters aan de NOS. “Nieuwe energie, nieuwe dingen leren. Ik kickboks al vijftien jaar, bij het MMA begin ik weer op nul.”

Rigters is niet de enige. Ook Roy Meyer koos eerder al voor een carrière in MMA. Daarmee groeit de lijst met Nederlandse kickboksers die hun toekomst niet langer uitsluitend in de ring, maar vooral in de kooi zien. De aantrekkingskracht van de UFC is groot: wereldwijd is de organisatie uitgegroeid tot het absolute podium van de vechtsport, met miljoenen fans, enorme media-aandacht en financiële mogelijkheden die het kickboksen nauwelijks kan evenaren.
Reinier de Ridder ziet de omslag
Dat Nederland langzaam verandert van kickboksland in MMA-land, ziet ook Reinier de Ridder. Hij maakte zelf de overstap van ONE Championship naar de UFC en behoort inmiddels tot de subtop van zijn gewichtsklasse.
In Helden vertelde hij eerder al dat Nederland nog altijd een indrukwekkende kickbokstraditie kent. “Nederland is traditioneel echt een kickboksland. Denk aan Rico Verhoeven, Peter Aerts, Ernesto Hoost en Sem Schilt; stuk voor stuk iconen. Wat Rico doet, zo lang aan de top blijven, is echt ongekend. Daar mogen we echt trots op zijn.”
Toch merkt De Ridder dat de nieuwe generatie steeds vaker voor MMA kiest. “Bij kickboksen grijpt de scheidsrechter in zodra het clinchen begint. Bij ons begint het dan juist. Dat is het moment dat het leuk begint te worden. Ik merk steeds meer dat vooral jongeren alles van UFC volgen. Kickboksen zit al decennialang geworteld in onze sportcultuur, MMA moet zijn plek nog veroveren. Wat niet helpt, is dat veel gevechten in Nederland ’s nachts zijn, dat maakt het minder toegankelijk.”
Volgens De Ridder ligt de aantrekkingskracht niet alleen in de sport zelf, maar ook in de ontwikkeling die vechters doormaken. “Als ik in Nederland ben, geef ik vier keer per week les. Niet alleen omdat ik het leuk vind, maar ook omdat ik wil blijven investeren in de toekomst. Vechtsport geeft jongeren zelfvertrouwen. Je leert dat je stevig in je schoenen kunt staan, ook buiten de mat of ring. En het mooie is: je hoeft er niet je leven aan te wijden. Eén jaar jiujitsu, een paar jaar kickboksen; dat is vaak al genoeg om jezelf te kunnen redden. Dat gevoel gun ik iedereen.”
Ook Rico keek naar MMA
Opvallend is dat zelfs Rico Verhoeven de aantrekkingskracht van MMA nooit heeft ontkend. Toen zijn Glory-contract afliep, bevestigde hij dat hij gesprekken voerde met de UFC en dat hij al langere tijd trainde op worstelen en grondwerk. Uiteindelijk koos hij voor een ander vervolg van zijn carrière, maar zijn openheid laat zien dat ook de grootste kickbokser van deze generatie de aantrekkingskracht van MMA ziet.
Nieuwe generatie kiest een ander pad
Waar kickboksen jarenlang de vanzelfsprekende route was voor Nederlandse vechtsporters, lijkt die hiërarchie langzaam te veranderen. Glory blijft een prestigieuze organisatie, maar voor steeds meer talenten is de UFC het eindstation waar ze van dromen.
Met Reinier de Ridder als Nederlandse UFC-topper en de overstappen van onder anderen Roy Meyer en Levi Rigters lijkt een nieuwe fase aangebroken. Nederland blijft een land van topvechters, maar de vraag is niet langer alleen wie de volgende Glory-kampioen wordt. Steeds vaker is de belangrijkste vraag: wie wordt de volgende Nederlander in de UFC?