Leandro en Juninho Bacuna dromen van WK-sprookje met Curaçao: ‘Wie kan zeggen dat hij met zijn broer op een WK speelt?’
Voor Curaçao wordt het komende WK een historisch moment. De Blue Wave maakt voor het eerst haar opwachting op het grootste voetbalpodium ter wereld. Tussen alle internationale sterren lopen straks ook twee broers uit Groningen rond: Leandro en Juninho Bacuna. Voor de ervaren Leandro (34) moet het WK de kroon op zijn carrière worden, terwijl Juninho klaarstaat om het stokje als leider van het Curaçaose elftal over te nemen.
In de groepsfase wacht Curaçao direct een loodzware opgave. Duitsland, Ecuador en Ivoorkust zijn de tegenstanders. Toch laten de Bacuna-broers zich niet imponeren door grote namen. “Voor veel jongens bij Curaçao zal het wennen zijn om tegen sterren als Florian Wirtz en Moisés Caicedo te spelen,” vertelt Juninho. “Maar voor ons is dat niets nieuws. We hebben allebei in de Premier League gespeeld. Ik één jaar bij Huddersfield Town en Leandro vier jaar bij Aston Villa en Cardiff City. Daar kom je zulke spelers wekelijks tegen.”
Voor Leandro voelt het WK als een cadeau op een bijzonder moment in zijn loopbaan. “Ik ben 34, het einde van mijn carrière komt in zicht en dit WK moet de kers op de taart worden. Dat ik me op deze leeftijd nog op dat podium mag laten zien, is een zegen. Voor ons is het misschien normaler om tegen zulke wereldspelers te voetballen, maar we hebben ook jongens die alleen in de Keuken Kampioen Divisie of Eredivisie hebben gespeeld. Met mijn ervaring probeer ik hen daarop voor te bereiden.”

Wachten op Oranje
Dat Leandro inmiddels een van de gezichten van Curaçao is, was tien jaar geleden allerminst vanzelfsprekend. In 2016 koos hij voor het eiland, terwijl hij destijds nog actief was in de Premier League en een toekomst bij Oranje niet uitgesloten leek. “Ik heb een tijd gewacht op het Nederlands elftal toen ik bij Aston Villa speelde”, blikt hij terug. “De jongens die er op dat moment bij kwamen, waren spelers met wie ik had gespeeld bij Jong Oranje. Mijn uitnodiging kwam maar niet.”
Jaren later hoorde hij via Patrick Kluivert, destijds assistent van bondscoach Louis van Gaal bij Oranje, dat hij meerdere keren dicht bij een oproep was geweest. “Patrick vertelde me dat ik altijd op de lijstjes stond. Het was telkens nét niet. Toen hij in 2016 bondscoach van Curaçao werd, belde hij me op. Hij zei dat ik welkom was zodra ik er klaar voor was.”
Na overleg met zijn familie nam Leandro een beslissing die uiteindelijk zijn loopbaan een nieuwe dimensie gaf. “Ik heb er even over nagedacht, met mijn ouders en broers gesproken en besloten voor Curaçao uit te komen. Alles stond toen nog in de kinderschoenen. Dat Juninho er in 2019 als broekie bij kwam, maakte het nog mooier. En kijk waar we nu staan. Wie kan er nou zeggen dat hij samen met zijn broer op een WK gaat spelen?”
De volgende leider
Nu Leandro richting het einde van zijn carrière gaat, kijkt Curaçao alvast naar de toekomst. Die lijkt voor een belangrijk deel in handen van zijn jongere broer te liggen. “Dat is wel een beetje de bedoeling”, zegt Juninho over een mogelijke leidersrol. “Aan mij straks de taak om ervoor te zorgen dat deelname aan dit WK geen incident is. Maar een leider zijn zoals Leandro dat is, is niet makkelijk. Hij gaat altijd voorop in de strijd.”
Leandro zelf ziet leiderschap als iets dat hij onderweg heeft geleerd van spelers die hem voorgingen. “Ik heb in mijn carrière veel grote leiders meegemaakt. Toen ik bij Aston Villa speelde, was Ron Vlaar aanvoerder. Van hem heb ik veel geleerd. Ook dat je geen band hoeft te dragen om een leider te zijn.”
Bij Curaçao kreeg hij vervolgens een belangrijke les van oud-aanvoerder Cuco Martina. “Hij zei al dat er een leider in mij schuilde. Ik moet het ook niet van mijn technische kwaliteiten hebben”, lacht Leandro. “Daarvoor heb ik Juninho naast me staan.”
Onderdog met ambities
Hoewel Curaçao op papier de outsider van de groep is, reist de ploeg niet naar het WK om alleen ervaring op te doen. “Natuurlijk zijn we de underdog in de poule”, besluit Juninho. “Maar wij gaan er wel alles aan doen om wedstrijden te winnen. Kansen gaan we sowieso krijgen, aan ons om die te pakken.”