Brian Brobbey ontpopte zich zaterdagavond al binnen vijf minuten tot dé smaakmaker bij Oranje tegen Zweden. Met twee vroege treffers zette de spits van Sunderland Nederland op een comfortabele voorsprong, waarna Cody Gakpo en Crysencio Summerville de eindstand op 5-1 bepaalden.
“We moeten aanvallend meer brengen”, lichtte bondscoach Ronald Koeman zijn keuze voor Brobbey voorafgaand aan de wedstrijd toe. “De ruimtes zullen wederom klein zijn, dus dan heb je aan Brobbey meer een aanspeelpunt dan Malen. Het is ook om met Donyell wat meer naar binnen te kunnen spelen. Zodat aan de rechterkant Dumfries hoger kan spelen.” Na vijf minuten spelen, deed de spits van Sunderland precies wat Koeman van hem had gevraagd. Hij was het aanspeelpunt en na een uitstekende loopactie kreeg hij de bal via Cody Gakpo terug en tikte hij de bal beheerst binnen.
‘Ik heb niks te bewijzen’
Tien minuten later was het weer raak. De voorzet van Denzel Dumfries bereikte de oud-Ajacied en deze tikte de bal opnieuw behendig langs doelman Kristoffer Nordfeldt. Het was niet alleen een prachtige goal, maar ook de honderdste treffer van Oranje op een WK voetbal. Na de drinkpauze voerde Zweden de druk noodgedwongen op. Aanvallersduo Alexander Isak en Viktor Gyökeres creëerde kansen; Bart Verbruggen moest de bal meermaals uit het net houden. Benjamin Nygren kreeg de bal wel in het doel, maar er werd gevlagd voor buitenspel.
In oktober 2023 maakte Brobbey zijn debuut voor Oranje in de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Griekenland. Niet veel later kwam het hem op stevige kritiek te staan van Ronald Koeman: commentaar op zijn aannames en zijn manier van afwerken. Hij zou te vaak kansen laten liggen, oordeelden ook de bekende analytici, waarbij ook zijn fitheid veelal in twijfel werd getrokken. Het liet de Amsterdammer altijd onberoerd. “Ik heb niks te bewijzen“, verklaarde hij indertijd in Helden 72. Bij Sunderland kende hij een aantal zeer sterke optredens en sindsdien klinkt er veel lof over zijn fysieke ontwikkeling en zijn waarde als aanspeelpunt.