Bij het WK van 1998 gaan de gedachten vaak direct naar de kale kop van Ronaldo. Naar de rode kaart van Laurent Blanc in de halve finale. Naar de twee kopgoals van Zinédine Zidane in de finale tegen Brazilië. Maar voor de liefhebbers was er nóg een groot verhaal. Dat van Davor Šuker en Kroatië.
Het was pas het tweede grote eindtoernooi uit de geschiedenis van Kroatië als onafhankelijke natie. Het land had zich na het uiteenvallen van Joegoslavië in korte tijd op de internationale voetbalkaart gezet. Op het EK van 1996 maakte Kroatië al indruk, maar op het WK van 1998 volgde de definitieve doorbraak. Met één man in de spotlights: Davor Šuker
Van Joegoslavië naar Real Madrid
Toen Šuker begin jaren negentig naam maakte bij Dinamo Zagreb, speelde Kroatië nog niet eens zelfstandig internationaal voetbal. De spits vertrok naar Spanje, waar hij uitgroeide tot een van de meest gevreesde aanvallers van La Liga. Bij Sevilla maakte hij meer dan honderd doelpunten en werd één van de gevaarlijkste spitsen van Europa. In 1996 leverde dat hem een transfer naar Real Madrid op.
Daar speelde hij samen met sterren als Raúl, Fernando Hierro en Roberto Carlos. In zijn eerste seizoen won hij direct de landstitel. Een jaar later stond hij met Kroatië op het WK.
Het toernooi van zijn leven
Kroatië begon sterk aan het WK, maar pas in de knock-outfase begon Šuker echt zijn stempel te drukken. In de achtste finale tegen Roemenië maakte hij het enige doelpunt van de wedstrijd vanaf de strafschopstip. In de kwartfinale tegen Duitsland zorgde hij voor de beslissing in een sensationele 3-0 overwinning op de regerend Europees kampioen. Plotseling stond Kroatië in de halve finale van zijn eerste WK ooit.
In de halve finale wachtte Frankrijk. Toen Šuker kort na rust de 0-1 maakte, leek de stunt compleet. Voor een paar minuten droomde heel Kroatië van een WK-finale. Maar Frankrijk had Lilian Thuram. De verdediger had in zijn gehele interlandcarrière nog nauwelijks gescoord, maar maakte uitgerekend die avond twee doelpunten. Frankrijk won met 2-1 en Kroatië zag de finale uit handen glippen.
In de troostfinale tegen Nederland stond opnieuw Šuker op. Met een subtiele lob over Edwin van der Sar maakte hij het winnende doelpunt in de 2-1 overwinning. Het was zijn zesde treffer van het toernooi. Daarmee werd hij topscorer van het WK. Voor spelers als Ronaldo, Gabriel Batistuta, Dennis Bergkamp en Christian Vieri.
Nationaal icoon
Tot de historische derde plaats van 2022 gold het WK van 1998 als de grootste prestatie uit de Kroatische voetbalgeschiedenis. En zelfs nu wordt dat elftal nog altijd gezien als een van de meest geliefde generaties van het land. Met spelers als Zvonimir Boban, Robert Prosinečki en Slaven Bilić beschikte Kroatië over kwaliteit op elke positie. Davor Šuker eindigde als topscorer, werd verkozen in het FIFA All-Star Team en groeide uit tot nationaal icoon.