Word abonnee

Voetbal

Voetbal

Bart Nieuwkoop: ‘Ik wil ook gewoon voetballen’

Bart Nieuwkoop (28) maakte op [...]
Bart Nieuwkoop (28) maakte op zijn vijftiende de overstap naar de jeugdopleiding van Feyenoord. Vier jaar later maakte hij zijn debuut en in 2017 won hij met Feyenoord de landstitel. Via Willem II en Union Sint-Gilles in België keerde hij dit seizoen terug in Rotterdam. Als het aan hem ligt, gaat hij daar ook niet meer weg. Voor Helden Magazine 71 gingen we op bezoek bij Bart, zijn vriendin Susan en dochtertje Zoé in aanloop naar de KNVB-bekerfinale tussen Feyenoord en NEC op 21 april. Hoe hebben jullie elkaar ontmoet? Bart Nieuwkoop: “Het was op een zondag in Tholen, waar ik vandaan kom. Daar is weinig te beleven. Ik was met een vriend rondjes aan het rijden op de fiets. We zagen dat er een fietsevenementje was, ze bootsten een soort Tour de France na. In Tholen was een pauzemoment voor de wielrenners. Suus kwam uit Steenbergen en zat met een vriendin op een brommer. Ik zag haar van een afstandje. Wij zwaaiden en fietsten achter die meiden aan. Zij waren natuurlijk veel sneller op hun brommer. We wilden weten wie ze waren en gingen zoeken op Facebook. Ik heb haar gevonden, maar ik moest er wel mijn best voor doen.” Susan den Houting: “De eerste keer dat we ook echt afspraken was bij een paardrijwedstrijd van mij.” Bart: “Ik dacht: ik ga bij jou kijken, maar zag het niet zitten alleen te gaan, dus had ik twee vrienden meegenomen. Ik dacht dat we een beetje anoniem aan de kant konden staan. Nou, dat was niet zo. Er was een kleine kantine waar ik doorheen moest. Daar zaten jouw ouders en broertjes. Een van jouw broertjes wist dat ik kwam. Ik heb dus eerst je familie ontmoet en zag na die paardrijwedstrijd jou pas.” Susan, lachend: “Jij was meteen goedgekeurd. Het was ook meteen leuk tussen ons. Op ons negentiende zijn we al gaan samenwonen in Bergen op Zoom, daarna in Rotterdam. Ik heb daar altijd in een kledingwinkel gewerkt, heerlijk onder de mensen. Zoé werd drie jaar geleden geboren. Als zij wat groter is, wil ik weer gaan werken. Ik mis dat enorm. Paardrijden heb ik trouwens nog best een tijd gedaan, tot we naar Rotterdam verhuisden. Nu staan de paarden bij mijn ouders thuis.” Susan, wat voor vader is Bart? Susan: “Een heel lieve vader, ik vind jou ook echt een meisjespapa. Jij vindt het heel leuk om mee te doen met haar dingetjes: winkeltje spelen, prinsessenjurkjes bij haar aantrekken en haar haren mooi maken. Ze is heel erg een ‘meisje-meisje’. En jij neemt ook echt de tijd voor haar, doet alles voor Zoé.” Wilde je altijd al vader worden? Bart: “Ja, maar ik had niet in mijn hoofd wanneer. We waren 25 toen Zoé werd geboren. Best jong. Hoewel, voor voetballers valt dat eigenlijk wel mee, we woonden ook al vijf jaar samen. Al die stappen hadden we al doorlopen. Vooral jij wilde op een gegeven moment heel graag moeder worden. En ik vind het inderdaad heel leuk dat Zoé een meisje is.” Heb jij zelf een fijne jeugd gehad? Bart: “Ja, ik heb twee broers en we schelen twee jaar. We voetbalden altijd met elkaar. Mijn vader was daar meestal ook bij. Nu weet ik dat het helemaal niet vanzelfsprekend is dat je, als je een lange werkdag hebt gehad, na het avondeten nog energie hebt om met de kinderen naar buiten te gaan om te voetballen.” Helden Magazine 71 Het eerste gedeelte van het interview met Bart Nieuwkoop is afkomstig uit de tweede uitgave van 2024. De 71ste editie van Helden Magazine is voor het eerst in België te bewonderen! Deze mijlpaal wordt gevierd met twee verschillende sporters op de cover: Estavana Polman in Nederland en Wout van Aert in België. In een openhartig interview deelt Estavana Polman, het gezicht van het Nederlandse handbalteam, haar verhaal over de voorbereidingen op het olympisch kwalificatietoernooi. Daarbij komen ook haar persoonlijke uitdagingen, zoals haar relatie met Rafael van der Vaart, het moederschap en haar blessures ter sprake. Alleskunner Wout van Aert laat dit jaar de Tour de France schieten en kiest voor het eerst voor de Giro d’Italia. De Belgische renner spreekt zich uit over het nieuwe traject, Mathieu van der Poel, Visma-Lease a Bike en de Olympische Spelen. In deze editie van Helden wordt er ook veel aandacht besteed aan voetbal. Esmee Brugts, bekroond als Talent van het Jaar, maakte afgelopen zomer een droomtransfer naar FC Barcelona. Experts laten zich daarnaast uit over Jerdy Schouten, de sleutelspeler van PSV, dat op weg is naar het landskampioenschap en het EK met Oranje in Duitsland. We blikken terug op de legendarische wedstrijd tegen Portugal tijdens het WK van 2006 met Khalid Boulahrouz. Met Manchester City won Kevin De Bruyne alles wat er te winnen valt. Kenners spreken zich uit over onder meer zijn weergaloze traptechniek en fabuleuze inzicht. In ‘De Dag Dat Alles Misging’ kijken Sigi Lens en Edu Nandlal terug op de vliegtuigcrash in Suriname. Ze hebben de verschrikkelijke SLM-ramp overleefd die zich 35 jaar geleden heeft voorgedaan. Verder in de 140 pagina’s tellende editie deelt marathonloopster Anne Luijten haar bewogen jaar met de lezers. Ze liep de olympische limiet, trouwde, maar verloor ook haar trouwste fan: vader Jos. Zwemfenomeen Ian Thorpe blikt terug op zijn legendarische races en vriendschap met Pieter van den Hoogenband. Victoria Koblenko gaat in gesprek met Ranomi Kromowidjojo, drievoudig olympisch kampioen en zeventienvoudig wereldkampioen zwemmen. Kickbokslegende Peter Aerts, een grootheid in Japan, spreekt onder meer over het oprichten van zijn eigen bond LEGEND. Als laatste is de negentienjarige Collin Veijer de hoop van de Nederlandse motorsportfans, maar wie is hij?

Voetbal

Khalid Boulahrouz: ‘Ik deed het echt niet met opzet’

Het Nederlands elftal gaat deze zomer voor de vierde keer een [...]
Het Nederlands elftal gaat deze zomer voor de vierde keer een groot eindtoernooi spelen in Duitsland. In aanloop naar het EK 2024 blikt Helden terug op het WK van 1974, het EK van 1988 en het WK van 2006. Tijdens dat laatste toernooi verloor Oranje de veldslag van Portugal in Nürnberg met 1-0. We blikken terug met Khalid Boulahrouz, die Cristiano Ronaldo als directe tegenstander had. ‘Het gaat hem geel kosten. Gestrekt been. Veel te hoog. Cristiano Ronaldo. Hij heeft de handtekening van Khalid Boulahrouz,’ zegt commentaar Frank Snoeks op 25 juni 2006. Het Nederlands elftal speelt in Nürnberg de achtste finale van het WK tegen Portugal. Boula is de directe tegenstander van Ronaldo en blesseert hem in de zevende minuut. De Portugese crack heeft er zoveel last van dat hij in de 34ste minuut huilend naar de kant moet. “Mijn overtreding heeft misschien de toon gezet voor het verdere verloop van de wedstrijd,” zegt Khalid bijna achttien jaar na dato in Helden Magazine 71. “Ik had hun sterspeler uit de wedstrijd geschopt en besefte dat Portugezen dit niet over hun kant zouden laten gaan. Spijt heb ik niet van die overtreding, het was niet mijn intentie om hem zo te raken. Het was een pechmomentje. We verloren de bal op het middenveld, onze verdedigers liepen achteruit en de middenvelders en aanvallers van ons stonden allemaal nog ver op de helft van de Portugezen. Met Ronaldo op links, Pauleta in de spits en Luis Figo op rechts was het levensgevaarlijk als zij in een een-op-een-situatie in de buurt van het strafschopgebied zouden komen. Ik besloot dat ik vooruit moest verdedigen. Ik stapte in en dacht: als ik de bal niet raak, dan wordt het een tactische overtreding op de middenlijn. Maar ja, toen tilde hij zijn been op... Ik weet nog precies hoe het voelde toen ik mijn noppen – ik had pinnen onder geschroefd – in zijn bovenbeen plantte. Het is te vergelijken met een scherp voorwerp dat je in een stuk vlees probeert te prikken, maar je krijgt het niet opengesneden. Het vlees beweegt dan mee. Ik kan heel goed begrijpen dat het voor hem echt geen fijn gevoel was.” [caption id="attachment_19677" align="alignnone" width="2560"] V.l.n.r. Robin van Persie, Cristiano Ronaldo, scheidsrechter Valentin Ivanov, Deco, Mark van Bommel en Khalid Boulahrouz.[/caption] De overtreding ging de hele wereld over. “Ik word nog vaak aan dat moment herinnerd, natuurlijk ook omdat Cristiano uiteindelijk zo’n grootheid werd, een levende legende. Als ik zeg dat het pech was, hoor ik mensen vaak zeggen: ‘Kappen nou Boula, we hebben de beelden toch gezien?’ Maar ik deed het echt niet met opzet.” Der kannibale Twee jaar voor het WK in Duitsland debuteerde Khalid in het Nederlands elftal. Marco van Basten, net begonnen als bondscoach, riep hem meteen op. Ook al was hij op dat moment nog maar net vertrokken bij het nietige RKC Waalwijk, waar hij via de jeugd van Ajax, Haarlem en AZ in 2001 terecht was gekomen. “Ik woonde in een klein appartement, verdiende iets van vijfhonderd euro per maand, waarvan ik 125 euro aan huur kwijt was, en reed in een autootje van de club, een Volkswagen Lupo, die ook nog eens volgeplakt zat met stickers van sponsors. Ik was dus eigenlijk een rijdend reclamebord. ''Ik reed bij RKC in een autootje van de club, een Volkswagen Lupo, die ook nog eens volgeplakt zat met stickers van sponsors. Ik was dus eigenlijk een rijdend reclamebord.'' Maar onder trainer Martin Jol leerde ik wel wat het inhield om profvoetballer te zijn. Ik had in die tijd vaak een zak winegums in de auto liggen. Tijdens wedstrijden kreeg ik meestal last van maagzuur en na een uur was ik helemaal kapot. Ik dacht: waarom hebben die andere gasten dat niet? Ik wist wel dat ik goed was, maar qua lifestyle moest ik stappen maken.” In 2004 ging hij vlak voor het verstrijken van de transferdeadline naar Hamburger SV. “Ik keek destijds geregeld op de Duitse tv naar wedstrijden uit de Bundesliga en dacht: wat zijn die gasten daar groot! Feyenoord toonde interesse die zomer, maar ik merkte dat er daar mensen voor en tegen mijn komst waren. Ik wilde niet naar een club waar ik niet maximaal welkom was. Toen kwam HSV. Ik zei tegen mijn moeder dat ik in het buitenland kon gaan voetballen. Ze was in eerste instantie bezorgd, dacht: koken kan hij niet. Ze reageerde een beetje emotioneel, zei: ‘Doe het maar niet.’ Helden Magazine 71 Het eerste gedeelte van het interview met Khalid Boulahrouz is afkomstig uit de tweede uitgave van 2024. De 71ste editie van Helden Magazine is voor het eerst in België te bewonderen! Deze mijlpaal wordt gevierd met twee verschillende sporters op de cover: Estavana Polman in Nederland en Wout van Aert in België. In een openhartig interview deelt Estavana Polman, het gezicht van het Nederlandse handbalteam, haar verhaal over de voorbereidingen op het olympisch kwalificatietoernooi. Daarbij komen ook haar persoonlijke uitdagingen, zoals haar relatie met Rafael van der Vaart, het moederschap en haar blessures ter sprake. Alleskunner Wout van Aert laat dit jaar de Tour de France schieten en kiest voor het eerst voor de Giro d’Italia. De Belgische renner spreekt zich uit over het nieuwe traject, Mathieu van der Poel, Visma-Lease a Bike en de Olympische Spelen. In deze editie van Helden wordt er ook veel aandacht besteed aan voetbal. Esmee Brugts, bekroond als Talent van het Jaar, maakte afgelopen zomer een droomtransfer naar FC Barcelona. Experts laten zich daarnaast uit over Jerdy Schouten, de sleutelspeler van PSV, dat op weg is naar het landskampioenschap en het EK met Oranje in Duitsland. We gaan op bezoek bij verdediger Bart Nieuwkoop in Rotterdam. Met Manchester City won Kevin De Bruyne alles wat er te winnen valt. Kenners spreken zich uit over onder meer zijn weergaloze traptechniek en fabuleuze inzicht. In ‘De Dag Dat Alles Misging’ kijken Sigi Lens en Edu Nandlal terug op de vliegtuigcrash in Suriname. Ze hebben de verschrikkelijke SLM-ramp overleefd die zich 35 jaar geleden heeft voorgedaan. Verder in de 140 pagina’s tellende editie deelt marathonloopster Anne Luijten haar bewogen jaar met de lezers. Ze liep de olympische limiet, trouwde, maar verloor ook haar trouwste fan: vader Jos. Zwemfenomeen Ian Thorpe blikt terug op zijn legendarische races en vriendschap met Pieter van den Hoogenband. Victoria Koblenko gaat in gesprek met Ranomi Kromowidjojo, drievoudig olympisch kampioen en zeventienvoudig wereldkampioen zwemmen. Kickbokslegende Peter Aerts, een grootheid in Japan, spreekt onder meer over het oprichten van zijn eigen bond LEGEND. Als laatste is de negentienjarige Collin Veijer de hoop van de Nederlandse motorsportfans, maar wie is hij?

Voetbal

Jerdy Schouten: Dirigent van het PSV-orkest

Na vier seizoenen Bologna keerde Jerdy [...]
Na vier seizoenen Bologna keerde Jerdy Schouten (27) vorige zomer terug naar Nederland. Het leven lacht hem toe. Bij PSV werd hij meteen een van de sterkhouder en ook kwam hij weer uit voor het Nederlands elftal. Jerdy maakt zich op voor het kampioenschap met PSV en het EK met Oranje. Zijn carrière verliep allesbehalve standaard. We legden de middenvelder in Helden Magazine 71 acht uitspraken voor. ‘Dit is zeker Oranje-materiaal. Aan de bal is hij heel comfortabel. En hij weet wanneer hij wel en wanneer hij niet moet gaan. Hij is echt een belangrijke aankoop geweest voor PSV en komt heel volwassen over. Ik vind het echt een goede speler.’ Marco van Basten in november 2023 tegen Ziggo Sport. “Heeft Marco van Basten dat gezegd? Nou, als zo’n grote voetballer dat over me zegt, dan voel ik me gevleid. Mijn ouders hebben dit waarschijnlijk wel meegekregen. Zij waren vast enorm trots toen ze dat hoorden,” zegt Jerdy Schouten. Vorige zomer kwam Jerdy over van middenmoter Bologna in Italië, waar hij vanaf 2019 speelde en een onbetwiste basisspeler was. “Ik voelde al snel dat PSV goed bij mij paste. De mensen die het hier voor het zeggen hebben, zijn ook no-nonsense. Rondom de andere topclubs in Nederland hangt meer controverse dan om PSV. PSV doet wat het moet doen, voor de rest hoor je nooit gekke dingen over de club. Dat past bij mij.” Sinds Jerdy bij PSV speelt, heeft ook het grote publiek kennis met hem gemaakt. “Toen ik bij Bologna speelde, heeft men in Nederland mij nooit veel zien voetballen. In Italië deed ik het niet anders dan hier, maar nu hoor je meer over mij. In Bologna werd ik altijd herkend op straat. Als ik op vakantie was in Nederland had ik rust, hier kon ik overal naartoe zonder dat mensen me aanspraken. Dat is nu wel veranderd. Maar ik stond zelf vroeger ook in de rij voor een handtekening of foto, hoor, dus het is heus niet dat ik daar een hekel aan heb.” In Italië stond Jerdy vier jaar lang bekend als ‘de wasmachine’, de middenvelder die fouten herstelt, ballen veroverde en een aanval opzette. Verzonnen door toenmalig trainer Sinisa Mihajlovic. Lachend: “Later veranderde hij dat in ‘de professor’. Dat vond ik toch een leukere bijnaam. Maar hij bedoelde het goed.” Jerdy is 24 uur per dag met voetbal bezig. “Ik zal niet snel een patatje in mijn mond stoppen. Dat kan heus geen kwaad, maar ik bedenk van tevoren altijd: als ik de keuze maak om wel een patatje te eten, hoe voel ik me er dan mentaal bij? Ik eet liever dat wat goed voor me is, zodat ik tijdens een wedstrijd weet dat ik er alles aan heb gedaan. Ik ben ook van de rituelen. Dat begint de dag voor de wedstrijd. Dan eet ik ’s avonds het liefst risotto met biefstuk. Dat doe ik al jaren. En als we niet op de club eten, dan maak ik het thuis. Ook was ik altijd mijn haar een dag voor de wedstrijd en ik zet de wekker altijd op dezelfde tijd. En mijn voetbalschoenen neem ik zelf mee naar de wedstrijd, ik vind het fijn dat dat mijn eigen verantwoordelijkheid is en niet die van de club.” ‘Achteraf heeft het schitterend uitgepakt. Ik weet dat onze route voor jonge spelers een voorbeeld is. We hadden geen per- spectief bij ADO en op deze manier zijn we toch waar we wilden zijn. Dat we het samen deden, hielp wel.’ Rody de Boer in april 2019 in VI. “Rody en ik hebben lang samengespeeld, sinds Onder 13 bij ADO. Vanaf Onder 17 zijn we echt goede vrienden geworden, nog steeds is Rody dat. We spreken elkaar dagelijks.” Jerdy doorliep de jeugdopleiding bij ADO Den Haag. Daarna kwam hij, samen met keeper Rody de Boer, bij Telstar terecht. Jerdy onderscheidde zich al snel en voetbalde daarna een jaar bij Excelsior in de eredivisie. Toen vertrok hij naar Bologna, waar hij zich vier seizoenen lang in de kijker speelde. Rody ging van Telstar naar AZ. Zijn carrière leek veelbelovend, maar nam niet de vlucht als die van Jerdy. Via De Graafschap en Roda JC kwam hij vorige zomer bij Aalborg in Denemarken terecht. “Rody is nog steeds niet klaar, is ook nog hartstikke jong, zeker voor een keeper.” Jerdy groeide op in Hellevoetsluis, begon met voetballen bij FC Vlotbrug. “Ik had nooit in mijn hoofd dat ik profvoetballer wilde worden, wilde gewoon het beste uit mezelf halen.” Zijn vader, die hem trainde bij FC Vlotbrug en later zijn techniektrainer werd bij Spijkenisse, was enorm betrokken. Lachend: “Hij was veeleisend, dat is hij nog steeds. Ja, een typische voetbalvader. Nog steeds krijg ik na iedere wedstrijd te horen wat ik goed of fout heb gedaan. Als mijn hoofd er niet naar staat, dan reageer ik niet. Na een wedstrijd waarin ik tachtig goede en twee foute passes heb gegeven, zal hij beginnen over die twee foute. ‘Dat is niks voor jou, hè,’ zegt hij dan. Ik moet zeggen dat ik het vaak met hem eens ben, hoor.” In 2008 klopte ADO op de deur. In Den Haag doorliep Jerdy de jeugdopleiding. “Ik was een verlegen jongetje tussen al die straatschoffies. Ik heb een paar jaar nodig gehad om mondig te worden. Je moet sterk in je schoenen staan in de voetbalwereld. Inmiddels ben ik daarin gegroeid, maar ik weet niet of de voetbalwereld als kind ook bij me paste. Het is niet dat ik gepest werd, hoor, maar ik moest wel wennen aan de voetbalhumor en aan kleine plagerijtjes en ermee leren omgaan.” Jeugdtrainer Aleksandar Rankovic is een van de belangrijkste personen in zijn jeugd geweest. “Vanuit de B1 werd ik bij ADO in de A2 gestopt. Ik speelde een oefenwedstrijd, Rankovic zei: ‘Hoezo speelt die jongen in het tweede?’ Hij haalde mij bij de A1, maar pakte me hard aan, omdat hij van mij een belangrijke speler wilde maken. Met Rankovic had ik een haat-liefdeverhouding, soms dacht ik: hou eens op. Maar achteraf heb ik veel aan hem te danken. Mijn winnaarsmentaliteit heb ik bij hem gecreëerd.” Bij ADO kreeg Jerdy ook met tegenslagen te maken. Op zijn zeventiende worstelde hij anderhalf jaar lang met een ernstige blessure, een zogenoemd compartimentsyndroom. “Het duurde heel lang voordat de diagnose gesteld was. In de eerste zes ziekenhuizen hoorden we: ‘We kunnen het niet vinden.’ De zevende wist het uiteindelijk. Ik had last van mijn onderbenen. Simpel gesteld: de spieren zitten in een soort zakjes. Bij mij waren die zakjes te strak waardoor mijn spieren niet uit konden zetten. Die zakjes zijn opengesneden, waardoor mijn spieren wel konden uitzetten. Ik heb zoveel pijn gehad. Na de operatie moest ik twee weken in bed blijven liggen. En die eerste operatie was ook nog mislukt, ik moest een tweede keer onder het mes. Fysiek en mentaal was het pittig. Ik dacht: ga ik hier ooit vanaf komen? Ik was zeventien, een heel belangrijke leeftijd; je redt het, of je raakt op een zijspoor.” Dat tweede gebeurde. “ADO heeft me niet helemaal aan de kant geschoven, hoor, ik heb er gerevalideerd en mocht weer met de A1 meetrainen, terwijl ik eigenlijk al bij de senioren hoorde. Uiteindelijk heb ik ook mijn debuut in het eerste gemaakt.” Voormalig ADO-trainer Zeljko Petrovic liet Jerdy debuteren in het eerste op 10 december 2016. “Vanuit Petrovic voelde ik wel het vertrouwen, maar ADO zat in een lastige fase en de trainer werd ontslagen. Toen werd het voor mij uitzichtloos en heb ik geen minuut meer gespeeld. Bij ADO heb ik ook nooit onder contract gestaan.” Zijn ouders en vijf jaar oudere zus sleepten hem door die vervelende periode heen; van zijn blessure tot zijn vertrek bij ADO. “Met zijn drieën hebben zij er alles aan gedaan om ervoor te zorgen dat ik sta waar ik nu sta.” Zijn familie leefde, net als Jerdy, voor het voetbal. “In groepen ben ik geen haantje-de-voorste en hoeft het niet om mij te draaien, maar thuis vond ik dat heerlijk. Ik kreeg heus weleens een sneer van mijn zus, hoor. Dat ik het verwende jongetje was. En als mijn ouders weer eens meegingen naar een uitwedstrijd in Groningen, en mijn zus had ook iets, dacht ze echt wel: heb je Jerdy weer met zijn voetbal... Maar ze is nog steeds heel betrokken. Ze komt iedere thuiswedstrijd kijken en in de jeugd deed ze dat ook al. Mijn zus verzamelt ook alles wat er over mij verschijnt, ze maakt hele plakboeken.” Jerdy’s oudoom is Henk Schouten, oud- speler van onder meer Feyenoord, die in 2018 overleed. “Ik heb niks van zijn carrière meegemaakt, maar heb er veel over gehoord, oude filmpjes gezien en hem ook meerdere malen ontmoet. Ze zeggen toch altijd dat het talent een generatie overslaat? Misschien heb ik mijn talent van hem.” Lachend: “Mijn vader heeft het nooit tot profvoetballer geschopt, al denkt hij zelf dat hij heel goed was.” Veel van Jerdy’s vrienden in Hellevoetsluis zijn voor Feyenoord. “In de media verscheen een bericht dat mijn vader dat ook was, maar dat moet ik even rechtzetten. Hij is nooit voor Feyenoord geweest. En mijn moeder is sowieso fan van de club waarvoor ik speel. Mijn vrienden zitten graag in de Kuip. Zij kiezen per wedstrijd waar ze heen gaan, want ze komen ook graag naar Eindhoven, ik regel altijd kaarten voor hen.” Lachend: “Ik moet eens opletten of ze nu vaker naar de Kuip gaan, want dan zet ik die kaarten on hold.” ‘Jerdy is een echte verbindingsspeler, een snelle denker. Rustig binnen en buiten het veld. Dat vind ik zo mooi. Dat karakter, dat stoïcijnse. Ik heb vorig jaar ook tegen hem staan schreeuwen. Dan keek-ie me aan met zo’n blik van: wat moet je nou? En dan toverde hij weer een schitterende bal tevoorschijn.’ Mike Snoei (2017/2018 trainer bij Telstar), april 2019 in VI. “Mensen denken altijd dat ik heel rustig ben en alles pik van iedereen,” zegt Jerdy, “maar ik kan soms ook echt een zeikerd zijn. Als het niet loopt zoals ik zou willen, dan laat ik dat weten. Ik ben niet het type dat met twee armen in de lucht naar de rechtsbuiten gaat schreeuwen. Ik loop liever naar diegene toe en zeg het rustig tegen hem, maar ik laat het absoluut weten als ik niet tevreden ben. Met Mike Snoei had ik een goede band, ik speelde altijd bij hem. Maar we konden ook zeker botsen.” Snoei haalde hem in 2017 naar Telstar, tegen een onkostenvergoeding, nadat Jerdy moest vertrekken bij ADO en ook bij een club als Cambuur niet welkom was. Bij Telstar zou hij na acht wedstrijden pas wat gaan verdienen. “Al na een paar oefenwedstrijden legden ze me vast. Ze waren bang dat ik anders weg zou gaan. Het is bizar dat dat pas zes jaar geleden is. Daar denk ik nog weleens aan terug. Ik sta er nu zo anders voor, dat had ik toen niet durven dromen. Mijn neef stuurde me laatst nog een foto van mijn debuutwedstrijd bij ADO. Hij zei: ‘Het lijkt wel een jaar geleden.’” ‘Meteen in mijn eerste wedstrijd voor PSV tegen Vitesse zette Bosz mij centraal achterin. Ik dacht: weet hij wel dat ik nooit eerder centraal achterin heb gestaan?’ Telstar draaide een goed seizoen, werd zesde in de eerste divisie. Jerdy speelde zichzelf in de kijker. “Daarin moet ik ook realistisch zijn: als we dat jaar vijftiende waren geworden, had niemand het over mij gehad.” Maar misschien nog belangrijker: bij Telstar werd Jerdy van aanvallende middenvelder getransformeerd tot de verdedigende middenvelder die hij nu is. “Ik begon als nummer tien, totdat er een speler naar Telstar kwam die voor de club ook een buitenkansje was, Mohammed Osman. Osman was echt een pure nummer tien. En dus werd ik op ‘zes’ gezet. Snoei zegt dat hij toen al een goede ‘zes’ in mij zag, ik betwijfel dat.” Lachend: “Volgens mij dacht hij gewoon: even kijken of dat ook gaat. Achteraf pakte het goed uit.” Hij knipte vanwege een ontstoken teen een keer een stuk uit zijn schoen, zodat hij toch kon spelen. Laconiek: “Dit heb ik toen met de fysio bedacht. Als ik het gevoel heb dat ik ondanks een ontstoken teen of iets anders alsnog belangrijk kan zijn voor een team, dan zoek ik oplossingen om er te kunnen staan.” Na een jaar Telstar mocht Jerdy zich laten zien in de eredivisie bij Excelsior, met trainer Adrie Poldervaart aan het roer. “Poldervaart stelde mij meteen op. Een risico voor hem, ik kwam wel van Telstar, en ging nu voor het eerst echt in de eredivisie spelen. Met Poldervaart heb ik nog steeds een heel goede band. Hij komt ook uit Hellevoetsluis. Als ik er ben, dan app ik hem en gaan we samen koffiedrinken of lunchen en bekijken we voetbalbeelden.” ‘Hij moet naar een land waar wordt gevoetbald, dat zal hij ook snappen. Je kunt iemand nooit verwijten dat hij een fantastische transfer maakt. Mensen die zeggen dat een speler een bepaalde aanbieding moet afslaan, hebben zelf nooit zo’n kans gehad.’ Zeljko Petrovic, april 2019 in VI. Na een succesvol jaar bij Excelsior vertrok Jerdy naar Bologna. “Ik las ook dat ik beter naar de subtop in de eredivisie had kunnen gaan in plaats van naar Italië. In Nederland denken ze sowieso altijd dat als een jonge speler naar het buitenland vertrekt, hij dat voor het geld doet. Bologna is een hartstikke mooie ploeg, maar het is niet dat ik direct naar een Champions League-elftal ging. Natuurlijk was de Serie A een grote stap, maar ik had er alle vertrouwen in dat ik die kon maken. Ik wist dat ik me in Italië goed kon ontwikkelen op bepaalde gebieden; fysiek, maar ook verdedigend. Ik moest sterker worden, harder in de duels en beter leren hoe ik bepaalde duels aan moest gaan. Mijn overweging was: ga ik dat beter leren bij een subtopper in de eredivisie of in Italië? Van Poldervaart heb ik overigens nooit een kritisch woord gehoord over mijn overstap naar Bologna. Hij wist denk ik ook wel: dat gaat goed komen.” ‘Hij volbracht alles in zijn taken- en functiepakket. Maar hij speelt alleen maar met zijn rechtervoet en soms moet je ook je linkervoet gebruiken om het spel sneller te maken. En toch was het al met al een goed debuut.’ Louis van Gaal, 8 juni 2022 tegen de NOS. “Mijn debuut bij het Nederlands elftal was geweldig. Ik vond het ook goed gaan. Gelukkig vond de trainer dat ook, een kritisch puntje mag altijd. We speelden uit tegen Wales. Mijn vrouw, ouders, zus, schoonouders en neefje zaten op de tribune. Tijdens het volkslied zag ik ze staan. Ze schoten vol. Dat deed wel wat met me.” Jerdy kwam nooit uit voor een Nederlands jeugdelftal. En amper vijf jaar voor zijn debuut, op 8 juni 2022 onder voormalig bondscoach Louis van Gaal, speelde hij nog voor een onkostenvergoeding bij Telstar. “Ja, ik moest mezelf wel even knijpen om het te geloven.” In de auto hoorde Jerdy het goede nieuws. “Ik was onderweg naar Nederland vanuit Bologna. We hadden vakantie. Ineens kreeg ik een appje van een onbekend nummer. Het was Louis van Gaal met de vraag of ik kon facetimen. Ik dacht: word ik door iemand in de maling genomen? Mijn vrouw ging rijden zodat ik rustig kon bellen. Van Gaal zei: ‘Marten de Roon is geblesseerd geraakt.’ Ik dacht: het zal toch niet? Hij vroeg of ik naar Zeist wilde komen. Ik heb een traantje gelaten met mijn vrouw.” Het was wennen, voor het eerst bij het Nederlands elftal, beaamt Jerdy. “Het was een nieuwe groep waar ik in kwam. Ik doe dan meestal een stapje achteruit om te kijken hoe de groep in elkaar steekt, wie erbij zitten, hoe ze zijn en met wie ik het goed zou kunnen vinden. Ik ben niet iemand die meteen de sfeer bepaalt.” Van Gaal maakte indruk op Jerdy. “Ik kijk niet snel tegen iemand op, maar ik merkte wel dat hij al jaren in de top werkte. Van Gaal wist heel goed waar hij het over had, was heel duidelijk. En hij heeft humor. Voor en na de wedstrijd heb ik met hem gesproken over mijn spel. Met zijn tips ben ik aan de slag gegaan, ik ben bewuster met mijn linkervoet bezig geweest, al moet ik wel zeggen dat ik er in het veld niet zo aan denk. Uiteindelijk zal het me ook een worst wezen of ik nou met links of rechts speel. Als die bal maar goed aankomt.” ‘Er wordt altijd te weinig over Jerdy gepraat in vergelijking met wat hij aan het team geeft. Het begint allemaal bij hem. Hij staat garant voor maximale beschikbaarheid, doet alles goed en met een glimlach, misschien zie je het van buitenaf niet, maar hij geeft net dat beetje extra aan het hele team.’ Bologna-trainer Thiago Motta tijdens een persconferentie in augustus 2022. “Wat ik over Van Basten zei, geldt ook voor Motta. Dat was ook een geweldenaar op het veld. En ook nog eens op mijn positie. Ik heb een half jaar met hem mogen werken, dat is me heel goed bevallen.” Lachend: “En ook met hem heb ik in de clinch gelegen. Motta vond dat ik meer kon brengen dan ik deed. In de een-op-een-gesprekken pakte hij mij aan. Het is best lastig als je ergens al 3,5 jaar zit, iedereen altijd positief over je is geweest, en een nieuwe trainer ineens zegt dat het niet goed is wat je doet. Achteraf zei Motta dat hij mij alleen had willen triggeren. Hij zei: ‘Ik wist altijd al dat je een van de besten was, maar je gaf altijd honderd procent in plaats van 110.’ Hij heeft voor elkaar gekregen dat ik 110 procent ging geven. Ik heb onder hem een heel goed half seizoen gedraaid. We eindigden dat seizoen als negende in de Serie A.” Na dat seizoen vertrok Jerdy naar PSV. “Ik ben meteen naar Motta gegaan om te zeggen dat PSV zich voor me had gemeld. Motta was bij de onderhandelingen betrokken, wilde me niet laten gaan. Hij zei heel eerlijk: ‘Ik snap jou goed, maar ik ben trainer en als je mij vraagt: mogen we Jerdy verkopen, dan zeg ik nee.’ Het heeft best wat tijd gekost voordat het rondkwam. Ik heb Motta niet meer gesproken, moet hem weer eens een berichtje sturen. Het gaat heel goed met Bologna, ze draaien nu bovenin mee in de competitie. Ik ga hem daar zeker even mee complimenteren.” Voor Motta speelde Jerdy drie jaar onder voormalig topmiddenvelder Sinisa Mihajlovic, die in december 2022 op 53-jarige leeftijd overleed aan leukemie. “Hij heeft mij geïntroduceerd in het Italiaanse voetbal. In Italië is het best bijzonder om een jonge speler meteen belangrijk te maken. Mihajlovic deed dat. Ik had een goede band met hem, al praatte hij niet veel. Het was geen Nederlandse trainer die na elke wedstrijd vertelt wat hij van je vond. Zonder te praten wisten we dat we elkaar mochten. Het was heftig om te zien hoe zijn ziekte langzaam de overhand nam totdat hij overleed.” ‘Hij is een middenvelder, zo zie ik hem abso- luut ook. Alleen kreeg ik de vraag: zie je hem als centrale verdediger voor als hij ouder wordt. Voor als hij wat grijs is, zie ik hem als een centrale verdediger. Voor mij zal dat in ieder geval niet zijn favoriete positie zijn.’ Peter Bosz, december 2023, tijdens een persconferentie. “Toen ik nog in onderhandeling was met PSV, heeft het gesprek met Bosz ook heel erg geholpen. De tactiek en visie van de trainer past bij mij. Hij wil dominant aan de bal zijn en dat wij onze wil aan de tegenstander opleggen. En hij is heel duidelijk, zegt wat hij denkt en laat weten wat hij van jouw prestaties vindt.” Het loopt goed bij PSV. In de Champions League werd overwinterd en de ploeg werd kampioen van de Eredivisie. “De tactiek van de trainer is heel belangrijk, maar wij moeten die wel kunnen uitvoeren. De credits gaan zeker naar de trainer, maar ook naar de technisch directeur en alle anderen die de selectie hebben samengesteld.” Jerdy werd dit seizoen niet altijd als verdedigende middenvelder opgesteld, maar ook geregeld als centrale verdediger. Dat pakte in de uitwedstrijden tegen Feyenoord (1-2) en AZ (0-4) en de play- offs voor de Champions League tegen Rangers (5-1) en de Champions League- wedstrijd thuis tegen Borussia Dortmund (1-1), goed uit. “Meteen in mijn eerste wedstrijd voor PSV tegen Vitesse zette de trainer mij centraal achterin. Ik dacht: weet hij wel dat ik nooit eerder centraal achterin heb gestaan? Eén helftje bij Bologna,meer niet. Blijkbaar hadden de scouts van PSV dat gezien. Ik dacht even: wat gebeurt hier? Ik vind het helemaal niet erg om af en toe centraal achterin te staan, maar uiteindelijk ben ik een middenvelder. Zo wil ik ook gezien worden.” Jerdy is dit seizoen uitgegroeid tot een van de belangrijkste spelers van PSV. “Ik ga ervan uit dat mijn zaakwaarnemer al aan een vervolgstap denkt, daar is hij zaakwaarnemer voor, maar ik ben daar niet mee bezig. Ik doe wat ik moet doen en laat zien wie Jerdy Schouten is. Als er een club komt waar ik geen ‘nee’ tegen kan zeggen, dan zie ik dat dan wel weer. Op dit moment zit ik heel goed bij PSV. Kampioen worden is een droom. Het is niet zo dat mijn carrière dan ook meteen geslaagd is, maar het is wel de reden waarvoor ik hier naartoe ben gekomen. Ik wil prijzen winnen. En als je dan meteen in het eerste jaar kampioen kunt worden, dan is dat fantastisch.” ‘Je ziet duidelijk waar zijn kwaliteiten liggen. Misschien is het dan toch de druk van het Oranje-shirt. Dat zou kunnen. Maar daar zal hij nu dan wel vanaf zijn.’ Ronald Koeman, in november 2023 tegen de NOS. Anderhalf jaar na zijn debuut voor Oranje werd Jerdy weer opgeroepen door Van Gaal-opvolger Ronald Koeman. In november vorig jaar kreeg hij een basisplaats thuis tegen Ierland (1-0). “Koeman is een heel andere trainer dan Van Gaal, we speelden ook een ander systeem, 4-3- 3 in plaats van 5-3-2. Het was weer even wennen.” Na de wedstrijd was er kritiek op zijn spel. Te veel van zijn passes zouden niet zijn aangekomen. “Het gevoel was ontstaan dat ik een heel slechte wedstrijd had gespeeld. In het begin had ik twee of drie slechte ballen verstuurd, die ik normaal niet geef. Daar zijn sommige analisten in blijven hangen. Het waren geen zenuwen, hoor, daar heb ik eigenlijk nooit last van. Het kán ook gewoon een keer gebeuren dat je een slechte bal geeft. Maar als die drie verkeerde ballen over de hele wedstrijd verspreid waren geweest, was het waarschijnlijk niet zo opgevallen.” Na zijn sterke Champions League- optreden tegen Borussia Dortmund als centrale verdediger riep René van der Gijp in Vandaag Inside dat Jerdy een centraal duo met Virgil van Dijk zou moeten vormen in Oranje. “Tim Wolf, de assistent bij PSV, zei tegen me: ‘Heb je gehoord wat Van der Gijp heeft geroepen?" Lachend: “Ik zei: ja, en dat is precies waar ik bang voor was, daarom wil ik niet centraal staan. Ik zie mezelf als middenvelder in het Nederlands elftal. En of ík dan degene ben die naast Frenkie de Jong staat? Dat is de keuze van de bondscoach.” Deze zomer staat het EK in Duitsland op het programma. “Er loopt echt veel kwaliteit rond. Het wordt zoeken voor de bondscoach hoe hij wil spelen en hoe hij die kwaliteit eruit gaat krijgen. Als we dat als team voor elkaar gaan krijgen, dan geef ik ons een grote kans om ver te komen. Het zou heel gaaf zijn als ik erbij mag zijn, en als er dan ook nog een titel gewonnen wordt, dan wordt een droom echt werkelijkheid.” Helden Magazine 71 Het interview met Jerdy Schouten is afkomstig uit de tweede uitgave van 2024. De 71ste editie van Helden Magazine is voor het eerst in België te bewonderen! Deze mijlpaal wordt gevierd met twee verschillende sporters op de cover: Estavana Polman in Nederland en Wout van Aert in België. In een openhartig interview deelt Estavana Polman, het gezicht van het Nederlandse handbalteam, haar verhaal over de voorbereidingen op het olympisch kwalificatietoernooi. Daarbij komen ook haar persoonlijke uitdagingen, zoals haar relatie met Rafael van der Vaart, het moederschap en haar blessures ter sprake. Alleskunner Wout van Aert laat dit jaar de Tour de France schieten en kiest voor het eerst voor de Giro d’Italia. De Belgische renner spreekt zich uit over het nieuwe traject, Mathieu van der Poel, Visma-Lease a Bike en de Olympische Spelen. In deze editie van Helden wordt er ook veel aandacht besteed aan voetbal. Esmee Brugts, bekroond als Talent van het Jaar, maakte afgelopen zomer een droomtransfer naar FC Barcelona. We blikken terug op de legendarische wedstrijd tegen Portugal tijdens het WK van 2006 met Khalid Boulahrouz en bezoeken verdediger Bart Nieuwkoop in Rotterdam. Met Manchester City won Kevin De Bruyne alles wat er te winnen valt. Kenners spreken zich uit over onder meer zijn weergaloze traptechniek en fabuleuze inzicht. In ‘De Dag Dat Alles Misging’ kijken Sigi Lens en Edu Nandlal terug op de vliegtuigcrash in Suriname. Ze hebben de verschrikkelijke SLM-ramp overleefd die zich 35 jaar geleden heeft voorgedaan. Verder in de 140 pagina’s tellende editie deelt marathonloopster Anne Luijten haar bewogen jaar met de lezers. Ze liep de olympische limiet, trouwde, maar verloor ook haar trouwste fan: vader Jos. Zwemfenomeen Ian Thorpe blikt terug op zijn legendarische races en vriendschap met Pieter van den Hoogenband. Victoria Koblenko gaat in gesprek met Ranomi Kromowidjojo, drievoudig olympisch kampioen en zeventienvoudig wereldkampioen zwemmen. Kickbokslegende Peter Aerts, een grootheid in Japan, spreekt onder meer over het oprichten van zijn eigen bond LEGEND. Als laatste is de negentienjarige Collin Veijer de hoop van de Nederlandse motorsportfans, maar wie is hij?

Voetbal

Peter Bosz: ‘Als Oranje niet komt, dan is het ook goed’

PSV breekt onder Peter Bosz (60) [...]
PSV breekt onder Peter Bosz (60) het ene na het andere record. De club staat bovenaan de eredivisie met een straatlengte voorsprong, bereikte de achtste finale van de Champions League en maakt misschien nog wel de meeste indruk met het aantrekkelijke, aanvallende voetbal. Tijd voor een gesprek met de trainer. “Ik hoop dit jaar eindelijk een keer met mijn club kampioen te worden. Dan ben ik van dat gezeur af.” Is dit PSV het beste team waarmee je hebt gewerkt? “Ik ben erom uitgelachen, maar ik vind dit PSV wel degelijk het beste elftal waar ik ooit mee heb gewerkt. Niet alleen omdat we op technisch gebied heel veel goede spelers hebben, maar ook omdat we een echt team zijn. Deze jongens begrijpen allemaal wat ervoor nodig is om elkaar beter te maken. Ze corrigeren elkaar waar nodig, niet om te katten, maar echt om beter te worden. We hebben een aantal leiders in het team die ook uit zichzelf het woord nemen in de kleedkamer, onder wie Luuk de Jong en Guus Til. En we hebben een paar ongelooflijke talenten onder wie Johan Bakayoko en Ismael Saibari, twee spelers die zich enorm hebben ontwikkeld. In een goed team maken ook de invallers het verschil. Dat hebben we in twee competitiewedstrijden bij ons gezien, tegen Vitesse en Ajax. In die wedstrijden waren we slecht begonnen, moest ik in de rust ingrijpen en juist de wissels zorgden dat we de wedstrijd omkeerden. In de doorslaggevende Champions League- wedstrijd tegen Sevilla stonden we 2-0 achter. Saibari, Yorbe Vertessen en Ricardo Peppi vielen in en daarna wonnen we met 3-2, waardoor we doorgingen. In een goed draaiend team klagen de wisselspelers niet. Ze zijn wel ontevreden, maar op het moment dat je ze inzet, presteren ze. Vertessen heeft aan de linkerkant Noa Lang en Hirving Lozano voor zich. Elke keer als ik hem als wisselspeler inzette, stond hij er, maar zat de wedstrijd daarna wel weer op de bank. Ik kan me dus voorstellen dat hij ontevreden is en wellicht weg wil.” PSV draait als een trein dit seizoen. Ben jij het met ons eens als wij stellen dat jij nog zo’n goede trainer kunt zijn, maar dat uiteindelijk goede voetballers het verschil maken? “Volmondig mee eens. Een elftal vol goede voetballers met een slechte trainer zal altijd beter presteren dan een heel goede trainer met een elftal slechte spelers. Spelers zijn echt belangrijker dan een goede trainer. De kracht van dit PSV is dat we een selectie hebben met mooie, zeer diverse karakters. Met alleen maar ideale schoonzonen win je geen wedstrijden. Voetbal is een teamsport, dus moet elke speler zijn kwaliteiten en zijn karakter wel in dienst stellen van het team. Een marathonloper loopt hoofdzakelijk alleen, dus presteert ook in z’n eentje. Na mijn kennismaking met de spelersgroep had ik vrij snel in de gaten dat we technische heel goede spelers hebben. Dan heb ik het over voetbalintelligentie en het vermogen om goed positiespel te spelen, want daarvoor heb je én intelligentie én techniek nodig. Het was mijn taak om hun acties en karakters dienstbaar te maken aan het elftal.” Een bijzonder karakter in jouw selectie is Noa Lang. “Eens. Wij Nederlanders, en daartoe hoor ik ook, hebben snel een oordeel. Nou, Noa is het levende bewijs dat bijna iedereen er helemaal naast zit. Hij heeft een bepaald imago, maar is een van de grootste teamspelers die ik heb meegemaakt. Noa zorgt dat het elftal bij elkaar blijft, is heel sociaal. Bij de laatste training voor kerst kwam hij op de Herdgang en had hij voor iedereen – niet alleen voor de staf en de spelers, maar bijvoorbeeld ook voor de mensen in de keuken – een fles wijn meegenomen. Hoefde hij niet te doen, had niemand om gevraagd, maar hij deed dat wel. ‘Wij Nederlanders, en daartoe hoor ik ook, hebben snel een oordeel. Nou, Noa Lang is het levende bewijs dat bijna iedereen er helemaal naast zit. Noa is heel sociaal’ Wat ook tekenend is: Malik Tillman is een van de nieuwe jongens, hij kwam over van Bayern München. Ik heb nog nooit zo’n verlegen, timide speler meegemaakt, hij durfde me nauwelijks aan te kijken als ik hem sprak. Na een maand of twee ging ik met hem zitten en vroeg of hij het naar zijn zin had. Of hij al een beetje ingeburgerd was bij PSV. ‘Ja,’ zei hij, ‘Noa heeft me bij hem thuis uitgenodigd, hij had ook zijn kapper gevraagd en nog wat vrienden om me echt het gevoel te geven dat ik erbij hoor.’ Dat is toch geweldig? Noa denkt altijd in het belang van het team.” Is Noa Lang een van die twee à drie ‘neeschudders’ die je volgens Johan Cruijff nodig hebt in een selectie naast de gewenste meerderheid van ‘jaknik- kers’? “Ik snap wat jullie bedoelen, maar dan leg ik de term ‘neeschudder’ bij Noa toch anders uit. Hij is een individualist, zeker, en heeft een beslissende individuele actie. Neem de eerste competitiewedstrijd uit bij FC Utrecht waar we niet goed speelden. Noa brak die open met een goal na een individuele actie, maar hij denkt dus ook altijd in het teambelang. Toen hij geblesseerd was voor de uitwedstrijd in de Champions League tegen Sevilla vroeg Noa of hij mee mocht. Normaal laat ik geblesseerde spelers bij uitwedstrijden thuis, ook omdat ze moeten revalideren en omdat het afleidt. Ik vroeg waarom hij dat wilde. Hij antwoordde: ‘Ik wil het elftal steunen, misschien dat het helpt.’ In zijn geval dacht ik: waarom niet? Dus heb ik Noa mee laten gaan. Hij liep niet in de weg en op zijn manier was hij tot we het veld op gingen bezig met het resultaat.” Ken je zijn achtergrond? “Ja, een beetje wel. Toen ik trainer was bij Ajax, speelde hij in de jeugd. Ik ken zijn verhaal, weet van zijn wens om op jonge leeftijd als Rotterdammer per se voor Ajax te willen spelen. Dan ben je wel een persoonlijkheid. Er is een prachtig interview op PSV-tv van Maddy Janssen waarin hij ineens breekt. ‘Wil je dat ik dat fragment eruit haal?’ vroeg Maddy. ‘Nee hoor,’ zei hij, ‘laat maar zien.’ Ook zo mooi wat z’n moeder een keer over hem heeft gezegd: ‘Normaal ben je er als ouder voor je kind, maar hij was er voor mij.’ En dat Nederlands van hem waarover ik soms iets lees; zijn vader is Surinaams, zijn stiefvader is Marokkaans, dan is het toch logisch dat hij niet precies praat als een gemiddeld kind uit Apeldoorn?” Hoe zijn jullie bij hem terechtgekomen? “We zochten nog iemand voor de linkerkant, omdat toen al de kans bestond dat Xavi Simons zou vertrekken. Technisch directeur Earnest Stewart vroeg mij wat ik van Noa vond. Omdat ik hem niet kende en weleens wat over hem had gelezen, was mijn eerste reactie: dat wordt een hele uitdaging. We hebben in Amsterdam met hem en zijn zaakwaarnemer afgesproken. Noa vertelde dat hij aan Hakim Ziyech had gevraagd wat voor trainer ik was. Ik voelde bij Noa een soort parallel met Hakim. Toen ik trainer was van Ajax belde technisch directeur Marc Overmars mij of ik langs wilde komen omdat hij met Ziyech en zijn zaakwaarnemer zat te praten. Ik vroeg hem: Hakim, wat verwacht jij van mij? ‘Alleen maar dat u eerlijk bent,’ antwoordde hij. Noa kende dat verhaal, dus zei hij me in ons gesprek: ‘U moet mij eerlijk zeggen als ik goed speel, maar ook als ik slecht speel.’ Ik heb geen idee of Ajax ook in beeld was, maar wij wilden Noa meteen hebben. Het is wel bijzonder, een speler die van Ajax naar Club Brugge gaat en dan als volgende stap voor PSV kiest en niet voor het buitenland. Vanaf dag één werken we met zoveel plezier met elkaar. Opmerkelijk is dat het in het begin bij ons bijna alleen over Noa ging. Hij roept blijkbaar iets op bij mensen, ook een heleboel weerstand. De mensen die hem kennen, zeggen allemaal: ‘Wat een goed mens, wat een lieve jongen.’ Jullie collega’s hebben een heel grote rol gespeeld in de aanvankelijke beeldvorming rond Noa.” Heb je nog zo’n speler bij PSV? “Ja, we hebben er 23 en dat meen ik. Elke speler heeft een eigen, mooi verhaal, is uniek. Als ik mijn spelers wil leren kennen, neem ik de moeite om met hen over meer dan alleen voetbal te praten. Ik spreek ook met hen over het leven, wat ze willen bereiken in het leven. Het kan over van alles gaan: over hoe ze hun geld willen besteden, over familie. Vaak luister ik alleen maar tijdens die gesprekken.” Opmerkelijk is ook de doorbraak van Jerdy Schouten, op wie Ruud Gullit ons in een interview een keer had gewezen. Hij zei een paar jaar geleden al: ‘Nederlandse topclubs zitten te slapen.’ “Dat heeft Ruud heel goed gezien. Ik wist ook niet dat hij zo goed was, maar van Noa wist ik dat ook niet, althans niet dat hij zó goed was. De carrière van Jerdy is heel bijzonder. Na ADO Den Haag, Telstar en vier jaar Serie A bij Bologna, koos hij bewust voor PSV met als doel het Nederlands elftal te halen. Prachtig om te zien dat hij dat doel binnen zes maanden heeft bereikt.” Je noemde dit PSV het beste team waarmee je hebt gewerkt. Ben jij na AGOVV, De Graafschap, Heracles, Vitesse, Maccabi Tel Aviv, Ajax, Borussia Dortmund, Bayer Leverkusen en Olympique Lyon op je zestigste ook op je best als trainer? “Presteren doen de spelers. Met AGOVV moesten we amateurkampioen van Nederland worden omdat de club anders geen betaald voetbal mocht spelen. Dat is nogal wat. In mijn eerste jaar bij Heracles werden we meteen kampioen van de eerste divisie. Ik ga tegenwoordig heel anders met druk om dan in het begin van mijn carrière, simpelweg omdat ik geen carrière meer hoef te maken. Zo voelt het nu althans. Ik ben zestig, het vijfde kleinkind is onderweg. Mijn privéleven speelt er de grootste rol in dat ik met de gedachte rondloop om na PSV te stoppen als trainer, tenzij de vacature van bondscoach na beëindiging van mijn driejarig contract bij PSV een keer voorbijkomt. Ik wil een actieve opa zijn, hou van skiën, bezoek graag dancefestivals, maar het belangrijkste zijn de kleinkinderen. Ik wil over een tijdje op zaterdagmorgen of zondag bij hen langs de lijn kunnen staan. Mijn oudste kleinkind is negen, speelt bij Robur et Velocitas in Apeldoorn en hem heb ik pas een paar keer zien voetballen.” CRUIJFF-PRINCIPE Jordi Cruijff haalde jou in januari 2016 naar Maccabi Tel Aviv om jouw voetbalfilosofie en mede op advies van zijn vader. “We waren met Mohammed Allach, technisch directeur van Vitesse, op vakantie op Curaçao toen Jordi belde. Allach zag dat ik twijfelde en zei: ‘Je weet niet waar je ‘nee’ tegen zegt, ga nou eens kijken.’ Jordi was al twee jaar bezig mij te strikken, hoewel zijn vader had gezegd dat het hem nooit zou lukken. Ik moet zeggen dat ik daar een geweldig half jaar heb gehad en zeker was gebleven als Ajax niet was gekomen.” Komt jouw voetbalfilosofie overeen met die van Cruijff? “Johan zei altijd: ‘Mensen betalen tegenwoordig heel veel geld voor een kaartje, dan moet je ze iets bieden.’ Toen ik trainer werd, had ik geen idee wat voor trainer ik zou worden. Mijn eerste wedstrijd met AGOVV was voor de beker tegen Feyenoord. Ik had zo’n zwart boekje gekocht dat je elke trainer zag gebruiken om iets op te schrijven, maar had geen idee wat ik wilde noteren, wist niet of ik moest blijven zitten of staan, rustig moest blijven of roepen langs de kant. Ik heb mezelf als het ware als trainer moeten uitvinden. Wat ik wel wist, is dat ik niet hield van spelers met een matige techniek, bij wie de bal van de voet sprong. Heel voorzichtig gezegd hou ik ook niet van wat we ‘domme voetballers’ noemen, ik hou van spelers met voetbalintelligentie. Ik maakte er een sport van om zoveel mogelijk goede voetballers in een elftal te stoppen en zo kwam ik uiteindelijk bij aanvallend voetbal uit. Ik probeer de toeschouwers plezier te bezorgen. Een supporter wil zijn club natuurlijk zien winnen, maar het is toch veel leuker als dat gebeurt met spectaculair voetbal na een opwindende wedstrijd dan na een saaie pot met één gelukkige counter?” Het tegenovergestelde van de opvatting van José Mourinho dus. Lachend: “Laat ik zeggen dat ik een andere trainer ben dan Mourinho, maar hij heeft ongelooflijk veel gewonnen en daar kun je alleen maar respect voor hebben.” De manier waarop Mourinho wint, is tot daaraantoe. Maar de manier waarop hij langs de lijn scheidsrechters belachelijk maakt, hoe hij zich gedraagt tegen collega-trainers, hoe hij en zijn spelers theater maken... Uit pedagogisch oogpunt is dat toch walgelijk? “Ik zou net zoveel titels gewonnen willen hebben, maar niet op de manier zoals hij zich langs de lijn gedraagt. En inderdaad ook niet met de wijze waarop zijn teams spelen. Iedereen heeft zijn eigen stijl, ik kies voor een andere stijl en het is gewoon een feit dat ik daarmee minder prijzen heb gewonnen dan hij. Toen ik twintig was, werd ik trainer van het Apeldoorns pupillenelftal, dus met de beste spelers in die leeftijdsgroep. Daar begon ik meteen al de filosofie van Cruijff toe te passen, bijvoor- beeld door bij de jeugd geen rugdekking toe te passen. Als je dat wel toestaat, leren ze niet van hun fouten, leren ze niet dat ze verkeerd staan te dekken. Dat soort details ging ik toepassen.” Je bent de laatste buiten de familie die Cruijff voor zijn overlijden op 24 maart 2016 heeft meegemaakt en gesproken. Hij kwam naar Israël. “Ja... Hij was heel ziek, maar nog zo positief. Johan vertelde dat hij vlak voor zijn reis naar Israël met zijn vrouw Danny mee was naar de oogarts. ‘Kunt u bij mij ook even kijken?’ vroeg hij. De oogarts zag iets en kon hem helpen. ‘Wat een geluk dat ik met je ben meegegaan, anders had ik het nooit geweten,’ zei hij tegen Danny. Bij Johan was het glas altijd half vol. Ik was zenuwachtig om training te geven toen hij kwam kijken. Ik heb alle mooie oefeningen die ik kon verzinnen achter elkaar laten uitvoeren. Maar hij zat lekker in het zonnetje te kletsen, zal misschien wel iets hebben gezien van de training, maar misschien ook niets. Hij zag een wedstrijd die we met 4-0 of 5-0 wonnen en zei dat hij had genoten van het spel. Was ik helemaal trots. We zouden gaan eten. Ik vroeg aan Jordi of zijn moeder ook meeging. ‘Natuurlijk,’ zei Jordi. Toen belde ik mijn vrouw Jolyn dat ze snel naar het restaurant moest komen. ‘Maar ik ben nog niet eens aangekleed,’ zei ze. Kan me niet schelen, zei ik, al kom je in je blootje, je moet komen. Tja, drie dagen later overleed hij... Ik was zo blij dat ik hem de week daarvoor – en ook nog zo goed – had meegemaakt. Waar hij liep of zat in Tel Aviv, net als Lionel Messi, zaten verslaggevers, fotografen en fans op hem te wachten. Ik moet weleens een handtekening zetten en word op straat af en toe herkend, maar hij? Tijdens dat etentje zaten we met z’n zessen, Jordi en assistent Hendrie Krüzen, Jolyn en ik en Johan en Danny. Eerst kwam de eigenaar, die was gebeld door het personeel. Maar ook de minister van Sport was op de hoogte gesteld en kwam naar onze tafel. Johan zat aan zijn biefstuk, stond keurig op, gaf die mensen een hand en een handtekening, at verder en dan stond de volgende er al. Hoe hij daar mee omging, vond ik zo knap. Als je zo iemand nederig ziet zijn, wie ben ik als simpele ziel uit Apeldoorn dan om iemand een handtekening of een gunst te weigeren? Natuurlijk heb ik Johan bevraagd toen hij in Israël was. En op elke vraag had hij een zinnig antwoord. Tonnie Bruins Slot is zes jaar zijn assistent geweest, hij bekeek in mijn tijd bij Ajax ook de tegenstanders. Tonnie vertelde me dat hij voor de Champions League-finale in 1992 Sampdoria, de tegenstander van Barcelona, moest analyseren. Hij was live gaan kijken, kwam terug en zei: ‘Johan, ik heb nu een spits gezien, Gianluca Vialli, die kun je niet dekken, die is zo sterk dat hij je altijd wegduwt zodat je niet bij hem komt. Bovendien is hij heel technisch en heeft hij een goed schot, niet normaal.’ Johan antwoordde: ‘Nou, dan dekken we hem niet.’ Bruins Slot keek hem vragend aan. Johan zei: ‘Jij zegt toch dat we hem niet kunnen dekken? Nou, dan gaan we hem ook niet dekken. Vialli is gewend dat al die sterke Italiaanse verdedigers in zijn nek zitten, die kan hij beetpakken, waarna hij kan wegdraaien. Op het moment dat hij geen tegenstander voelt, komt hij in een situatie die hij niet gewend is, dus dat gaan we doen.’ Barcelona won in de verlenging door die vrije trap van Ronald Koeman met 1-0. Van dat soort anekdotes geniet ik en leer ik. Wij moesten voor plaatsing voor de Champions League winnen van Glasgow Rangers, vorig seizoen was dat misgegaan. Uit hadden we het moeilijk, we verlorente gauw de bal en het werd 1-1. Indachtig het Cruijff-principe dat als je de bal hebt, je hem ook niet hoeft te veroveren, besloot ik middenvelder Jerdy Schouten als centrale verdediger op te stellen. Jerdy verliest namelijk nooit een bal. We wonnen met 5-1, heus niet alleen door Jerdy achterin, maar het idee was overeenkomstig de gedachten van Johan.” Je vertrok in 2016 uit Israël omdat Ajax belde. Hoe kijk je naar de situatie in Israël op dit moment? “Jolyn en ik hebben een half jaar in Tel Aviv gewoond en ons veilig gevoeld. We hebben een heerlijke tijd gehad en geweldige mensen ontmoet in een heel bijzonder land, mensen die het nu heel moeilijk hebben. We hebben alle historische plekken bezocht, de Dode Zee, Bethlehem, Jeruzalem. De Israëliërs genoten heel erg van het leven, van de dag. Soms zeiden ze tegen ons: ‘Leef nu, want het kan morgen afgelopen zijn.’ Daarom gaan ze graag uit eten, dragen ze graag mooie kleren. We hebben meteen op 7 oktober, de dag van de aanslagen van Hamas, contact gezocht met onze kennissen daar. Het ging goed met ze, maar tegelijkertijd zeiden ze dat het echt goed mis was, dat ze zich grote zorgen maakten en dat het nooit meer zo zou worden als in de tijd dat wij er waren. Na verloop van tijd maakten ze me ook duidelijk dat Israël geen keus heeft, moet reageren en nu niet meer terug kan. Daarover maak ik me dan ook weer zorgen, want dan zie ik de beelden van die kinderen in Gaza. De situatie daar is hartverscheurend met alleen maar verliezers aan beide zijden. De haat wordt na iedere bom alleen maar groter. We hebben het nu over Israël, mede omdat ik daar heb gewerkt, maar kijk eens naar die verschrikkelijke oorlog tussen Oekraïne en Rusland? Dan lees ik tot mijn stomme verbazing dat Vladimir Poetin zich wil opwerpen als de vredesstichter tussen Israël en de Palestijnen... Dat is toch de wereld op zijn kop? Wij hebben in het tweede elftal een Israëlische jeugdspeler, Tai Abed, die rond kerst even is teruggegaan naar zijn familie. Hij vertelde dat een van zijn beste vrienden is opgeroepen voor het leger, zijn telefoon heeft moeten inleveren en geen enkel contact kan hebben met zijn familie en vrienden. Zo heb je natuurlijk ook verhalen van Palestijnse jongens of van de Oekraïners. Ik had bij Vitesse de Oekraïense speler Denys Oliynyk die nu weer in Oekraïne speelt, trainer wil worden en onlangs een paar dagen op de Herdgang bij ons meeliep. Ik vroeg hoe ze in Oekraïne spelen en trainen. ‘Als het luchtalarm afgaat,’ zei hij, ‘rennen we gauw naar binnen en wachten we tot we weer naar buiten mogen.’ Zo surrealistisch. Ik wil niet als ouwe lul overkomen, maar ik maak me zorgen over de verharding in de hele maatschappij. Ik zeg dat wel vaker.” En voetballers hebben een voorbeeldfunctie... “Ja, daarover spraken we al in de kleed- kamer van Feyenoord, toen ik daar in de jaren negentig voetbalde. Met de voetbalwereld kunnen wij op het gebied van acceptatie van andersdenkenden een voorbeeld zijn, mede voor een leefsituatie zorgen waarin alle rassen, kleuren en godsdiensten door elkaar heen lopen en met elkaar omgaan. Ik zit nu 45 jaar in de voetballerij en echt waar, ik zie geen kleur of godsdienst. Je gaat in de kleedkamer op een respectvolle manier met elkaar om, zoals het hoort. Dat is ook zo mooi nu bij PSV, iedereen gaat met respect met elkaar om, ik voel op dat gebied bij ons geen enkele spanning. In de kleedkamer ken je de mens achter het geloof of achter de nationaliteit, dat is veel belangrijker. Ik was altijd wel geïnteresseerd in de achtergrond van spelers. Toen ik in 1998 in Duitsland bij Hansa Rostock voetbalde, had je nog die oorlog in Joegoslavië tussen Servië, Kroatië, Bosnië en Montenegro. We hadden uit elk van die landen een speler in de selectie en wat bleek? Die jongens hadden nul problemen met elkaar, waren vrienden, deden alles samen, terwijl in de landen zelf buren van voor de oorlog erna niet meer met elkaar spraken. Dat is toch de magie van de kleedkamer.” Maak jij je zorgen om de wereld waarin we leven? “Er zijn over de hele wereld altijd oorlogen geweest, maar onze generaties in West-Europa hebben geen oorlog gekend. Ik maak me de laatste paar jaar voor het eerst zorgen dat een oorlog wel heel dichtbij komt. Het achtuurjournaal kijk ik altijd, als het even kan de actualiteitenrubrieken en lees veel zodat ik via zoveel mogelijk kanten geïnformeerd word. Ik ben zeven jaar weggeweest uit Nederland en maak me zorgen om de verharding in onze maatschappij.” STRESS Marc Overmars haalde jou in 2016 naar Ajax. Hoe kijk je naar wat hij heeft gedaan? En wat vind jij van zijn straf dat hij een jaar lang niet werkzaam mag zijn in het voetbal vanwege grensoverschrijdend gedrag in zijn tijd bij Ajax? “Marc is een vriend van mij. Wat hij heeft gedaan, is fout. Ik heb hem gezegd dat hij zich als een klootzak heeft gedragen. Als ik Ajax was, had ik het anders aangepakt. Ik had hem direct op non-actief gesteld, een onderzoek ingesteld en er daarna conclusies aan verbonden. Ik denk dat de situatie bij The Voice Of Holland een rol heeft gespeeld in hoe dit alles is gegaan. Maar het is helaas niet terug te draaien. Marc is aan de schandpaal genageld. De prijs die hij en zijn familie hebben betaald is hoog. En nogmaals hij is zelf echt een klootzak geweest. Maar de straf die hij er nu nog bovenop heeft gekregen van de KNVB en de FIFA vind ik niet terecht.” Overmars, Edwin van der Sar, de broers Koeman, Henk de Jonge en Foeke Booy hebben als trainer in korte tijd allemaal zware fysieke problemen gekend. Kan er een verband bestaan met de grote stress van het trainerschap? “Dat weet ik niet, bij Ronald en Erwin zat het blijkbaar in de genen, maar laat duidelijk zijn dat we een enorm stressvol beroep hebben. Ik denk dat ik na al die jaren weet hoe ik met de spanning moet omgaan, maar ook als je elke week wint, blijft het stressvol. Wel minder dan als je veel verliest, maar toch. Het is zorgelijk, Marc die een hartaanval krijgt op z’n 49ste, Edwin die ook al de ziekte van zijn vrouw had meegemaakt; dat zijn vreselijke dingen. Ik ben geen deskundige, weet dus ook niet of er oorzaak en gevolg is. Ik weet wel dat ik twintig jaar voetballer ben geweest en nu twintig jaar trainer, nou, neem van mij aan dat het trainerschap veel stressvoller is. Als speler kon ik m’n energie op het veld kwijt, de trainer wordt altijd als eerste afgerekend op slechte resultaten. Dat kleeft aan dit beroep. In Engeland duurt het gemiddelde contract van een manager een jaar en vier maanden. Lyon is na mijn vertrek in 2022 toe aan zijn derde trainer.” Veel teams werken tegenwoordig met een sportpsycholoog, maak jij daar ook gebruik van? “Ik praat al twintig jaar met psycholoog Paul van Zwan over bijvoorbeeld teamprocessen. Daarnaast bespreek ik heel veel met mijn vrouw Jolyn, zij is mijn uitlaatklep. Ik vind mijn staf heel belang- rijk, ik werk graag met vaste assistenten, zo heb ik jarenlang met Hendrie Krüzen gewerkt. Hij was mijn grote steun en toeverlaat, onze scheiding heeft er bij mij echt ingehakt. In Lyon lukte het hem niet om Frans te leren, de voertaal op de club. De kracht van Hendrie is communiceren; als je de taal niet beheerst, kun je ook geen contact maken. Daarom is hij eerder vertrokken en teruggegaan naar Heracles. Ik had hem zeker meegenomen naar PSV als hij dat had gewild, maar hij wilde bij Heracles met pensioen gaan. Dat begreep ik en gunde ik hem, we zijn nog steeds heel goede vrienden, maar ik mis hem wel. Om terug te komen op een psycholoog, ik betrek mijn staf bij alles en heb bovendien de opvatting dat de staf en ik met de spelers moeten communiceren en dat ik dat niet moet overlaten aan een derde persoon.” Welk ontslag heeft jou het meest boos gemaakt? “Dat bij Bayer Leverkusen. Ik begon vlak voor de winterstop in 2018 met een nederlaag, toen stonden we twaalfde. Aan het eind van dat seizoen haalden we de Champions League, het seizoen daarop werden we pas in de kwartfinale uitgeschakeld. In mijn derde jaar stonden we bovenaan in de winterstop, maar verloren wel de laatste wedstrijd van dat jaar met 2-1 van Bayern München. Twee maanden later werd ik ontslagen. Onze eerste keeper was geblesseerd geraakt en zijn vervanger maakte een paar grote fouten. We verloren in Berlijn van Hertha BSC en een dag later belde Rudi Völler me of ik bij hem thuis kon komen. We stonden zesde en de leiding dacht niet dat ik het tij nog kon keren. Het deed ze pijn, maar ze konden niet anders, zeiden ze. Ik was niet boos, maar echt oprecht teleurgesteld. Ik had het daar zo naar mijn zin. En sinds dat ontslag in 2021 hebben ze me elke verjaardag gebeld om me te feliciteren.” OPA Jij vertelde net dat je ook nog een actieve opa wil zijn en dat PSV daarom weleens je laatste club zou kunnen zijn als trainer. Veel oud-voetballers en trainers vinden terugkijkend dat ze als vader tekortschoten en proberen dat te compenseren met aandacht voor hun kleinkinderen. Herken jij dat? “Ja, vandaar ook dat besluit. Ik kan me nu al verheugen op de tijd met mijn kleinkinderen. Ik heb er een die Pep heet, hij is ook nog groot fan van Peppi die bij ons speelt. Pep logeerde bij ons, zat televisie te kijken en begon ineens ‘Noano, Noano’ te roepen. Ik keek hem aan en hij begon weer ‘Noano’ te roepen. Zat hij op ESPN een wedstrijd van ons te kijken met Noa Lang. Ken je Noa, vroeg ik. ‘Ja opa,’ zei hij en zong Noano 7K op je feestje, het nummer dat Noa Lang heeft uitgebracht en dat een grote hit is onder de jeugd. Toch groots?” Heel mooi dat je straks wil genieten van de kleinkinderen. Maar er zijn al eerder trainers geweest die ook dat idee hadden, maar toch besloten door te gaan toen er een mooie aanbieding kwam. Wat als er een heel mooie club belt? “Stel dat in het hypothetische geval Manchester City over drie jaar met een prachtig verhaal komt, dan zal ik heus wel luisteren. Maar dan nog... Jolyn heeft zich zeven jaar lang in het buitenland telkens opnieuw moeten zien te redden. Elke keer weer moesten we ons huis verlaten en een nieuw huis inrichten, nieuwe vrienden maken. Dat is nogal een opgave. Dat trekt een wissel op je. We wonen nu heerlijk in het centrum van Eindhoven, niet ver van onze families. Wat willen we nog meer? En als Oranje niet komt, is het ook goed.” Je hebt vaak lof gekregen voor de manier waarop jouw teams spelen, maar bent nog nooit landskampioen geworden als trainer. Dat is je al geregeld ingewreven. Waarop hoop je nog in je loopbaan? Lachend: “Ik hoop dat ik heel veel mensen een heleboel voetbalplezier mag bezorgen, zoals ik de supporters van PSV de eerste zes maanden van het seizoen blij heb gemaakt. Ik hoop dat ik heel lang in goede gezondheid van mijn kinderen en kleinkinderen kan genieten, dat ik ze kan vasthouden en knuffelen, dat ik ze zie opgroeien en volwassen zie worden. Daarnaast hoop ik dat het goede personen worden, dat ze op hun manier iets kunnen bijdragen aan een betere wereld dan waarin we nu leven. Uiteindelijk zijn wíj schuldig, hebben wij een wereld gecreëerd waarin onze kinderen nu leven. En ja, ik hoop dit jaar eindelijk een keer met mijn club kampioen te worden. Dan ben ik van dat gezeur af.” Helden Magazine 70 Het  interview met Peter Bosz komt voort uit het eerste nummer van 2024. Jutta Leerdam schittert op de cover van de zeventigste editie van Helden. Ze heeft een grote schare fans en volgers. Hoe kijkt ze naar zichzelf? En hoe kijken anderen naar haar. ‘’Echt, schaatsen staat bij mij altijd voorop.’’ In Helden Magazine 70 is er veel aandacht voor de wintersporten. Het jonge Amerikaanse fenomeen Jordan Stolz vragen we naar zijn geheim en de samenwerking met Irene Schouten en Jillert Anema. Shorttrackzusjes Xandra en Michelle Velzeboer veroveren samen de wereld, een dubbelinterview in aanloop naar de WK in Rotterdam. Collega-shorttracker Jens van ’t Wout ontmoet Victoria Koblenko. Daarnaast is er ook aandacht voor voetbal. Calvin Stengs is helemaal terug, schittert bij Feyenoord en Oranje. We gingen langs bij Calvin, zijn vriendin Beau de Boer – dochter van Frank de Boer – en zoontje Saint. Frits Barend eert Ruud Geels, de vaak verguisde spits die in november overleed en oud-voetballer Michael Mols spreekt over de tumor die in zijn hoofd werd ontdekt. Verder kwam wielrenner Milan Vader in 2022 zwaar ten val, lag in coma en keerde na een lange revalidatie terug aan de top, met dank aan vriendin Ilse Lutke die niet van zijn zijde week. Veldrijdster Fem van Empel is een multitalent, maar het is wel wennen dat iedereen haar vergelijkt met Mathieu van der Poel. Tallon Griekspoor is de beste tennisser van Nederland, we spraken hem samen met zijn broers Kevin en Scott in aanloop naar de ABN AMRO Open. Als laatste stroomt het racen bij duizendpoot Tom Coronel door zijn bloed. “Max Verstappen is beter dan iedereen die ik ooit heb gezien.” Wil je het hele nummer lezen? Bestel Helden Magazine 70 via onze webshop. Geen inspirerende sportverhalen missen van jouw favoriete sporters? Kies het abonnement dat bij jou past en word abonnee.

Voetbal

Calvin Stengs: Come back kid

Na avonturen in Alkmaar, Nice en Antwerpen zijn Calvin [...]
Na avonturen in Alkmaar, Nice en Antwerpen zijn Calvin Stengs (25), Beau de Boer (23) – dochter van Frank de Boer – en zoontje Saint (bijna 1) vorige zomer neergestreken in Rotterdam. Bij Feyenoord speelt de middenvelder zich wekelijks in de schijnwerpers. Ook keerde hij terug in het Nederlands elftal. “Beau heeft verstand van voetbal, het zou raar zijn als ze dat niet zou hebben.” De voordeur zwaait open, hondjes Lio en Simba beginnen te blaffen. “Joehoe, papa is thuis.” Calvin Stengs aait de honden, geeft zoontje Saint, die vrolijk begint te brabbelen, een kus. Daarna komt hij naast vriendin Beau de Boer zitten, die net begint te vertellen over hun eerste ontmoeting, ruim zes jaar geleden. Beau: “We zaten bij elkaar op school, op het Johan Cruyff College in Amsterdam.” Calvin: “Jij kwam dat schooljaar iets later binnenstromen. Jouw vader was toen trainer van Internazionale. Hij werd – heel vervelend voor hem – snel ontslagen, en toen kwam jij weer terug naar Nederland.” Beau: “Ik had me al ingeschreven, maar toen het schooljaar begon, verhuisden we ineens naar Milaan. Drie maanden later kon ik alsnog aan de opleiding beginnen.” Calvin: “Eigenlijk zaten we maar twee maanden echt bij elkaar op school, tot het moment dat ik doorstroomde naar het eerste van AZ. Toen ben ik gestopt. We kenden elkaar dus wel al, maar pas later hebben we echt contact gekregen. Dat begon via Instagram.” Beau: “Ik had mijn vader weleens wat over je horen zeggen en ik wist dat je bij mij op school zat. Je was goed bezig, dat wist ik wel. En toen raakte je zwaar geblesseerd.” Calvin knikt: “Ik had mijn debuut gemaakt, het had mijn jaar moeten worden.” Maar een half jaar later scheurde Calvin de kruisband van zijn rechterknie en lag er anderhalf jaar uit. Beau: “Toen dat gebeurde, was mijn vader trainer van Crystal Palace. Ik weet nog dat ik hem hoorde praten over jou, dat hij het zo erg voor je vond.” Calvin: “Ik wist dat je de dochter van Frank de Boer was. Op school was dat algemeen bekend.” Beau: “Toen je een half jaar aan het revalideren was, kregen wij meer contact. Ik vond je knap, lekker normaal, nuchter en grappig. We hadden ook dezelfde interesses.” Calvin: “We konden goed met elkaar praten en vonden inderdaad dezelfde dingen leuk. Op een gegeven moment werden we verliefd. Een van de eerste keren dat we afspraken, was bij mij thuis. Mijn moeder zou weg zijn. We zouden gaan eten samen en een beetje chillen.” Beau: “Jouw moeder zou met een vriendin een nachtje logeren in een hotel, maar die vriendin werd ziek. Ze kwam dus weer thuis.” Calvin: “Jij ontmoette dus meteen mijn moeder. Ze vond het alleen maar leuk dat je er was. Een van onze eerste echte dates was in Michiu, een restaurant in Amsterdam. Jij was zeventien, ik achttien, sindsdien zijn we altijd samen.” Beau: “Jij ontmoette ook vrij snel mijn familie.” Calvin: “De eerste keer dat ik bij jullie thuiskwam, was jouw vader voor mij gewoon Frank de Boer; de voetballer en trainer. In het begin was dat wel een beetje aftasten.” Lachend: “Ik was wel wat stiller dan normaal. Gelukkig werd het al snel heel normaal. Frank bracht me de eerste keer meteen thuis en was heel relaxed. Hij houdt er niet van om het alleen maar over voetbal te hebben. We speelden vaak een spelletje, daar houden jullie heel erg van. En we hadden het in die tijd ook veel over handbal.” Calvin: ‘De eerste keer dat ik bij jullie thuiskwam, was jouw vader voor mij gewoon Frank de Boer; de voetballer en trainer. In het begin was dat wel een beetje Beau: “Ik speelde bij VOC Amsterdam.” Calvin: “Toen ik jou ontmoette wist ik dat je handbalde, maar pas toen ik wedstrijden van jou ging kijken, zag ik dat je echt goed was. Ik volg de Nederlandse handbalsters nu ook, door jou ben ik die sport heel leuk gaan vinden. Jij speelde vaak op zaterdag, soms moest ik dan zelf trainen of spelen. Als ik kon, kwam ik kijken. En jij kwam dan op zondag bij mij kijken bij AZ.” Huismussen Saint wordt moe en begint te sputteren. Beau vraagt aan Calvin: “Breng jij hem even naar bed?” Calvin springt op en neemt Saint mee. Wat voor vader is Calvin? Beau: “Heel easy. Maar we zijn allebei heel makkelijk met Saint.” Hoe ziet een normale week van jou eruit? Beau: “Wij zijn allebei best wel huismussen, zijn graag thuis op zaterdagavond. Nu zorg ik nog fulltime voor Saint, maar we staan wel op de wachtlijst voor een plekje op de crèche. Eén dag in de week heb ik een vaste oppas, zodat ik ook mijn eigen dingen kan doen. Ik ben aangesloten bij een agency, zij regelen samenwerkingen voor mij op Instagram. Dat is nu mijn werk, maar dat is niet fulltime, hoor.” Helden Magazine 70 Het eerste gedeelte van het interview met Calvin Stengs en Beau de Boer komt voort uit het eerste nummer van 2024. Jutta Leerdam schittert op de cover van de zeventigste editie van Helden. Ze heeft een grote schare fans en volgers. Hoe kijkt ze naar zichzelf? En hoe kijken anderen naar haar. ‘’Echt, schaatsen staat bij mij altijd voorop.’’ In Helden Magazine 70 is er veel aandacht voor de wintersporten. Het jonge Amerikaanse fenomeen Jordan Stolz vragen we naar zijn geheim en de samenwerking met Irene Schouten en Jillert Anema. Shorttrackzusjes Xandra en Michelle Velzeboer veroveren samen de wereld, een dubbelinterview in aanloop naar de WK in Rotterdam. Collega-shorttracker Jens van ’t Wout ontmoet Victoria Koblenko. Daarnaast is er ook aandacht voor voetbal. Peter Bosz is met PSV hard op weg naar zijn eerste landstitel. De kans is groot dat PSV zijn laatste club is als trainer. Frits Barend eert Ruud Geels, de vaak verguisde spits die in november overleed en oud-voetballer Michael Mols spreekt over de tumor die in zijn hoofd werd ontdekt. Verder kwam wielrenner Milan Vader in 2022 zwaar ten val, lag in coma en keerde na een lange revalidatie terug aan de top, met dank aan vriendin Ilse Lutke die niet van zijn zijde week. Veldrijdster Fem van Empel is een multitalent, maar het is wel wennen dat iedereen haar vergelijkt met Mathieu van der Poel. Tallon Griekspoor is de beste tennisser van Nederland, we spraken hem samen met zijn broers Kevin en Scott in aanloop naar de ABN AMRO Open. Als laatste stroomt het racen bij duizendpoot Tom Coronel door zijn bloed. “Max Verstappen is beter dan iedereen die ik ooit heb gezien.” Wil je het hele nummer lezen? Bestel Helden Magazine 70 via onze webshop. Geen inspirerende sportverhalen missen van jouw favoriete sporters? Kies het abonnement dat bij jou past en word abonnee.

Voetbal

Michael Mols: ‘Ik zeg k, nooit het hele woord’

Het bevrijdende telefoontje liet afgelopen herfst een week langer [...]
Het bevrijdende telefoontje liet afgelopen herfst een week langer op zich wachten en luidde: ‘De tumor is goedaardig en helemaal weg; je bent schoon.’ Een half jaar eerder had Michael Mols (53) zijn loopproblemen zelf nog toegeschreven aan zijn net geopereerde knie en het slechter zien aan zijn leeftijd. Maar de oorzaak bleek veel ernstiger: een hersentumor. Die diagnose en het daaropvolgende traject onderging de voormalige spits van onder meer Cambuur, FC Twente, FC Utrecht, Glasgow Rangers, ADO en Feyenoord en zesvoudige international op optimistische en ogenschijnlijk bijna flegmatieke wijze. Thuis in Badhoevedorp begint Michael bij het goede nieuws. “Dat verlossende telefoontje kwam dus niet op 9, maar op 16 november en die extra wachttijd was wel even vervelend. Ik heb me maar vastgehouden aan de gedachte dat geen nieuws, goed nieuws is. Gelukkig was het inderdaad een uitermate gunstig telefoontje. Ze hadden de tumor helemaal weg kunnen halen en ik mocht ook weer alles doen. Voor ik dat telefoontje kreeg, moest ik me strikt aan de regels houden: niks alleen doen, ook de hond niet uitlaten. De artsen waren bang dat er iets mis kon gaan: ik zou kunnen vallen of een epileptische aanval krijgen. Helden Magazine 70 Het eerste gedeelte van het interview met Michael Mols komt voort uit het eerste nummer van 2024. Jutta Leerdam schittert op de cover van de zeventigste editie van Helden. Ze heeft een grote schare fans en volgers. Hoe kijkt ze naar zichzelf? En hoe kijken anderen naar haar. ‘’Echt, schaatsen staat bij mij altijd voorop.’’ In Helden Magazine 70 is er veel aandacht voor de wintersporten. Het jonge Amerikaanse fenomeen Jordan Stolz vragen we naar zijn geheim en de samenwerking met Irene Schouten en Jillert Anema. Shorttrackzusjes Xandra en Michelle Velzeboer veroveren samen de wereld, een dubbelinterview in aanloop naar de WK in Rotterdam. Collega-shorttracker Jens van ’t Wout ontmoet Victoria Koblenko. Daarnaast is er ook aandacht voor voetbal. Peter Bosz is met PSV hard op weg naar zijn eerste landstitel. De kans is groot dat PSV zijn laatste club is als trainer. Calvin Stengs is helemaal terug, schittert bij Feyenoord en Oranje. We gingen langs bij Calvin, zijn vriendin Beau de Boer – dochter van Frank de Boer – en zoontje Saint. Frits Barend eert Ruud Geels, de vaak verguisde spits die in november overleed. Verder kwam wielrenner Milan Vader in 2022 zwaar ten val, lag in coma en keerde na een lange revalidatie terug aan de top, met dank aan vriendin Ilse Lutke die niet van zijn zijde week. Veldrijdster Fem van Empel is een multitalent, maar het is wel wennen dat iedereen haar vergelijkt met Mathieu van der Poel. Tallon Griekspoor is de beste tennisser van Nederland, we spraken hem samen met zijn broers Kevin en Scott in aanloop naar de ABN AMRO Open. Als laatste stroomt het racen bij duizendpoot Tom Coronel door zijn bloed. “Max Verstappen is beter dan iedereen die ik ooit heb gezien.” Wil je het hele nummer lezen? Bestel Helden Magazine 70 via onze webshop. Geen inspirerende sportverhalen missen van jouw favoriete sporters? Kies het abonnement dat bij jou past en word abonnee.

Voetbal

Ruud Geels: De meesterspits die taboes doorbrak

Ruud Geels was een bijzondere [...]
Ruud Geels was een bijzondere voetballer, op en naast het veld. Op 18 november 2023 overleed hij. De man die zowel voor Ajax, Feyenoord als PSV uitkwam en overal aan de lopende band scoorde, werd 75 jaar. Frits Barend was bij zijn afscheid, had een speciale band met de vaak verguisde spits. “Papa, opa, je bent altijd een gever geweest.” In de toespraken bij zijn afscheid op 25 november benadrukten familieleden en vrienden keer op keer de grootsheid van de mens Ruud Geels. Toen op 18 november bekend werd dat Ruud op 75-jarige leeftijd was overleden, dacht ik meteen terug aan het interview dat Henk van Dorp en ik met hem hadden, begin 1984. Ruud was op z’n 35ste gestopt met voetbal en voor Vrij Nederland wilden we de spits die vijf keer topscorer van de eredivisie werd, graag spreken. Hij had in onze ogen niet het afscheid gekregen dat hij verdiende. We vonden ook dat de twintig interlands die hij speelde – en waarin hij elf keer scoorde – aan de magere kant was voor een spits met zo’n neus voor de goal. Wat begon als een ‘gewoon’ interview mondde uit in een heel bijzonder en openhartig gesprek. Ruud zei: “Ik wil graag alles vertellen wat ik al die jaren heb meegemaakt. Het publiek heeft geen idee aan welke spanningen een topvoetballer blootstaat.” Het leidde tot het omvangrijke VN-kleurkatern ‘Ruud Geels’ met als kop: ‘Toen ik tegen mijn vrouw zei: ik stop, antwoordde zij: gelukkig Ruud, daar ben ik heel blij om.’ In zijn huis in Haarlem sprak hij over zijn brommer bij Feyenoord, de zogenaamde humor van Ruud Krol, Wim Suurbier en Rinus Israel en zijn daaraan gekoppelde angst voor de maaltijden tijdens het WK voetbal in 1974, de dood van zijn teamgenoot Nico Rijnders en zijn relatie met trainers als Hans Kraay, Ernst Happel, Rinus Michels en Barry Hughes. Na zijn overlijden heb ik het verhaal erbij gepakt. Veel thema’s – waaronder het omgaan met immense druk en pestgedrag – die vandaag de dag spelen, had Ruud destijds al aangekaart. Ruud was nog maar zeventien toen hij op 22 juni 1966 een telegram ontving van Feyenoord. ‘Wilt u mij hedenavond 22.00 uur bellen 01806-2918 = Kerkum.’ Een paar dagen later zat Ruud, op dat moment speler van Telstar, in een hotel in Haarlem aan tafel met de net gestopte en meteen bestuurder geworden Gerard Kerkum. “Ik kan me nog herinneren dat Kerkum zei: ‘U mág bij ons komen voetballen.’ Ik vond alles prachtig, wilde eigenlijk niet weg bij Telstar, maar ik kon 13.000 gulden verdienen. Wist ik veel. Ik vond met de 3500 gulden die ik bij Telstar verdiende dat ik een wereldcontract tekende.” Helden Magazine 70 Het eerste gedeelte van het verhaal over Ruud Geels komt voort uit het eerste nummer van 2024. Jutta Leerdam schittert op de cover van de zeventigste editie van Helden. Ze heeft een grote schare fans en volgers. Hoe kijkt ze naar zichzelf? En hoe kijken anderen naar haar. ‘’Echt, schaatsen staat bij mij altijd voorop.’’ In Helden Magazine 70 is er veel aandacht voor de wintersporten. Het jonge Amerikaanse fenomeen Jordan Stolz vragen we naar zijn geheim en de samenwerking met Irene Schouten en Jillert Anema. Shorttrackzusjes Xandra en Michelle Velzeboer veroveren samen de wereld, een dubbelinterview in aanloop naar de WK in Rotterdam. Collega-shorttracker Jens van ’t Wout ontmoet Victoria Koblenko. Daarnaast is er ook aandacht voor voetbal. Peter Bosz is met PSV hard op weg naar zijn eerste landstitel. De kans is groot dat PSV zijn laatste club is als trainer. Calvin Stengs is helemaal terug, schittert bij Feyenoord en Oranje. We gingen langs bij Calvin, zijn vriendin Beau de Boer – dochter van Frank de Boer – en zoontje Saint. Oud-voetballer Michael Mols spreekt over de tumor die in zijn hoofd werd ontdekt. Verder kwam wielrenner Milan Vader in 2022 zwaar ten val, lag in coma en keerde na een lange revalidatie terug aan de top, met dank aan vriendin Ilse Lutke die niet van zijn zijde week. Veldrijdster Fem van Empel is een multitalent, maar het is wel wennen dat iedereen haar vergelijkt met Mathieu van der Poel. Tallon Griekspoor is de beste tennisser van Nederland, we spraken hem samen met zijn broers Kevin en Scott in aanloop naar de ABN AMRO Open. Als laatste stroomt het racen bij duizendpoot Tom Coronel door zijn bloed. “Max Verstappen is beter dan iedereen die ik ooit heb gezien.” Wil je het hele nummer lezen? Bestel Helden Magazine 70 via onze webshop. Geen inspirerende sportverhalen missen van jouw favoriete sporters? Kies het abonnement dat bij jou past en word abonnee.

Voetbal

Nathan Aké: ‘Alles is op z’n plek gevallen’

  Nathan Aké (28) had een droomseizoen. Hij won met zijn [...]
  Nathan Aké (28) had een droomseizoen. Hij won met zijn club Manchester City de treble: het landskampioenschap, de FA Cup en de Champions League. Daarnaast groeide hij uit tot steunpilaar van Oranje. Al op zijn zestiende vertrok hij naar Engeland, zijn geduld werd op de proef gesteld, maar nu heeft hij toch de absolute top gehaald. Al [...]

Voetbal

Lutsharel Geertruida: Oost, west, zuid best

Lutsharel Geertruida werd met Feyenoord kampioen [...]
Lutsharel Geertruida werd met Feyenoord kampioen en maakte zijn debuut in het Nederlands elftal. Binnen de lijnen kent de 23-jarige verdediger geen genade, buiten het veld is hij rustig en zachtaardig. Wij legden de jongen uit Rotterdam Zuid zeven stellingen voor. Vorig seizoen met Feyenoord was het mooiste van mijn leven “Absoluut. We zijn kampioen geworden en ik heb mijn debuut gemaakt voor het Nederlands elftal,” zegt Lutsharel Geertruida, die niet meer weg te denken is uit de verdediging van Feyenoord. Hij had een groot aandeel in het kampioenschap vorig seizoen. Op 19 maart besliste hij de Klassieker, met een rake kopbal in de 86e minuut. Zijn specialiteit. Feyenoord won uit bij Ajax met 3-2. “Er was een hoekschop. Ik zag de bal op me afkomen en ik wist meteen hoe laat het was. Het was een mooi moment. Ik denk er niet meer zo vaak aan terug, hoor, het is al langer dan een half jaar geleden. Ik sta daar nu niet meer bij stil.” Voor de wedstrijd stond Feyenoord nog ‘slechts’ drie punten voor op Ajax. Lutsharels doelpunt betekende de genadeklap voor Ajax in de strijd om de landstitel. “Achteraf bleek het een heel grote overwinning. Daarna wisten we: het is klaar, wij gaan dit niet meer weggeven.” Lachend: “De rest is geschiedenis. In 2017, tijdens het vorige kampioenschap van Feyenoord, vierde Lutsharel het feest nog mee in het stadion als supporter, in mei was hij een van de spelers die op het bordes op de Coolsingel werd toegejuicht. “Dat was bizar en gek om mee te maken. Voor mij was het een extra grote droom die uitkwam, als jongen uit Rotterdam Zuid.” Je kunt de jongen uit Rotterdam Zuid halen, maar Zuid niet uit de jongen Lutsharel lachend: “Ja, dat is wel zo.” Bij Het Legioen is Lutsharel geliefd. De Feyenoord-aanhang maakte zelfs een lied voor hem. ‘Lutsharel Geertruida Geboren hier op Zuid Hij droomde al van kleins af aan Van spelen in de Kuip Nu vele jaren later Kan niemand om hem heen Geertruida in het shirt Van ons mooie Feyenoord één.’ “De fans vinden het mooi dat ik uit Zuid kom. Ik heb er ook een heel fijne jeugd gehad, was vaak buiten op straat met vrienden. Mijn vriendengroep bestaat uit vier jongens. Wij kennen elkaar al bijna twintig jaar. Wij waren altijd aan het voetballen. Na schooltijd wilde ik het liefst zo snel mogelijk naar huis om naar het pleintje te kunnen. Ik wilde profvoetballer worden en heb er altijd vertrouwen in gehad dat mij dat zou lukken.” Lutsharel groeide op met vader Luthson en moeder Sharmine, beiden afkomstig van Curaçao, en oudere zus Luthgarmine. “We hebben een heel hechte band. Ik spreek mijn ouders en zus iedere dag. Aan de telefoon of via onze groepsapp. Ze zijn super betrokken bij mijn carrière. Elke thuiswedstrijd in de Kuip zijn ze er sowieso bij.” Het gezin woonde in een appartementencomplex in wijk Feijenoord, niet ver van de Kuip. Vanuit de keuken keek je uit op het grote binnenplein met daarop een voetbalveldje, waar Lutsharel als kleine jongen altijd te vinden was. Op zijn vijfde begon hij officieel met voetbal, bij voetbalclub Overmaas. Vervolgens speelde hij twee jaar bij Spartaan ’20, waarna hij terechtkwam in de jeugdopleiding van Sparta. Maar als klein jochie riep hij al hardop, ook tegen zijn jeugdtrainers bij Sparta: ooit speel ik in de Kuip. “Waar bij mij die liefde voor Feyenoord vandaan kwam? Gewoon, van de buurt en het pleintje.” Zijn slaapkamer hing vol met Feyenoord posters, vlaggen en clubtenues. Zijn idool: Dirk Kuyt. “Toen Kuyt stopte met voetbal, werd hij mijn trainer in de jeugd. Dat was wel bijzonder.” Als Lutsharel zijn slaapkamerraam opendeed, kon hij zelfs Het Legioen horen juichen in de Kuip. “Dat motiveerde mij. Ik wilde daar ook staan.” Vader Luthson werkte als muziekdocent op een middelbare school. Sharmine was boekhoudkundig medewerker en reisde op haar vrije dagen met de bus en metro om Lutsharel af te zetten op het trainingscomplex van Sparta. “Mijn ouders hebben veel voor me gedaan. Op sommige dagen moest mijn vader eerder weg van zijn werk om mij te brengen of halen. Dat deden ze gewoon.’’ Na vier jaar Sparta, Lutsharel was twaalf, stond droomclub Feyenoord op de stoep. Lachend: “En ik ben er nog steeds.” In de jeugdopleiding van Feyenoord begon hij als aanvaller, maar al snel werd hij omgeschoold tot verdediger. In de jeugd was hij al een fysieke speler, kopsterk, voor geen tegenstander bang en bereid hard te werken. ‘Als ik nu langs de pleintjes kom waar ik vroeger heb gespeeld, zie ik bijna niemand meer. Misschien dat de jongens nu aan het gamen zijn’ Toch werd hij nooit gezien als het grote talent. Hij scoorde altijd een zeven, niet extreem goed, maar zeker ook niet slecht, zei voormalig hoofd jeugdopleiding Richard Grootscholten in Voetbal International. Lutsharel: “Ik heb er inderdaad altijd heel hard voor moeten werken op het veld. Het kwam mij zeker niet aanwaaien.” Rotterdam Zuid zit in zijn genen. Net als het maken van muziek. Samen met rapper Dubbel T bracht hij in 2022 het nummer On Top uit. ‘Weet waar ik vandaan kom, my life was niet easy. Mijn familie moet eten, ik ben op een missie,’ rapt Lutsharel in het nummer. “Ik wilde wat terug kunnen doen voor mijn familie, profvoetballer worden en kampioen worden in de Kuip. Die missie móest gewoon slagen.” Onderweg op ‘zijn missie’ waren er meer belangrijke momenten. In oktober 2017 maakte Lutsharel zijn debuut voor Feyenoord in de KNVB-bekerwedstrijd tegen Swift, onder toenmalige trainer Giovanni van Bronckhorst. Drie jaar later maakte hij zijn eerste doelpunt in de Kuip tegen ADO Den Haag, de 1-1, bij een 4-2 overwinning, in september 2020. “Dat was fantastisch, hoor. Maar mijn mooiste herinnering is toch het kampioenschap van vorig jaar. Dat overstijgt toch alles?” De wijk Feijenoord staat niet bekend als de meest veilige buurt in Rotterdam. De familie Geertruida is juist trots op hun buurt. “Als ik nu langs de pleintjes kom waar ik vroeger heb gespeeld, zie ik bijna niemand meer. Misschien dat de jongens nu meer aan het gamen zijn.” Lutsharel kan er niet anoniem over straat. “Ik word altijd benaderd door jongeren. Dat vind ik wel leuk, het hoort erbij. Ik hoop dat ik die jongeren kan helpen, dat ik een voorbeeld voor hen kan zijn.” Als hij scoort, vormt Lutsharel met zijn vingers een ‘Z’, dat staat voor Zuid. Omdat hij alleen warme herinneringen aan zijn wijk heeft, probeert hij dat gevoel ook over te brengen op de jeugd. Hij bracht zelfs een Z-kledinglijn uit. Via lutsharelgeertruida.nl worden er nog altijd shirts en sweaters verkocht. “Het was een idee van mijn zus, zij en mijn neef hebben dat opgepakt. De opbrengst ging voor een groot gedeelte naar Stichting B for You.” De stichting biedt mentorprogramma’s aan voor jongeren in Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen of Maassluis, die door verschillende omstandigheden een extra steuntje in de rug kunnen gebruiken. Inmiddels is Lutsharel ook vader van een dochter. Hij vertelt vol trots over haar. “Ze is twee. Bij de laatste wedstrijd vorig seizoen, thuis tegen Vitesse, was ze in de Kuip en na afloop is ze mee het veld opgeweest." Ik ben de verpersoonlijking van 'geen woorden, maar daden' Lachend: “Ja, die spreuk is mij op het lijf geschreven.” Geen woorden, maar daden. Het is letterlijk van toepassing op Lutsharel. Hij stottert. In de kleedkamer, thuis met vrienden of familie, in gesprekken met de coach of als hij zingt, heeft hij er nauwelijks of zelfs helemaal geen last van. Alleen tijdens het geven van interviews, als hij het gevoel heeft het goed te moeten doen en in de schijnwerpers staat, hapert zijn spraak, moet hij soms naar woorden zoeken en duurt het even voordat hij zinnen maakt. Lutsharel: “Vanaf 2017 ben ik al aan het werk om mijn spraak te verbeteren.” Hij wordt geholpen door een stottercoach, die hij geregeld spreekt. Die coach leert hem bepaalde technieken, hoe hij moet ademen om niet te stagneren. Voor een interview op camera is hij nog niet klaar. “Ik blijf investeren, dan komt het vanzelf.” Of hij vroeger weleens gepest is vanwege zijn gestotter? Verbaasd: “Nee, nooit. Ik snap wat je bedoelt, hoor, de voetbalwereld is hard en in een stadion wordt van alles geschreeuwd. Ik heb er nooit wat van gemerkt.” Lutsharel zit er tijdens het interview ontspannen bij. Toch zien we hem geregeld schreeuwen op het veld. Na een doelpunt bijvoorbeeld. Maar de laatste tijd laat hij ook als aanvoerder geregeld van zich horen, coacht hij zijn ploeggenoten in het veld. Het type: stille wateren, diepe gronden? “Ja, dat klopt wel. Van mezelf ben ik een super rustige jongen, maar ik heb ook een andere kant.” Echt boos zie je hem niet zo snel. “In het dagelijks leven ben ik niet zo snel boos. Je moet er wel veel voor doen.” Lutsharel, normaal gesproken tweede aanvoerder, droeg de laatste tijd geregeld de aanvoerdersband bij afwezigheid van de geblesseerde aanvoerder Gernot Trauner. “Ik doe me niet ineens anders voor als ik een band om mijn arm heb. Ik gedraag me normaal en ga gewoon verder met waar ik mee bezig was. Natuurlijk is het een eer om die band te dragen.” Arne Slot is de beste trainer die ik ooit heb gehad ‘Ja,’ zegt Lutsharel zonder enige twijfel. “Arne Slot is zo sterk op mentaal gebied. Hij weet precies hoe hij ons moet prikkelen. Ik ben de afgelopen twee jaar een veel betere voetballer geworden, daar heeft Arne een heel groot aandeel in. Ook op tactisch gebied is hij zo sterk. Hij kijkt vaak naar grote clubs als Manchester City, en probeert hun tactiek dan ook op ons toe te passen.” Een paar jaar geleden leefde bij Feyenoord nog een ander beeld over Lutsharel. Hij was een speler die te vaak nog een fout maakte. Slot geloofde wel in Lutsharel. Vorig seizoen werd hij afwisselend door Slot als rechtsback en als centrum-verdediger gebruikt. Ook nu speelt hij geregeld als centrumverdediger, waarin hij als zogenaamde libero inschuift naar het middenveld. Een tactiek die ook het Manchester City van Pep Guardiola toepast. “Hij heeft me in mijn kracht gezet en dat is inmiddels wel naar boven gekomen. Dat is ook het sterke aan Arne, hij weet ieder individu in zijn eigen kracht te zetten, daar waar hij het beste tot zijn recht komt in het team. En daarnaast is hij ook nog eens een heel aardig persoon, heel rustig en duidelijk.” Als ik zing, voel ik me een heel ander mens Lutsharel: “Ik voel me geen ander mens als ik zing, maar muziek is wel een uitlaatklep voor me.” Samen met de Rotterdamse rapper Dubbel T bracht hij inmiddels twee nummers uit. “Ik heb hem via een vriend leren kennen. Hij is inmiddels ook een goede vriend van mij geworden. Ook met de boys van Broederliefde ben ik goed bevriend geraakt.” De teksten van die twee nummers schreef Lutsharel zelf. “Mijn inspiratie haal ik uit van alles en nog wat: van wat ik heb gedaan, wat ik voel, en wat ik meemaak.” Of hij nog grotere ambities heeft op het gebied van muziek? Geheimzinnig: “Het is niet dat ik er wekelijks mee bezig ben, maar er gaat binnenkort wel weer wat moois aankomen.” Ronald Koeman heeft gezien waarom ik onmisbaar ben voor het Nederlands elftal “Nog niet helemaal, ik kan nog veel beter,” zegt Lutsharel. In maart maakte hij zijn debuut, uit tegen Frankrijk. Lutsharel startte in de basis, Nederland verloor met 4-0. “Ondanks dat we verloren, kwam er een jongensdroom uit. Wow, dacht ik, ik heb dat nu bereikt. Dat is wel een gek idee, hoor.” Zijn vijf beste vrienden, neef, zwager en ouders waren voor zijn debuut naar Parijs gereden. “Heel bijzonder dat ze met z’n allen op de tribune zaten. Ik was echt trots.”In juni speelde Oranje de halve finale van de Nations League tegen Kroatië. Lutsharel speelde als centrale verdediger, maar schoof geregeld door naar het middenveld. Ondanks het 4-2 verlies was Koeman lovend over hem als inschuivende centrale verdediger, de rol die de bondscoach als speler vroeger zelf ook bekleedde in het veld. “Ik heb de bondscoach een paar keer gesproken over die rol. Hij legde uit wat hij voor ogen had in het veld en wat hij van mij verwachtte.” Er was ook kritiek. Na de interlandperiode in oktober, in de wedstrijden tegen Frankrijk en Griekenland, zei Koeman dat Lutsharel bij Feyenoord nog bepalender is, dan bij het Nederlands elftal. In de rust tegen Griekenland werd hij zelfs gewisseld, iets wat hem niet vaak overkomt. “Ik weet dat ik nog veel beter kan. Maar dat gaat wel goedkomen, daar maak ik me geen zorgen om.” Of hij iets van de rijke carrière van Koeman heeft meegekregen? “Daar ben ik te jong voor. Maar ik heb mensen wel vaak horen praten over dat doelpunt van hem, die keiharde vrije trap in de Europa Cup I-finale.” Barcelona won die finale van Sampdoria in 1992 met 1-0 dankzij Koeman. Niet alleen Lutsharel maakte zijn debuut dit jaar voor het Nederlands elftal. Ook ploeggenoten Mats Wieffer en Quilindschy Hartman, en spelers als Tijjani Reijnders en Jeremy Frimpong deden dat. “Er komt een mooie, goede lichting aan. Ik denk dat we met elkaar veel kunnen bereiken. Toen ik bij de groep aansloot, ben ik goed ontvangen en er heerst een goed sfeer. We hebben ook goed contact met elkaar buiten het Nederlands elftal. Ik spreek bijvoorbeeld Xavi Simons geregeld. Vorig jaar speelde ik met hem bij Jong Oranje. Daar is onze vriendschap ontstaan.” Ook met de jongens die, net als Lutsharel, graag met het geloof bezig zijn, trekt hij veel op. Bij het Nederlands elftal is er zelfs een soort bijbelclubje, waarin Memphis Depay en Cody Gakpo vaak het voortouw nemen. “Ik bid twee keer per dag. Bij het Nederlands elftal heb ik meteen met de anderen meegedaan, ik vind het initiatief ook heel mooi. Soms leest iemand een stuk voor, soms praten we gewoon een beetje over het geloof.” RB Leipzig was een leuke club geweest, maar er wacht nog iets veel mooiers op mij “Ik hoop het en daar werk ik ook elke dag hard voor. Het scheelde een haar of Lutsharel had nu bij RB Leipzig gespeeld. Op het aller- laatste moment ketste zijn transfer naar de Duitse Bundesliga-club deze zomer af. “Ik was teleurgesteld, maar je moet toch door, niet te lang in het moment blijven hangen. Ik geloof dat alles met een reden gebeurt. We zullen zien wat er gaat gebeuren komende zomer.” Inmiddels ligt zijn marktwaarde al rond de 35 miljoen. De Premier League staat hoog op zijn verlanglijst. “De Premier League is een van de mooiste competities ter wereld om ooit in te spelen. Maar dat is iets voor na Feyenoord. Zolang ik hier speel, doe ik dat met veel plezier en met volle overgave.” Zijn eerste missie is inmiddels geslaagd. Hij is landskampioen en speelt Champions League-voetbal. “Nu heb ik weer andere dingen om te bereiken. Ik wil voor de tweede keer kampioen worden. Maar mijn persoonlijke doelen spreek ik nooit uit, die deel ik liever niet met de buitenwereld.” Of hij de beste libero ter wereld gaat worden? Lachend: “We zullen zien.” Helden Magazine 69 Het verhaal van Lutsharel Geertruida komt voort uit het dubbeldikke eindejaarsnummer van Helden. De laatste editie van 2023 staat traditioneel in het teken van een terugblik op het afgelopen sportjaar, waarop Femke Bol de cover siert. De atlete blikt uitgebreid terug op het jaar waarin alles wat ze aanraakte in goud leek te veranderen. Helden ging daarnaast in Engeland op bezoek bij Nathan Aké, die met Manchester City de landstitel, FA Cup en Champions League won. Hij werd samen met zijn echtgenote Kaylee, met wie hij al sinds zijn vijftiende samen is, geïnterviewd en gefotografeerd. Bijzonder was ook het bezoek aan de familie Schippers. Dafne nam afscheid van de atletiek en samen met haar ouders, zus en broer blikte ze terug op haar indrukwekkende carrière. In de 69ste editie van Helden komen tal van sporters aan het woord die 2023 kleur gaven. Wout Poels blikt terug op ritzeges in de Tour en Vuelta, maar ook op het verlies van ploeggenoot Gino Mäder. Golden Sisters Bente en Lieke Rogge werden samen wereldkampioen waterpolo. Femke Kok kroonde zich tot de eerste Nederlandse wereldkampioene op de 500 meter en toont zich zoals we haar niet eerder zagen. Karolien en Finn Florijn zijn gezegend met geweldige roeigenen, ze pakten allebei WK-goud; een dubbelinterview. Jeffrey Hoogland is koning op de kilometer. Hij werd voor de vierde keer wereldkampioen op ‘zijn’ afstand en verbeterde het wereldrecord. Een openhartig gesprek met de kilometervreter. Verder pakten zeilers Bart Lambriex en Floris van de Werken een hattrick aan wereldtitels. Over zeilen gesproken: Marit Bouwmeester keerde terug na de bevalling van haar dochter in 2022 en werd meteen weer Europees kampioen.  Joey Veerman won in 2023 de KNVB-beker en werd vader. Een gesprek met de uitgesproken voetballer over wie veel mensen een mening hebben. Ook een verhaal over Lionel Messi en de club waar hij afgelopen zomer heen verhuisde, het Inter Miami van David Beckham. Een portret van Carlos Alcaraz, de nieuwe posterboy van het tennis die Novak Djokovic klopte in de finale op Wimbledon in dé wedstrijd van het jaar. En als laatste was het voor schaatscoach Kosta Poltavets en voetbaltrainer Anoush Dastgir juist een zwaar jaar, door de situatie in hun geboortelanden Oekraïne en Afghanistan. Wil je het hele nummer lezen? Bestel Helden Magazine 69 via onze webshop. Geen inspirerende sportverhalen missen van onze Nederlandse sporthelden? Kies het abonnement dat bij jou past en word abonnee.

Voetbal

Joey Veerman: ‘We moeten wel normaal blijven doen’

Hij won de KNVB-beker met PSV, debuteerde in het Nederlands elftal [...]
Hij won de KNVB-beker met PSV, debuteerde in het Nederlands elftal en werd vader van zoontje Frenkie. Joey Veerman (24) had een jaar vol hoogtepunten. De middenvelder is geregeld onderwerp van gesprek in praatprogramma’s op tv, maar is zelf ook niet op zijn mondje gevallen. “Mijn ouders zeggen weleens: misschien moet je niet zo eerlijk zijn voor de camera.” ‘Iedereen zal zeggen dat het erbij hoort, maar het is gewoon kinderachtig. Spelers die elkaar in de haren vliegen, een duwtje geven bij het weglopen... Ik hou daar gewoon niet van. Dan zullen mensen wel weer zeggen dat ik een mooiweervoetballer ben, maar het is gewoon vervelend,’ zei Joey Veerman voor de camera van ESPN na de met strafschoppen gewonnen KNVB-bekerfinale tegen Ajax in april dit jaar. De finale werd overschaduwd door opstootjes, irritaties en incidentjes. Joey was niet bang om meteen na de wedstrijd zijn mening te verkondigen. Joey blikt er met ons op terug: “De week ervoor wonnen we met 3-0 van Ajax. De week erna – dat hadden ze ook in de media aangegeven – wilden ze het op een andere manier doen. Ik denk niet dat dat de juiste manier was, maar van onze kant was het ook niet goed, hè, wij gingen erin mee.” Natuurlijk hebben voetballers een voorbeeldfunctie, beaamt Joey. “Vanaf de tribunes wordt er van alles naar ons geschreeuwd. Voor ons gaat het op zo’n moment natuurlijk ook gewoon om die prijs. Het gaat er af en toe hard aan toe, en dat vind ik ook niet meer dan logisch.” Ondanks het verloop van de bekerfinale kijkt Joey er met een goed gevoel op terug. “Het was absoluut een hoogtepunt van het jaar. Een prijs winnen is altijd leuk. Dat verveelt nooit.” Vertellen wat hij vindt ,doet Joey wel vaker. Een week voor het einde van de competitie stapte trainer Ruud van Nistelrooij op. Hij gaf in een verklaring aan dat hij vond dat er te weinig draagkracht en support was vanuit PSV om langer door te gaan. De aanleiding? Waarschijnlijk een bericht in De Telegraaf waarin werd gesuggereerd dat er enkele spelers in gesprek zouden zijn gegaan met de directie om hun onvrede te uiten over Van Nistelrooij. Over Joey werd wild gespeculeerd: hij zou het ‘lek’ zijn. Het gevolg? Bedreigingen aan zijn adres. Na de 2-1-overwinning op AZ, in de laatste competitiewedstrijd van het seizoen, luchtte Joey zijn hart bij de NOS. ‘Het is ongelooflijk. Ik krijg allemaal bedreigingen binnen, mijn hele familie trouwens. Mijn zaakwaarnemer zou zogenaamd het lek zijn. Hij wordt óók bedreigd. Het is niet te filmen, ik ben heel pissig over deze week. Er zijn heel veel dingen gezegd en geschreven. Ik ben lichtelijk verbaasd daarover. Het was gewoon een kutweek.’ En: ‘Ik word hopelijk vader over vijftien weken. Mijn vriendin had een foto op social media geplaatst met een echo. Daar komen dan allerlei reacties onder te staan en die zijn niet mals. Allemaal gekke berichten. De voetbalwereld is echt een schijtwereld.’ Joey: “Op dat moment vond ik de voetbalwereld ook echt een schijtwereld en dan zeg ik dat.” Ben jij de laatste voetballer in Nederland die eerlijk durft te zeggen wat hij vindt? “Ja, samen met Henk Veerman. Ik denk dat Michiel Kramer ook nog wel eerlijk is. Maar ja, ik ben wel wat jonger dan die twee, dus misschien ben ik wel de enige van mijn generatie die nog wat durft te zeggen.” Ben jij dit jaar behoudender geworden in wat je zegt door wat er is gebeurd? “Nee. Ik weet dat alles wat ik zeg nou eenmaal breed wordt uitgemeten. Ook na die bedreigingen denk ik niet: ik hou me rustiger. Weet je, je mag me een klootzak noemen of zeggen dat ik een grote bek heb, maar we moeten wel normaal blijven doen. Doodswensen sturen, dat slaat helemaal nergens op.” Heb je die eerlijkheid van huis uit meegekregen? “Nee, dat zit in mijn karakter. Mijn ouders zeggen weleens: ‘Misschien moet je niet zo eerlijk zijn voor de camera, maar je iets rustiger houden.’ Weet je, na de wedstrijd heb ik gewoon veel adrenaline, dan zeg ik wat ik denk en vind. Als dat niet meer kan, dan kunnen we er net zo goed mee stoppen.” Kietelen Joey is een ras-Volendammer, geboren en getogen in het vissersdorp. Op zijn vierde begon hij met voetballen bij RKAV Volendam, twee jaar later maakte hij de overstap naar de jeugdopleiding van FC Volendam, die hij helemaal doorliep. “Als kleine jongen was ik alleen maar in de weer met een voetbal met vrienden en teamgenoten. Na wedstrijden gingen we gewoon weer verder met voetballen. Maar ik had ook tijd voor andere dingen, hoor.” Zijn vader speelde handbal in het eerste van Volendam, Joey koos voor voetbal. “Mijn opa en pa voetbalden ook altijd met mij, die gingen niet met mij handballen. De andere kant van de familie voetbalde, maar niet op hoog niveau. Ik weet niet van wie ik het talent heb, heb dat zelf ontwikkeld, denk ik. Ik deed overigens ook een tijdje aan schoolhandbal. Toen ik in de D1 zat bij Volendam werd me wel gevraagd of ik me wilde aansluiten bij de handbalclub.” Joey heeft een oudere zus, Charmaine. “Zij handbalde wel, maar is inmiddels gestopt, zij sport nu gewoon in de sportschool.” Of Joey ook een beetje een zondagskind was? “Qua voetbal kwam het mij inderdaad wel aanwaaien. De vmbo heb ik afgemaakt, maar ik heb nooit een boek opengeslagen. Wat dat betreft had er meer in gezeten, maar ik wist toch dat ik profvoetballer wilde worden en dat ik het zou gaan halen. En als ik dat niet was geworden? Dan werkte ik nu in de vishandel of de bouw.” Lachend: “Meer kanten kun je niet op in Volendam.” In september 2016 maakte Joey zijn debuut in het eerste elftal. Kees Kwakman, voormalig FC Volendam- speler en vriend van Joey, zei eerder in Voetbal International: ‘Ik had hem weleens zien trainen en veel over hem gehoord. Dat-ie goed was, niet op zijn mondje was gevallen, maar er misschien ook niet alles uithaalde wat erin zat. Dus ben ik een keer naar hem toe gelopen. Ik zei: als jij nu naar het eerste kijkt, denk jij dan dat je minder bent dan die en die middenvelder? Zijn antwoord: ‘Nee, dat denk ik niet.’ Toen zei ik dat hij er in dat geval voor moest zorgen dat hij daar zou staan. Toen was hij zeventien jaar. Ik wilde hem prikkelen, een beetje kietelen.’ Joey: “Ik heb dat ook echt gezegd en Kees prikkelde me ook zeker. Vlak daarna mocht ik mee op trainingskamp met het eerste elftal. Toen heeft Kees wel gezien dat ik het niveau aankon. Binnen zes weken stond ik als zeventienjarige in de basis bij Volendam en ik ben er niet meer uitgegaan.” Het waren mooie jaren bij Volendam, zegt Joey. “We speelden op vrijdagavond en waren op zondag vrij. Er was dus ook nog tijd voor een biertje, als je maar presteerde. Maar ik heb uiteindelijk wel een jaar te lang bij Volendam gespeeld, hoor. Het eerste seizoen had ik wat problemen met mijn zaakwaarnemer, toen is een transfer naar FC Utrecht afgeketst. Maar goed, ik ben er alsnog gekomen.” ‘Ik weet dat alles wat ik zeg nou eenmaal breed wordt uitgemeten. Ook na die bedreigingen denk ik niet: ik hou me rustiger’ In 2019 maakte Joey de overstap naar Heerenveen. “Dat was ook een heel leuke tijd. Ik heb nog steeds contact met sommige gasten en met de fysio’s. Heerenveen is een mooie club. Om er te wonen, is het minder. Dan was ik om half 3 thuis en lag ik de rest van de dag op de bank tv te kijken, te wachten tot de volgende dag. Daar was ik wel klaar mee. Het tweede seizoen ben ik iedere dag heen en weer gereden van Volendam naar Heerenveen.” Dat deed hij samen met Henk Veerman. In 2020 werd hij ploeggenoot van zijn acht jaar oudere dorpsgenoot en vriend, overigens geen familie van elkaar. Joey zei eerder in Helden: ‘Dat was gezellignatuurlijk. Alleen jammer dat Henk op de terugweg vaak snurkte. Op de heenweg soms ook al trouwens.’ De Veermannen brachten niet alleen goed spel, maar ook hun droge humor en eerlijkheid mee naar Heerenveen. ‘Dat kan uiteindelijk ook je kop kosten,’ zei Henk in Helden. Joey zei er over: ‘Op een gegeven moment was zichtbaar dat er iets niet goed zat bij Heerenveen, niet alleen aan de resultaten, maar ook aan het spel.’ Henk en Joey maakten het bespreekbaar in de trainerskamer, maar er veranderde weinig. Daarover zei Joey in Helden: ‘Wij waren bij zoveel goals betrokken en probeerden iets te veranderen, vervolgens werd achter onze rug om geschetst dat wij het groepsproces verstoorden en niet goed in de groep lagen. Dat was pure onzin.’ Joey blikt er nu op terug: “In die tijd kregen wij het gevoel dat bepaalde supporters ons wel een beetje zat waren, die konden er niet tegen dat wij bepaalde dingen gewoon durfden te zeggen. Ik vond: zij mogen wel altijd alles maar roepen, dan mogen wij toch ook een keer wat zeggen? Maar dan spreekt iedereen er ineens schande van. Maar dat was niet alleen bij Heerenveen, hoor, dat is überhaupt zo in de voetbalwereld.” Henk en Joey vertrokken in januari 2022 bij Heerenveen, maar spreken elkaar nog geregeld. Henk vindt Joey serieuzer geworden sinds hij bij PSV speelt. In Voetbal International zei hij: ‘Vaak namen we het er goed van, maar ineens at-ie alleen maar salades. Wat gebeurt hier, dacht ik. In dat opzicht is hij wel veranderd.’ Joey, lachend: “Dat zei hij nadat we samen op vakantie waren geweest. Ik vind niet dat ik veranderd ben, hoor. Omdat ik nu in Eindhoven woon, ben ik misschien wat langer op de club en train ik wat meer in de gym. Krachttraining deed ik vroeger nooit.” Joey komt nog graag in Volendam, ongeveer eens per maand is hij er te vinden. Hoe zo’n dag er dan uitziet? Joey: “Als ik terug ben, ben ik 24 uur lang op pad. Dan wil ik op vier verschillende plekken tegelijk zijn. Soms ‘kaap’ ik die groep Volendamse gasten voor een bak koffie, een potje padel of kijken we samen voetbal. Kees Kwakman is daar geregeld ook bij.” De liefde voor zijn dorp is niet minder geworden, wel die voor zijn oude club, zei Joey in aanloop naar de bekerwedstrijd in september tegen Volendam, die PSV met 3-1 won. ‘Vorig jaar zaten er nog veel Volendammers in het team, dat is nu heel anders,’ zei hij. Daarmee doelde hij op Henk, die in de zomer van 2022 terugkeerde bij Volendam, maar dat seizoen onder toenmalig hoofdtrainer Wim Jonk lang niet altijd een basisplaats kreeg. Hij vertrok deze zomer op huurbasis naar ADO Den Haag. De clubs waren al akkoord over de voorwaarden van zijn vertrek, zonder dat Henk überhaupt afwist van de interesse. Of Joey zelf ooit nog bij FC Volendam hoopt terug te keren? “Ik zou het graag willen, maar het is niet zo dat het altijd gegarandeerd succes is als je terugkeert bij je oude club. In Volendam zijn ze ook kritisch, ze vinden er allemaal wat van. Stel: je komt terug op 33-jarige leeftijd en bent een keer geblesseerd op een belangrijk moment, dan is het allemaal weer jouw schuld. De insteek is wel om ooit terug te keren bij Volendam, maar je weet het natuurlijk nooit."‘ 'Ik heb van Nistelrooij een app gestuurd en hem veel succes gewenst. En ook gezegd dat alles wat in de media is verschenen over mij gewoon niet waar is’ Kleintjes Onder trainer Roger Schmidt won Joey in 2022 met PSV de beker en de Johan Cruijff Schaal. Na het seizoen werd Ruud van Nistelrooij de nieuwe trainer. “Het was een prima jaar,” blikt Joey terug op het afgelopen seizoen. “Maar ik speel bij PSV om kampioen te worden en dat is nu twee keer niet gelukt. Het zou dit jaar het ultieme doel zijn om dat wél voor elkaar te krijgen. Ik heb twee keer de beker en de Johan Cruijff Schaal gewonnen, de Champions League gehaald; het is tijd om kampioen te worden.” In de media werd gesuggereerd dat de samenwerking tussen Joey en Van Nistelrooij moeizaam liep vanwege hun verschillende karakters. Volgens Voetbal International was Joey een voorbeeld van een speler die in de ogen van de trainer meer moest gaan doen, Joey zou er niet het maximale uithalen. Van Nistelrooij zette Joey na de winterstop zelfs een paar wedstrijden op de bank. Daardoor werd Joey door de media gebombardeerd tot het ‘lek’. Het zou de reden zijn geweest voor het opstappen van de trainer. Dat is niet waar, zegt Joey. “Ik heb hem een app gestuurd en hem veel succes gewenst. En ook gezegd dat alles wat in de media is verschenen over mij gewoon niet waar is.” PSV eindigde vorig seizoen achter Feyenoord als tweede in de competitie. “We hebben het tegen de kleintjes vergooid. En daardoor is een bepaald beeld ontstaan over de vorige trainer. We moeten het niet groter maken dan het is.” Na het seizoen zag Joey sterspeler Xavi Simons naar RB Leipzig vertrekken en Noa Lang, op dit moment geblesseerd, voor hem in de plaats naar Eindhoven komen. “Xavi was natuurlijk super belangrijk voor ons. Noa Lang is voor ons ook een buitenkansje geweest. Ik ga ze niet met elkaar vergelijken, hoor, Noa is ook een geweldige speler. Hopelijk is hij snel weer fit.” Lachend: “Die zegt trouwens ook echt nog wat hij denkt. Noa is een mooie gozer.” Onder de nieuwe trainer Peter Bosz voert PSV de ranglijst aan. “Van alle trainers waar ik tot nu toe mee te maken heb gehad, heeft Peter Bosz de meeste indruk op me gemaakt. Hij laat niks aan het toeval over. We trainen altijd tot in de puntjes op verschillende scenario’s. Wat als dat gebeurt, of wat doe je als dat gebeurt... Ik ben echt onder de indruk van hem.” Joey heeft een goede band met Bosz. “Hij is heel duidelijk, zegt wat hij ervan vindt. En als iets slecht was, dan benoemt hij dat ook en zegt hij dat op de man af. Ik denk dat dat goed is, bij mij werkt dat sowieso heel goed.” Bosz sprak uit tevreden te zijn over zijn spel. ‘Joey heeft heel specifieke kwaliteiten en die proberen wij te benutten. Natuurlijk heeft hij ook een aantal dingen, zoals iedere speler, waar hij minder in is. Die proberen we te camoufleren door andere spelers rondom hem te zetten, die hem daarbij helpen. Maar in balbezit is hij een absolute meerwaarde,’ zei hij in oktober tegen Ziggo Sport. Joey: “Daar heeft Bosz gelijk in. Als ik alles had gekund, dan had ik nu wel bij Real Madrid gespeeld.” Natuurlijk kunnen er dingen beter, beaamt Joey. “Ik vind het heel moeilijk om een-op-een te verdedigen. Waar de trainer me nodig heeft, daar sta ik, maar een verdedigende positie op het middenveld heeft niet mijn voorkeur.” Hij kijkt ook naar andere spelers op zijn positie. “Ik kijk graag naar Toni Kroos. Ik heb geen idool of zo, maar vind Kroos in zijn passing wel een heel goede speler. Hij is ook niet al te snel, maar vindt altijd de juiste oplossing en zoekt ook het risico op in zijn spel.” Van der Vaart Joey is ook een graag besproken gast aan tafel van voetbaltalkshows. Er wordt geregeld kritiek op hem geuit. Zo zei René van der Gijp onlangs in Vandaag Inside: ‘Als ik hem was, zou ik nu echt gaan werken aan een betere conditie. Harder werken. Een betere balbehandeling krijgen. Sterker worden. Anders gaat Veerman straks naar Aston Villa en zit hij daar drie jaar op de bank.’ Joey: “Die analisten zitten daar om bepaalde dingen te zeggen. Die moeten ook maar het uur vullen elke week. Ik vind overigens wel dat er veel te veel praatprogramma’s zijn op tv. Als elke analist een speler pakt, heb je de hele eredivisie wel gehad. Dat slaat toch nergens op?” Joey zou onder meer te veel balverlies lijden en te langzaam zijn. Maar uit data van SciSports blijkt dat Joey tot nu toe verreweg de meeste kansen van alle spelers in de eredivisie creëerde. “Mijn doel in het voetbal is om bij zoveel mogelijk goals en assists betrokken te zijn. Als je dan de speler bent die de meeste kansen creëert in de eredivisie – en ik heb zelfs een statistiek gezien dat dat in heel Europa het geval is – dan ben ik volgens mij wel goed bezig.” Naar bepaalde analisten luistert hij wel, zegt Joey. Dat gaat dan om het kaliber Marco van Basten, maar ook Rafael van der Vaart heeft zijn aandacht. “Van der Vaart is een topspeler geweest, als hij iets vindt, dan klopt dat ook. Hij heeft een andere kijk dan anderen, zegt bijvoorbeeld: ‘Het is een supergoede speler en ik ben fan van hem, maar dit en dat mankeert er nog aan.’ Er zijn ook analisten die alleen zeggen: ‘Jezus, wat was die dramatisch.’ Dat is heel makkelijk om te roepen, maar daar kan ik niet zoveel mee.” In Rondo zei Van der Vaart onlangs over Joey: ‘Ik ben echt van de fanclub. Ik vind het een geweldige speler. Maar, helaas voor hem, van PSV-niveau, denk ik. Hij moet niet weggaan.’ Joey: “Van der Vaart is van die uitspraak teruggekomen. Hij belde me om uit te leggen wat hij op tv ermee bedoelde, en dat het er een beetje verkeerd uitkwam.” Wat hij er dan mee bedoelde? Joey, lachend: “Dat is tussen ons. Maar ik vind het heel tof dat hij mij erover belde. Hij heeft het allemaal rechtgezet.” Frenkie Op 8 september dit jaar veranderde Joey’s leven voorgoed, toen er een kleine Veerman werd geboren. Na de interland tegen Griekenland (3-0), waarin hij in de 77ste minuut Frenkie de Jong verving, haastte hij zich naar huis. Zijn vriendin Chantalle Schilder stond op het punt van bevallen. ‘s Nachts kwam zoontje Frenkie Joe ter wereld. “Nee, hij is niet naar Frenkie de Jong vernoemd. Je hoortde naam natuurlijk wel vaak op tv. Dus misschien onbewust. Ik heb het Frenkie ook niet van tevoren verteld. We zien elkaar bij het Nederlands elftal en ik kan het absoluut goed met hem vinden, maar hij is geen speciale vriend van me, of zo.” Het vaderschap gaat Joey goed af. Hoewel, die nachten... “Mijn vriendin geeft borstvoeding, dat heb je vast ook al wel gelezen ergens, want dat kwam ook al in de media terecht. Wij zijn ’s nachts allebei wakker, mijn vriendin valt gelukkig weer goed in slaap na het voeden. En die kleine valt daarna meestal snel in slaap. Een enkele keer is hij anderhalf uur lang een beetje aan het rommelen en gorgelen, dan lijkt het net alsof hij stikt. Maar verder gaat het goed, we hebben het op de rit.” Of het vaderschap hem tot nu toe heeft veranderd? “Dat valt wel mee. Als ik naar dat ventje kijk, dan denk ik even niet meer aan de rest van de wereld. Maar het is niet dat als ik een wedstrijd heb verloren, ik ineens niet meer baal of zo. Verliezen blijft klote, maar ik kan iets beter relativeren sinds de komst van Frenkie.” Haasje Joey maakte dit jaar ook zijn debuut in het Nederlands elftal; op 18 juni in de Nations League-wedstrijd tegen Italië die Oranje met 3-2 verloor. Joey verving Mats Wieffer in de 76ste minuut. Een jongensdroom die uitkwam? “De laatste twee jaar is het bij mij pas eigenlijk gaan spelen. Ik dacht: ik wil een transfer maken naar de top van Nederland en misschien kan ik dan nog in het Nederlands elftal terechtkomen. In Volendam is het ook wel een ding, hoor, om Oranje te halen. Volendam heeft, als je kijkt naar het aantal inwoners, procentueel gezien de meeste internationals afgeleverd. Het is mooi om dat voort te zetten, daar ben ik trots op.” Zijn haasje, de onderscheiding die een speler krijgt na zijn debuut voor het Nederlands elftal, ligt nog bij zijn ouders in Volendam. “Ik vergeet het iedere keer mee te nemen. Het haasje krijgt een mooie plek op de kamer van mijn zoontje in Eindhoven.” Bondscoach Ronald Koeman haalde Joey in maart al bij de selectie, maar vanwege een verkeerd bord kipkerrie moest hij het trainingskamp destijds vroegtijdig verlaten. In De Telegraaf zei Koeman: ‘Joey is een prima voetballer, die aan de bal voor de juiste oplossingen gaat en sterk in de passing is. Het gaat mij erom: wat doet Joey als we de bal niet hebben? Het gemak waarmee hij zich soms laat uitspelen of duels niet wint die hij moet winnen. Daar ben ik met hem mee bezig geweest. Het plaatje moet completer. Bij Oranje probeer ik hem daartoe te triggeren. Aan Joey om het op te pakken.’ Joey: “De bondscoach heeft me aan de hand van beelden laten zien wanneer ik het wel goed doe en wanneer niet, waar ik nog in kan verbeteren. In de ene wedstrijd gaat het goed, in een andere wat minder. Maar dat soort sessies helpen wel, daar word ik uiteindelijk een betere voetballer van. In meetings en ook op het veld merk ik dat deze trainer heel duidelijk is in hoe hij het wil zien. Dat werkt.” Het is soms ook nog wennen bij het Nederlands elftal, beaamt Joey. “Het individuele niveau bij Oranje ligt hoger dan bij PSV. Je speelt alleen niet zo vaak samen, traint maar vier of vijf keer met elkaar per interlandperiode, dus je bent niet echt op elkaar ingespeeld. En dan zijn er ook nog geregeld geblesseerden. Het is dus niet altijd even makkelijk.” Meerdere spelers maakten hun debuut dit jaar, zoals Tijjani Reijnders, Micky van de Ven, Quilindschy Hartman, Mats Wieffer en Jeremie Frimpong. Of deze groep iets moois kan bereiken? “Dat moeten we zien. Maar ik merk dat er veel leuke nieuwe gasten bijzitten en als ik naar Zeist ga, heb ik het altijd heel erg naar mijn zin.” Buitenland Dit seizoen stond het kampioenschap hoog op zijn verlanglijst. En daarna? “Ik zou graag ooit in het buitenland willen voetballen. Wanneer dat is, bepaal je als voetballer niet altijd zelf. Ik ben niet zo van de carrièreplanning. Ik wist ook niet dat ik naar Heerenveen en daarna PSV zou gaan. Uiteindelijk tonen clubs interesse, en ga je erover nadenken. Als ik nu roep: ik zou wel naar Liverpool willen, dan is dat een mooi verhaal, maar die willen mij waarschijnlijk helemaal niet,” zegt Joey. De Career Tool van SciSports toonde aan dat Bayern München en AS Roma de best mogelijke bestemmingen voor Joey zijn, hij zou een club fit hebben van 85 procent. “AS Roma en Bayern München?” Lachend: “Daar teken ik voor.” Helden Magazine 69 Het verhaal van Joey Veerman komt voort uit het dubbeldikke eindejaarsnummer van Helden. De laatste editie van 2023 staat traditioneel in het teken van een terugblik op het afgelopen sportjaar, waarop Femke Bol de cover siert. De atlete blikt uitgebreid terug op het jaar waarin alles wat ze aanraakte in goud leek te veranderen. Helden ging daarnaast in Engeland op bezoek bij Nathan Aké, die met Manchester City de landstitel, FA Cup en Champions League won. Hij werd samen met zijn echtgenote Kaylee, met wie hij al sinds zijn vijftiende samen is, geïnterviewd en gefotografeerd. Bijzonder was ook het bezoek aan de familie Schippers. Dafne nam afscheid van de atletiek en samen met haar ouders, zus en broer blikte ze terug op haar indrukwekkende carrière. In de 69ste editie van Helden komen tal van sporters aan het woord die 2023 kleur gaven. Wout Poels blikt terug op ritzeges in de Tour en Vuelta, maar ook op het verlies van ploeggenoot Gino Mäder. Golden Sisters Bente en Lieke Rogge werden samen wereldkampioen waterpolo. Femke Kok kroonde zich tot de eerste Nederlandse wereldkampioene op de 500 meter en toont zich zoals we haar niet eerder zagen. Karolien en Finn Florijn zijn gezegend met geweldige roeigenen, ze pakten allebei WK-goud; een dubbelinterview. Jeffrey Hoogland is koning op de kilometer. Hij werd voor de vierde keer wereldkampioen op ‘zijn’ afstand en verbeterde het wereldrecord. Een openhartig gesprek met de kilometervreter. Verder pakten zeilers Bart Lambriex en Floris van de Werken een hattrick aan wereldtitels. Over zeilen gesproken: Marit Bouwmeester keerde terug na de bevalling van haar dochter in 2022 en werd meteen weer Europees kampioen. Feyenoord werd ook kampioen en Lutsharel Geertruida had daar een belangrijk aandeel in. Ook een verhaal over Lionel Messi en de club waar hij afgelopen zomer heen verhuisde, het Inter Miami van David Beckham. Een portret van Carlos Alcaraz, de nieuwe posterboy van het tennis die Novak Djokovic klopte in de finale op Wimbledon in dé wedstrijd van het jaar. En als laatste was het voor schaatscoach Kosta Poltavets en voetbaltrainer Anoush Dastgir juist een zwaar jaar, door de situatie in hun geboortelanden Oekraïne en Afghanistan. Wil je het hele nummer lezen? Bestel Helden Magazine 69 via onze webshop. Geen inspirerende sportverhalen missen van onze Nederlandse sporthelden? Kies het abonnement dat bij jou past en word abonnee.