Word abonnee

Voetbal

‘Met Black Lives Matter lopen we hier nog heel erg achter’

Jasper Faber

Voetbal

‘Met Black Lives Matter lopen we hier nog heel erg achter’

door: Barbara & Frits Barend
31 mei 2022
5 tot 10 minuten lezen

Ruud Gullit is een van de boegbeelden van het Nederlandse voetbal, de aanvoerder van Oranje dat in 1988 Europees kampioen werd. Hij gebruikte zijn status om vaak openlijk stelling te nemen. Na zijn loopbaan werd hij trainer, maar maakte er nooit een geheim van dat zijn leven uit meer bestaat dan voetbal. Helden legt Ruud, actief als voetbalanalist, een aantal namen voor.

Max Verstappen
“Ik heb hem bij Ziggo van dichtbij mogen meemaken. Hij is uitzonderlijk, zoals zijn rivaal Lewis Hamilton dat ook is. Max is apart, heel droog in zijn bewoordingen, heeft ook wel humor en weet precies wat hij wil. Hij is best wel down to earth, doet geen gekke dingen en is enorm gefocust. Wat dat betreft lijkt Max een beetje op Marco van Basten, die was ook zo gefocust, zag alleen maar dat ene.

Ik vind dat heel apart, had die extreme focus niet, had altijd ook andere interesses. Ik kon na een verlo­ren wedstrijd pissig zijn en moest er dan even uit om dat gevoel weg te halen. Mensen dachten als ik ergens zat te eten na een nederlaag: hij zit gewoon te lachen met andere mensen. Daar had ik schijt aan, dat was mijn manier om van het klotegevoel af te komen. Rotmomenten gingen bij mij de hele tijd als een soort film door mijn hoofd en daar moest ik vanaf. Thuis werd het alleen maar erger, dus ging ik weg. Een ander gaat toch niet bepalen hoe ik een nederlaag moet verwerken?

Max zal dat herkennen. Hij is nu een internationale bekend­heid. Allemaal leuk, maar bekendheid zorgt ook voor een inbreuk op je privacy, zeker als mensen voor jou bepalen hoe je je moet gedragen. Daar heb je dan ineens geen zin meer in. Het eerste wat je moet leren als je op zo’n hoge berg staat, is ‘nee’ zeggen, want iedereen wil wat van je. Maar als je ‘nee’ zegt, ben je ineens een klootzak, heb je kapsones.

Iedereen wil over jouw rug een verhaal maken en als je daar niet aan meewerkt, ben je een lul. Ik dacht: dan ben ik maar een lul. Ik leerde vrij snel te kiezen voor mijn eigen tijd. Anderen moeten leren res­pect te hebben voor mijn tijd en niet alleen voor hun eigen tijd. Van Basten had dat heel snel door, bij hem was het meteen ‘nee’. En bij Marco ging je niet doorzeuren, hoor. Geweldig hoe bot hij kon zijn. Max kan dat ook, denk ik, hij kan ook zeggen: ‘En nou wegwezen!’”

Had jij gehoopt dat hij Hamilton meer zou steunen in de Black Lives Matter-discussie?
“Nee, dat hoeft niet. Max staat aan het begin van zijn carrière. Ik denk dat hij in zijn hart die acties wel steunt, maar dat hij nu nog in een fase zit dat hij bij zichzelf denkt: laat mij eerst maar presteren voordat ik iets ga zeggen. Ik vind dat wel verstandig.”

Ben jij een Formule 1-fan?
“Ik ben helemaal geen motorsportfanaat. De frustratie die ik heb, is dat je als coureur nagenoeg volledig afhankelijk bent van je auto. Als je auto het niet doet, kun je nog zo goed zijn, maar dan win je niet en kun je dus jouw talenten heel moei­ lijk tentoonspreiden. Max heeft wel laten zien dat hij ook uit mindere auto’s veel haalt, maar toch. Ik vind het wel heel knap hoe Max veel Nederlanders enthousiast heeft gekregen voor deze sport.

Wat hij heeft gepres­teerd in Zandvoort, winnen voor eigen publiek, is natuurlijk ongelofelijk. Prins Bernhard heeft veel kritiek gehad, maar nu kun je toch concluderen dat het goed is dat hij zijn nek heeft uitgestoken. Ik vind het een compliment waard dat hij de Formule 1 naar Nederland heeft gehaald. Er zijn altijd mensen die ergens tegen zijn. Kijk wat het teweeg heeft gebracht: Zandvoort was een beetje vergane glorie en bloeit helemaal weer op. Zandvoort leeft weer.

Ik ben bij een Grand Prix geweest op Monza, heb topdagen gehad, heb in de paddock gestaan, maar uiteindelijk heb ik daar de race gewoon op tv bekeken. Ik heb Max misschien nog twee keer twee seconden voorbij zien razen. Toeschouwers op de tribune doen een moord voor een plaats in de paddock. Ik had juist tussen die mensen op de tribune willen staan om te weten wat hen bezielt om er zo graag bij te willen zijn.

Het is een bizarre, bijzondere wereld. Ik weet hoeveel energie en geld vader Jos Verstappen in zijn zoon heeft gestoken om hem deze sport te kunnen laten beoefenen. Nogmaals, als je geen geld hebt, kun je dit niet bereiken. Want een kart kost alleen al een vermogen.”

Het volledige verhaal lezen? Dat kan via Blendle en Tijdschrift.nl. Je kunt het magazine ook in de winkel halen óf online bestellen!

Delen: