Word abonnee
Meer

Bobslee

Kimberley Bos: ‘Inmiddels is het niet meer de vraag wie de grootste dare devil is’

Kan Kimberley Bos (32) goud winnen in het skeleton? Het zou een sensatie zijn voor de vrouw die vier jaar geleden olympisch brons won en vorig jaar de wereldtitel veroverde. Een verhaal over blauwe plekken, Nicolien Sauerbreij en haar bijzondere weg naar de top. MIJN WERELDTITEL Je bent al jaren de meeste constante skeletonster, maar de wereldtitel ontbrak nog. Hoe groot was de ontlading toen je in maart goud won? “Heel groot. Ik zat er al jaren in de buurt. Afgelopen jaar was het ook weer heel erg spannend: de eerste zeven in het klassement stonden na de eerste dag heel dicht bij elkaar. Op de tweede dag viel het goed.” Hoe komt het dat het de jaren daarvoor steeds net niet lukte? “De concurrentie is heel goed. Daarnaast is skeleton een buitensport, heel veel factoren zijn van invloed op je prestaties. Het is heel moeilijk om vier goede runs achter elkaar neer te zetten. Ik ben de afgelopen jaren steeds constanter geworden. In St. Morriz, tijdens het WK in 2023, heb ik een heel goed WK gesleed, maar was een Duitse net een honderdste beter. Zilver. Tijdens het WK van 2024 in Winterberg was het duidelijk waarom het niet lukte; ik kampte met technische problemen. Het was eigenlijk een kwestie van tijd dat ik wereldkampioen zou worden. Alles moest alleen even op z’n plek vallen.” Hoe heb je het gevierd? “Niet erg uitbundig. Je hebt nog een dopingcontrole en tegen de tijd dat je die hebt gehad, is het vaak al heel laat. We hebben op de terugweg nog een pizza gehaald, een drankje gedaan en daarna ben ik mijn bed ingedoken. Helemaal gesloopt... heel saai eigenlijk.” MIJN ANGSTEN Ben je weleens bang als je met je hoofd naar voren en op je buik op je slee ligt? “Bang, nee, dat ben ik nooit als ik bovenaan de baan sta. Soms heb ik onderweg wel eens dat ik denk: oei, dat ging maar net goed. Toen ik in Cortina d’Ampezzo voor het eerst bovenaan de olympische baan stond, voelde ik wel zenuwen. Omdat het daar moet gebeuren. Kijk, er kleeft natuurlijk altijd een risico aan onze sport, daarom moet je altijd heel erg alert zijn. Ach, het maakt de sport ook wel mooi dat het gevaar altijd ergens aanwezig is.” In 2024 sloot de sluiting van je helm net voor de start niet. Toch ging je naar beneden. Je zag bijna niks en werd negende bij dat WK. Daar heb je slechte nachten van gehad... “Tijdens dat WK ging veel mis. Voor de start van mijn run kreeg ik mijn helm niet vastgeklikt, terwijl ik van start moest. Het gaat op zo’n moment allemaal zo snel, je moet in een split second risico’s afwegen en handelen. Wat ik heb gedaan, raad ik absoluut niemand aan. Het belangrijkste was dat ik van start ging, anders was ik meteen gediskwalificeerd. Het was in Winterberg, dat is mijn thuisbaan. Ik wist dus goed dat ik niet van mijn slee af zou vliegen. Bij veel andere banen, die veel gevaarlijker zijn, had ik het niet gedaan. 'Ik ben overgestapt, omdat ik een goede piloot was, maar niet het goede gewicht had om snel te worden bij de start met bobsleeën. Ik miste tien kilo aan lichaamsgewicht' Tijdens de race kwam mijn losse helm steeds verder omhoog, dus op een gegeven moment zag ik niks meer. Niet heel bevorderlijk voor de veiligheid en snelheid. Het was eigenlijk te idioot voor woorden. Ik ben niet gediskwalificeerd, omdat er in de regels staat dat de helm op je hoofd moet zitten, niet dat die vast moet zitten.” Lachend: “Dat de helm wél echt vast moet zitten, hebben ze na afloop aangepast in de regelementen.” Jouw ouders krijgen vast af en toe een hartverzakking. “Mijn moeder had toen ik overstapte van de bobslee naar de skeleton geen idee van de gevaren. Wij skeletonners crashen vaker, maar de klappen van de bobslee hebben meer impact. In de beginjaren van skeleton, bobsleën en rodelen zijn er veel ongevallen geweest. Inmiddels is het niet meer de vraag wie de grootste dare devil is.” Waarom heb jij de overstap gemaakt van de bobslee naar de skeleton? “Ik ben overgestapt, omdat ik een goede piloot was, maar niet het goede gewicht had om snel te worden bij de start met bobsleeën. Ik miste tien kilo aan lichaamsgewicht. Daardoor verloor ik al zoveel tijd tijdens de start en dat haalde ik niet meer in. Ik ben tussen de 65 en 70 kilo, een bobsleepiloot moet minstens 75 kilo zijn, maar het liefst nog iets zwaarder. Dat krijg ik er niet bij zonder dat het ten koste gaat van mijn atletische lijf. Ik kan vast wel 75 kilo worden, maar dan kan ik niet meer normaal rennen.” Krijg je mentale hulp? “Ik werk met een sportpsycholoog, zij is helemaal geïntegreerd in mijn team. Mijn coach Joska Le Conté, fysio en mental coach werken allemaal heel nauw samen, zodat ik mentaal gezien zo rustig mogelijk aan de start sta. In onze sport kun je fysiek nog zo goed zijn, als je het in je hoofd niet op een rijtje hebt, ga je nooit heel hard.” Helden Magazine 80 Het eerste deel van het verhaal over Kimberley Bos komt uit Helden Magazine nummer 80. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Benieuwd naar de nieuwsbrief? Schrijf je hier in. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Mountainbiken

Dé sportmomenten van 2025: de mentale strijd van Fem van Empel

En dat is drie. Fem van Empel veroverde op 1 februari na [...]
En dat is drie. Fem van Empel veroverde op 1 februari na een spannende strijd met Lucinda Brand en Puck Pieterse de hattrick aan wereldtitels veldrijden compleet in het Franse Lievin. Ze was nog maar 22 jaar toen ze voor het derde jaar op rij de regenboogtrui aan mocht trekken. Even zo vaak werd ze Europees kampioene. En dan te bedenken dat ze het veldrijden ook nog combineerde met het mountainbiken en wielrennen op de weg. Het leven lachte het multitalent toe. Afgelopen vrijdag maakte ze bekend voor onbepaalde tijd te stoppen met topsport, haar contract met Visma-Lease a Bike wordt daarom op 1 januari beëindigd. We wensen haar alle geluk. Schijn bedriegt. Terwijl Fem de sportieve successen opstapelde, vocht ze tegelijkertijd een mentale strijd uit met zichzelf. Met een korte, openhartige boodschap op haar Instagram maakte ze In maart bekend dat ze een pauze in ging lassen. "Ik voelde eigenlijk allang dat het niet goed met me ging," vertelde ze in oktober een interview met Sporza. Ze voelde al langere tijd dat het niet goed met haar ging. "Maar als sportief alles heel goed gaat, is het lastig om te zeggen: we stoppen ermee. Ook al is het gevoel bij jezelf niet goed. Voor de buitenwereld heb ik goed verbloemd dat het helemaal niet goed met me ging. Als sporter was ik succesvol, maar dat had zijn consequenties op menselijk vlak." Het perfectionisme van Fem zat haar in de weg. "Ik mocht niks meer van mezelf. Ik kon zelfs niet meer genieten van een vrije dag om eens iets anders te gaan doen. Het ging non stop door. Ik was mezelf niet meer. En ik ben blij dat ik dat toen ook openlijk uitgesproken heb. Daar ben ik misschien nog wel het meest trots op. Ik heb me toen kwetsbaar opgesteld, zonder ermee bezig te zijn wat de reacties zouden zijn. Ik koos voor mezelf op dat moment. Het ging erom om mezelf weer te ontdekken." Tijdens de break van het fietsen deed ze ‘heel normale dingen’. "De stad in om iets te eten, met vrienden afspreken, lange wandeltochten met m'n oom. Het heeft me zoveel inzicht gebracht over hoe ik het op een andere manier wil doen." ‘Ik heb verbloemd dat het niet goed ging’ In oktober keerde ze terug. Ze verklapte dat de focus op veldrijden ging, dat het wielrennen op de weg niet de prioriteit meer heeft. Ze wil dingen doen waar ze lol aan beleeft. Maar al snel kneep ze opnieuw in de remmen. Een radiostilte volgde. Bondscoach Gerben de Knegt zei tegen Het Nieuwsblad: “Ik weet wat er speelt. Ze zit fysiek en mentaal niet in haar beste periode. Laten we het daar dan maar op houden.”

Veldrijden

Dé sportmomenten van 2025: het superjaar van Mathieu van der Poel

Het was opnieuw een superjaar voor Mathieu van der Poel. [...]
Het was opnieuw een superjaar voor Mathieu van der Poel. Begin februari veroverde hij met groot vertoon van macht zijn zevende wereldtitel in het veldrijden. Daarmee evenaarde hij het record van Erik De Vlaeminck. Vervolgens maakte MvdP de overstap naar de weg. En daar kwam hij die andere veelvraat tegen: Tadej Pogacar. De twee maakten er een spektakel van in de voorjaarsklassiekers. Mathieu won Milaan- San Remo en liet Filippo Ganna en Pogi achter zich. Matje won ook Parijs-Roubaix, voor de in de Hel van het Noorden debuterende Pogacar, die een week eerder op zijn beurt van der Poel naar de tweede plek verwees in de Ronde van Vlaanderen. De volgende ‘afspraak’ was de Tour de France. Mathieu won de tweede etappe, na een sprint bergop in de Boulogne-sur-Mer, en bleef – opnieuw – Pogacar voor. Mathieu pakte het geel en droeg dat in totaal vier dagen. Van der Poel bleef in de aanval gaan in de Tour, totdat hij de laatste week op moest geven met een longontsteking. Daarna maakte de alleskunner de overstap naar de mountainbike, reed het WK in Crans-Montana in Canada en werd daar 29ste. Na wereldtitels op de weg, het gravel en in het veldrijden, is de regenboogtrui in het mountainbiken iets wat hij graag nog van zijn to-do-lijstje af wil strepen. Er blijft nog wat te wensen over. Zijn commentaar na afloop: ‘Ik had mijn dag niet’. Zelfs van der Poel heeft dus heel soms van die dagen.

Baanwielrennen

Dé sportmomenten van 2025: quadruple Harrie

Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago [...]
Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago raasde. De Nederlandse baanwielrenners verlieten de Chileense hoofdstad met liefst negen wereldtitels. Harrie Lavreysen won er vier. Waar hij de afgelopen jaren steeds voor een hattrick ging en op de Spelen zijn bijnaam Harrie Hattrick eer aan deed met olympisch goud op de sprint, teamsprint en keirin, deed hij in oktober iets wat nog nooit iemand had geflikt: vier wereldtitels naast de eerder genoemde disciplines, ook op de kilometertijdrit – pakken op één WK. Dankzij Harries Kwartet staat het aantal regenboogtruien dat hij in zijn carrière won nu op twintig, ook dat kan niemand hem navertellen. Het vervelende voor de concurrentie: hij is altijd nog maar 28 jaar. Het is inderdaad gestoord wat hij op zijn 27ste allemaal al heeft gewonnen. Geen record is veilig voor Harrie Lavreysen. En dan te bedenken dat het noodlot hem nog maar acht jaar geleden naar de baan dreef. “Toen ik net was overgestapt van de BMX wist ik niets, ik deed precies wat de coaches me vertelden. Hoe ouder ik werd, des te meer ik zelf na ging denken. Het programma in aanloop naar de Spelen en de WK heb ik voor negentig procent zelf geschreven. Daar ben ik heel trots op en dat maakt de medailles nog mooier.” Harrie kijkt alweer stiekem naar de Spelen in Los Angeles in 2028. Hij is al de succesvolste Nederlandse olympiër op de Zomerspelen, maar schaatsster Ireen Wüst die onder andere zes olympische titels won in haar carrière, staat nog een treetje hoger. En leuk die zes wereldtitels op de sprint op een rij, maar de Japanner Koichi Nakano won er tussen 1977 en 1986 tien op een rij. O ja, Jason Kenny won dus acht olympische titels, de teller van Harrie staat op vijf. “Ik ga de komende tijd rustig analyseren wat er nog beter kan. Dat het nog beter kan, daarvan ben ik overtuigd. Ik kan alleen nu nog geen dingen opnoemen waardoor ik in LA harder kan, maar dat kon ik meteen na de Spelen in Tokio ook niet. Dat komt met de tijd. Ik word ook ouder, daar moet ik ook rekening mee gaan houden. Blessurepreventie en lichaamsonderhoud zullen een belangrijkere rol gaan spelen. Ik heb in aanloop naar Parijs ook een paar kleine blessures gehad. Iets kleins met m’n knie. Daar kon ik prima mee fietsen, ik kon alleen geen diepe squats doen tijdens de trainingen in aanloop naar Parijs.” Hij weet dat er ook de komende jaren weer op hem gelet en gejaagd zal worden. “Ik besef dat ik de maatstaf ben in mijn sport. Ik heb laten zien: om olympisch kampioen te worden, moet je dit kunnen. Daarom is het nodig om de grens steeds weer een beetje te verleggen. Op het moment dat de concurrentie mijn niveau haalt, ben ik ondertussen alweer een stukje verder. Om telkens weer iets meer uit mezelf te halen tijdens de training, dat is waar ik misschien wel het allermeest van geniet.”  

Darten

Heldenpraat met Gian van Veen

Hij werd in november 2024 de eerste Nederlandse wereldkampioen bij de junioren in het darten, versloeg meermaals dartsensatie en huidig wereldkampioen Luke Littler én won in oktober het EK. In aanloop naar het PDC World Darts Championship 2026 (11 december – 3 januari) maakten wij kennis met Gian van Veen (23). Van deze darter had ik posters boven mijn bed hangen... “Posters is misschien een groot woord, maar als ventje was ik groot fan van Gary Anderson. Ik begon met darten in 2011. Hij verloor dat jaar de WK-finale, maar ik vond hem zo gaaf. Inmiddels heb ik een paar keer tegen Gary gespeeld, en in september won ik voor het eerst van hem. Van mijn idool winnen was een bijzonder moment in mijn nog prille carrière. Gary weet ook dat hij mijn voorbeeld is en is altijd ontzettend vriendelijk tegen me.” Dit vooroordeel over darters is niet waar... “Mensen zeggen vaak dat darten geen echte sport is, of dat het een ‘kroegsport’ is. Daar ben ik het niet mee eens. Je hoeft als darter fysiek niet zo fit te zijn als een marathonloper of voetballer, maar men- taal is darten enorm zwaar. Je moet één tot anderhalf uur je focus op een heel klein vakje gericht houden, terwijl hon- derden mensen achter je staan te juichen of schreeuwen. Onze sport is qua professionaliteit enorm vooruitgegaan. In de jaren tachtig stonden darters nog met pullen bier en sigaretten op het podium. Dat kun je je nu niet meer voorstellen.” Hier ben ik het meest trots op... “Dat ik in november 2024 de eerste Nederlandse jeugdwereldkampioen ooit ben geworden. Als je bedenkt hoeveel grote darters Nederland heeft voortgebracht...” Dit doe ik om voor een wedstrijd van de zenuwen af te komen... “Drie uur voor een wedstrijd begin ik al met mijn warming-up. Ik gooi ontspan- nen in, doe wat spelletjes en probeer vertrouwen te krijgen in bepaalde dub- bels die ik in de wedstrijd vaak nodig heb. Met een kortere voorbereiding ga ik minder ontspannen het podium op.” Held van het Jaar 2025 2025 was een jaar vol nieuwe Helden, emotionele afscheidsmomenten en indrukwekkende verhalen van doorzetters die opstonden. De afgelopen elf maanden hebben Julie vol enthousiasme telkens weer jullie Held van de Maand gekozen: Angel Daleman, Jenning de Boo, Kimberley Bos, Virgil van Dijk, Daphne van Domselaar, Kees Smit, Thymen Arensman, Zoë Sedney, Jessica Schilder, Hetty van de Wouw en Femke Kok. Maar… we doen er nog een schepje bovenop! We hebben de lijst aangevuld met vijf wildcards. Toppers die volgens ons absoluut niet mogen ontbreken: Mathieu van der Poel, Joy Beune. Joep Wennemars, Harrie Lavreysen en Femke Bol. Stem nu op jouw Held van het Jaar.

Baanwielrennen

Dé sportmomenten van 2025: Drieslag voor Hetty Raketty

Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago [...]
Alsof een oranje orkaan over de wielerbaan in Santiago raasde. De Nederlandse baanwielrenners verlieten de Chileense hoofdstad met liefst negen wereldtitels. Drie daarvan nam Hetty van de Wouw voor haar rekening. Stapje voor stapje is Hetty Raketty richting wereldtop geslopen. Vorig jaar won de 27-jarige sprintster nog drie keer WK-zilver en op de Spelen werd ze tweede op de keirin. Dit keer nam ze geen genoegen met een zilvervloot. Van de Wouw bracht in 2024 nog naar buiten dat ze had geworsteld met eetstoornissen. Dat moest ze achter zich laten en dat lukte onder meer door de hulp van de vorige bondscoach, Mehdi Kordi. Tegen de NOS zei Khordi, die Van de Wouw in december 2022 onder zijn hoede kreeg: "Haar transformatie is echt ongelooflijk geweest. Ze was een beetje verloren. Ze was nerveus en gespannen als het om haar eigen kwaliteiten ging. Maar ik zag ook iemand die iets bijzonders in zich had. Het kwam er op neer dat ik haar vooral zelfvertrouwen moest geven. Wat mij is bijgebleven is dat ze eens aangaf dat ze wereldkampioen wilde worden. Ik vroeg haar toen: hoe weet je hoe je dat moet doen? Toen zei ze: dat weet ik als ik het ben. Maar zo werkt het niet. Je moet eerst in jezelf geloven en je moet denken als een kampioen, voordat je ook de beste kan zijn.” En dat is gelukt. Held van het Jaar 2025 2025 was een jaar vol nieuwe Helden, emotionele afscheidsmomenten en indrukwekkende verhalen van doorzetters die opstonden. De afgelopen elf maanden hebben Julie vol enthousiasme telkens weer jullie Held van de Maand gekozen: Angel Daleman, Jenning de Boo, Kimberley Bos, Virgil van Dijk, Daphne van Domselaar, Kees Smit, Thymen Arensman, Zoë Sedney, Jessica Schilder, Hetty van de Wouw en Femke Kok. Maar… we doen er nog een schepje bovenop! We hebben de lijst aangevuld met vijf wildcards: toppers die volgens ons absoluut niet mogen ontbreken: Mathieu van der Poel, Joy Beune, Joep Wennemars, Harrie Lavreysen en Femke Bol. Stem nu op jouw Held van het Jaar.

Baanwielrennen

Elis Ligtlee: ‘M’n leven staat alweer op z’n kop’

Elis Ligtlee (31) werd in 2016 olympische kampioen op de keirin. Tegenover de successen stonden ook diepe dalen. Twee jaar later, op haar 24ste, stopte ze met baanwielrennen. Het plezier was weg. Al snel werd ze moeder. Afgelopen zomer kreeg ze de boodschap waar ze al een paar jaar zo bang voor was: ze bleek borstkanker met uitzaaiingen naar de oksel te hebben. Tussen de chemo’s door nam ze de tijd om haar verhaal te doen. Met een stralende lach doet ze de deur van het huis van haar ouders in Eerbeek open. Ze vertelt dat ze een dag eerder haar negende chemokuur heeft gehad. “Maandag is chemodag. Laat ik het afkloppen, maar ik heb tot op heden weinig last van de chemo’s, ben er nog niet heel erg ziek van geworden.” Ze aait over haar kale hoofd. “Mijn haar heeft het alleen niet overleefd.” Elis Ligtlee vertelt dat ze een dag eerder haar eerder al kortgeknipte haar er helemaal af heeft gehaald. Ze gaat voor naar de keukentafel, vertelt dat het mooie huis van haar ouders beter geschikt is voor een interview en fotoshoot dan het huis waar zij met haar man Emmo, zoontje Lio van vijf en de tweeling Loek en Lola-Lou van twee woont, iets verderop in het Gelderse dorp. Vader Gerjan zet koffie en thee op tafel waar ook een hoofd van piepschuim staat waarop het haarstuk van Elis rust. “M’n leven staat ineens alweer op z’n kop,” zegt de vrouw die negen jaar geleden olympisch kampioen op de keirin werd in Rio en op haar 31ste bijna zeven jaar baanwielrenster-in-ruste is. Sinds haar 25ste weet Elis dat ze, net als haar moeder, draagster van het BRCA1-gen is. Het komt erop neer dat ze sinds zes jaar wist dat ze een verhoogde kans op borst- en eierstokkanker had. “Mijn moeder wist pas vanaf haar vijftigste dat ze het gen heeft. Haar zus had twee keer kanker gehad en toen is zij het gaan testen. Mijn moeder heeft, toen bleek dat ze het gen had, zowel haar borsten als haar eierstokken weg laten halen. Een paar jaar later kon ik op het gen worden getest. Toen bleek dat ik het gen had, dacht ik natuurlijk meteen ‘wat als’. Ik heb er ook over nagedacht preventief mijn borsten weg te laten halen. Ik besloot dat niet te doen. Mijn nicht heeft het gen ook, koos ervoor om haar borsten preventief te laten verwijderen, maar kreeg daarna alsnog kanker vanuit de oksel. Ik besloot me elk jaar te laten controleren, nog geen drastische beslissingen te nemen met de kans dat ik alsnog ziek zou worden. Natuurlijk heb ik geregeld gedacht: ik leef op een tijdbom. Maar die gedachte ging al snel naar de achtergrond. Op mijn 26ste raakte ik in verwachting van Lio en op mijn 28ste werd de tweeling geboren.” Ze zegt: “Ik ben trouwens ook nog drager van het Stickler- syndroom, onze tweeling Loek en Lola-Lou zijn daardoor geboren met een schisis, een open gehemelte. Ze zijn daar allebei op jonge leeftijd aan geholpen, ondervinden daar gelukkig helemaal geen last meer van.” Lachend: “Zo zie je maar: ik ben één grote genafwijking, maar wel mooi olympisch kampioen.” Dan serieus: “Alles draaide om de kinderen. Ik liet me controleren, maar maakte me eigenlijk niet heel erg druk. Ook al wist ik dat de kans dat ik op een dag kanker zou krijgen tussen de zestig en tachtig procent lag.” Helden Magazine nummer 79 Het eerste deel van het interview met Elis Ligtlee komt uit Helden Magazine nummer 79. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Baanwielrennen

Harrie Lavreysen: ‘Ik laat me niet gek maken’

Harrie Lavreysen Harrie [...]
Harrie Lavreysen Harrie Lavreysen (27) is de te kloppen man in Parijs. De baanwielrenner heerst al jaren op de sprint, met de Nederlandse ploeg en individueel. Hoe gaat hij om met de immense verwachtingen? Hoe slaagt hij erin om al zo lang zijn sport te domineren? We leggen hem in Helden Magazine nummer 72 voor vertrek naar Parijs zeven stellingen voor. Ik eet, slaap en drink baanwielrennen “Ik sta ermee op en ga ermee naar bed, ben de hele dag bezig om te kijken of ik nog beter kan worden. Denk nou niet dat ik knettergek ben, of dat ik echt als een monnik leef, maar alle keuzes die ik maak, staan in het teken van baanwielrennen. Zeker in aanloop naar de Spelen. Steeds stel ik mezelf de vraag: word ik hier beter van?” Heb jij nog andere hobby’s dan baanwielrennen? “Niet echt. Als mensen die vraag stellen, antwoord ik vaak: films kijken. Daar kan ik nog wel voor gaan zitten. Maar verder...” Sta jij ondanks twee gouden olympische medailles en dertien wereldtitels nog voor elke training te popelen om weer de baan op te gaan? “Nou... Ik heb ook trainingen waarvan ik op voorhand al weet dat die heel veel pijn gaan doen. Maar ook dan denk ik: die heb ik nodig om weer ietsje beter te worden. Kijk, het is ook leuk om te trainen en makkelijker op te brengen als je steeds beloond wordt voor alle inspanningen.” Jij vertelde al eens eerder dat jij het verschil maakt doordat jij je lichaam in een bepaalde hoek kunt houden als je door de bochten rijdt en daardoor je krachten nog heel goed kwijt kunt waar dat bij concurrenten minder het geval is. En dat je voortdurend bezig bent jezelf en de concurrentie te analyseren. Knikt: “Daarbij komt nog dat ik door de jaren heen mijn lichaam beter heb leren kennen. Een aantal jaren geleden maakte mijn trainer Hugo Haak de trainingsprogramma’s en die voerde ik vervolgens uit. Nu schrijf ik ze ook zelf. Er zijn dus met de jaren wat dingen veranderd, maar de instelling is nog steeds dezelfde: dagelijks bezig zijn met verbeteren en steeds mezelf de vraag stellen of het goed is wat ik doe. Dat analyseren blijft erbij horen. Ook van de concurrentie. We hebben een database van wedstrijden. Bij elke wedstrijd is er iemand van ons aanwezig die niet alleen ons, maar ook alle concurrenten filmt. Ik kan heel makkelijk wedstrijden van mezelf en van een willekeurige concurrent opzoeken. Tijdens trainingen wordt ook alles gefilmd, zodat ik die meteen kan terugkijken.” Is die toewijding en discipline de sleutel van het succes? “Als ik een wedstrijd heb gereden, kan ik het wel even loslaten, maar al snel grijp ik terug op mijn routines. Voor de volgende wedstrijd ben ik al mijn tegenstanders alweer aan het bestuderen. Begin dit jaar deed ik niet mee aan de wereldbekerwedstrijd in Australië. Dat nam niet weg dat ik wel alles heb bekeken. Ik mag mezelf niet laten verrassen, moet zien wat voor ritten de andere renners gereden hebben. In een olympisch jaar ben ik daar nog scherper op.” Helden Magazine nummer 72 Het eerste gedeelte van het interview met Harrie Lavreysen komt voort uit Helden Magazine nummer 72. Het extra dikke zomernummer van Helden staat volledig in het teken van drie grote sportevenementen: het EK voetbal in Duitsland, de Tour de France en de Olympische Spelen in Parijs. Op de cover van de 204 pagina's tellende editie schitteren drie rolmodellen van wereldklasse uit de Nederlandse atletiek: Femke Bol, Sifan Hassan en Lieke Klaver. Wat is het geheim van hun succes? Experts zoals Ellen van Langen, Caroline Feith, Bart Bennema en Gregory Sedoc delen hun inzichten. EK voetbal De sportzomer van 2024 wordt afgetrapt met het EK voetbal, dat op 14 juni begint. In deze Helden een verhaal over Ronald Koeman. Onder andere Frank Rijkaard, Ruud Gullit, broer Erwin Koeman, Guus Hiddink, Jordi Cruijff en Rafael van der Vaart delen hun mening over de bondscoach van het Nederlands elftal. Verder ging Helden naar Milaan voor een interview met revelatie Tijjani Reijnders en zijn vrouw. Daley Blind 106-voudig international - bespreekt zijn indrukwekkende carrière aan de hand van foto’s. Brian Brobbey over de bondscoach, Marco van Basten, zijn toekomst, zijn roots en racisme. Arie Haan gaat vijftig jaar terug in de tijd, naar het WK voetbal in West-Duitsland dat eindigde met een nationaal trauma. Jan Wouters blikt terug op het gewonnen EK van 1988, ook in Duitsland. Het is nog altijd de enige hoofdprijs van Oranje. Tour de France  Na het EK volgt de Tour de France, van 29 juni tot en met 21 juli. In deze Helden lees je een interview met sprinter Fabio Jakobsen en een portret van Mathieu van der Poel, die ook de olympische wegwedstrijd in Parijs rijdt. Jeroen Blijlevens en Steven de Jongh, ploegleiders bij Lidl-Trek, vertellen hun verhaal, en we vragen ons af: kan Sepp Kuss na de Vuelta ook de Tour winnen? Olympische Spelen De Olympische Spelen vinden plaats van 26 juli tot en met 11 augustus. Chef de mission Pieter van den Hoogenband kijkt terug op zijn gouden race twintig jaar geleden. Turnster Sanne Wevers bereidt zich voor op haar laatste kunstje, en BMX’er Niek Kimmann over zijn post-olympische dip. Sharon van Rouwendaal gaat voor goud in het openwater, roeizussen Bente en Ilse Paulis geven een dubbelinterview, en Simone van de Kraats hoopt op goud in het waterpolo. Bovendien gingen we op bezoek bij Tes Schouten, Caspar Corbeau en Arno Kamminga, de drie schoolslagmusketiers. Alle drie zijn ze een medaillekandidaat in Parijs. Voor het eerst sinds 1992 plaatse een Nederlands duo zich op de 500 meter kanosprint voor de Spelen. Hoog tijd om kennis te maken met Selma Konijn en Ruth Vorsselman. Triatlontopper Maya Kingma stelde ernstige misstanden aan de kaak binnen het topsportprogramma van de triatlonbond. Dat werd de triatleet niet door iedereen in dank afgenomen. Joost Luiten is sinds kort vader en worstelde met golfyips. In aanloop naar de KLM Open, die hij twee keer won, doet hij zijn verhaal.

Mountainbiken

Mathieu van der Poel: “Ik voel me toch ook oud worden”

Mathieu van der Poel vierde op 19 januari zijn dertigste [...]
Mathieu van der Poel vierde op 19 januari zijn dertigste verjaardag. Het was voor hem een moment van bezinning. Hij stapelt de successen nog steeds op, maar besefte dat ook zíjn carrière eindig is. Helden schoof in aanloop naar de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix, die hij vorig jaar allebei won, bij MVDP aan. Je leest het interview in Helden Magazine 76. “Voor mij voelt alles wat er nog bijkomt als bonus.” Mathieu van der Poel ging een paar dagen nadat hij voor de zevende keer wereldkampioen veldrijden werd met zijn vriendin Roxanne Bertels op skivakantie. Met een helikopter liet MVDP zich afzetten op een bergtop in Livigno. De video waarop hij in Italië off piste aan het skiën was, ging meteen viral. Zijn liefde voor mooie, snelle auto’s en motoren is ook bekend. Tijdens de wintersportvakantie vermaakte hij zich met een Lamborghini in de sneeuw. In het verleden verklapte hij dat hij meerdere keren op het circuit heeft gescheurd en in zijn vrije tijd door het bos croste met een motor. Vorig jaar kreeg hij een Lamborghini Urus met het kenteken 1-MVDP-1 cadeau van de Italiaanse autofabrikant. Eind december kwam hij in een knaloranje Revuelto, de eerste plug-in-hybride van Lamborghini, aan bij de cross in Gavere. De sportwagen ter waarde van 511.000 euro, voorzien van een V12-motor in combinatie met drie elektromotoren, samen goed voor een vermogen van 1000 pk, een topsnelheid van 350 kilometer per uur en ervoor zorgt dat in tweeënhalve seconden van 0 naar 100 kan worden opgetrokken. Een geste van de Antwerpse Lamborghini- dealer, die ook zijn privésponsor is. Mathieu is een thrillseeker, iemand die niet heel erg bezig lijkt met het managen van risico’s. “Het is maar hoe je het bekijkt; ik vind off piste skiën minder gevaarlijk dan in een peloton naar de Oude Kwaremont rijden in de Ronde van Vlaanderen,” zegt hij lachend. “Ik ski al van jongs af aan, voor mij voelt dat niet als iets risicovols. Binnen de ploeg heb ik altijd de ruimte gekregen om dit soort dingen te doen. Ik heb ervan genoten om even lekker te kunnen skiën, denk ook niet dat als je me dit soort dingen afneemt, dat ten goede zal komen aan mijn prestaties. Ik heb die vrijheid nodig. Maar ik ben wel iets voorzichtiger geworden dan vroeger.” 'Normaal heb ik niet met leeftijden, maar dertig vond ik toch wel een dingetje. Het was ook een beetje een wake-up call" Staan er nog meer dingen op jouw bucketlist? “Laat ik me eerst nog maar een paar jaar op het wielrennen focussen. Als dat klaar is, zal ik wel kijken wat er nog uit de bus komt. Al met al denk ik dat bij alles dat ik na mijn carrière ga doen toch ook nog vaak een fiets van pas zal blijven komen.” Hij verklapte in een groot interview met de Belgische tv-zender Sporza, eind vorig jaar, dat er een weddenschap met de populaire Belgische youtuber Average Rob is. De deal is dat hij op een dag mee zal doen aan een Ironman, een triatlon van 3,8 kilometer zwemmen, 180 kilometer fietsen en 42,2 kilometer hardlopen. Bijna gelijktijdig deelde Roxanne, sinds 2018 zijn vriendin, op Instagram een foto van een kraambezoek. Bij een foto van een pasgeboren dochtertje van bekenden schreef ze: ‘Baby fever’. En het vaderschap, staat dat op jouw bucketlist? Lachend: “Dat is nog niet iets waar ik nu mee bezig ben.” Met pensioen Mathieu vierde op 19 januari zijn dertigste verjaardag. Hij vierde de mijlpaal in Spanje, waar hij een deel van het jaar woont en traint. “We hebben met een grote groep iets gegeten, dat was gezellig.” Voelde het speciaal om de dertig aan te tikken? “Toch wel. Normaal gesproken heb ik niets met leeftijden, maar dertig vond ik toch wel een dingetje. Het was ook een beetje een wake up call. Ik ben ineens geen twintiger meer, voel me toch ook oud worden.” Heb je het gevoel: de speeltijd is voorbij, het leven wordt serieus? “Ik hoop dat ik de komende jaren nog mooie dingen kan laten zien, maar tegelijkertijd realiseer ik me dat de meeste renners met pensioen gaan als ze in de dertig zijn. Vaak wel pas eind dertig, maar toch. Dat is wel iets waar ik over nadenk.” In het interview met Sporza verklapte hij ‘zeker niet tot zijn veertigste te blijven koersen’, omdat hij het belangrijk vindt om te stoppen op een hoogtepunt en dat hij soms renners ziet die te lang blijven fietsen, wat in zijn beleving afbreuk doet aan de erelijst die zij bij elkaar hebben gefietst. Merk jij al dat de jaren beginnen te tellen? “Gelukkig niet. Het is eerder andersom: ik herstel juist veel sneller dan vroeger. Ik zit op het punt in mijn carrière dat ik het meeste aankan. Als ik een paar jaar terug had getraind zoals ik dat begin dit jaar in Spanje heb gedaan, dan had ik in het weekend daarna niet kunnen crossen. Dat is echt een groot verschil. Misschien ben ik wel beter dan ooit. Ik heb geen idee wat mijn lichaam nog aankan en hoe lang. Ik denk dat ik sowieso nog wel twee of drie jaar op de toppen van mijn kunnen kan zijn. Daarna weet ik het niet. Ik voel me nu heel goed, maar het is afwachten hoe ik me voel als ik 33 ben. Tegenwoordig zijn heel veel dingen te meten. Aan de resultaten van die metingen is te zien dat ik nog steeds progressie boek. Maar uiteindelijk houdt die ontwikkeling toch een keer op. Dat is voor iedereen zo, dus dat zal bij mij niet anders zijn.” Steeds harder Mathieu kende een geweldig 2024. Hij won in de regenboogtrui – die hij pakte door in 2023 in Glasgow de wereldtitel op de weg te grijpen – zowel de Ronde van Vlaanderen als Parijs-Roubaix. “Vlaanderen en Roubaix winnen in de regenboogtrui is misschien wel het hoogtepunt van mijn carrière geweest. Dat is toch iets unieks.” Vooral voor zijn derde overwinning in de Ronde van Vlaanderen moest hij diepgaan. Door de regen en kou was het laatste uur erg zwaar. Hij kreeg hetzelfde gevoel als op het WK in Harrogate in 2019, toen hij lang in de kopgroep zat en de koers maakte, maar door hongerklop zijn kansen op de wereldtitel zag vervliegen, bekende hij tegen Sporza. Veel langer had de Ronde van Vlaanderen voor hem niet mogen duren. Ook won hij de E3 Saxo Classic in het voorjaar. Verder werd hij derde in Luik- Bastenaken-Luik en op het WK op de weg in Zürich. Ook pakte hij afgelopen jaar twee wereldtitels: zijn zesde als veldrijder en zijn eerste op de gravelbike. O ja, hij hielp als een wel heel luxe knecht ook zijn ploegmaat Jasper Philipsen nog aan de overwinning in Milaan-San Remo en drie sprintzeges in de Tour de France. Tijdens het cross-seizoen afgelopen winter, stond er opnieuw geen maat op Matje: hij won met groot vertoon van macht elke veldrit waar hij aan de start verscheen. Bij de WK, op 2 februari in het Franse Liévin, ging hij er meteen na de start vandoor. Zijn grote rivaal Wout van Aert, die tweede werd, zag hem pas weer terug na de finish. Het betekende zijn zevende wereldtitel veldrijden, een record dat hij nu deelt met de in december 2015 op zeventigjarige leeftijd overleden Erik De Vlaeminck. “Mooi om geschiedenis te schrijven, maar ik ben nooit erg bezig met records. Toen ik voor de vierde keer wereldkampioen werd, begonnen mensen over de zeven wereldtitels van De Vlaeminck. Voor mij begon dat record vorig jaar pas mee te spelen, toen ik op zes wereldtitels kwam.” En dan te bedenken dat hij een paar weken voor het WK veldrijden een ribbreuk opliep. “Ik klapte op een paaltje tijdens de cross in Loenhout, toen is er een barst in mijn rib ontstaan. Een week later in Besançon brak hij waarschijnlijk pas echt door de inspanning. Tijdens die koers begon ik last te krijgen van mijn rib. Op de terugweg kreeg ik nog meer last. Ik had de eerste twee weken na de breuk flink last. Vooral hoesten was erg pijnlijk. Op de fiets was het gelukkig nog redelijk oké. Daardoor heeft het weinig invloed gehad op mijn voorbereiding van het wegseizoen en de opbouw richting de wereldtitel veldrijden. Zorg was alleen dat er niet een bobbel zou ontstaan op mijn rib en dat het netjes aan elkaar zou groeien.” De ribbreuk stond dus een goede voorbereiding op het wegseizoen niet in de weg. In Spanje kende hij een goede trainingsstage. “Ik heb dingen dit jaar wat anders aangepakt. Rust is steeds belangrijker. Door de jaren heen weten we wel wat voor mij werkt en wat niet. Ik voel me ook beter dan vorig jaar door die trainingsstage. Vorig jaar voelde ik me aan het begin van het seizoen iets vermoeider. De ribblessure was vervelend, maar ik heb wel heel lang en goed kunnen trainen voor het wegseizoen.” En dat is nodig, want het wielrennen blijft zich maar ontwikkelen. Het materiaal wordt steeds beter, op het gebied van voeding wordt nog progressie geboekt en ook de trainingsaanpak blijft evolueren. “Het gaat steeds harder,” zegt Mathieu, “de trainingsmethoden worden steeds beter, waardoor het niveau omhooggaat. Daardoor verandert ook het koersverloop. In de klassiekers gaat tegenwoordig het tempo meteen omhoog. In het verleden was de snelheid de eerste 100 tot 150 kilometer wat lager. Nu niet meer. De gemiddelde snelheid ligt veel hoger.” Mathieu en zijn ploeg Alpecin- Deceuninck moeten dus voortdurend aan de knoppen blijven draaien. “Wij denken voortdurend na over nieuwe trainingsmethodes. Moeten we weer andere intervaltrainingen doen om nog beter te worden? Maar we mogen tegelijkertijd niet onze ogen sluiten voor de dingen die we in het verleden goed hebben gedaan. Het is niet altijd zo dat je er zeker van bent dat als je iets verandert, het ook meteen beter zal gaan.” Mathieu haalt de Tirreno-Adriatico aan. Die reed hij twee jaar geleden ook en dat was achteraf de ideale voorbereiding op Milaan-San Remo, die hij in 2023 won. “Vorig jaar ging ik naar San Remo zonder voorbereidingskoers. Ik was goed, maar niet goed genoeg om een verschil te maken. Als iets voor mij heeft gewerkt, hou ik dat in mijn achterhoofd. Een etappekoers van een week is voor mij een betere manier om in mijn beste vorm te komen dan een week trainen.” Haat-liefde verhouding Na Parijs- Roubaix werd de Tour de France het grote doel van Mathieu. Het wordt zijn vijfde deelname aan de Ronde van Frankrijk. Bij zijn debuut, in 2021, won hij de tweede etappe met aankomst op Mûr-de- Bretagne en Mathieu greep ook nog eens de gele trui. In de laatste meters wees hij naar de hemel, als eerbetoon aan opa Raymond Poulidor, de Franse wielerheld die in november 2019 overleed en drie keer tweede en vijf keer derde werd in de Tour, maar nooit de gele trui droeg. De jaren daarna was hij minder succesvol in de Tour. De afgelopen twee jaar cijferde Mathieu zich vooral weg voor sprinter Jasper Philipsen die hij als een superknecht naar de groene trui in 2023 en tal van ritzeges loodste. Hij geeft aan een haat-liefdeverhouding met de Tour te hebben. Aan de ene kant is het de koers waar de hele wereld naar kijkt. Maar tegelijkertijd is er veel media- aandacht en druk en zijn de belangen zo groot dat de ploegen met sprinters en de mannen voor het klassement de controle houden. Succesvolle ontsnappingen zijn spaarzaam. “Het is niet dat ik een hekel heb aan de Tour rijden, maar er zijn andere wedstrijden die ik wat leuker vind. Het is heel lastig om een verschil te maken in de Ronde van Frankrijk. Maar dat neemt niet weg dat ik altijd heel gemotiveerd ben om te proberen een etappe in de Tour te winnen. Het is me al een keer gelukt. Ik heb natuurlijk heel mooie herinneringen aan mijn eerste Tour en hopelijk slaag ik erin om nog meer etappes te winnen.” In het Sporza-interview zei hij over de Tour: “Ik rijd liever vijf koersen waarin ik meedoe om te winnen dan twintig etappes waarin ik de helft van de tijd niet meedoe voor de zege.” En: “Met Jasper erbij heb ik dan telkens wel het doel om hem aan zoveel mogelijk ritzeges te helpen. Dat vind ik leuk en het neemt ook druk bij mij weg.” Ook dit jaar zal Alpecin-Deceuninck in de vlakke Tour-etappes vooral in dienst van Philipsen rijden. “Ik hoop wel dat ik het voor mezelf beter kan doen dan vorige edities. In de eerste week liggen er kansen voor Jasper, maar ook voor individueel succes.” De Tour start met een etappe van Lille naar Lille en de kans is groot dat die rit eindigt in een massasprint en dus een kans op de gele trui voor Philipsen. Naast sprintkansen zijn er ook een paar heuveletappes in de eerste week van de Tour. Kortom: er zijn ook kansen voor Mathieu. Wie weet kan hij net als in 2021 voor een ritzege en het geel gaan. En over de Tour van 2021 gesproken: ook de Mûr-de-Bretagne is weer opgenomen in het programma, daar ligt de finish van de zevende etappe op vrijdag 11 juli.   Helden Magazine nummer 76 Het eerste gedeelte van het interview met Mathieu van der Poel komt voort uit Helden Magazine nummer 76. In deze editie van Helden siert Mathieu van der Poel siert ook de cover. Voetbal Ook is er veel aandacht voor voetbal. We gingen langs bij Justin Kluivert. Hij is voor het eerst vader geworden en is dé revelatie van de Premier League. Sem Steijn werd lang gezien als de ‘zoon van’. Bij FC Twente is hij uit de schaduw van vader Maurice getreden. Hij lijkt hard op weg naar de titel van topscorer van de Eredivisie, een transfer en – wie weet – een uitnodiging door bondscoach Ronald Koeman. Van de topscorer van de eredivisie gaan we naar de meest besproken speler. Noa Lang maakt de tongen los. Op en naast het veld. We vroegen analisten naar hun mening over de rappende voetballer. Robin van Persie keerde in februari terug bij Feyenoord. Van een rebelse tiener tot hoofdtrainer; Helden zag hem door de jaren heen transformeren. Daarnaast spraken we met de aanvoerster van de OranjeLeeuwinnen en de Ajax-vrouwen, Sherida Spitse. Ze maakt zich op voor weer een EK, terwijl ze een moeilijke periode doormaakt. Openhartig praat ze over haar scheiding van de moeder van haar twee kinderen. Verder gingen we dertig jaar terug in de tijd met Danny Blind. We blikken met de aanvoerder van destijds terug op de gewonnen Champions League én de Wereldbeker met Ajax. Nog veel meer sport Verder in deze editie vertelt Ellen van Dijk over het moederschap, een crash en de race tegen de klok om de Spelen in Parijs te halen. Max Verstappen gaat dit seizoen op voor zijn vijfde wereldtitel in de Formule 1 en dat wordt een fikse opgave in een jaar waarin hij ook voor het eerst vader wordt. Wat verwachten analisten Christijan Albers, Tom Coronel en Giedo van der Garde van Max in 2025? Carlos Alcaraz is de populairste tennisser van dit moment. Helden sprak de 21-jarige Spanjaard in een exclusief interview. Oud-honkballer Kalian Sams moest tijdens zijn loopbaan omgaan met racisme en een stalker. Hij doet zijn verhaal in het theater en hoopt jonge topsporters inzichten te geven. Als laatste laat hockeyster Felice Albers een andere kant van zichzelf zien in Heldenpraat en deelt waterpolokeepster Laura Aarts haar foto’s in de rubriek Me, My Selfie & I.

Baanwielrennen

Yuli van der Molen: kanker is kut, maar je moet zelf de slingers ophangen

Bij wielertalent Yuli van [...]
Bij wielertalent Yuli van der Molen (21) werd een jaar geleden de ziekte van Hodgkin, kanker van het lymfestelstel, geconstateerd. Een loodzware periode volgde. Inmiddels is ze hersteld, terug op de baan en de weg. Ze krijgt steun van haar neef en oud-wielerprof Niki Terpstra (40). Voor Helden Magazine nummer 75 spraken we met hen af op de wielerbaan van Sportpaleis Alkmaar in aanloop naar De Hollandse 100 in en rond Thialf, waaraan Yuli - en wellicht ook Niki - op 23 maart meedoet om aandacht te vragen voor lymfeklierkanker. Yuli van der Molen en Niki Terpstra ‘Vandaag ging ik naar het ziekenhuis voor de uitslag van de biopsie. Ik heb de ziekte van Hodgkin. Dat is kanker van het lymfestelsel. Het is heel goed te behandelen. Ik zal dit jaar van intensieve behandeling doen zoals elke race. Hard racen, de pijn accepteren, de steun langs de kant van de weg omarmen, maar bovenal zal ik de race gezond finishen.’ Het bericht verscheen op 19 januari 2024 op het Instagram-account van Yuli van der Molen, op dat moment twintig jaar oud. [caption id="attachment_20751" align="aligncenter" width="1913"] Yuli van der Molen[/caption] Haar eerste klachten verschenen bijna een jaar eerder, in februari 2023. “Ik was op trainingskamp en had op de fiets last van mijn heup en lies,” vertelt Yuli, “ook ’s nachts deed het pijn. De fysio en masseur van de ploeg gaven mij oefeningen, die hielpen maar tijdelijk. In april viel ik van mijn fiets. Vanaf dat moment werden mijn klachten erger. Ik had veel pijn, vooral ’s nachts, en kon met mijn rechterbeen geen kracht meer zetten. Ik heb een redelijk hoge pijngrens, maar zoiets had ik nog nooit gevoeld. Bij de fysio en chiropractor ben ik geweest en zelfs nog op de spoedeisende hulp beland, maar niemand kon de oorzaak vinden. Ik modderde maar en beetje aan. Na een training herstelde ik ook niet goed meer.” Niki Terpstra is een volle neef van Yuli’s moeder Esther. De vader van Esther en de moeder van Niki zijn broer en zus. Niki: “Ik beschouw Yuli als mijn nichtje, niet als mijn achternichtje. Wij zijn heel close. Ik heb nog met jou gekeken naar jouw fietspositie. We probeerden van alles, maar kregen het niet aan de praat bij je.” Yuli: “In december 2023 ging ik voor vier weken naar Spanje op trainingskamp. Ineens verscheen er een enorme bult op mijn sleutelbeen. Ik kreeg last van mijn schouder en oksel, kon mijn arm nauwelijks nog optillen. Van de apotheek kreeg ik wat zalfjes mee, maar die bult ging niet weg. In Spanje zocht ik op Google naar ‘bult op sleutelbeen’. Bovenaan de zoekresultaten verscheen ‘Hodgkin’ en ‘non-Hodgkin’. Toen begon ik me echt zorgen te maken. Tegen mijn vrienden met wie ik op trainingskamp was, zei ik: jongens, ik denk dat ik kanker heb. Ik belde mijn moeder en vertelde over die bult. Haar reactie zei genoeg.” Yuli: 'Tegen mijn vrienden met wie ik op trainingskamp was, zei ik: jongens, ik denk dat ik kanker heb. Ik belde mijn moeder en vertelde over die bult. Haar reactie zei genoeg' De geschiedenis herhaalde zich. Esther van der Molen, Yuli’s moeder, leed in 2001 ook aan kanker van het lymfestelsel. Ze had non-Hodgkin, vertelt Esther. “Ik was bij Yuli en onze jongste dochter Roanne altijd al alert op rare bulten of andere veranderingen aan hun lichaam. Ik wist meteen: dit is foute boel.” Yuli: “In Nederland ging ik naar de huisarts. Ik liet mijn bult zien en zag de schrikreactie. Ik moest meteen een echo laten maken. De arts in het VU in Amsterdam zei nog: ‘Je hoeft niet meteen te denken aan Hodgkin of non-Hodgkin, maar je bloedwaarden moeten dan wel goed zijn.’ Een uur nadat ik bloed had laten prikken werd ik al gebeld met de uitslag. Mijn ontstekingswaarden waren veel te hoog. Het kon niet zo zijn dat ik me nog zo goed voelde, was de boodschap. Een paar dagen later had ik een biopt en een scan in het ziekenhuis. De arts belde meteen: de uitslag was allesbehalve goed. In mijn onderbewustzijn wist ik al dat het mis was, maar ik had het al die tijd goed proberen te praten voor mezelf. Ik hoorde weinig aan de telefoon, kon niet meer praten, het leek of mijn keel werd dichtgeknepen. Mama nam de telefoon over.” Yuli moest meteen naar het ziekenhuis voor een gesprek met de arts. Haar ouders en oma waren mee. “Ik kon alleen maar huilen. De artsen lieten de foto’s van de scan zien. Ik schrok me kapot. Ze dachten eerst nog aan botkanker omdat er zoveel door kanker aangetaste plekken in mijn bekken te zien waren. Uit het biopt bleek toch dat het om Hodgkin, stadium 4, ging. Ik riep dat het niet kon, dat ik volgende week weer op trainingskamp moest.” Niki zag Yuli op 13 januari, een dag nadat zij de diagnose kanker had gekregen. “Onze dochter Zoey is op die dag jarig. Mijn vrouw Ramona had op 12 januari met Esther gebeld op de terugweg van die onderzoeken in het ziekenhuis. Ramona zei nog: ‘Als de arts nog niet gebeld heeft, zal het wel niet zo erg zijn.’ Dat had ze nog niet gezegd, of jullie werden al teruggebeld. Je bent alsnog naar Zoey’s verjaardag gekomen.” Yuli: “Opa en oma begon meteen te huilen toen we binnenkwamen. Daarna proostten we en gingen we taart eten.” Esther: “Zij zijn nauw betrokken geweest bij mijn ziekte en gingen alles herbeleven.” Esther kijkt Niki aan: “Jouw vader ging vaak met mij mee naar gesprekken in het ziekenhuis.” Esther belde na de diagnose van Yuli met de arts in het VUmc die ook haar behandelde. Hij liet meteen weten ook Yuli onder zijn hoede te nemen. Yuli: “Jij hebt mij veel verteld over jouw ziekte. Ik had nooit de angst om ziek te worden. Totdat die bult verscheen. Toen dacht ik meteen: dat had mama toentertijd ook. De diagnose voelde gek genoeg als een opluchting. Ik had een verklaring waarom het fietsen niet goed ging.” Koffiedrinken Yuli’s liefde voor het fietsen ontstond voor een groot deel door Niki. Niki begon zijn carrière als baanwielrenner en maakte de overstap naar de weg, waar hij zijn grootste successen beleefde. In 2014 won hij Parijs-Roubaix en in 2018 de Ronde van Vlaanderen. Hij kwam jarenlang uit voor QuickStep, waarmee hij ook nog vier keer wereldkampioen op de ploegentijdrit werd. Yuli: “Ik was kind aan huis bij jullie, hoewel jij meestal weg was voor de koers. Ik heb zo’n beetje al jouw wedstrijden gevolgd. Ik weet nog goed dat jij Parijs- Roubaix en de Ronde van Vlaanderen won. Wij keken thuis op tv. Tijdens Parijs- Roubaix was jouw zoon Luca, mijn neefje dus, bij mij. Hij gilde: ‘Daar is papa!’” Niki: “We hebben nog één keer samen gekoerst, in Binche in België.” Yuli: “Het was mijn eerste profjaar en jouw laatste. Ik keek zo tegen jou op. Mijn moeder vond wielrennen altijd stom, mijn vader had er ook niet veel mee. Ik vond het wel leuk en ben ook meteen de baan op gegaan.” Niki: “Ik hoorde op een gegeven moment dat jij fanatiek bij DTS, de Zaanlandse wielerclub, aan het fietsen was. Ik heb me in die tijd nooit met jou bemoeid, in de jeugd gaat het juist om het hebben van plezier en is het nog zo speels. Nu pas wordt het fietsen bij jou serieus. Nu ik weet wat voor niveau jij aankunt, kan ik jou ook gerichter helpen. Je fietst sowieso geregeld langs bij ons. Even koffiedrinken en weer terug.” Yuli lachend: “Dan heb ik geen zin meer en denk ik: even een plaspauze.” Niki: “Ik heb geen officiële rol in jouw wielercarrière, maar geef je wel advies. Op de baan probeer ik jou op tactisch gebied tips te geven. Dan ben ik kortaf en hard.” Yuli: “Ik vind het prima als jij kortaf bent, heb dat ook nodig. Ik neem jouw tips altijd ter harte. Jouw vader staat op dinsdagavond soms te kijken en komt dan ook geregeld naar me toe met tips.” Niki: “Mijn vader was vroeger al fanatiek, maar niet streng. Hij ging het hele land met mij door en deed dat graag voor mij, maar ik moest het niet proberen om de kantjes ervan af te lopen. Ik ben uit mezelf gaan fietsen, heb het niet van hem. Hij had ook niet per se verstand van wielrennen. Dat is een andere situatie dan waarin wij zitten. Ik durf te zeggen dat ik dat wel heb en jou goed kan helpen.” Yuli is een groot talent op de baan en maakte voor haar ziekte deel uit van de Nederlandse jeugdselectie. Ook laat ze zich zien op de weg. Ze reed in 2022 voor de opleidingsploeg NXTG van Natascha Knaven. Die ploeg ging in 2023 op in AG Insurance – Soudal. Daarmee was de vrouwentak van Soudal - Quick-Step geboren, toevalligerwijs de voormalige ploeg van Niki Terpstra met als teambaas Patrick Lefevere. Yuli: “Natascha zei enthousiast tegen Lefevere dat ik het nichtje van Niki ben. Hij reageerde heel droog: ‘Ja, Niki ken ik wel.’ Hij is een man van weinig woorden.” Niki: “Jij zat in jouw eerste jaar bij die nieuwe ploeg, wilde het graag goed doen. Je deed enorm je best, maar het ging voor geen meter. Uiteindelijk wisten we waarom.” Vlogcamera “Een aantal mensen zeiden: ‘Gelukkig is het Hodgkin.’ Daar had ik moeite mee. Ik had het gevoel dat mijn ziekte werd gebagatelliseerd. Op papier was de kanker goed behandelbaar, maar er zijn ook mensen aan doodgegaan. Na de diagnose dacht ik wel even: misschien is mijn leven binnenkort voorbij,” zegt Yuli. Ze vervolgt. “Ik kon er met mijn ouders over praten, maar wilde ook niet te veel bij hun neerleggen. Zij hadden al genoeg stress. Bij mijn toenmalige vriend kon ik veel kwijt, hij fungeerde als een soort paal waar ik tegenaan kon blijven praten. Ik zat in een achtbaan en leefde van dag tot dag. Er kwam veel op me af. Op Valentijnsdag startte mijn eerste van vier chemokuren. Een kuur duurde drie dagen. De eerste keer was de hele familie mee. Toen dacht ik nog: dit fix ik wel even.” Yuli zegt lachend tegen haar moeder: “Jullie zijn nog teruggefloten door de verpleging, hadden met zijn allen dat hele ziekenhuis op stelten gezet. Dat was niet de bedoeling. Op woensdag, donderdag en vrijdag kreeg ik chemo toegediend en op zondagavond moest ik een prik voor mijn witte bloedcellen. De artsen hadden me gewaarschuwd: ‘Als je botpijn krijgt, dan is dat een goed teken. Dat betekent dat die prik werkt.’ Het voelde alsof ik een hartaanval kreeg, zoveel pijn had ik aan mijn borstbeen. Na twee chemokuren kreeg ik een scan om te kijken of de kanker nog actief was. Als er nog activiteit te zien was, had ik zes in plaats van vier kuren nodig en eventueel bestraling. Dat was gelukkig niet het geval.” Niki: “Jouw traject was voor ons ook intens om mee te maken. We konden niks doen, voelden ons machteloos. Het was fijn om te horen dat er snel verbetering te zien was.” Yuli’s moeder legde het hele traject vast met een vlogcamera. Voor haar ziekte had Yuli al eens geopperd om de wedstrijddagen op beeld vast te gaan leggen. Dat plan zetten ze door, alleen het onderwerp veranderde. Ze openden een YouTube- kanaal: De molentjes, cancer journey Yuli. Yuli: “Mama zette geregeld de camera neer in het ziekenhuis en thuis. Dat was ook weleens vervelend, vooral als ik moest huilen. Maar ik kreeg veel positieve berichten. Mensen reageerden dat ze het mooi vonden en dat ze het knap vonden dat ik zo vrolijk bleef.” Niki: “Dat was ook zo, tijdens jouw ziekte was je meestal vrolijk en positief. Heel bewonderenswaardig.” Yuli kijkt haar moeder aan: “Wat stond er ook alweer op die tegel? ‘Kanker is kut, maar ik moet zelf de slingers ophangen,’ toch?” Esther lachend: “Klopt. Jij zei dat toen je het slechte nieuws van de arts hoorde. Een nicht van ons heeft het op een tegeltje laten zetten.” Niki: “Ik heb stukjes van jouw vlogs gezien, niet alles. Ik vond het juist helemaal niet leuk om te zien. Veel te confronterend en pijnlijk.” Yuli: “Dat hoorde ik vaker. Mijn vrienden reageerden eerst ook enthousiast, maar dan kreeg ik later een bericht dat ze waren gestopt met kijken omdat ze niet konden stoppen met huilen. Mama had het ook lekker dramatisch gemonteerd met verdrietige muziek eronder.” Uit verschillende hoeken kreeg Yuli steun. Yuli: “Na dat jaar bij Soudal ben ik overgestapt naar een nieuwe Belgische ploeg, Proximus, nu Velopro, dus veel ploeggenoten kende ik nog niet. Behalve Lisa van Belle, die afgelopen jaar brons op de koppelkoers op de Spelen won, en Lente Boskamp. Zij zijn vaak bij mij op bezoek geweest. Andere vriendinnen uit de buurt kwamen ook geregeld langs.” Door de chemotherapie verloor Yuli haar haar. Yuli: “Een week voordat ik te horen kreeg dat ik ziek was, was ik bij de kapper geweest. Ik had eindelijk mijn droomkapsel. Toen de dag van de eerste chemo dichterbij kwam, realiseerde ik me ook dat ik mijn haar zou verliezen. Ik heb niet gewacht op het moment dat het uit zou vallen, maar het er zelf afgeknipt. Het was een rotdag. Maar ik denk dat ik het nog confronterender had gevonden als die lange plukken langzaam zouden uitvallen. Het was raar om kaal te zijn en mezelf zo te zien. Ik was door de medicatie ook nog eens twintig kilo aangekomen. Ik voelde me totaal niet mezelf. Soms droeg ik een pruik, niet altijd. Een pruik zou het verschil niet gaan maken hoe ik me voelde, dus ik droeg die lang niet altijd. Ook met die kale kop ben ik gewoon naar buiten blijven gaan. Die ogen die ik op me gericht voelde als ik boodschappen deed, deden me niet heel veel.” Esther vult aan: “De hele ziekteperiode was een wirwar aan emoties. Ik weet nog dat je een keer je tanden aan het poetsen was en in de spiegel keek met je gemillimeterde haar. Je barstte in huilen uit en kon niet meer stoppen. Een half uur later maakte je alweer grapjes.” Yuli: “Ik kon het niet hebben als mensen zeiden: ‘Wat staat dat korte haar jou goed.’ Wat lul je nou, dacht ik dan, het is hartstikke lelijk. Later, toen ik weer een beetje kon sporten, afviel en mijn haar langzaam weer begon te groeien, ging ik juist vaker een pruik dragen, omdat ik me weer een beetje mezelf begon te voelen. Mijn familie heeft toen ook een cancer free party voor mij georganiseerd. Mama wilde een nieuwe pruik met me uitzoeken. Ze vroegen of ik ambassadeur van dat pruikenmerk wilde worden. Nu draag ik geen pruik meer. Mijn haar groeit goed, maar is nog wel kort. Ik heb het een paar keer laten invlechten, over een paar weken moeten de vlechten eruit en dan laat ik het zoals het is.” Camping “Ik vind het heel knap hoe jij alles hebt doorstaan. Toen de behandelingen afgerond waren, zat je meteen weer op de fiets. Ik zei: zou je het niet een beetje rustig aan doen, fietsen is niet belangrijk. Maar jij wilde per se weer trainen. Het is verbazingwekkend hoe goed het nu alweer met je gaat,” zegt Niki. In mei waren alle behandelingen afgerond en hoefde Yuli ook geen medicatie meer te slikken. Yuli: “Ik wilde er weer vol voor gaan, had ook geen pijn meer op de fiets. Ik begon meteen een strak schema te volgen. Dat was achteraf te snel. In mijn hoofd kon ik dat, in de werkelijkheid was ik daar lichamelijk helemaal nog niet klaar voor.” Niki: “Wij zagen dat ook. In de zomer ben je met ons mee geweest op vakantie. We gingen met de camper naar Frankrijk en Italië, waar ik een gravelwedstrijd zou rijden. Dat waren de eerste weken dat je weer op de fiets zat sinds jouw ziekte.” Yuli: “Ramona vertelde over jullie vakantieplannen en vroeg: ‘Ga je mee?’ Ik stemde toe, en een half uur later zei ze: ‘We gaan trouwens met de camper...”’ Niki lachend: “Ja, jij bent een luxepaardje... Ik fietste heel veel, jij ging ook geregeld mee. Maar ik wilde dat het voor jou als een vakantie voelde, niet als een verkapt trainingskamp.” Yuli: “Met jou en met Ramona heb ik in Frankrijk veel gepraat. Jij zei dat ik weer moest gaan fietsen voor mijn plezier, onbevangen, en dingen moest doen die ik leuk vond. Nadat je dat nog een paar keer had herhaald, dacht ik: misschien heb je gelijk. Toen ik thuiskwam, heb ik een maand mijn fiets niet aangeraakt. Ik was zo moe.” Niki: “Ik zag dat het trainen je tegenwerkte. Je verscheen ook alweer aan de start van een wedstrijd. Dat werd een teleurstelling, logisch ook. Ik zei: je moet eerst zorgen dat je eraan toe bent om weer aan de start te staan en dat kan best een lang traject worden. Ik herkende het van mezelf. Na een zware blessure, en dat staat natuurlijk in schril contrast met wat jij hebt meegemaakt, wilde ik vaak ook te snel weer door.” Yuli: “De arts had gezegd dat ik me in augustus beter zou voelen. Dat had ik iets te letterlijk genomen. Ik mocht weer fietsen, maar hoe ik dat precies moest opbouwen, wist die arts natuurlijk ook niet. Ze houden nu nauwlettend mijn hart in de gaten. In de zomer was mijn hartslag nog veel te hoog. Als ik met vrienden ging fietsen, waarvan veel meedoen in de World Tour, kon ik nog niet meekomen. Als hun hartslag in een training op 113 zat, was die van mij 180. Vanaf septem- ber ging ik met een nieuwe trainer aan de slag en ging het snel de goede kant op.” Kreeft Om Yuli’s nek hangt een kettinkje waarop in gouden letters Cancer staat. Een cadeautje van haar moeder. Yuli: “Jij had het gezien bij een meisje op TikTok die ook Hodgkin heeft gehad en vond het mooi. Soms denken mensen dat het om mijn sterrenbeeld gaat en zeggen: ‘Wat leuk, ik ben ook Kreeft.’” Esther: “De verpleging vroeg ook geregeld: ‘Is dat sarcastisch bedoeld?’” Yuli: “Dat is het ook wel een beetje.” Haar ziekte heeft Yuli veranderd, beaamt ze. “Vroeger als ik een pijntje had of verkouden was, dan ging ik niet trainen. Nu denk ik: ik ga gewoon. Door alles wat ik heb meegemaakt, kan ik meer aan. Soms hoor ik een wielrenner zeggen: ‘Ik was ziek en heb een week niet kunnen trainen. Daarom reed ik niet goed.’ Dan denk ik: ik was ook ziek, heb een half jaar niet kunnen trainen en rij jou alsnog voorbij.” Niki: “Je zet enorm door in een wedstrijd, meer dan voorheen. Ik zie in jouw mentaliteit een verandering. Je gaat dieper, doet meer moeite dan voor jouw ziekte.” Bij de Zesdaagse in Ahoy in december liet Yuli voorzichtig weer haar oude niveau zien. Ze won twee onderdelen, een puntenkoers en een temporace. Yuli: “En het NK Omnium in Alkmaar daarna ging ook niet slecht. Collega’s zeggen nu al: ‘Yuli moeten we in de gaten houden, die is weer bijna in vorm.’ Ik ben nog lang niet in vorm, maar ik vind het grappig dat mensen blijkbaar toch bang voor mij zijn. Ik voel nog geen druk, maar als ik aan de start sta, dan wil ik winnen en raak ik gefrustreerd als het niet lukt.” Niet alleen fysiek, ook mentaal is er nog werk aan de winkel, zegt Yuli. “Ik heb met Ramona een paar keer een mental coaching sessie gehad. Zij doet dat met behulp van paarden. Het hielp me na mijn ziekteproces, maar vooral bij het fietsen. Ik moest bepaalde opdrachten doen, zodat ik anders ging denken en dingen beter kon ordenen in mijn hoofd. Ik ben ook van plan om naar een psycholoog te gaan om mijn ziekte gerichter te kunnen verwerken. Ik wil mijn lichaam weer kunnen vertrouwen. Ik heb iedere drie maanden bloedcontroles, die geven mij wel rust, maar vooralsnog sta ik bij ieder pijntje huilend voor mama.” Yuli kijkt Esther aan: “Ik wil jou ook ontlasten. Een paar jaar geleden heb jij ook nog borstkanker gekregen. Dat traject had je net afgesloten. Nu kon je door mij weer opnieuw beginnen aan alle ellende.” Jenning de Boo Tijdens Yuli’s ziekte klopte ook Stichting Lymph&Co bij haar aan. De stichting vraagt aandacht voor lymfeklierkanker en gebruikt honderd procent van alle donaties voor financiering van wetenschappelijk onderzoek naar betere en effectievere behandelingen. Yuli: “Mijn moeder lijkt soms ook wel mijn manager. De stichting had haar benaderd om samen geld op te halen voor lymfeklierkanker. Ik ben officieel nog geen ambassadeur, hoop dat ik dat mag worden.” Niki: “Jij past zo goed bij de stichting, omdat jij als topsporter geen standaardbehandeling hebt gehad.” Yuli knikt: “In de standaard chemokuur zitten bepaalde middelen die je zenuwen en longen aantasten. Die zijn er bij mij uitgehaald. De artsen hebben mij een zo kort en zo intensief mogelijke behandeling voorgeschreven. Maar ik was geen proefkonijn, hoor.” Niki lachend: “Wel een testversie.” Yuli: “Deze behandeling wordt nog niet vaak gegeven in Nederland, wel in Duitsland en Amerika. Waarom, weten we niet. Waarschijnlijk om financiële redenen, maar dat hebben we er zelf van gemaakt.” Niki: “Als je ziet hoe goed de behandeling heeft gewerkt bij jou, dan zouden meer mensen daar recht op moeten hebben. Dat is waar Lymph&Co zich hard voor probeert te maken.” Ook Niki droeg al zijn steentje bij aan de stichting. Niki: “Ik heb maar een kleine rol kunnen spelen, hoor. Ik ben op een fundraiser geweest op het Circuit van Zandvoort, waar ik een groep mocht begeleiden en waar later op de dag een veiling werd gehouden. Eén verkocht veilingitem was een wielerclinic van mij.” Op 23 maart doet Yuli mee aan De Hollandse 100 in Thialf. Deelnemers gaan tien kilometer schaatsen en negentig kilometer fietsen. Doel is om donaties binnen te halen voor onderzoek naar lymfeklierkanker. Yuli: “Over dat fietsen maak ik me niet zo’n zorgen, maar dat schaatsen... Tien kilometer is lang, hoor. Ik zei nog tegen de stichting: ik kan helemaal niet schaatsen. Ze antwoordden: ‘Oké, dan gaan we proberen of je een lesje kan krijgen van Jenning de Boo.’” Lachend: “Dat verzoek ligt nu bij zijn management. Er wordt nog gekeken of het past in onze volle agenda’s” Niki: “Ik heb nog niet in mijn agenda gekeken, maar ik denk dat ik er wel bij ben op 23 maart. En dan doe ik ook mee. Ik ga niet aan de kant staan kijken.” Yuli: “Mensen kunnen zich inschrijven in mijn team, Team Yuli Speed on Wheels, en een donatie doen.” McDonald's Het leven lacht Yuli langzaam weer toe. Yuli: “Op lange termijn hoop ik dat ik in de World Tour kan uitkomen en van wielrennen mijn beroep kan maken. Ik wil me ook op de baan verder ontwikkelen. Mijn droom is om me als baanwielrenner te kwalificeren voor de Spelen in 2028.” Niki: “Het fietstalent heb je. Als je het doorzettingsvermogen houdt dat je nu hebt, dan komt het wel goed. Je kan nog meer voor het wielrennen gaan leven en daar help ik jou graag bij. Ik volg jou op Instagram, maar dat geeft soms een vertekend beeld. Als je één keer per week naar de McDonald’s gaat, maar je zet wel elke keer die foto erop, dan lijkt het net alsof je daar altijd eet. Dat zeg ik dan ook tegen jou. Nu zie ik je op Instagram vooral veel fietsen, ook als het slecht weer is. Dat geeft een heel ander beeld.” Niki zette in 2022 een punt achter zijn professionele wielercarrière. Inmiddels heeft hij zijn eigen podcast, hij fietst geregeld gravelwedstrijden en vervult een belangrijke rol voor Sportpaleis Alkmaar. Niki: “De gemeente twijfelde aan de toekomst van de baan, omdat er geen wedstrijden meer werden gehouden. Daarop hebben wij met een groepje, met onder andere oud-profs Laurens ten Dam en Reinier Honig, besloten dat we voor meer reuring willen zorgen. We organiseren nu iedere dinsdag wedstrijden. Alle trainingen en wedstrijden worden drukbezocht. Die baan moet blijven. Mijn leven als oud-wielrenner bevalt goed, maar ik heb het drukker dan toen ik nog prof was.” Yuli: “Als ik mensen vertel dat ik jouw nichtje ben, dan krijg ik altijd een reactie van ongeloof. Jij bent ook gewoon een mens, hoewel jouw palmares heel bijzonder is. Ik ben er trots op dat wij familie zijn, maar ik word nooit met jou vergeleken. Je bent zo’n grote renner geweest. Ik blijf bij je aankloppen, hoor.” Helden Magazine editie 75 Het eerste deel van het dubbelinterview met Yuli van der Molen en Niki Terpstra komt uit Helden Magazine nummer 75. Voor de eerste editie van 2025 maakte Frits Barend een rondje langs de velden. Hij merkte dat iedereen lyrisch is over de trainer van Liverpool, Arne Slot. “Ik vind Arne fantastisch,” aldus Guus Hiddink. Voetbal Maar Slot is niet de enige Nederlander die schittert in de Premier League. Micky van de Ven, een paar jaar geleden nog speler bij FC Volendam, is nu een publiekslieveling bij Tottenham Hotspur. Hij deelt zijn verhaal over de weg naar de top. Ook spraken we met Wout Weghorst, voormalig speler van Burnley en Manchester United. De huidige spits van Ajax roept zowel bewondering als kritiek op. “Het stempel ‘rare gozer’ drukt op mij, en dat gaat ook nooit meer veranderen,” vertelt Weghorst openhartig. Schaatsen In deze wintereditie is er uiteraard ook aandacht voor schaatsen. Jenning de Boo en Kjeld Nuis zijn niet alleen ploeggenoten, maar ook goede vrienden. Tijd voor een uitgebreid dubbelinterview met het razendsnelle duo. Daarnaast zetten we Angel Daleman in de spotlight. Ze is slechts zeventien jaar, maar blinkt al uit als zowel shorttracker als langebaanschaatsster. Iedereen loopt met haar weg. In een interview praat Angel over haar mentor Ireen Wüst, haar tatoeages en de moeilijke keuzes die ze moet maken. Tennis Naast schaatsen lees je ook een bijzonder interview met Wesley Koolhof. Tijdens de Davis Cup, eind vorig jaar, nam hij afscheid van het professionele tennis. Als voormalig nummer één van de wereld in het dubbelspel kijkt hij terug op een indrukwekkende carrière. Hij vertelt openhartig over het gemis van een rol in de historische finale tegen Italië. Het mannentennis kent daarnaast een nieuwe rivaliteit die de sportwereld in zijn greep houdt. Richard Krajicek, toernooidirecteur van het ABN AMRO Open, laat zijn licht schijnen op de opkomst van Jannik Sinner en Carlos Alcaraz. Beide jonge tennissterren komen dit jaar naar Rotterdam en lijken de komende jaren het mannentennis te gaan domineren. Verder in Helden 75 Paralympisch snowboarders Lisa Bunschoten en Chris Vos zijn sinds deze zomer trotse ouders van dochter Jane. “Ons goud ligt in de Maxi-Cosi,” zeggen ze met een glimlach. LeBron James en zijn zoon Bronny vormen een historisch duo in de NBA bij de Los Angeles Lakers. In dit familieportret krijg je een uniek inkijkje in hun leven. En nog veel meer inspirerende verhalen!