Word abonnee
Meer

skiën

Skispringer Matti Nykänen: van nationale held naar de gevangenis

Als skispringer vloog Matti Nykänen naar grote hoogten en [...]
Als skispringer vloog Matti Nykänen naar grote hoogten en won hij nagenoeg alles. Maar eenmaal terug op aarde, in de normale maatschappij, viel de Finse sportlegende zo diep dat het een wonder is dat de viervoudig olympisch kampioen er niet aan onderdoor is gegaan. Ondanks alle problemen, mede veroorzaakt door overmatig drankgebruik, blijven ze in Finland van hem houden. Finse grootheid Wie het Finse sportmuseum in Helsinki binnenloopt, kan er niet omheen. De vijf medailles van Matti Nykänen, behaald op de Olympische Winterspelen van Sarajevo (1984) en Calgary (1988). Ze liggen, met de linten keurig opgevouwen, meteen links na de ingang in een enorme glazen bekisting. Dat juist zijn plakken - vier gouden en één zilveren - op de meest prominente plek van het museum liggen is niet zomaar. Het is een eerbetoon aan misschien wel de grootste sportman die Finland ooit heeft gekend. Want hoe bijzonder de prestaties van de autocoureurs Mika Häkkinen en Kimi Räikkönen, beiden ooit wereldkampioen in de Formule 1, en topvoetballer Jari Litmanen ook zijn, zij staan ver in de schaduw van Nykänen, zo blijkt na een korte rondgang door het museum. Waarom heeft de skispringlegende anders bijna een hele hoek tot zijn beschikking, terwijl Häkkinen, Räikkönen en Litmanen een vitrinekast moeten delen? Volgens Evert ten Napel, die namens Studio Sport tientallen jaren het commentaar bij het skispringen verzorgde, is dat niet zo raar. “Onderschat Nykänen niet, hè,” zegt Ten Napel over de man wiens afbeelding in zowel Finland als Noord-Korea op een postzegel staat. “Bij ons mag hij misschien niet zo heel erg bekend zijn, maar neem van mij aan: hij is een absolute grootheid, zeker in Finland. Die heeft daar zo’n beetje dezelfde status als Ard Schenk en Sven Kramer bij ons. Ja, in die categorie moet je echt denken.” Ten Napel kan het weten. Hij heeft de inmiddels 52-jarige Nykänen in de jaren tachtig en negentig geregeld vanaf zijn commentaarpositie voorbij zien vliegen op een manier zoals maar weinigen dat konden. Want hoe het de Fin in 1985 lukte om als eerste persoon ooit de magische barrière van 190 meter te doorbreken, dat neigde toen gewoon naar tovenarij. “Ik vergeleek Nykänen altijd met de Italiaanse slalomspecialist Alberto Tomba,” vertelt Ten Napel, “en dat deed ik natuurlijk niet zomaar. Als Tomba aan de start verscheen, wist je namelijk dat je moest opletten. Er ging wat gebeuren. Of het ging volledig mis, of je was getuige van een wonderbaarlijke race. Met Nykänen was dat precies zo.” Dat zijn sprongen, net als de afdalingen van Tomba, vaker subliem waren dan slecht wordt wel duidelijk na het lezen van de plaquette die naast de vijf medailles hangt. Het doet bijna onwerkelijk aan, zoveel won hij. Zo piekte Nykänen niet alleen in Sarajevo en Calgary - waar hij samen met de gouden Yvonne van Gennip de succesvolste sporter van de Spelen was - maar behaalde hij tussen 1981 en 1991 ook onder meer zes wereldtitels en 46 wereldbekerzeges en werd hij tweemaal winnaar van het prestigieuze Vierschansentoernooi. Kwade dronk Ook dat is geen toeval, meent Ten Napel. “Natuurlijk, Nykänen had talent. Laat daar geen twijfel over bestaan. Maar het is niet zo dat het ’m is komen aanwaaien. Integendeel, als kind trainde hij zich al uit de naad en stond hij dagelijks op een schansje van tien meter bij hem in de buurt. In al die jaren heeft hij daar wel duizenden sprongen gemaakt. Dat deed hij niet alleen omdat hij dat leuk vond, hij deed dat ook omdat hij de beste van de wereld wilde worden. En dat is ’m meer dan gelukt.” Maar hoe wonderlijk Nykänen als sporter was, des te merkwaardiger was hij als persoon. “En heel excentriek,” herinnert Ten Napel zich nog. “En zwijgzaam. Het had dan ook geen enkele zin om hem aan te spreken als hij toevallig langs me liep. Dat hadden mijn Finse collega’s me allang ingefluisterd. Hij zei toch nooit wat terug, laat staan dat hij een interview wilde geven. Hij was altijd in zichzelf gekeerd, heel stil.” Schreeuwend waren wel de enorme koppen die bijna dagelijks over hem op de voorpagina van de tabloids stonden. Dat die ondertussen niet alleen meer over zijn geweldige prestaties gingen, maar vaker over zijn wangedrag, dat was geen verrassing meer. Want als Nykänen dronk, was hij niet meer te houden. Zijn biograaf Egon Theiner zei later niet voor niets dat Nykänen twee gezichten had: nuchter was hij de allerliefste man op aarde, maar met drank op werd hij ineens heel agressief en gevaarlijk. Dat bleek wel in 2002 toen hij na een verloren potje armpje drukken en na veel drank een mes in de rug van een vriend plantte. Zelf ontkende Nykänen het, maar de rechter vond zoveel bewijzen dat hij een gevangenisstraf van twee jaar kreeg opgelegd. Dat hij een paar jaar later opnieuw de cel in moest – hij had zijn vrouw op kerstavond 2009 met een keukenmes en een riem bewerkt – verbaasde dan ook niemand. Dorpsgek De vergelijking met een dorpsgek, een ongeleid projectiel die niet met de successen en roem kon omgaan, werd dan al snel gemaakt. Zeker omdat de zoon van Jyväskylä na zijn loopbaan opdook in de meeste wonderlijke settings, variërend van stripper, volkszanger tot politicus. Hij werd zelfs even het gezicht én de stem van een hitsige sekslijn. Maar hoe dwaas en onzinnig zijn acties ook leken, zelf zag hij dat beduidend anders. Volgens hem kwam dat omdat hij nooit heeft kunnen wennen aan zijn nieuwe leven. ‘Na al die jaren had ik ineens geen structuur meer,’ zo liet hij optekenen in zijn biografie Matti. ‘Bovendien merkte ik dat de normale maatschappij een totaal andere wereld is dan de skiwereld. En daarmee kon ik maar moeilijk overweg.’ Dat Nykänen met smart terugverlangde naar zijn oude leventje bleek wel in de aanloop naar de Olympische Spelen van Sochi, toen hij een heuse comeback overwoog. Met een versleten lichaam en een paar kilo extra om de heupen won de Fin weliswaar goud bij het officieuze WK voor veteranen, maar een rentree op het allerhoogste niveau was iets te veel van het goede. Een sprong van een dikke dertig meter mag dan wel in het veteranencircuit een unieke prestatie zijn; maar dat geldt niet als je kanonnen als Peter Prevc, Kamil Stoch en Anders Fannemel wilt verslaan, de nieuwe generatie die inmiddels gemakkelijk een afstand van liefst 250 meter haalt. Voor Nykänen rest niets anders meer dan herinneringen. Want de medailles die in het Finse sportmuseum hangen, op een kleine sprong van de plek waar de langeafstandsloper Emil Zátopek op de Zomerspelen van 1952 sportgeschiedenis schreef, zijn inmiddels niet meer van hem. Wegens torenhoge schulden heeft hij die ooit moeten verkopen. Triest, aldus Ten Napel. “Maar kennelijk hoort dat allemaal bij het heldendom. Wat dat betreft kan hij zo in het rijtje George Best en Paul Gascoigne. Al doe je Nykänen daarmee wel tekort, vind ik. Hij is weliswaar volledig ontspoord en het valt natuurlijk niet goed te praten wat hij heeft gedaan en waarvoor hij is veroordeeld. Maar dat neemt niet weg dat hij een geweldige sportman was. Eentje die echt heel veel heeft gewonnen. Zo zal ik hem dan ook blijven herinneren.” Dat doen de Finnen ook. Want om hem nu ineens te laten vallen, dat nooit. Daarvoor hebben ze al die jaren te veel van hem genoten. Dat de inmiddels vadsige Nykänen - die tegenwoordig met zijn zesde vrouw in Oulu woont waar hij aan de weg timmert als tv-kok - een paar jaar terug bij de première van zijn eigen film laveloos over de rode loper liep, maakte niemand in Finland dan ook wat uit. Meer lezen? Femke Kok: 'Mensen denken: ze doet het wel even' Kimberley Bos: the Boss Joy Beune: 'Ik denk nog steeds: dit is een grap'

Shorttrack

Xandra en Michelle Velzeboer: van zussen naar concurrenten

Xandra en Michelle Velzeboer zijn [...]
Xandra en Michelle Velzeboer zijn zussen, teamgenoten, concurrenten én houden een familienaam in het shorttrack hoog. Xandra (24) heeft al acht wereldtitels en olympisch goud op de aflossing. En reed al naar individueel goud in Milaan. Michelle (22), tweemaal wereldkampioen op de aflossing, maakt zich op voor haar olympisch debuut. Wij spraken voor Helden Magazine nummer 80 met ouders Marc en Carianne, tantes Monique en Simone en oom Alex, en legden tien uitspraken van hen aan de zussen voor. Xandra en Michelle Velzeboer “Het wordt nu veel professioneler aangepakt dan vroeger. Wij trainden ook twee keer per dag, maar voor mijn gevoel was dat vrijblijvender. Wij kunnen ze bijna niet meer zien; alles wordt afgeschermd. Met kerst hadden ze zelfs een heel hygiëneprotocol. In mijn tijd ging dat heel anders. Ik zat gewoon op kamers en deed er van alles naast. Ik vraag me weleens af: hoe is dat voor hen?” Tante Simone Velzeboer, voormalig shorttrackster. Ze nam deel aan de Spelen van Calgary in 1988 en Albertville in 1992. Xandra lachend: “Zo klinkt het wel heel dramatisch. Sinds corona zijn er inderdaad anti-infectieprotocollen. In de winter heersen er zoveel virussen. Als topsporter wil je verkoudheden voorkomen. De kerstperiode zat redelijk dicht op de Spelen, vandaar dat hygiëneprotocol.” Michelle: “Onze ouders vierden kerst met de hele familie. Dat was wat ingewikkelder voor ons. Maar de voorgaande jaren hebben we wel gewoon kerst gevierd met de hele familie hoor, alleen afgelopen keer was het anders vanwege de Spelen.” Xandra: “Het is ook niet zo dat we nu niemand zien, in tegenstelling tot de Spelen in Beijing vier jaar geleden. Door corona zagen we toen echt helemaal niemand.” Michelle: “Wij hebben de sport nooit beleefd op de manier van Simone. In haar tijd moest je er wel naast werken of studeren om het te bekostigen. Wij hebben het geluk dat we er een salaris aan overhouden.” Xandra: “Wij studeren er ook naast, zitten allebei bij de Open Universiteit en voelen gelukkig niet echt tijdsdruk. Ik studeer Milieu- & Natuurwetenschappen, al gaat dat heel langzaam. Fulltime studeren naast het shorttracken zou nu niet meer kunnen.” Michelle: “Vroeger deden ze dat wel. Papa woonde zelfs gewoon nog in Wageningen en reed heen en weer naar Zoetermeer. Ik studeer Psychologie, het is fijn dat alles online kan.” Jullie tantes Simone en Monique zeiden dat het contact wat minder is dan vroeger. Xandra: “We hebben inderdaad een druk schema, zien elkaar niet veel. Maar ze zijn heel betrokken.” Michelle: “Vroeger gingen we altijd naar verjaardagen. Nu we ouder zijn, hebben we meer ons eigen leven. Onze neven en nichten, de kinderen van Monique en Simone, zien we ook minder. Maar als we elkaar zien, is het hartstikke leuk.” Xandra: “Bij wedstrijden worden er berichtjes gestuurd in onze groepsapp.” Michelle: “En krijgen we ook apart nog berichtjes van oom Alex, Monique en Simone.” Medaille-alarm Tijdens de Winterspelen gaan we los met onze grootste kortingsactie ooit. Bij elke medaille van een Nederlandse atleet hoort een beloning voor jou. Doe mee en profiteer direct.Zo werkt het: 🥇 Goud 50% korting op een jaarabonnement Vijf nummers voor slechts €22,50 🥈 Zilver Vraag een gratis editie aan van HELDEN, Formule 1 Magazine, Fiets of Procycling 🥉 Brons 20% korting + gratis verzending op een nummer naar keuze ⏰ Let op: elke actie is slechts 24 uur geldig. 👉 Houd onze Instagram Stories in de gaten en mis geen medailledeal.

Tennis

Tallon Griekspoor: ‘Mijn beste jaren moeten nog komen’

Tallon Griekspoor is al een tijd lang de beste tennisser [...]
Tallon Griekspoor is al een tijd lang de beste tennisser van Nederland. Hij sloot het jaar af als nummer 25 van de wereld, won in 2025 zijn derde ATP-titel. Dit jaar viert hij zijn dertigste verjaardag en doet hij voor de negende keer mee aan het hoofdtoernooi van het ABN AMRO Open (7-15 februari) in Rotterdam. Voor nummer 80 van Helden Magazine spraken we met Tallon. “De top twintig is zeker een doel in 2026.” Tallon Griekspoor Richard Krajicek “Ik heb al een aantal jaren te maken met Richard in zijn rol als toernooidirecteur van het ABN AMRO Open, maar bij Richard denk ik toch in de eerste plaats aan zijn Wimbledon-titel uit mijn geboortejaar 1996. Ik ben geboren op 2 juli, was een paar dagen oud toen hij als eerste en nog altijd enige Nederlander een Grand Slam-titel won. Richard is voor mij altijd een voorbeeld geweest, hoewel ik hem nooit in het echt heb zien spelen. Richard had een big serve, speelde vaak service-volley. Zijn manier van spelen zie je niet meer zo vaak in deze tijd.” Tallon Griekspoor behoort bijna tot het meubilair tijdens het ABN AMRO Open. Hij maakt in februari, bij de 53ste editie, voor de negende keer zijn opwachting in het hoofdtoernooi. “Dat ik al zo vaak mee heb gedaan in Rotterdam, heb ik ook te danken aan Richard. Hij heeft me in het begin vaak een wildcard gegeven. Geweldig hoe hij en het toernooi mij altijd hebben gesteund. Het ABN AMRO Open is voor mij een van de mooiste toernooien – zo niet het mooiste toernooi - van het jaar. Ik speel helaas niet heel vaak in eigen land. Het is schitterend om de steun van het thuispubliek te voelen en te weten dat veel vrienden en familie op de tribune zitten.” Spelen voor eigen publiek maakt sowieso extra krachten los bij Tallon. Hij won in 2023 het grastoernooi van Rosmalen, dat betekende destijds zijn tweede ATP-titel. In de Davis Cup stijgt hij ook vaak boven zichzelf uit. Sterker, hij verloor nog nooit op Nederlandse bodem als hij voor het Nederlands team uitkwam. En wat het ABN AMRO Open betreft: het vertrouwen beschaamde Tallon nooit in Rotterdam. In 2023 en 2024 reikte hij tot de halve finale in Ahoy. Beide keren moest Jannik Sinner eraan te pas komen om hem te stoppen. “Ja, het is een mooi huwelijk tussen Rotterdam en mij. De grootste overwinningen aan het begin van mijn loopbaan boekte ik bijna allemaal in Rotterdam.” Zijn naam zou niet misstaan op de boarding met toernooiwinnaars. Tom Okker (1974), Richard Krajicek (1995 en 1997) en Jan Siemerink (1998) zijn de drie Nederlanders die ooit het ABN AMRO Open wonnen. “Het is een heel grote droom dat mijn naam daar ook tussen komt te staan. Het ‘probleem’ van Rotterdam is dat het zo’n ongelooflijk sterk bezet toernooi is. Dat ik daar twee keer de halve finale heb bereikt, is eigenlijk al heel bijzonder.” Botic van de Zandschulp en Jesper de Jong “Botic is een jaar ouder dan ik en we hebben hetzelfde traject doorlopen. We zijn bijna op hetzelfde moment de top honderd binnengekomen en daarna allebei richting plek twintig op de ranking gegaan. We hebben ook jarenlang samen Davis Cup ge- speeld. Die relatie is ook een periode wat minder geweest, toen we elkaar juist veel meer zagen als concurrenten. De laatste ja- ren is onze band juist heel erg goed. We zien elkaar als collega’s, zijn er om elkaar te helpen en beter te maken. Als we allebei in Nederland zijn, trainen we vaak samen, hebben geregeld contact. Over tenniszaken, maar ook over andere dingen. Als hij mijn ad- vies wil, weet hij mij te vinden. En andersom. Toen ik afgelopen jaar met het plan liep om me af te melden voor de Davis Cup heb ik mijn twijfels eerst met Botic besproken. Hij was de enige die wist dat ik me af ging melden. En Botic heeft het er met mij over gehad dat het leven als tennisser hem af en toe zwaar valt. Ik denk dat het mij wat makkelijker afgaat, kan er ook iets meer van genieten wat we allemaal meemaken. Ik denk dat het gewoon een karakterdingetje is. Botic lijkt iets strenger voor zichzelf. Hij is een geweldige tennisser en ik ben ervan overtuigd dat hij terug kan komen op zijn allerbeste niveau.” Van de Zandschulp sloot het jaar af als nummer 77 van de wereld, de 25-jarige De Jong als nummer 76. “Jesper heeft afgelopen tijd de stap naar de top honderd gemaakt, is een paar jaar jonger. Ik heb hem veel minder vaak gezien bij toernooien. We trainen ook af en toe met elkaar, maar de band is toch anders dan die met Botic, met wie ik zoveel heb meegemaakt.” Helden Magazine nummer 80 Het eerste deel van het interview met Tallon Griekspoor komt uit Helden Magazine nummer 80. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Benieuwd naar de nieuwsbrief? Schrijf je hier in. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: Jorinde van Klinken stapt uit de schaduw

De atletiek in Nederland zit al jaren in de lift. Met [...]
De atletiek in Nederland zit al jaren in de lift. Met voorheen Dafne Schippers en nu Sifan Hassan, Femke Bol, Abdi Nageeye, Nadine Visser en Lieke Klaver aan boegbeelden geen gebrek. Maar zij blinken – en blonken – uit op de loopnummers. Er zijn nóg twee vrouwen die er wat van kunnen, maar hun knappe prestaties bleven lange tijd een beetje onderbelicht. Zij komen namelijk uit op de ‘werpnummers’. Bij de WK in Tokio traden ze echt uit de schaduw. Jessica Schilder won goud bij het kogelstoten en werd gekozen als Sportvrouw van het Jaar bij het jaarlijkse sportgala. Discuswerpster Jorinde van Klinken – ook kogelstootster overigens - pakte zilver, het was de eerste WK-medaille van een Nederlandse in die discipline. Met haar worp van 67,50 meter hoefde ze alleen de Amerikaanse Valarie Allman voor zich te dulden. Jorinde pakte haar kans toen ze voor de camera van de NOS stond. Ze stelde: “Als ik eruit zou zien als een poppetje, had ik al een miljoenencontract.” Het ijzer smeden als het heet is, dat is de 25-jarige atlete wel toevertrouwd. Bij het sportgala verklapte ze dat haar opmerking ervoor had gezorgd dat sponsors haar weten te vinden. Ze won dus zilver met een gouden rand.  

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: de estafettemannen schrijven historie

Nsisak Ekpo, Elvis Afrifa, Taymir Burnet en Xavi Mo-Ajok [...]
Nsisak Ekpo, Elvis Afrifa, Taymir Burnet en Xavi Mo-Ajok zorgde voor een flinke verrassing op de WK atletiek van afgelopen zomer. De estafetteploeg plaatstte zich als laatste voor de finale, maar kwamen als derde over de finishlijn op de 4x100 meter estafette. Ze pakte niet alleen een medaille, maar waren met een tijd van 37,87 seconden sneller dan ooit en verbraken zo ook het zes jaar oude Nederlandse record. Slotloper Afrifa was tijdens de laatste etappe zelfs sneller dan het Amerikaanse sprintfenomeen Noah Lyles, die desondanks wel met de Amerikaanse ploeg goud won. "Toen ik het stokje kreeg, zag ik dat we derde lagen", zei Afrifa. "Toen was het voor mijn leven naar de finish rennen. Ongeloof, euforie, alles van het hele jaar is er nu uitgekomen” vertelde hij voor de camera van de NOS.

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: het Jessica Schilder-effect

2025 was voor Jessica Schilder een jaar om nooit te [...]
2025 was voor Jessica Schilder een jaar om nooit te vergeten. Ze stootte haar kogel nog nooit zover als dit jaar. Het leverde haar een goud op het WK outdoor, zilver op de EK en zilver op de WK indoor op. Ook werd ze door de atletiekbond verkozen tot atlete van het jaar. “Geweldig dat het zo goed gaat met de atletiek in Nederland. Dat ze mij bestempelen als ‘de Femke Bol van het kogelstoten’ vind ik een groot compliment. Of ze Femke straks de Jessica Schilder van de 400 meter hordenlopen moeten noemen? Nee, daar doen we Femke echt te kort mee. Ik heb al een paar keer op een poster gestaan van European Athletics. Ik, als kogelstootster, hoe mooi is dat? Bij de FBK Games en de EK indoor in Apeldoorn werd er echt even gewacht totdat ik mijn kogel had gestoten voordat het programma van de andere atletieknummers weer doorging. Ik wist: nu is alle aandacht op mij gericht. Het geeft enerzijds een kick, maar tegelijkertijd zorgt het voor extra druk. Bij de EK in Apeldoorn heb ik laten zien dat ik onder die druk heel goed kan presteren. Voor mijn gevoel zat heel Nederland, inclusief de koning, in de zaal en ik stootte beter dan ik ooit had gedaan. Wat ik ook echt heel leuk vind, is dat ik ook steeds meer jonge meiden naar Papendal zie komen om zich te concentreren op de werpnummers. Of dat het Jessica Schilder-effect is? Nou, dat weet ik niet, hoor. Maar die talenten help ik natuurlijk graag. Als ik zo’n meisje met een kogel in de hand zie, denk ik geregeld: dat is net een kleine Jessica, gaat zij op een dag mijn Nederlands record verbreken?”

Atletiek

Dé sportmomenten van 2025: Femke Bol zwaait af met goud

 Femke Bol liep ook dit jaar als een gazelle over de [...]
 Femke Bol liep ook dit jaar als een gazelle over de atletiekbaan. Alle races op ‘haar’ 400 meter horden won ze. In de WK-finale in Tokio was ze oppermachtig. Ze won haar tweede wereldtitel op die discipline. Daarnaast won ze ook nog zilver op de gemengde 4x400 meter estafette en brons op de 4x400 meter estafette voor vrouwenteams. Vanwege die prestaties werd ze voor de derde keer gekozen als Europees atlete van het jaar.  In Femke – die dit jaar ook nog een huwelijksaanzoek kreeg van haar Belgische vriend Ben Broeders en een kinderboek met de titel ‘Go Femke! Team TOFF gaat ervoor!’ uitbracht - zit ook dat ze uitgedaagd wil blijven worden. Waar anderen in haar plaats nog jarenlang de medailles binnen zouden harken op de 400 meter horden, nam zij na het WK een drastisch besluit. Ze stopt met de 400 meter horden en gaat een ‘extra rondje zonder hindernissen’ rennen. Vanaf heden richt ze zich dus op de 800 meter, de afstand waarop Ellen van Langen in 1992 olympisch goud veroverde. De atletiekwereld was in rep en roer. Op haar 25ste begint ze aan een omscholingstraject. Of ze in haar tweede atletiekcarrière nou succesvol zal zijn of niet; de prijs voor de grootste durfal van in de sport gaat naar Femke Bol.

Handbal

Dione Housheer: in de schijnwerpers

Handbalster Dione Housheer is 26 en heeft nu al bereikt waar ze als jong meisje van droomde. Ze werd wereldkampioen met het Nederlands team in 2019 en won afgelopen seizoen de Champions League met haar Hongaarse club Györ. Hoog tijd om een van de nieuwe boegbeelden van Oranje beter te leren kennen in aanloop naar het WK handbal in Duitsland en Nederland (27 november - 14 december). Mijn looks “Ik ben kleurrijk. Dat komt door mijn rode haar, maar ook door mijn persoonlijkheid. Ik ben vrolijk en energiek, draag graag kleur. Je ziet wel iemand staan als je naar me kijkt. Ik was iets meer een buitenbeentje qua uiterlijk en viel daarom op. Vroeger op school trok ik aandacht vanwege mijn haar. En mijn huid is ook wat witter dan gemiddeld. Ik werd niet gepest, maar er werd wel over me gesproken en geregeld ‘ginger’, ‘vuurtoren’ of iets anders in die strekking naar me geroepen. Soms dacht ik: het was rustiger geweest als ik gewoon blond of donker haar had gehad. Toch raakten die opmerkingen me niet echt, ik was vroeger al mondig en riep altijd wel wat terug. En ik heb ook geregeld complimenten gekregen, hoor. Mensen zeiden ook: ‘Wat heb jij mooi haar, had ik dat maar.’ Mijn rode haar ervaar ik meer als positief dan negatief, ik zou niet anders willen.” Lachend: “Een voordeel is dat mijn oma mij altijd meteen herkende op tv, omdat ik als enige rood haar heb in het team. Ik ben trots op mijn lichaam en wat het aankan. Wij krijgen enorme klappen in het veld. Ik draag een knielap omdat ik vaak op mijn knie val, en twee enkelbraces, omdat ik beide enkelbanden vroeger heb afgescheurd. En ik moet extra aandacht aan mijn schouder besteden. Mijn hele linkerarm krijgt veel te verduren, ik haal er zoveel kracht uit bij een worp. Ik ben net 26, maar ik merk inmiddels wel dat het fysiek zwaarder wordt. Ik speel al een aantal jaren in de Champions League en het speelschema is intens. Vakantie of überhaupt een dag vrij hebben wij nauwelijks. Voorheen dacht ik: we hebben getraind, ik ben nu klaar. Tegenwoordig denk ik: na de training begint het pas, het is zaak zo snel mogelijk te herstellen door mid- del van goede fysiotherapie, massages en goede voeding. Dat onderschatten buitenstaanders weleens. Die denken: je handbalt een paar uur per dag, dat is het. Maar wat er allemaal bij komt kij- ken, is best veel.” Helden Magazine nummer 79 Het eerste deel van het verhaal over Dione Housheer komt uit Helden Magazine nummer 79. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Tennis

Diede de Groot: ‘Nog steeds zit in m’n hoofd dat ik in Parijs gefaald heb’

Als winnen went, went niet meer winnen dan ook? Rolstoeltennisster Diede de Groot (28) won tot vorige zomer 145 wedstrijden op rij en heeft 23 Grand Slams op haar ere- lijst, en zelfs een Golden Slam: alle Grand Slam-toernooien én paralympisch goud in hetzelfde jaar. Dat is alleen Steffi Graf ook ooit gelukt. Aan de succesreeks kwam een einde in Parijs; geen tweede paralympisch goud in het enkelspel. Gevolg: een tranenzee van dagen en - dan alleen nog in kleine kring bekend - een operatie die haar van de constante pijn in haar heup moest afhelpen. “Die pijn was heftig, ja; vooral in rust. Begin augustus, richting de Spelen, had ik een aantal nachten met maar twee of zelfs één uur slaap en dan raak je oververmoeid en overprikkeld. Trainingen heb ik daardoor moeten overslaan en ook heb ik me tijdens een middagdutje weleens verslapen en daardoor m’n training gemist. In die tijd heb ik af en toe slaapmiddelen genomen. Toch was de halve finale in het enkelspel in Parijs mijn beste wedstrijd van dat seizoen. Qua tennis gaf dat veel vertrouwen voor de dubbelfinale een dag later met m’n vaste dubbelpartner Aniek van Koot en de enkelspelfinale de dag daar- na. Twijfel was er wel vanwege die heup. Maar hét probleem in de dubbelfinale werd mijn service. Die liep totaal niet waardoor ik dacht: kan ik dat nu ineens echt niet meer? Dat ging zo in m’n hoofd zitten dat ik me ook al zorgen ging maken over m’n enkelspelfinale de volgende dag. Dat ik steeds mijn servicegame verloor, zorgde voor nog meer druk; helemaal omdat onze Japanse tegenstanders, Yui Kamiji en Manami Tanaka, heel vast waren. Mijn service is m’n hele carrière al m’n wapen óf m’n grootste knelpunt. Technisch is ’ie goed, maar op spannende momenten kan ik gaan twijfelen. Dat gebeurde toen. We verloren, geen prolongatie van de paralympische dubbeltitel. De volgende dag zou Yui Kamiji weer mijn tegenstander zijn in de finale. Die was natuurlijk met een veel beter gevoel gaan slapen dan ik. Helden Magazine nummer 79 Het eerste deel van het verhaal over Diede de Groot komt uit Helden Magazine nummer 79. Benieuwd naar het hele interview? Bestel het magazine nu met gratis verzending binnen Nederland via onze webshop. Nooit meer een verhaal missen? Word abonnee en bespaar maar liefst €15,- met een jaarabonnement op Helden Magazine. Ben je al abonnee? Het interview en de complete editie zijn ook online te lezen in de app Mijn Magazines. Lekker lezen op je telefoon op tablet.

Atletiek

Abdi Nageeye: roeien tegen de stroom in

Abdi Nageeye (36) groeide de afgelopen jaren uit tot een wereldtopper. Hij won al drie marathons en olympisch zilver. Daarnaast scherpte hij dit jaar in Londen het nationaal record aan tot 2.04.20. De tijd van oogsten is nog niet voorbij. Nog lang niet zelfs. “Frank Sinatra zong: ‘I did it my way.’ Dat is niet voor niets mijn levenslied.” Op het gezicht van Abdi Nageeye lijkt een glimlach gebeiteld. Zelden is hij chagrijnig of boos. “Ik kijk altijd naar het positieve, negatieve dingen probeer ik zo snel mogelijk uit mijn systeem te krijgen. Dat is denk ik deels mijn karakter, maar dat heb ik met de jaren ook geleerd. Als topsporter moet je niet te veel zorgen hebben, rust in het hoofd is zo belangrijk,” vertelt Abdi terwijl hij een slok van zijn koffie neemt. Hij heeft net een uurtje hardgelopen door het Goffert Park, dat is het medicijn om vrolijk aan de dag te kunnen beginnen. Want doet hij dat niet, dan wordt hij onrustig, voelt hij zich een gekooide tijger. Kenia Abdi verblijft het grootste gedeelte van het jaar in Kenia, waar hij woont en traint met zijn vrouw en vijf kinderen. Hij is even in Nederland voor besprekingen met zijn in Nijmegen gevestigde managementbureau Global Sports Communication en reist daarna door naar Amerika voor een trainingskamp van zes weken. De laatste keer dat hij in actie kwam in wedstrijdverband was op 27 april, tijdens zijn debuut op de TCS London Marathon. Hij verbeterde zijn Nederlands record met 25 seconden tot 2.04.20, maar de tevredenheid overheerste niet meteen na af- loop. Tijdens het interview voor de camera van de NOS hoorde hij dat de fotofinish had uitgewezen dat hij niet derde, zoals eer- der werd geroepen, maar vierde was geworden. Weg podium. Bovendien vocht hij in de laatste kilometers tegen de kramp. Abdi schudt grinnikend zijn hoofd als hij terugdenkt aan Londen. “Voor mijn gevoel was ik de laatste acht kilometer aan het joggen. Toen ik zag dat ik een persoonlijk record had gelopen, was mijn eerste gedachte: dat klopt niet. Maar zonder die kramp had ik het Europees record van 2.03.36 én de derde plaats gepakt. Zeker weten. Mijn gevoelens wisselden voort- durend van teleurstelling naar blijdschap. Terug in het hotel, onder de douche, daalde alles pas in. Ik voelde geen verzuring en geen pijn, was eigenlijk ook helemaal niet moe. Amazing, toch? Nu, een paar maanden later, overheerst tevredenheid. Ik weet dat ik nog veel harder kan dan in Londen. Dat motiveert enorm. Ik ben 36, word nog elke keer beter. Crazy.” Rijpen Abdi ging de wereld over toen hij in 2021 olympisch zilver pakte achter ‘marathonkoning’ Eliud Kipchoge, zijn collega bij het NN Running Team. Maar dat hij ondertussen nog oog had voor zijn maatje en trainingsgenoot Bashir Abdi, net als hij geboren in Somalië en door de onrust aldaar gevlucht naar België, en hem met succes aanmoedigde het brons te pakken, gaf de medaille nog meer glans. Daarna won hij tot twee keer toe – in 2022 en 2024 – de NN Marathon Rotterdam. Op 3 november vorig jaar won Abdi de TCS New York City Marathon, die deel uitmaakt van de serie van zeven jaarlijkse World Marathon Majors, zeg maar de Grand Slam-toernooien van het marathonlopen. “Ik heb de afgelopen twee jaar veel veranderd aan mijn trainingen, heb mijn voeding aangepast en ik slaap meer. Hoe ouder ik word, des te makkelijker ik het vind om alles opzij te schuiven voor het hardlopen. Ik ben rustiger in mijn hoofd.” Abdi vertelt dat hij geregeld contact heeft met jonge marathonlopers. “Als ik de dingen hoor waar zij tegenaanlopen, denk ik vaak: herkenbaar, dat had ik tien jaar terug ook. Een marathonloper moet eerst rijpen, moet de nodige dingen hebben meegemaakt in het leven; verbroken relaties, de geboorte van kinderen. Met de levenservaring komt de rust. Althans, dat is bij mij het geval. Ik heb niet meer het gevoel dat ik dingen mis. Als ik een paar jaar terug naar Nederland ging, dan wilde ik van alles en vond ik het lastig om ook nog mijn training te doen. Nu niet meer. Ik hoef alleen maar een killer te zijn tijdens mijn trainingen. Doordat die onrust er niet meer is, is het makkelijker om me volledig te focussen op het hardlopen.” Van Abdi is bekend dat hij meteen na een marathon tot diep in de nacht op stap ging. Dat was voor hem de afsluiting van maandenlang volledig voor zijn sport leven en tegelijkertijd had hij het nodig om de batterij weer op te laden om aan de voor- bereiding op de volgende wedstrijd te beginnen. “Ook op dat vlak ben ik ouder en wijzer geworden,” zegt Abdi breed glimlachend. “Na de London Marathon sliep ik al om twaalf uur. Ik werd de volgende ochtend wakker en dacht meteen: ik ben zo blij dat ik niet uit ben geweest. De tijd van stappen is voorbij. Ik ben in Londen samen met Sifan Hassan, de mensen van ons management en de begeleiding uiteten geweest in een fantastisch restaurant. We hebben heerlijk gegeten en gekletst en daarna ben ik gaan slapen. Ik werd fris wakker en kon twee dagen later de training alweer oppakken. Daar haal ik meer voldoening uit dan een avond op stap.” Meer lezen? Sifan Hassan: 'Ik ben geen superwoman' Eliud Kipchoge: 'Hardlopen is het beste medicijn dat er is' Anne Luijten: 'Je zou haast in magie geloven'