WK-column: Groter is niet altijd beter, het WK is daarvan het bewijs

Jimenez maakte de 2-0.
ANP

Het ‘grootste WK voetbal ooit’ is onderweg. Donderdagavond kregen we te zien wat we de komende weken allemaal voorgeschoteld krijgen. Groot, groter, groots is het devies. Maar groter is lang niet altijd beter, zo werd al meteen duidelijk.

Donderdagavond, 19.40 uur. Ik besluit om de tv aan te zetten. Uit nieuwsgierigheid of er al ergens een voorbeschouwing bezig is, zapp ik langs NPO1. Wat blijkt: de openingsceremonie is al gaande. Ik zie artiesten waarvan ik nog nooit had gehoord. Zal aan mij liggen. Daarna zie ik Shakira, die ken ik wel. Mijn vrouw schreeuwt iets vaags dat het niet de echte Shakira is. Ik kan het niet ontkennen of bevestigen.

Na vijf minuten besluit ik om het gat tot de wedstrijd te vullen met iets anders. Vijf minuten voor de aftrap schakel ik weer in. Alle selectiespelers staan om de middencirkel en zingen hartstochtelijk het volkslied mee. Ik moet denken aan Wout Weghorst. Voor hem moet dit straks minstens drie keer het hoogtepunt van het WK worden. Alle schijnwerpers op hem gericht, het Wilhelmus luid meezingend en daarna weer plaatsnemen op de bank.

Nu kijk ik naar Santiago Giménez, een andere spits die niet kan rekenen op een basisplek (en zelfs geen speelminuten). Na het volkslied krijgt hij 26 keer een handje van een tegenstander, want ook dat is nieuw. Tot mijn grote vreugde wordt de wedstrijdbal vervolgens niet gebracht door een van afstand bestuurbare speelgoedauto. Zo blijkt er toch iets niet-commercieels aan het WK te zitten.

Misschien ben ik iets te cynisch, maar op voorhand vreesde ik het ergste als pure voetballiefhebber. Voetbal begint namelijk steeds commerciëler te worden. Over de ticketprijzen hoeven we het al niet meer te hebben, maar toen ik laatst zag dat je voor een beker festivalbier – en we weten allemaal hoe dat smaakt – maar liefst 14,50 euro neer moet leggen tijdens het WK, werd mijn humeur er niet beter op.

Dat werd het ook niet toen na 23 minuten spelen een drinkpauze werd ingelast. Op de Belgische televisie bleven ze bij de wedstrijd en zag je hoe spelers in twee minuten werden geïnstrueerd, maar in Nederland werd je opgezadeld met Snollebollekes die van ‘left’ naar ‘right’ ging. Mijn WK-tactiek is voortaan als volgt: na 23 minuten plassen, glas bijvullen en weer terug op de bank ploffen. Scheelt een hoop ergernis.

Toch viel er donderdagavond nog iets te genieten. De wedstrijd werd mooi in beeld gebracht. Iets te vaak kregen we FIFA-baas Gianni Infantino te zien, maar vooruit. Ook de ref-cam vond ik een mooie toevoeging, al waren er weinig hoogtepunten te zien. Zuid-Afrika slaagde er constant in om niet fatsoenlijk tot een aanval te komen. Knap.

Ook op voetballend gebied is groter niet altijd beter. Dit jaar doen er niet 32, maar 48 landen mee. De openingswedstrijd tussen Mexico en Zuid-Afrika was van een bedenkelijk niveau. Als land zou Zuid-Afrika in de Keuken Kampioen Divisie niet meedoen om een plek in de play-offs, dat durf ik echt wel te stellen. Dat Mexico tegen negen Zuid-Afrikanen (!) niet eens wat extra aan durfde te zetten om aan het doelsaldo te werken, was treurig en tekenend tegelijk.

Het einde van de wedstrijd heb ik niet gehaald. Na de zoveelste foute pass in de zesde minuut van de blessuretijd, besloot ik om de tv uit te zetten en nee-schuddend naar mijn bed te gaan. Ik besefte: met ook nog wedstrijden van Haïti, Jordanië, Saoedi-Arabië en Oezbekistan voor de boeg én nog twee openingsceremonies, gaat dit een héél lang WK worden. Groter is niet altijd beter. Daarvan is dit WK het bewijs.

Lees meer over:
Edin Dzeko
12 juni 2026

WK 2026 vandaag: Džeko, Canada en een duel dat teruggaat naar 1930

Rivaldo WK 1998
12 juni 2026

Rivaldo: van de favela naar de wereldtop

WK Noord-Amerika
11 juni 2026

Heldenpanel: Voorspellingen voor de eerste WK-duels in Noord-Amerika

Mexico Zuid-Afrika
11 juni 2026

Mexico en Zuid-Afrika openen het bal: vijf dingen die je moet weten over de eerste WK-duels