Na de teleurstellende eerste WK-wedstrijd staat Cristiano Ronaldo opnieuw in het middelpunt van de discussie in Portugal. De vraag die al jaren boven het nationale elftal hangt, klinkt luider dan ooit: moet de 41-jarige aanvoerder nog altijd onomstreden zijn?
Cristiano Ronaldo is op zijn zesde en laatste WK opnieuw onderwerp van discussie in Portugal. Na een teleurstellende eerste groepswedstrijd klinkt de vraag die de afgelopen jaren steeds vaker werd gesteld luider dan ooit: levert de 41-jarige aanvoerder het nationale elftal nog het meeste op, of is het tijd om een stap terug te doen?
Die discussie speelt al langer. “Portugal is gepolariseerd wat Cristiano betreft”, zei oud-international Maniche eerder tegen FourFourTwo. Volgens hem wil een aanzienlijk deel van de Portugezen niet dat Ronaldo nog automatisch verzekerd is van een basisplaats. Tegelijkertijd blijft hij wijzen op wat Ronaldo nog altijd meebrengt: doelpunten. “Je kan niet van het verleden blijven leven, maar je mag het verleden ook niet vergeten. Hij is nog steeds een speler die het verschil maakt. Cristiano is niet langer de razendsnelle speler die hij ooit was, maar hij is nog steeds dodelijk in het strafschopgebied. Hij is niet vergeten hoe hij moet scoren.”
Dat argument is moeilijk te negeren. Ronaldo vertrok in december 2022 transfervrij naar Saoedi-Arabië en tekende bij Al-Nassr een contract dat hem een van de best betaalde sporters ooit maakte. Ook in het Midden-Oosten bleef hij doen wat hij zijn hele loopbaan heeft gedaan: scoren.
Sinds eind december 2022 maakte hij al meer dan 120 doelpunten voor Al-Nassr. Doelen en dromen heeft de eergevoelige Ronaldo op zijn 41e nog steeds. Hij ging begin dit jaar in staking bij Al-Nassr mede omdat hij ontevreden was over het uitblijven van versterkingen, terwijl concurrent Al-Hilal Karim Benzema wist binnen te halen.
De irritatie had er ook mee te maken dat het Ronaldo, ondanks dat hij twee keer topscorer werd van de Saudische competitie, nog niet was gelukt om kampioen te worden met Al-Nassr. Rivaal Lionel Messi veroverde in december 2025 met Inter Miami juist zijn eerste landstitel in Amerika…
Eind 2022 slaagde Messi er dus ook al in om wereldkampioen te worden met Argentinië. Bij dat WK stapte Ronaldo huilend van het veld na de uitschakeling in de kwartfinale tegen Marokko. Hij scoorde in het hele toernooi maar één doelpunt, uit een penalty, en werd in de achtste finale tegen Zwitserland gepasseerd. Vervanger Gonçalo Ramos maakte drie goals; het werd 6-1. Bij het volgende grote toernooi, het EK in 2024, ging het opnieuw mis in de kwartfinale. Frankrijk won. Ronaldo stond het hele toernooi droog en miste een strafschop tegen Slovenië.

Vorig jaar won Portugal voor de tweede keer de Nations League. In de halve finale werd met 2-1 gewonnen van Duitsland en in de finale werd na 2-2 en strafschoppen Spanje verslagen. Ronaldo scoorde in beide wedstrijden. In de WK-kwalificatie scoorde hij ook nog vijf keer. De teller stond begin mei op 143 interlandgoals, een wereld- record. Zijn achtervolger: Messi met 115 doelpunten voor Argentinië.
Ronaldo maakt zich op voor zijn zesde en laatste WK. Het is ook de laatste kans om de titel te winnen die Messi wél won. Ronaldo zei er zelf over: “Het is geen obsessie om wereldkampioen te worden. Natuurlijk wil ik winnen. Maar om of je een van de beste spelers aller tijden bent te laten afhangen van zes of zeven gewonnen wedstrijden op één toernooi, is toch niet eerlijk? Hoeveel titels won Argentinië voor Messi? Dat land is gewend om grote toernooien te winnen. Ik heb drie titels gewonnen met Portugal. Daarvoor won Portugal nog nooit iets.”
De komende groepswedstrijd zal de discussie niet beëindigen. Daarvoor zijn de meningen in Portugal te verdeeld. Maar juist daarom blijft Ronaldo, zelfs op zijn 41e, een onderwerp dat verder gaat dan zijn prestaties op het veld. Zijn carrière levert nog altijd dezelfde vraag op: hoeveel gewicht geef je aan wat iemand heeft gedaan, en hoeveel aan wat hij vandaag nog kan brengen?