Word abonnee

Hockey

Het familieportret van hockeyer Seve van Ass

Roel Determeijer

Hockey

Het familieportret van hockeyer Seve van Ass

door: Thomas Olsthoorn
24 juli 2017
14 tot 19 minuten lezen

Bij de familie Van Ass draait alles om hockey. Helemaal in de afgelopen jaren toen international Seve (25) zijn vader Paul als bondscoach had. Tegenwoordig zijn ze niet langer coach en speler, maar gewoon vader en zoon. In aanloop naar de Rabo EuroHockey Championships, van 18 tot 27 augustus in Amsterdam, zochten we het gezin op.

Seve van Ass speelt al jaren in de hoofdklasse en het Nederlands hockeyteam. Toch komt het nog geregeld voor dat rond een wedstrijd de speaker zijn naam verkeerd uitspreekt. Het is dan ook een bijzondere naam en die heeft hij aan zijn vader te danken. Op het terras van het ouderlijk huis in Bergschenhoek vertelt Paul van Ass geanimeerd de anekdote die inmiddels ruim 25 jaar oud is. Seve, zijn vier jaar oudere broer David en moeder Danique luisteren aandachtig mee. Het gezin is op deze aangename zomeravond helaas niet compleet. Dochter Berbel, die anderhalf jaar ouder is dan Seve, woont in Bangkok en wordt erg gemist.

Paul: “Toen Danique in verwachting was, dachten we dat ons derde kind net zo donker zou worden als David en Berbel. In die tijd keek ik veel golf en tennis. Het waren de topjaren van Severiano Ballesteros en Boris Becker. Daarop zei ik tegen Danique: ‘Als het een jongen wordt, dan moet hij Seve heten, met Boris als tweede naam. Dan heeft hij het talent van Ballesteros en het doorzettingsvermogen van Becker.’ Maar toen Seve werd geboren, bleek hij een blanke baby en later ook een blond kind te zijn. Maar zo is hij dus aan zijn naam gekomen.”

TURBO

In en rond huize-Van Ass werden alle balsporten bedreven, maar hockey voerde de boventoon. Niet zo gek met een moeder die in het eerste van Groninger Studs had gehockeyd en een vader die jarenlang in het eerste van HGC had gespeeld en later coach werd bij de club uit Wassenaar.

Seve: “Toen we bij papa gingen kijken, zat ik nog niet officieel op hockey, maar ik liep altijd met een stick in mijn hand.”

Danique: “Maar HGC was niet in de buurt en toen David wilde gaan hockeyen, kozen we voor Victoria in het Rotterdamse Kralingen.”

Paul: “Elke zaterdag stonden we langs het lijntje. Het talent van Seve was al vroeg zichtbaar. David is technisch de betere hockeyer, maar om echt verder te komen is fysiek vermogen erg belangrijk. Wat Seve altijd heeft gehad, is zijn turbo. Als klein mannetje liep hij iedereen er al met gemak uit en glipte overal langs.”

Seve, lachend: “Ik maakte op mijn vijftiende mijn debuut in het eerste van Victoria. David was de vedette en ik de waterdrager. In mijn beleving ging het prima, maar toen we de play-offs haalden, mocht ik niet meedoen.”

Danique: “Seve was te jong, werd er gezegd.”

Seve: “Ik had aan het niveau geroken en werd vervolgens benaderd door HGC, de club die ik door mijn vader al goed kende. Het was een mooie kans om in de hoofdklasse te gaan spelen en ik veroverde er snel mijn plekje. In het tweede seizoen draaiden we slecht en kwam mijn vader voor de groep te staan. Daarna wonnen we bijna alles, behalve de finale van de play-offs tegen Bloemendaal. In die tijd werd ik al opgeroepen voor Jong Oranje.”

Delen: