Word abonnee
Meer

Shorttrack

Running in the family: Xandra en Michelle Velzeboer

Xandra en Michelle Velzeboer zijn [...]
Xandra en Michelle Velzeboer zijn zussen, teamgenoten, concurrenten én houden een familienaam in het shorttrack hoog. Xandra (24) heeft al acht wereldtitels en olympisch goud op de aflossing. Ze is gebrand op individueel goud in Milaan. Michelle (22), tweemaal wereldkampioen op de aflossing, maakt zich op voor haar olympisch debuut. Wij spraken voor Helden Magazine nummer 80 met ouders Marc en Carianne, tantes Monique en Simone en oom Alex, en legden tien uitspraken van hen aan de zussen voor. Xandra en Michelle Velzeboer “Het wordt nu veel professioneler aangepakt dan vroeger. Wij trainden ook twee keer per dag, maar voor mijn gevoel was dat vrijblijvender. Wij kunnen ze bijna niet meer zien; alles wordt afgeschermd. Met kerst hadden ze zelfs een heel hygiëneprotocol. In mijn tijd ging dat heel anders. Ik zat gewoon op kamers en deed er van alles naast. Ik vraag me weleens af: hoe is dat voor hen?” Tante Simone Velzeboer, voormalig shorttrackster. Ze nam deel aan de Spelen van Calgary in 1988 en Albertville in 1992. Xandra lachend: “Zo klinkt het wel heel dramatisch. Sinds corona zijn er inderdaad anti-infectieprotocollen. In de winter heersen er zoveel virussen. Als topsporter wil je verkoudheden voorkomen. De kerstperiode zat redelijk dicht op de Spelen, vandaar dat hygiëneprotocol.” Michelle: “Onze ouders vierden kerst met de hele familie. Dat was wat ingewikkelder voor ons. Maar de voorgaande jaren hebben we wel gewoon kerst gevierd met de hele familie hoor, alleen afgelopen keer was het anders vanwege de Spelen.” Xandra: “Het is ook niet zo dat we nu niemand zien, in tegenstelling tot de Spelen in Beijing vier jaar geleden. Door corona zagen we toen echt helemaal niemand.” Michelle: “Wij hebben de sport nooit beleefd op de manier van Simone. In haar tijd moest je er wel naast werken of studeren om het te bekostigen. Wij hebben het geluk dat we er een salaris aan overhouden.” Xandra: “Wij studeren er ook naast, zitten allebei bij de Open Universiteit en voelen gelukkig niet echt tijdsdruk. Ik studeer Milieu- & Natuurwetenschappen, al gaat dat heel langzaam. Fulltime studeren naast het shorttracken zou nu niet meer kunnen.” Michelle: “Vroeger deden ze dat wel. Papa woonde zelfs gewoon nog in Wageningen en reed heen en weer naar Zoetermeer. Ik studeer Psychologie, het is fijn dat alles online kan.” Jullie tantes Simone en Monique zeiden dat het contact wat minder is dan vroeger. Xandra: “We hebben inderdaad een druk schema, zien elkaar niet veel. Maar ze zijn heel betrokken.” Michelle: “Vroeger gingen we altijd naar verjaardagen. Nu we ouder zijn, hebben we meer ons eigen leven. Onze neven en nichten, de kinderen van Monique en Simone, zien we ook minder. Maar als we elkaar zien, is het hartstikke leuk.” Xandra: “Bij wedstrijden worden er berichtjes gestuurd in onze groepsapp.” Michelle: “En krijgen we ook apart nog berichtjes van oom Alex, Monique en Simone.” Helden Magazine nummer 80 Het eerste deel van het dubbelinterview met Xandra en Michelle Velzeboer komt uit Helden Magazine nummer 80. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Benieuwd naar de nieuwsbrief? Schrijf je hier in. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Bobslee

Kimberley Bos: ‘The Boss’

Kan Kimberley Bos (32) goud winnen in het skeleton? Het zou een sensatie zijn voor de vrouw die vier jaar geleden olympisch brons won en vorig jaar de wereldtitel veroverde. Een verhaal over blauwe plekken, Nicolien Sauerbreij en haar bijzondere weg naar de top. MIJN WERELDTITEL Je bent al jaren de meeste constante skeletonster, maar de wereldtitel ontbrak nog. Hoe groot was de ontlading toen je in maart goud won? “Heel groot. Ik zat er al jaren in de buurt. Afgelopen jaar was het ook weer heel erg spannend: de eerste zeven in het klassement stonden na de eerste dag heel dicht bij elkaar. Op de tweede dag viel het goed.” Hoe komt het dat het de jaren daarvoor steeds net niet lukte? “De concurrentie is heel goed. Daarnaast is skeleton een buitensport, heel veel factoren zijn van invloed op je prestaties. Het is heel moeilijk om vier goede runs achter elkaar neer te zetten. Ik ben de afgelopen jaren steeds constanter geworden. In St. Morriz, tijdens het WK in 2023, heb ik een heel goed WK gesleed, maar was een Duitse net een honderdste beter. Zilver. Tijdens het WK van 2024 in Winterberg was het duidelijk waarom het niet lukte; ik kampte met technische problemen. Het was eigenlijk een kwestie van tijd dat ik wereldkampioen zou worden. Alles moest alleen even op z’n plek vallen.” Hoe heb je het gevierd? “Niet erg uitbundig. Je hebt nog een dopingcontrole en tegen de tijd dat je die hebt gehad, is het vaak al heel laat. We hebben op de terugweg nog een pizza gehaald, een drankje gedaan en daarna ben ik mijn bed ingedoken. Helemaal gesloopt... heel saai eigenlijk.” MIJN ANGSTEN Ben je weleens bang als je met je hoofd naar voren en op je buik op je slee ligt? “Bang, nee, dat ben ik nooit als ik bovenaan de baan sta. Soms heb ik onderweg wel eens dat ik denk: oei, dat ging maar net goed. Toen ik in Cortina d’Ampezzo voor het eerst bovenaan de olympische baan stond, voelde ik wel zenuwen. Omdat het daar moet gebeuren. Kijk, er kleeft natuurlijk altijd een risico aan onze sport, daarom moet je altijd heel erg alert zijn. Ach, het maakt de sport ook wel mooi dat het gevaar altijd ergens aanwezig is.” In 2024 sloot de sluiting van je helm net voor de start niet. Toch ging je naar beneden. Je zag bijna niks en werd negende bij dat WK. Daar heb je slechte nachten van gehad... “Tijdens dat WK ging veel mis. Voor de start van mijn run kreeg ik mijn helm niet vastgeklikt, terwijl ik van start moest. Het gaat op zo’n moment allemaal zo snel, je moet in een split second risico’s afwegen en handelen. Wat ik heb gedaan, raad ik absoluut niemand aan. Het belangrijkste was dat ik van start ging, anders was ik meteen gediskwalificeerd. Het was in Winterberg, dat is mijn thuisbaan. Ik wist dus goed dat ik niet van mijn slee af zou vliegen. Bij veel andere banen, die veel gevaarlijker zijn, had ik het niet gedaan. 'Ik ben overgestapt, omdat ik een goede piloot was, maar niet het goede gewicht had om snel te worden bij de start met bobsleeën. Ik miste tien kilo aan lichaamsgewicht' Tijdens de race kwam mijn losse helm steeds verder omhoog, dus op een gegeven moment zag ik niks meer. Niet heel bevorderlijk voor de veiligheid en snelheid. Het was eigenlijk te idioot voor woorden. Ik ben niet gediskwalificeerd, omdat er in de regels staat dat de helm op je hoofd moet zitten, niet dat die vast moet zitten.” Lachend: “Dat de helm wél echt vast moet zitten, hebben ze na afloop aangepast in de regelementen.” Jouw ouders krijgen vast af en toe een hartverzakking. “Mijn moeder had toen ik overstapte van de bobslee naar de skeleton geen idee van de gevaren. Wij skeletonners crashen vaker, maar de klappen van de bobslee hebben meer impact. In de beginjaren van skeleton, bobsleën en rodelen zijn er veel ongevallen geweest. Inmiddels is het niet meer de vraag wie de grootste dare devil is.” Waarom heb jij de overstap gemaakt van de bobslee naar de skeleton? “Ik ben overgestapt, omdat ik een goede piloot was, maar niet het goede gewicht had om snel te worden bij de start met bobsleeën. Ik miste tien kilo aan lichaamsgewicht. Daardoor verloor ik al zoveel tijd tijdens de start en dat haalde ik niet meer in. Ik ben tussen de 65 en 70 kilo, een bobsleepiloot moet minstens 75 kilo zijn, maar het liefst nog iets zwaarder. Dat krijg ik er niet bij zonder dat het ten koste gaat van mijn atletische lijf. Ik kan vast wel 75 kilo worden, maar dan kan ik niet meer normaal rennen.” Krijg je mentale hulp? “Ik werk met een sportpsycholoog, zij is helemaal geïntegreerd in mijn team. Mijn coach Joska Le Conté, fysio en mental coach werken allemaal heel nauw samen, zodat ik mentaal gezien zo rustig mogelijk aan de start sta. In onze sport kun je fysiek nog zo goed zijn, als je het in je hoofd niet op een rijtje hebt, ga je nooit heel hard.” Helden Magazine 80 Het eerste deel van het verhaal over Kimberley Bos komt uit Helden Magazine nummer 80. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Benieuwd naar de nieuwsbrief? Schrijf je hier in. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Tennis

Tallon Griekspoor: ‘Mijn beste jaren moeten nog komen’

Tallon Griekspoor is al een tijd lang de beste tennisser [...]
Tallon Griekspoor is al een tijd lang de beste tennisser van Nederland. Hij sloot het jaar af als nummer 25 van de wereld, won in 2025 zijn derde ATP-titel. Dit jaar viert hij zijn dertigste verjaardag en doet hij voor de negende keer mee aan het hoofdtoernooi van het ABN AMRO Open (7-15 februari) in Rotterdam. Voor nummer 80 van Helden Magazine spraken we met Tallon. “De top twintig is zeker een doel in 2026.” Tallon Griekspoor Richard Krajicek “Ik heb al een aantal jaren te maken met Richard in zijn rol als toernooidirecteur van het ABN AMRO Open, maar bij Richard denk ik toch in de eerste plaats aan zijn Wimbledon-titel uit mijn geboortejaar 1996. Ik ben geboren op 2 juli, was een paar dagen oud toen hij als eerste en nog altijd enige Nederlander een Grand Slam-titel won. Richard is voor mij altijd een voorbeeld geweest, hoewel ik hem nooit in het echt heb zien spelen. Richard had een big serve, speelde vaak service-volley. Zijn manier van spelen zie je niet meer zo vaak in deze tijd.” Tallon Griekspoor behoort bijna tot het meubilair tijdens het ABN AMRO Open. Hij maakt in februari, bij de 53ste editie, voor de negende keer zijn opwachting in het hoofdtoernooi. “Dat ik al zo vaak mee heb gedaan in Rotterdam, heb ik ook te danken aan Richard. Hij heeft me in het begin vaak een wildcard gegeven. Geweldig hoe hij en het toernooi mij altijd hebben gesteund. Het ABN AMRO Open is voor mij een van de mooiste toernooien – zo niet het mooiste toernooi - van het jaar. Ik speel helaas niet heel vaak in eigen land. Het is schitterend om de steun van het thuispubliek te voelen en te weten dat veel vrienden en familie op de tribune zitten.” Spelen voor eigen publiek maakt sowieso extra krachten los bij Tallon. Hij won in 2023 het grastoernooi van Rosmalen, dat betekende destijds zijn tweede ATP-titel. In de Davis Cup stijgt hij ook vaak boven zichzelf uit. Sterker, hij verloor nog nooit op Nederlandse bodem als hij voor het Nederlands team uitkwam. En wat het ABN AMRO Open betreft: het vertrouwen beschaamde Tallon nooit in Rotterdam. In 2023 en 2024 reikte hij tot de halve finale in Ahoy. Beide keren moest Jannik Sinner eraan te pas komen om hem te stoppen. “Ja, het is een mooi huwelijk tussen Rotterdam en mij. De grootste overwinningen aan het begin van mijn loopbaan boekte ik bijna allemaal in Rotterdam.” Zijn naam zou niet misstaan op de boarding met toernooiwinnaars. Tom Okker (1974), Richard Krajicek (1995 en 1997) en Jan Siemerink (1998) zijn de drie Nederlanders die ooit het ABN AMRO Open wonnen. “Het is een heel grote droom dat mijn naam daar ook tussen komt te staan. Het ‘probleem’ van Rotterdam is dat het zo’n ongelooflijk sterk bezet toernooi is. Dat ik daar twee keer de halve finale heb bereikt, is eigenlijk al heel bijzonder.” Botic van de Zandschulp en Jesper de Jong “Botic is een jaar ouder dan ik en we hebben hetzelfde traject doorlopen. We zijn bijna op hetzelfde moment de top honderd binnengekomen en daarna allebei richting plek twintig op de ranking gegaan. We hebben ook jarenlang samen Davis Cup ge- speeld. Die relatie is ook een periode wat minder geweest, toen we elkaar juist veel meer zagen als concurrenten. De laatste ja- ren is onze band juist heel erg goed. We zien elkaar als collega’s, zijn er om elkaar te helpen en beter te maken. Als we allebei in Nederland zijn, trainen we vaak samen, hebben geregeld contact. Over tenniszaken, maar ook over andere dingen. Als hij mijn ad- vies wil, weet hij mij te vinden. En andersom. Toen ik afgelopen jaar met het plan liep om me af te melden voor de Davis Cup heb ik mijn twijfels eerst met Botic besproken. Hij was de enige die wist dat ik me af ging melden. En Botic heeft het er met mij over gehad dat het leven als tennisser hem af en toe zwaar valt. Ik denk dat het mij wat makkelijker afgaat, kan er ook iets meer van genieten wat we allemaal meemaken. Ik denk dat het gewoon een karakterdingetje is. Botic lijkt iets strenger voor zichzelf. Hij is een geweldige tennisser en ik ben ervan overtuigd dat hij terug kan komen op zijn allerbeste niveau.” Van de Zandschulp sloot het jaar af als nummer 77 van de wereld, de 25-jarige De Jong als nummer 76. “Jesper heeft afgelopen tijd de stap naar de top honderd gemaakt, is een paar jaar jonger. Ik heb hem veel minder vaak gezien bij toernooien. We trainen ook af en toe met elkaar, maar de band is toch anders dan die met Botic, met wie ik zoveel heb meegemaakt.” Helden Magazine nummer 80 Het eerste deel van het interview met Tallon Griekspoor komt uit Helden Magazine nummer 80. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Benieuwd naar de nieuwsbrief? Schrijf je hier in. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: Jorinde van Klinken stapt uit de schaduw

De atletiek in Nederland zit al jaren in de lift. Met [...]
De atletiek in Nederland zit al jaren in de lift. Met voorheen Dafne Schippers en nu Sifan Hassan, Femke Bol, Abdi Nageeye, Nadine Visser en Lieke Klaver aan boegbeelden geen gebrek. Maar zij blinken – en blonken – uit op de loopnummers. Er zijn nóg twee vrouwen die er wat van kunnen, maar hun knappe prestaties bleven lange tijd een beetje onderbelicht. Zij komen namelijk uit op de ‘werpnummers’. Bij de WK in Tokio traden ze echt uit de schaduw. Jessica Schilder won goud bij het kogelstoten en werd gekozen als Sportvrouw van het Jaar bij het jaarlijkse sportgala. Discuswerpster Jorinde van Klinken – ook kogelstootster overigens - pakte zilver, het was de eerste WK-medaille van een Nederlandse in die discipline. Met haar worp van 67,50 meter hoefde ze alleen de Amerikaanse Valarie Allman voor zich te dulden. Jorinde pakte haar kans toen ze voor de camera van de NOS stond. Ze stelde: “Als ik eruit zou zien als een poppetje, had ik al een miljoenencontract.” Het ijzer smeden als het heet is, dat is de 25-jarige atlete wel toevertrouwd. Bij het sportgala verklapte ze dat haar opmerking ervoor had gezorgd dat sponsors haar weten te vinden. Ze won dus zilver met een gouden rand.  

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: de estafettemannen schrijven historie

Nsisak Ekpo, Elvis Afrifa, Taymir Burnet en Xavi Mo-Ajok [...]
Nsisak Ekpo, Elvis Afrifa, Taymir Burnet en Xavi Mo-Ajok zorgde voor een flinke verrassing op de WK atletiek van afgelopen zomer. De estafetteploeg plaatstte zich als laatste voor de finale, maar kwamen als derde over de finishlijn op de 4x100 meter estafette. Ze pakte niet alleen een medaille, maar waren met een tijd van 37,87 seconden sneller dan ooit en verbraken zo ook het zes jaar oude Nederlandse record. Slotloper Afrifa was tijdens de laatste etappe zelfs sneller dan het Amerikaanse sprintfenomeen Noah Lyles, die desondanks wel met de Amerikaanse ploeg goud won. "Toen ik het stokje kreeg, zag ik dat we derde lagen", zei Afrifa. "Toen was het voor mijn leven naar de finish rennen. Ongeloof, euforie, alles van het hele jaar is er nu uitgekomen” vertelde hij voor de camera van de NOS.

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: het Jessica Schilder-effect

2025 was voor Jessica Schilder een jaar om nooit te [...]
2025 was voor Jessica Schilder een jaar om nooit te vergeten. Ze stootte haar kogel nog nooit zover als dit jaar. Het leverde haar een goud op het WK outdoor, zilver op de EK en zilver op de WK indoor op. Ook werd ze door de atletiekbond verkozen tot atlete van het jaar. “Geweldig dat het zo goed gaat met de atletiek in Nederland. Dat ze mij bestempelen als ‘de Femke Bol van het kogelstoten’ vind ik een groot compliment. Of ze Femke straks de Jessica Schilder van de 400 meter hordenlopen moeten noemen? Nee, daar doen we Femke echt te kort mee. Ik heb al een paar keer op een poster gestaan van European Athletics. Ik, als kogelstootster, hoe mooi is dat? Bij de FBK Games en de EK indoor in Apeldoorn werd er echt even gewacht totdat ik mijn kogel had gestoten voordat het programma van de andere atletieknummers weer doorging. Ik wist: nu is alle aandacht op mij gericht. Het geeft enerzijds een kick, maar tegelijkertijd zorgt het voor extra druk. Bij de EK in Apeldoorn heb ik laten zien dat ik onder die druk heel goed kan presteren. Voor mijn gevoel zat heel Nederland, inclusief de koning, in de zaal en ik stootte beter dan ik ooit had gedaan. Wat ik ook echt heel leuk vind, is dat ik ook steeds meer jonge meiden naar Papendal zie komen om zich te concentreren op de werpnummers. Of dat het Jessica Schilder-effect is? Nou, dat weet ik niet, hoor. Maar die talenten help ik natuurlijk graag. Als ik zo’n meisje met een kogel in de hand zie, denk ik geregeld: dat is net een kleine Jessica, gaat zij op een dag mijn Nederlands record verbreken?”

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: Femke Bol zwaait af met goud

 Femke Bol liep ook dit jaar als een gazelle over de [...]
 Femke Bol liep ook dit jaar als een gazelle over de atletiekbaan. Alle races op ‘haar’ 400 meter horden won ze. In de WK-finale in Tokio was ze oppermachtig. Ze won haar tweede wereldtitel op die discipline. Daarnaast won ze ook nog zilver op de gemengde 4x400 meter estafette en brons op de 4x400 meter estafette voor vrouwenteams. Vanwege die prestaties werd ze voor de derde keer gekozen als Europees atlete van het jaar.  In Femke – die dit jaar ook nog een huwelijksaanzoek kreeg van haar Belgische vriend Ben Broeders en een kinderboek met de titel ‘Go Femke! Team TOFF gaat ervoor!’ uitbracht - zit ook dat ze uitgedaagd wil blijven worden. Waar anderen in haar plaats nog jarenlang de medailles binnen zouden harken op de 400 meter horden, nam zij na het WK een drastisch besluit. Ze stopt met de 400 meter horden en gaat een ‘extra rondje zonder hindernissen’ rennen. Vanaf heden richt ze zich dus op de 800 meter, de afstand waarop Ellen van Langen in 1992 olympisch goud veroverde. De atletiekwereld was in rep en roer. Op haar 25ste begint ze aan een omscholingstraject. Of ze in haar tweede atletiekcarrière nou succesvol zal zijn of niet; de prijs voor de grootste durfal van in de sport gaat naar Femke Bol.

Tennis

Diede de Groot: ‘Nog steeds zit in m’n hoofd dat ik in Parijs gefaald heb’

Als winnen went, went niet meer winnen dan ook? Rolstoeltennisster Diede de Groot (28) won tot vorige zomer 145 wedstrijden op rij en heeft 23 Grand Slams op haar ere- lijst, en zelfs een Golden Slam: alle Grand Slam-toernooien én paralympisch goud in hetzelfde jaar. Dat is alleen Steffi Graf ook ooit gelukt. Aan de succesreeks kwam een einde in Parijs; geen tweede paralympisch goud in het enkelspel. Gevolg: een tranenzee van dagen en - dan alleen nog in kleine kring bekend - een operatie die haar van de constante pijn in haar heup moest afhelpen. “Die pijn was heftig, ja; vooral in rust. Begin augustus, richting de Spelen, had ik een aantal nachten met maar twee of zelfs één uur slaap en dan raak je oververmoeid en overprikkeld. Trainingen heb ik daardoor moeten overslaan en ook heb ik me tijdens een middagdutje weleens verslapen en daardoor m’n training gemist. In die tijd heb ik af en toe slaapmiddelen genomen. Toch was de halve finale in het enkelspel in Parijs mijn beste wedstrijd van dat seizoen. Qua tennis gaf dat veel vertrouwen voor de dubbelfinale een dag later met m’n vaste dubbelpartner Aniek van Koot en de enkelspelfinale de dag daar- na. Twijfel was er wel vanwege die heup. Maar hét probleem in de dubbelfinale werd mijn service. Die liep totaal niet waardoor ik dacht: kan ik dat nu ineens echt niet meer? Dat ging zo in m’n hoofd zitten dat ik me ook al zorgen ging maken over m’n enkelspelfinale de volgende dag. Dat ik steeds mijn servicegame verloor, zorgde voor nog meer druk; helemaal omdat onze Japanse tegenstanders, Yui Kamiji en Manami Tanaka, heel vast waren. Mijn service is m’n hele carrière al m’n wapen óf m’n grootste knelpunt. Technisch is ’ie goed, maar op spannende momenten kan ik gaan twijfelen. Dat gebeurde toen. We verloren, geen prolongatie van de paralympische dubbeltitel. De volgende dag zou Yui Kamiji weer mijn tegenstander zijn in de finale. Die was natuurlijk met een veel beter gevoel gaan slapen dan ik. Helden Magazine nummer 79 Het eerste deel van het verhaal over Diede de Groot komt uit Helden Magazine nummer 79. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Atletiek

Abdi Nageeye: roeien tegen de stroom in

Abdi Nageeye (36) groeide de afgelopen jaren uit tot een wereldtopper. Hij won al drie marathons en olympisch zilver. Daarnaast scherpte hij dit jaar in Londen het nationaal record aan tot 2.04.20. De tijd van oogsten is nog niet voorbij. Nog lang niet zelfs. “Frank Sinatra zong: ‘I did it my way.’ Dat is niet voor niets mijn levenslied.” Op het gezicht van Abdi Nageeye lijkt een glimlach gebeiteld. Zelden is hij chagrijnig of boos. “Ik kijk altijd naar het positieve, negatieve dingen probeer ik zo snel mogelijk uit mijn systeem te krijgen. Dat is denk ik deels mijn karakter, maar dat heb ik met de jaren ook geleerd. Als topsporter moet je niet te veel zorgen hebben, rust in het hoofd is zo belangrijk,” vertelt Abdi terwijl hij een slok van zijn koffie neemt. Hij heeft net een uurtje hardgelopen door het Goffert Park, dat is het medicijn om vrolijk aan de dag te kunnen beginnen. Want doet hij dat niet, dan wordt hij onrustig, voelt hij zich een gekooide tijger. Kenia Abdi verblijft het grootste gedeelte van het jaar in Kenia, waar hij woont en traint met zijn vrouw en vijf kinderen. Hij is even in Nederland voor besprekingen met zijn in Nijmegen gevestigde managementbureau Global Sports Communication en reist daarna door naar Amerika voor een trainingskamp van zes weken. De laatste keer dat hij in actie kwam in wedstrijdverband was op 27 april, tijdens zijn debuut op de TCS London Marathon. Hij verbeterde zijn Nederlands record met 25 seconden tot 2.04.20, maar de tevredenheid overheerste niet meteen na af- loop. Tijdens het interview voor de camera van de NOS hoorde hij dat de fotofinish had uitgewezen dat hij niet derde, zoals eer- der werd geroepen, maar vierde was geworden. Weg podium. Bovendien vocht hij in de laatste kilometers tegen de kramp. Abdi schudt grinnikend zijn hoofd als hij terugdenkt aan Londen. “Voor mijn gevoel was ik de laatste acht kilometer aan het joggen. Toen ik zag dat ik een persoonlijk record had gelopen, was mijn eerste gedachte: dat klopt niet. Maar zonder die kramp had ik het Europees record van 2.03.36 én de derde plaats gepakt. Zeker weten. Mijn gevoelens wisselden voort- durend van teleurstelling naar blijdschap. Terug in het hotel, onder de douche, daalde alles pas in. Ik voelde geen verzuring en geen pijn, was eigenlijk ook helemaal niet moe. Amazing, toch? Nu, een paar maanden later, overheerst tevredenheid. Ik weet dat ik nog veel harder kan dan in Londen. Dat motiveert enorm. Ik ben 36, word nog elke keer beter. Crazy.” Rijpen Abdi ging de wereld over toen hij in 2021 olympisch zilver pakte achter ‘marathonkoning’ Eliud Kipchoge, zijn collega bij het NN Running Team. Maar dat hij ondertussen nog oog had voor zijn maatje en trainingsgenoot Bashir Abdi, net als hij geboren in Somalië en door de onrust aldaar gevlucht naar België, en hem met succes aanmoedigde het brons te pakken, gaf de medaille nog meer glans. Daarna won hij tot twee keer toe – in 2022 en 2024 – de NN Marathon Rotterdam. Op 3 november vorig jaar won Abdi de TCS New York City Marathon, die deel uitmaakt van de serie van zeven jaarlijkse World Marathon Majors, zeg maar de Grand Slam-toernooien van het marathonlopen. “Ik heb de afgelopen twee jaar veel veranderd aan mijn trainingen, heb mijn voeding aangepast en ik slaap meer. Hoe ouder ik word, des te makkelijker ik het vind om alles opzij te schuiven voor het hardlopen. Ik ben rustiger in mijn hoofd.” Abdi vertelt dat hij geregeld contact heeft met jonge marathonlopers. “Als ik de dingen hoor waar zij tegenaanlopen, denk ik vaak: herkenbaar, dat had ik tien jaar terug ook. Een marathonloper moet eerst rijpen, moet de nodige dingen hebben meegemaakt in het leven; verbroken relaties, de geboorte van kinderen. Met de levenservaring komt de rust. Althans, dat is bij mij het geval. Ik heb niet meer het gevoel dat ik dingen mis. Als ik een paar jaar terug naar Nederland ging, dan wilde ik van alles en vond ik het lastig om ook nog mijn training te doen. Nu niet meer. Ik hoef alleen maar een killer te zijn tijdens mijn trainingen. Doordat die onrust er niet meer is, is het makkelijker om me volledig te focussen op het hardlopen.” Van Abdi is bekend dat hij meteen na een marathon tot diep in de nacht op stap ging. Dat was voor hem de afsluiting van maandenlang volledig voor zijn sport leven en tegelijkertijd had hij het nodig om de batterij weer op te laden om aan de voor- bereiding op de volgende wedstrijd te beginnen. “Ook op dat vlak ben ik ouder en wijzer geworden,” zegt Abdi breed glimlachend. “Na de London Marathon sliep ik al om twaalf uur. Ik werd de volgende ochtend wakker en dacht meteen: ik ben zo blij dat ik niet uit ben geweest. De tijd van stappen is voorbij. Ik ben in Londen samen met Sifan Hassan, de mensen van ons management en de begeleiding uiteten geweest in een fantastisch restaurant. We hebben heerlijk gegeten en gekletst en daarna ben ik gaan slapen. Ik werd fris wakker en kon twee dagen later de training alweer oppakken. Daar haal ik meer voldoening uit dan een avond op stap.” Meer lezen? Sifan Hassan: 'Ik ben geen superwoman' Eliud Kipchoge: 'Hardlopen is het beste medicijn dat er is' Anne Luijten: 'Je zou haast in magie geloven'

Atletiek

Jessica Schilder: ‘Kogelstoten is weer eens wat anders, hè’

Met Jessica Schilder (26) heeft Nederland een wereldtopper [...]
Met Jessica Schilder (26) heeft Nederland een wereldtopper in het kogelstoten. Bij de WK in Tokio (13 – 21 september) geldt ze als kanshebber voor een medaille. We spreken haar over valangst, haar lichaam, daten, tatoeages, Volendam en de droom om op een dag de kogel voorbij de magische grens van 21 meter te stoten. Mijn naam “Bij de achternaam Schilder denken mensen meteen aan Volendam. En ja, daar kom ik ook vandaan. Vaak krijg ik de vraag of ik familie ben van zanger Nick Schilder of zangeres Anny Schilder. Dat is niet het geval. Volendam is natuurlijk bekend om de muziek die ervandaan komt en van de sport, vooral voetbal en handbal zijn er populair. Toen ik op mijn zevende met vriendinnen begon met atletiek werd al snel duidelijk dat de werponderdelen mij het best lagen.” Lachend: “Mijn ouders zijn harstikke trots op me, hoor, zijn mijn grootste fans, maar ze hadden misschien in eerste instantie liever gezien dat ik de nieuwe Dafne Schippers zou worden. In Volendam word ik helemaal omarmd. Kogelstoten is weer eens wat anders, hè? Ik kom trouwens niet heel vaak meer in Volendam, woon voor mijn sport op Papendal. Ik vind het altijd heerlijk als ik weer in Volendam ben. Niet dat ik per se op De Dijk wil rondlopen, want ik ben nooit van het uitgaan geweest, maar ik mis soms wel mijn familie en vrienden. Als ik het Volendamse dialect hoor, denk ik: ik ben weer thuis.” Mijn sport “Toen ik het kogelstoten bij de Olympische Spelen van 2012 op tv zag, moest ik huilen. Ik wist ineens: daar wil ik op een dag staan. Ik vond kogelstoten niet alleen leuk, ik kon er ook mijn frustraties in kwijt. Als ik baalde van school, raakte ik mijn irritaties kwijt door de kogel zo ver mogelijk weg te stoten. Anderen gingen in de puberteit als uitlaatklep op boksen of kickboksen, ik pakte de kogel. En het was natuurlijk ook fijn om te merken dat ik van jongs af aan verder stootte dan de rest, dat motiveerde enorm. Op mijn dertiende werd ik in het Olympisch Stadion Nederlands jeugd- kampioen, maar ik ben wel een tijdje een buitenbeentje geweest binnen de atletiek. Veel kogelstoters waren er niet in Nederland. De sport heeft ook lang een bepaald imago gehad. Bij hardlopers als Femke Bol en Lieke Klaver zien mensen hun lichamen en ze snappen meteen dat er heel veel training aan te pas komt om er zo uit te zien en zo goed te zijn. Ik heb een heel ander lichaam dan de sprintsters, moest veel vaker uitleggen wat ik moest doen en laten voor m’n sport. Veel van de kogelstoters waren ook nog eens heel groot en fors. De laatste jaren draait het bij kogelstoten steeds meer om de combinatie van kracht en souplesse. Er is een generatie opgestaan van meiden die wel sterk zijn, maar niet dik.” Mijn lichaam “Vriendinnen voelen zich altijd een stuk veiliger als ik erbij ben. Als we de stad ingaan, hoor ik vaak: ‘Jessica gaat voorop.’ Ik ervaar af en toe dat mensen geïntimideerd door mij raken. Ik val natuurlijk op, ben gespierder dan de meeste vrouwen, volg voor een gedeelte ook het krachtprogramma van de gewichtheffers. Hier op Papendal merk ik geregeld dat ik sterker ben dan veel mannen. Ik doe veel squats tijdens de krachttraining, kan meer dan tweehonderd kilo squatten. Ik ben wel atletisch, maar heb geen Lieke Klaver-lichaam. Heel mooi vind ik al die spieren niet, ik kijk soms liever niet in de spiegel. Het is een soort spagaat waarin ik zit, want ik heb die spieren nodig als ik goed wil zijn in mijn sport en mee wil doen aan de Olympische Spelen. Mijn grote doel is de beste van de wereld worden. Dat betekent dat ik nog gespierder moet worden, want dat is nodig als ik verder wil stoten. Ik moet accepteren dat dit lichaam erbij hoort, dat is een proces. De afgelopen jaren ben ik er steeds meer aan gaan wennen. Bij aankomst in Xiamen, waar de eerste Diamond League van dit jaar was, bleek dat mijn koffer niet aan was gekomen. Ik had in mijn handbagage een reservetenue, maar dat was een veel strakker pakje dan ik normaal gesproken draag. Noodgedwongen droeg ik voor het eerst geen losse kleding tijdens een wedstrijd. Het zat me niet in de weg, ik won en verbeterde mijn Nederlands record tot 20,47 meter. Ik kreeg na afloop zoveel complimenten over mijn kleding. Ook collega-atleten zeiden dat het me heel goed stond. Als ik nu ook foto’s zie van mezelf in strakkere kleding, dan denk ik: dat staat me best goed.” Meer lezen Dafne Schippers: 'Het was een rollercoaster' Femke Bol: 'Ik wist niet dat ik zo hard kon'