Word abonnee

Voetbal

Voetbal

Caitlin Dijkstra: Alles is liefde

Caitlin Dijkstra (22) speelde drie seizoenen voor [...]
Caitlin Dijkstra (22) speelde drie seizoenen voor Ajax en maakte afgelopen zomer de overstap naar FC Twente. Allemaal voor dat ene doel: een vaste waarde worden bij de Oranjevrouwen. We nodigden het talent uit voor een rondleiding in het Rijksmuseum voor de serie Leeuwinnen in het Rijks en stonden stil bij De Liefdesbrief van Johannes Vermeer. “Op het schilderij van Johannes Vermeer zie je dat een rijk geklede vrouw verwachtingsvol een brief aanneemt van een dienstmeisje. Maar als je goed kijkt, zie je dat de brief nog dicht zit. Het zegel zit er nog op,” vertelt rondleidster Mirjam Lobbes als we samen met Caitlin Dijkstra naar het schilderij kijken. “Toch weten we bijna zeker dat het een liefdesbrief is. Dat komt doordat Vermeer in het schilderij een aantal details heeft verwerkt die refereren aan de liefde. Bijvoorbeeld het schilderij met het schip. Een schip betekende in die tijd: misschien ver weg, maar niet uit het hart. Zo maakten ze uit het schilderij op dat de rijk geklede vrouw waarschijnlijk een brief heeft ontvangen van een geliefd persoon die overzee is. Ook de wasmand is een symbool dat verwijst naar liefde. Vroeger stond in gedichtjes dat als je als vrouw te veel aan liefde dacht, je geen tijd meer had om de was te doen.” Caitlin heeft aandachtig geluisterd en reageert: “Met kunst heb ik niet zo veel, maar verwachtingsvol een brief ontvangen, dat herken ik dan weer wel. De momenten waarop ik als meisje met smart zat te wachten op een brief waarin stond dat ik geselecteerd was voor het districtsteam voor meisjes onder twaalf jaar.” Beste vriendinnen Wat inspireert jou? “Voetbal is voor mij kunst. Er zijn weekenden dat ik achter elkaar wedstrijden kijk van alle Europese competities. Ik let sowieso op iedere centrale verdediger, de positie waar ik ook speel, aan zowel de linker- als de rechterkant.” Het schilderij gaat over de liefde. Hoe groot is jouw liefde voor de bal? “Mijn passie voor voetbal is heel groot. Ik was zes toen ik officieel begon met voetballen bij r.k.v.v. JEKA in Breda, maar als ukkie was ik ook altijd al met een bal bezig. Ik leefde op straat, voetbalde met mijn twee oudere broers of met vrienden.” 'Ik heb ook nog een tijdje kungfu gedaan, maar uiteindelijk moest ik kiezen. Ik kon het niet meer combineren met voetbal' Je hebt een vriendin. Is zij je andere grote liefde? “Ik ben nu drieënhalf jaar samen met Vera ten Westeneind, maar we kennen elkaar al veel langer. We speelden samen bij CTO Eindhoven en vormden daar het centrale verdedigingsduo. Vera ging daarna naar PSV, maar moest stoppen door gescheurde kruisbanden aan beide knieën. We waren eerst beste vriendinnen en dat sloeg om in liefde. Na het WK voor meisjes onder de twintig jaar in 2018 hebben we het aan onze families verteld.” Hoe waren de reacties? “Vera’s broertje was de eerste die het wist, had het al snel door. Hij vroeg al aan haar: ‘Is Caitlin echt zomaar een goede vriendin?’ Mijn familie kende Vera natuurlijk ook veel langer, omdat we eerst ‘alleen’ beste vriendinnen waren. Mijn moeder was direct heel blij voor me en zei: ‘Ik dacht het al, jullie waren zoveel samen.’ Een typische reactie van een moeder. M’n vader reageerde ook heel positief. Toen we samen voetbalden, zag hij haar ook een beetje als zijn tweede dochter. Het spannendste vond ik het om aan mijn broers Marvin en Justin te vertellen. Nadat ik het mijn ouders had verteld, wilde ik daar nog een week mee wachten. Maar mijn vader zei: ‘Nee, kom nu naar huis en vertel het ze, dan ben je er maar vanaf.’ Zij reageerden heel lief, ik had me druk gemaakt om niks. In december gaan Vera en ik samenwonen, we hebben een huis gekocht in Huissen.” Helden Magazine 59 Het eerste gedeelte van het verhaal van Caitlin Dijkstra komt voort uit Helden Magazine 59. Sifan Hassan is onze Held van het Jaar en siert de cover van het dubbeldik eindejaarsnummer. Ze kwam, zag en overwon. Hassan deed wat niemand voor haar deed: drie olympische medailles winnen op de middellange afstanden op dezelfde Spelen. Heel bijzonder is ook het verzoek dat Barbara Barend kreeg van Bibian Mentel. Vlak voor haar overlijden, op 29 maart dit jaar, wilde Bibian nog een keer een groot interview geven met het verzoek het verhaal na haar overlijden te publiceren. In het verhaal spreekt zij nog één keer iedereen toe die haar lief hebben.  In Helden Magazine 59 lees je een uitgebreid interview met Fabio Jakobsen en zijn aanstaande vrouw Delore. Ze blikken samen terug op de zware val in Polen, waarbij Fabio bijna het leven verloor én hoe hij zich dit jaar heeft teruggevochten. Daarnaast spraken we een van de sterkhouders van Ajax, Daley Blind in het bijzijn van zijn vrouw, dochter, moeder en twee zussen. Rolstoeltennisster Diede de Groot won dit jaar de Golden Slam. De dubbelvier zorgden voor het eerste olympische roeigoud bij de mannen in 25 jaar én Sjinkie Knegt vertelt over het leven na het ongeluk met de houtkachel. Ook in Helden Magazine 59 hebben Jeffrey Hoogland en Shanne Braspennincx het mooi geflikt met z’n tweeën, beloonde Tom Dumoulin zijn terugkeer met olympisch zilver op de tijdrit en groeide Denzel Dumfries uit tot de Held van Oranje tijdens het EK. Overigens vertelt Frédérique Matla over haar weg naar de top, won Abdi Nageeye niet alleen olympisch zilver op de marathon, maar coachte hij ondertussen ook zijn maatje naar brons en is Harrie Lavreysen de koning van de sprint. Verder zijn vrienden Niek Kimmann en Jelle van Gorkom allebei in het bezit van een olympische medaille. Dai Dai N’tab was ooit een feestbeest, nu is hij een van de snelste schaatsers van het land. Sanne van Dijke won olympisch brons, maar verloor in aanloop naar de Spelen haar broer en daarna haar trainingsmaatje. Reshmie Oogink blikt in ‘De dag dat’ terug op het moment dat ze in Tokio te horen kreeg dat ze corona had én Victoria Koblenko ontmoet daarnaast olympisch kampioen Kiran Badloe. Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

Van Denzel naar Dumfries

Denzel Dumfries was als rechtsback van het [...]
Denzel Dumfries was als rechtsback van het Nederlands elftal een van de lichtpunten op het teleurstellend verlopen EK. De aanvoerder van PSV rekende op een snelle transfer naar een buitenlandse club, maar pas zes weken na het EK tekende hij voor Internazionale. Hoe zou je 2021 willen beschrijven? “Als een bijzonder jaar. Allereerst omdat ik mijn eerste eindtoernooi speelde dat uiteindelijk voor mezelf een raar toernooi werd, met heel veel ups en ineens die grote down. En vervolgens na lang wachten die mooie transfer naar Inter Milaan.” Jij was de gevierde man in de openingswedstrijd van het EK tegen Oekraïne. “In de eerste helft gaf Gini Wijnaldum mij de bal mee in de zestien die ik op een verdediger of op de keeper schoot. Vervolgens miste ik een voorzet van Memphis, dus ik dacht dat ik in de rust zou worden gewisseld. Toen kwam assistent-bondscoach Ruud van Nistelrooij naar me toe en zei dat ik de gevaarlijkste speler was en zo door moest gaan. Die opmerking gaf me zo’n goed gevoel dat ik wist dat ik na rust zou gaan scoren, of minimaal beslissend zou zijn. Vlak voor tijd kwam die voorzet van Nathan Aké die ik binnenkopte, mijn eerste doelpunt in Oranje en de beslissende 3-2. Het mooie was dat iedereen die veel betekent in mijn leven – mijn vriendin, mijn hele familie en mijn beste vrienden – op de tribune zat. De Arena ontplofte en mijn telefoon ook.” Je kreeg complimenten voor jouw positieve energie. “Ik doe en deed me niet anders voor dan zoals ik altijd was en ben. Voor het toernooi vroeg Memphis of ik het leuk vond om even op zijn kamer te komen kletsen. Hij zei me dat ik zo belangrijk was voor het team met mijn, zoals hij het noemde, Denzel-zijn. Dat ik zo anders was dan alle andere spelers, door de energie die ik uitstraalde, en dat ik met mijn manier van spelen heel belangrijk was voor het team.” 'Ik speel pas zeven jaar betaald voetbal, ben betrekkelijk laat doorgebroken en zit nu al bij Inter' Wat maakt Memphis Depay zo bijzonder? “Ik denk dat veel mensen zich niet realiseren hoe hij bezig is met de groep, met nieuwe spelers, hoe hij altijd overal positief in staat. Er zijn spelers in de selectie die bidden. Memphis organiseerde dat we op zijn kamer bij elkaar kwamen en met elkaar gingen bidden met nog een paar spelers. Maar hij neemt ook het initiatief om samen spelletjes te spelen. Hij is binnen en buiten het veld een verbinder.” Jullie wonnen op het EK de poule, maar in de achtste finale ging het mis tegen de Tsjechen. Hoe kijk je terug op die wedstrijd? “We hadden ’s middags in Boedapest gespeeld en om één uur ’s nachts stond ik in mijn eigen woonkamer, was het einde toernooi. Dat was zo’n shock. Tijdens die terugvlucht naar Schiphol heeft niemand een woord gezegd. Na terugkeer op Schiphol gingen we meteen met de bus naar Zeist. We hadden allemaal nog onze kamers, mochten ook blijven slapen, maar niemand had daar zin in. Iedereen wilde meteen naar huis. Frank de Boer begreep dat. Hij heeft die avond nog afscheid van ons genomen en wenste ons veel succes bij onze clubs. Ik heb hem niet meer gesproken, maar wel een berichtje gestuurd waarin ik hem heb bedankt en gezegd dat ik het spijtig vond voor hem hoe het is gegaan en hoe de mensen over hem heen vielen. Ik had echt met hem te doen.” Heftige periode Voor het EK werd in sommige media getwijfeld of jij en Marten de Roon wel zouden worden geselecteerd... “Klopt. Ik las dat in het AD stond dat Dumfries nog een vraagteken was. Ik was al een tijd een vast lid van de Oranje-selectie. Dus hoezo zou ik een vraagteken zijn voor het EK? Het krenkte mijn ego. Toen het ineens hosanna was in heel Nederland. Toen iedereen bij Team Dumfries wilde horen, gedroeg ik me niet anders dan daarvoor. Voor mij was het: gewoon mijn taak uitvoeren. Mijn moeder is vrij nuchter, maar vond al die aandacht toch wel heftig. Mensen liepen ineens door de straat op zoek naar ons huis. Journalisten belden haar.” Lachend: “Mijn moeder vond het al heel spannend toen ik bij Sparta speelde. In de loop der jaren hebben we er binnen de familie vaak over gesproken wat er kon ontstaan als ik ineens landelijk bekend zou worden. We zeiden dat we zeker wisten dat we onszelf zouden blijven. Maar toen het deze zomer echt gebeurde, overviel alle aandacht mijn familie toch.” Helden Magazine 59 Het eerste gedeelte van het verhaal van Denzel Dumfries komt voort uit Helden Magazine 59. Sifan Hassan is onze Held van het Jaar en siert de cover van het dubbeldik eindejaarsnummer. Ze kwam, zag en overwon. Hassan deed wat niemand voor haar deed: drie olympische medailles winnen op de middellange afstanden op dezelfde Spelen. Heel bijzonder is ook het verzoek dat Barbara Barend kreeg van Bibian Mentel. Vlak voor haar overlijden, op 29 maart dit jaar, wilde Bibian nog een keer een groot interview geven met het verzoek het verhaal na haar overlijden te publiceren. In het verhaal spreekt zij nog één keer iedereen toe die haar lief hebben.  In Helden Magazine 59 lees je een uitgebreid interview met Fabio Jakobsen en zijn aanstaande vrouw Delore. Ze blikken samen terug op de zware val in Polen, waarbij Fabio bijna het leven verloor én hoe hij zich dit jaar heeft teruggevochten. Daarnaast spraken we een van de sterkhouders van Ajax, Daley Blind in het bijzijn van zijn vrouw, dochter, moeder en twee zussen. Rolstoeltennisster Diede de Groot won dit jaar de Golden Slam. De dubbelvier zorgden voor het eerste olympische roeigoud bij de mannen in 25 jaar én Sjinkie Knegt vertelt over het leven na het ongeluk met de houtkachel. Ook in Helden Magazine 59 hebben Jeffrey Hoogland en Shanne Braspennincx het mooi geflikt met z’n tweeën en beloonde Tom Dumoulin zijn terugkeer met olympisch zilver op de tijdrit. Overigens vertelt Frédérique Matla over haar weg naar de top. Abdi Nageeye won niet alleen olympisch zilver op de marathon, maar coachte hij ondertussen ook zijn maatje naar brons en is Harrie Lavreysen de koning van de sprint. Verder zijn vrienden Niek Kimmann en Jelle van Gorkom allebei in het bezit van een olympische medaille. Dai Dai N’tab was ooit een feestbeest, nu is hij een van de snelste schaatsers van het land. Sanne van Dijke won olympisch brons, maar verloor in aanloop naar de Spelen haar broer en daarna haar trainingsmaatje. Reshmie Oogink blikt in ‘De dag dat’ terug op het moment dat ze in Tokio te horen kreeg dat ze corona had. Victoria Koblenko ontmoet daarnaast olympisch kampioen Kiran Badloe. Caitlin Dijkstra staat in de ‘Leeuwinnen in het Rijks’ stil bij De Liefdesbrief. Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

Daley Blind staat iedere keer weer op

Daley Blind (31) werd met Ajax voor de zesde keer [...]
Daley Blind (31) werd met Ajax voor de zesde keer landskampioen en hij won de beker. In februari werd zijn dochter Lemae Lourdes geboren. Maar er waren ook tegenslagen. Een enkelblessure, een voor Daley emotioneel, maar ook mislukt EK. Gelukkig stonden de belangrijkste vrouwen in zijn leven voor hem klaar. Wie de naam Daley Blind hoort, denkt ongetwijfeld ook aan vader Danny, en andersom. Maar zijn grootste fans zijn misschien wel de belangrijkste vrouwen in zijn leven. Moeder Yvon, echtgenote Candy-Rae en negen maanden oude dochtertje Lemae Lourdes, en zijn twee jaar jongere zusje Zola, en vier jaar jongere zusje Frenkie. Aan de keukentafel bespreken we zes thema’s. Ouder worden Je bent 31. We zien je op tv letterlijk ouder worden... Frenkie, lachend: “Ai, Daley, pijnlijk...” Daley: “Laatst zei Candy inderdaad tegen mij dat ik er oud uitzie op tv.” Yvon: “Dat komt ook omdat je zo afgetraind bent. Dat zag ik vroeger ook bij Danny.” Daley: “Ik zei tegen Candy: ik ga nu mijn baard eraf halen. Maar ik speelde daarna zo slecht, dat ik riep: dat doe ik niet meer. Mijn baard is gewoon weer terug. Ik heb er geen moeite mee om ouder te worden, het enige dat ik soms lastig vind, is dat mijn haargroei minder wordt.” Lachend: “Ik mis die lokken wel.” Candy-Rae: “Ik vond hem er ook vermoeid uitzien. Ik zei wel vaker: haal die baard eraf.” Lachend: “Helaas was dat dus eenmalig.” We kennen je als een rustige jongen. Onlangs zagen we je voor het eerst een beetje kribbig uit de hoek komen. Na de nederlaag tegen FC Utrecht sprak je je uit over de media, je zei dat jullie die niet zo serieus nemen. Waar kwam dat vandaan? Daley: “Ik moet me soms inhouden om me niet te uiten. Ik heb zo vaak gedacht: het is nu klaar met die onzin. Die keer zei ik er wat van, en ik vond het eigenlijk wel terecht. Het ene moment kunnen we er niks van, het andere moment staan we al in de Champions League-finale... Wat ik wel grappig vond is dat een aantal media zich toch wel aangevallen voelden, ze schoten in de verdediging.” Waar heb je dan vooral moeite mee? “Ik vind dat er door sommige media heel vrijblijvend dingen worden gezegd zonder nuance. En iedere week kunnen ze weer wat anders roepen. Soms hebben ze niet door wat dat vooral met jongere spelers doet. Inmiddels zal mij het een worst wezen als het over mij gaat, maar ik erger me er wel aan als er bepaalde dingen over mijn teamgenoten of andere voetballers in de competitie worden gezegd. De media hebben niet door dat ze jongens kunnen maken of breken. Ik laat me er niet meer door gek maken, maar toen ik jong was, had ik daar ook last van.” Jij bent ook al honderd keer afgeschreven. Je zou je basisplaats bij Ajax en het Nederlands elftal verliezen... “Ik heb ook al drie keer gelezen dat het klaar met me is, dat ik op mijn retour ben. Het wordt zonder enige nuance geroepen. Maar een week later hoor ik weer wat anders, dan heb ik de vorm weer te pakken. Daarom neem ik veel dingen die gezegd worden niet meteen serieus.” Yvon: “Net als Daley kan ik kritiek op mijn zoon goed naast me neerleggen. Maar ik hoor ook weleens iets op tv, en denk: hoe kun je dat nou zeggen? Je mag best beweren dat iemand slecht heeft gespeeld, maar dat persoonlijke afbranden gaat mij te ver.” Yvon: 'Voor de wedstrijd tegen Oekraïne heb ik Daley gesproken. Ik heb het niet tegen hem gezegd, maar ik dacht wel: als hij het veld niet opkomt, dan komt hij dat nooit meer' Daley: “Als je iemand bekritiseert en je onderbouwt dat goed, dan is dat prima. Daar kan diegene dan nog wat mee. Maar dat gebeurt nauwelijks. De druk in de voetbalwereld is groot. Je ligt iedere wedstrijd weer onder de loep van miljoenen voetbalkijkers en analisten. En die kunnen zich ook nog op sociale media uiten. Dat wij zo onder een vergrootglas liggen, maakt het mentaal zwaar.” Yvon: “Er wordt ook weleens makkelijk gedacht over die jongens. Ze doen er heel veel voor. Ik heb zoveel respect voor Daley en hoe hij met zijn sport omgaat. Daley heeft zoveel wilskracht.” Hoe was Daley als kind? Yvon: “Daley was vrij rustig. Na school ging hij meteen op het pleintje voetballen. En hij zat op jonge leeftijd al in de jeugd-opleiding van Ajax, dus hij was veel op De Toekomst.” Hoe beleef jij als moeder zijn carrière? “Toen Daley net doorbrak in het eerste elftal vond ik het wel spannend. Zou hij het halen? En dan was er nog de tijd dat hij werd uitgefloten door het thuispubliek, ik zag hem soms worstelen met zijn zelfvertrouwen. Dat was best moeilijk om te zien. Als moeder kun je dan alleen hopen dat je kind bij je komt om met je te praten.” Daley: “Als ik met iets zat, ging ik naar mijn moeder toe. Mijn vader is wat directer, zei dan: ‘Leg het gewoon naast je neer.’ Mijn moeder luisterde, bij haar kon ik mijn ei kwijt. We kunnen samen ook lekker zeiken op iemand.” En jullie als zusjes, Zola en Frenkie? Yvon: “Die hebben voetbal soms wel vervloekt vroeger.” Zola knikt: “Alles draaide om het voetbal. Wij gingen mee naar De Toekomst als Daley een wedstrijd had. Aan tafel ging het ook altijd over voetbal. Dan zeiden Frenkie en ik weleens: ‘Kunnen we het niet ergens anders over hebben?’” Frenkie: “Maar dan vroegen ze: ‘Waar willen jullie het dan over hebben?’” Zola, lachend: “En dan dachten we: uuhhh, weet ik niet.” Frenkie: “Maar dat wij de ‘zusjes en dochter van’ zijn, hebben wij nooit als een last ervaren.” Helden Magazine 59 Het eerste gedeelte van het verhaal van Daley Blind komt voort uit Helden Magazine 59. Sifan Hassan is onze Held van het Jaar en siert de cover van het dubbeldik eindejaarsnummer. Ze kwam, zag en overwon. Hassan deed wat niemand voor haar deed: drie olympische medailles winnen op de middellange afstanden op dezelfde Spelen. Heel bijzonder is ook het verzoek dat Barbara Barend kreeg van Bibian Mentel. Vlak voor haar overlijden, op 29 maart dit jaar, wilde Bibian nog een keer een groot interview geven met het verzoek het verhaal na haar overlijden te publiceren. In het verhaal spreekt zij nog één keer iedereen toe die haar lief hebben.  In Helden Magazine 59 lees je een uitgebreid interview met Fabio Jakobsen en zijn aanstaande vrouw Delore. Ze blikken samen terug op de zware val in Polen, waarbij Fabio bijna het leven verloor én hoe hij zich dit jaar heeft teruggevochten. Daarnaast spraken we rolstoeltennisster Diede de Groot, ze won dit jaar de Golden Slam. De dubbelvier zorgden voor het eerste olympische roeigoud bij de mannen in 25 jaar én Sjinkie Knegt vertelt over het leven na het ongeluk met de houtkachel. Ook in Helden Magazine 59 hebben Jeffrey Hoogland en Shanne Braspennincx het mooi geflikt met z’n tweeën, beloonde Tom Dumoulin zijn terugkeer met olympisch zilver op de tijdrit en groeide Denzel Dumfries uit tot de Held van Oranje tijdens het EK. Overigens vertelt Frédérique Matla over haar weg naar de top, won Abdi Nageeye niet alleen olympisch zilver op de marathon, maar coachte hij ondertussen ook zijn maatje naar brons en is Harrie Lavreysen de koning van de sprint. Verder zijn vrienden Niek Kimmann en Jelle van Gorkom allebei in het bezit van een olympische medaille. Dai Dai N’tab was ooit een feestbeest, nu is hij een van de snelste schaatsers van het land. Sanne van Dijke won olympisch brons, maar verloor in aanloop naar de Spelen haar broer en daarna haar trainingsmaatje. Reshmie Oogink blikt in ‘De dag dat’ terug op het moment dat ze in Tokio te horen kreeg dat ze corona had. Victoria Koblenko ontmoet daarnaast olympisch kampioen Kiran Badloe én Caitlin Dijkstra staat in de ‘Leeuwinnen in het Rijks’ stil bij De Liefdesbrief. Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

Uit de schaduw

Daphne van Domselaar is de toekomstige sluitpost [...]
Daphne van Domselaar is de toekomstige sluitpost van de Oranje Leeuwinnen en werd vorig seizoen landskampioen met FC Twente. We nodigden het 21-jarige keeperstalent uit voor een rondleiding in het Rijksmuseum voor de serie Leeuwinnen in het Rijks en stonden stil bij Portret van een meisje in het blauw van Johannes Cornelisz. Verspronck. “Het feit dat je niet weet wie het is en de manier waarop ze kijkt, roept ontzettend veel vragen op. Het is mooi dat iedereen daar een andere invulling aan kan geven, juist omdat we haar geschiedenis niet kennen. Niemand weet wie ze is, wie haar familie is, hoe ze heet of hoe oud ze is,” vertelt rondleider Toon Berghahn, als we met Daphne van Domselaar in de eregalerij van het Rijksmuseum het schilderij Portret van een meisje in het blauw van Johannes Cornelisz. Verspronck bestuderen. Een onbekend meisje dat uit de schaduw treedt en in de schijnwerpers is gezet door de schilder. De vergelijking met Daphne is snel gemaakt. Inmiddels weten echte voetballiefhebbers wie de keepster van FC Twente is en ze heeft ook al haar debuut in de selectie van de Oranjevrouwen mogen maken. Maar voor het grote publiek is Daphne nog onbekend. Daphne ziet de gelijkenis wel. “Het onbekende meisje, ja, dat ben ik ook. Ik ben dan al wel volwassen, maar nog net zo leergierig en nieuwsgierig als een jong kind. Ik wil ook nog alles ontdekken.” Terwijl Daphne naast het schilderij wordt gefotografeerd, valt ons nog iets op. Daphne, lachend: “Inderdaad, qua uiterlijk lijk ik ook wel een beetje op het meisje.” Barça-voetbal De Haarlemse schilder Johannes Cornelisz. Verspronck werd geïnspireerd door stadgenoot Frans Hals. Het werk van Verspronck lijkt qua stijl sterk op dat van de twintig jaar oudere en nog bekendere Hollandse meester. Welke speler inspireert jou? “Iedere keeper die bij een topclub speelt. Vroeger keek ik heel graag naar de inmiddels gestopte keeper Iker Casillas van Real Madrid. En naar Marc-André ter Stegen, de Duitse keeper van Barcelona. Het Barça-voetbal vind ik geweldig. Het feit dat een keeper ook een assist kan geven... Als ik hem zie spelen, denk ik: wow, dat wil ik ook.” Veel schilders hadden een leermeester. Zijn Oranje-keepsters Sari van Veenendaal en Loes Geurts, die allebei ervaren en boven de dertig zijn, jouw leermeesters? “Ik vind ze heel open, toegankelijk en behulpzaam, we leren van elkaar. Iedereen heeft een andere manier van keepen, ik leer daar heel veel van. Het is helemaal niet hiërarchisch. Het klikt heel goed. We geven elkaar tips en feedback. Zij mij, maar Sari en Loes kunnen ook van mij leren.” Helden Magazine Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

Guus Til: ‘Alsof ik de teamclown ben…’

Na veelbelovende jaren bij AZ belandde Guus Til [...]
Na veelbelovende jaren bij AZ belandde Guus Til (23) bij het Russische Spartak Moskou en het Duitse SC Freiburg op een zijspoor. Via Feyenoord vond hij zijn weg terug. Inmiddels is hij bij PSV landkampioen geworden en knokte hij zich terug in Oranje. We blikken terug op het interview met Guus uit 2021. Als we met Guus Til door het Oos­terpark in Amsterdam lopen, de plek van de fotoshoot, komen we langs een openbare tennisbaan. Je zou het niet direct verwachten van een voetballer, maar op deze baan bracht Guus zijn zomer door. “Ik stond er geregeld met allemaal andere gasten. Iedereen kan er terecht, het is wachten op je beurt. Maar als je echt goed bent, geven ze je wel ruimte. Of er meer voetballers goed kunnen tennissen?” Lachend: “Dat weet ik niet, maar ik voel me wel comfortabel op de tennisbaan. In het tennis lagen er voor mij minder kansen dan in het voet­bal. Het is ook een duurdere sport naar­mate je verder komt. Maar ik vind het een fantastisch spel. Ik volg alle internatio­nale toernooien.” Champagne Wat doe jij normaal gesproken in je vakantie? “Chillen in Andalusië bijvoorbeeld. Deze zomer ben ik helemaal niet weggeweest, ik was blij dat ik weer in Nederland was na een jaar in Moskou en Duitsland te hebben gezeten. Ik hou van het Ooster­park, heb er ook lang aan gewoond. Ik kijk ook heel graag naar mensen. Dan loop ik rondjes door het park, zit ik even op een bankje. Er lopen veel verschillen­ de types rond, vind ik mooi om te zien.” Er zijn ook voetballers die naar Saint- Tropez of Dubai gaan en op een mooi jacht met champagne spuiten. “In mijn optiek is wat ik doe veel mak­kelijker en safer. Over mij zullen ze wat dat betreft nooit wat zeggen. Die gas­ten hebben schijt aan wat anderen van ze vinden, dat vind ik mooi. Zij doen wat zij leuk vinden. Ik moedig niet aan dat ze voor de grap met flessen champagne poppen, maar als zij dat leuk vinden, moeten ze dat vooral doen. Ik zou daar meer moeite mee hebben, omdat ik simpelweg niet zo in elkaar zit.” Wat vind jij van de voetbalwereld? “Ik ben heel gepassioneerd op het veld, maar alles wat eromheen gebeurt, kan me gestolen worden. We krijgen veel betaald, maar iedereen kan en mag wat van ons vinden omdat we publieke figu­ren zijn. Als je kijkt naar de transfer van Steven Berghuis van Feyenoord naar Ajax en de reacties die hij daarop krijgt, dat vind ik verschrikkelijk. En dat gaat wat mij betreft ook echt een stap te ver.” Je staat bekend om je spontane inter- views. Een paar jaar geleden zei je in Het Parool: ‘Die wil ik over drie jaar nog steeds geven. Maar ik weet hoe het gaat. Als de belangen groter worden, kunnen voetballers niet alles meer zeggen. Jammer, want zo komen ze dommer over dan ze zijn.’ “Voetballers zeggen wel vaak hetzelfde. Misschien oogt dat wat dom, veel men­sen zullen denken: heeft die speler nou niet wat beters te vertellen? Maar je kunt als voetballer gewoon niet zoveel meer zeggen, omdat alles wordt uitvergroot en omdat het een teamsport is. Individuele sporters kunnen denk ik makkelijker er­gens iets van vinden en dat zeggen.” Ben jij net zo spontaan in je interviews als drie jaar geleden? “Nee, ik ben gereserveerder geworden. Maar misschien is dat ook omdat ik ouder ben geworden. Ik praat makke­lijker over privézaken dan over voetbal­ inhoudelijke dingen. Als ik een inter­view geef aan een voetbalblad, ben ik wel scherp. Ieder antwoord dat ik geef, overweeg ik.” De meeste voetballers praten juist liever over voetbal dan over privé- dingen. “Dat heb ik minder. Ook omdat ik me graag bezig houd en een duidelijke me­ning heb over zaken die zich buiten de voetbalwereld afspelen. En zoals ik eer­der al aangaf, moet je als voetballer te­genwoordig ook veel gereserveerder zijn in interviews als het over voetbal gaat.” Banja Guus Til doorliep zijn jeugdopleiding bij AZ. Door zijn toenmalige coach John van den Brom werd de aanvallende middenvelder in 2018 benoemd tot aanvoerder, het seizoen erop werd hij met twaalf goals de clubtopscorer van AZ. In de zomer van 2019 vertrok Guus voor achttien miljoen euro naar Spartak Moskou, hij tekende een contract voor vier jaar. Waarom koos je voor Spartak Moskou? “Ik zat al tien jaar bij AZ, het was voor mijn gevoel tijd voor een nieuwe stap. Op dat moment had Spartak een goed verhaal. Ze wilden Champions League spelen, ik kon daar op mijn eigen positie spelen, en in financieel opzicht ging ik flink vooruit. Ik ben iemand die avon­tuurlijk is, vind het land intrigerend, ik wilde dat gewoon een keer meemaken. Het was een avontuur. Het verhaal dat ze hadden geschetst, klopte ook. En ik moet zeggen: alles was ook perfect gere­geld.” Wat was je beeld van Moskou? “Als je van het vliegveld naar de stad rijdt, zie je veel grijze en grauwe flats. Maar naarmate je dichter bij het centrum komt, wordt Moskou steeds grootser en overweldigender. In de sub­urbs zie je de armoede, maar hoe dichter je bij het centrum komt, des te groter het verschil wordt.” Dacht je weleens: in wat voor sprookjeswereld ben ik beland? “Moskou klinkt een stuk verder dan Sevilla, toch? Het is bijna even ver vlie­gen, zo’n drieënhalf uur, maar het is zo’n compleet andere wereld. De eerste wedstrijd die we speelden, was uit tegen Achmat Grozny, in Tsjetsjenië. Drie uur vliegen. Ik dacht: ben ik nou weer in een andere wereld beland? In het begin keek ik mijn ogen uit. Ik was nog niet klaar met Moskou of ik kwam weer in een heel andere wereld terecht.” Wat is het mafste dat je in Moskou hebt meegemaakt? “Ik vond die banja, een Russische sauna, wel heel intrigerend. Met het team gingen we er een keer naartoe. We kregen een hoedje op, moesten slippers aan en gingen seafood eten. In het begin dacht ik nog: het is een normale sauna. Totdat ik met een of ander kruidenblad op mijn reet werd geslagen, ik wist niet wat me overkwam.” Russische vrouwen staan erom bekend dat ze graag in contact komen met westerse mannen. Stonden de vrouwen in de rij voor je? “Het is absoluut zo dat veel Russische vrouwen geïnteresseerd zijn in westerse mannen. Ze zien het ook meteen als je uit het Westen komt, want Russen hebben een heel specifiek uiterlijk. Ik ben iemand die heel erg observeert, maar als ik ergens alleen zit te ontbijten, ben ik niet toegankelijk. Ik heb mijn oortjes in en luister naar muziek. Ik kijk om me heen, maar ik heb geen houding van: kom maar lekker bij me zitten.” Eenzaam Onder de Russische trainer Oleg Konon­ov, die Guus naar Spartak Moskou had gehaald, begon hij het seizoen aardig. Hij speelde op zijn vertrouwde positie achter de spits. Maar al snel kwam er een trai­nerswissel. Onder de Italiaan Domenico Tedesco ging de ploeg in een ander sys­teem spelen, Guus belandde op de bank. Een geval van pure pech? “Ik wil het niet alleen daarop schuiven. Als je heel veel kwaliteit hebt, speel je altijd. Lionel Messi zal altijd opgesteld worden. Maar niet iedereen is nou een­ maal zoals Messi. Je kunt dus ook zeg­gen: Guus heeft niet zoveel kwaliteit dat een trainer een systeem om hem heen bouwt. Dat moet je dan maar accepteren. Maar ik heb wel het gevoel dat als we in een systeem hadden gespeeld waarin er een plek voor mij was achter de spits, ik gewoon basisspeler was geweest.” Je was basisspeler en aanvoerder bij AZ en je werd reservespeler bij Spartak Moskou. Heeft je dat mentaal geraakt? “Ja natuurlijk, ik begon aan alles te twij­felen. Het gebeurt niet vaak dat echt niks loopt zoals je wil. Maar dat was wel zo in Moskou. Ik werd er onzeker van. En als mijn voetbalprestaties minder zijn, ben ik ook niet te genieten. Ik probeer het niet mijn leven te laten beïnvloeden, maar dat gebeurde toch.” Dan zit je daar in je eentje in Moskou. “Mijn vriendin was niet meeverhuisd, zij studeerde nog in Nederland. Ik had wel veel contact met mijn ploeg­genoten, maar ik kwam ’s middags toch alleen thuis. Dat vond ik het moeilijkst. Ik heb dat echt onderschat. En toen kwam het coronavirus ook nog om de hoek, waardoor alles op slot ging. Ik heb een tijd gehad dat ik me echt heel eenzaam voelde. Ook omdat ik door corona het land niet uit kon. Dat was een heel beklemmend gevoel, het idee dat ik niet meer weg kon.” Vanwege corona werd er niet gevoetbald. Wat deed je de hele dag? “De andere Europese spelers hadden natuurlijk hetzelfde probleem. Niemand kon het land uit. Daardoor groeiden we heel erg naar elkaar toe, we gingen samen iedere dag wel wat leuks doen. Als ik je nu vraag: voel je een connectie met een Fransman? Dan zeg je misschien: nee. Maar als je in Rusland woont, dan heb je ineens heel veel overeenkomsten met diezelfde Fransman.” Compliment Het seizoen erop vertrok je op huurbasis naar het Duitse SC Freiburg. Wanneer dacht jij: ik moet weg uit Moskou? “Ik zou het seizoen daarop weer niet gaan spelen, want de trainer bleef. Hij vond me volgens mij wel een goede speler, maar ik paste niet in zijn team. En ik wilde spelen.” Bij Freiburg had je vanaf het begin al pech. Je kwam geblesseerd binnen. “De competitie in Rusland was al begon­nen, die begint al eerder dan in de rest van Europa, en in de laatste wedstrijd voor Spartak Moskou ging ik door mijn enkel. Ik lag er vijf weken uit. Freiburg zei: ‘Kom alsnog maar.’ Ik moest dus revalideren, terwijl ook daar de competi­tie was begonnen.” Ook na je revalidatie heb je weinig gespeeld. “Ik wist dat ze een systeem hanteerden waarin ik als aanvallende middenvelder rondom de spits kon spelen. Wat gebeur­de er? De competitie startte, ze verloren een aantal wedstrijden, en het systeem werd omgegooid. Daarna wonnen ze vijf wedstrijden op rij. Toen werd het moei­lijk. Ik heb er uiteindelijk één wedstrijd in de basis gespeeld. Gelukkig was mijn vriendin wel meeverhuisd. Zij had er een heel goede baan als interieurstylist. Op een gegeven moment zaten we er meer voor haar dan voor mij.” We lazen dat de technisch directeur van Freiburg over jou had gezegd: ‘Ik heb zelden een speler gezien die zo weinig speelt, maar wel zo betrokken is bij het team. Het klinkt misschien gek, maar hij helpt het team. Hij doet volop mee tijdens de training en hij gedraagt zich goed, ondanks zijn situatie. Ik hoop dat hij daar een keer voor wordt beloond.’ “Ik zie dat niet als compliment. Ik heb liever dat ze het over mijn spel hebben op het veld. Alsof ik de teamclown ben... Ik zit nou eenmaal niet zo in elkaar dat ik de boel op stelten ga zetten als ik niet speel. Er is meer in het leven dan alleen voetbal.” Er zijn niet veel spelers van jouw leeftijd die dat zeggen. “Dat weet ik, ik heb veel dingen gezien in mijn leven en ik weet dat het leven dat ik leid niet normaal is. Het is een privilege. Ik besef dat. Daarom sta ik ook altijd met een lach op het veld. Soms heb ik het gevoel dat ik wat meer tegengas kan geven. Mensen denken snel: Guus is toch altijd positief, laat die ander dan maar spelen, want die gaat misschien wél klagen. Guus doet dat toch niet. Dat knaagt soms aan me. Ik kan heel slecht tegen onrecht, dan kan ik scherp uit de hoek komen. Maar ik ben niet iemand die de boel op stelten zet als ik niet speel, daar heb ik ook niet zoveel aan. Dat betekent trouwens niet dat ik mijn team­ genoten niet terechtwijs in het belang van het team als er bijvoorbeeld iets niet loopt. Dat is wat anders.” Draagdoek Hij is geboren in Zambia en woonde ook in Mozambique. Zijn vader deed er ont­wikkelingswerk. Op zijn derde verhuis­de de jongste Til met zijn ouders, twee oudere broers en oudere zus terug naar Nederland, naar de Bijlmer. Je broers en zus heten Daan, Kees en Klaartje. Dat moet een mooi tafereel zijn geweest in Afrika. Lachend: “En we waren vroeger ook allemaal superblond. Ik zie bij mijn ouders weleens foto’s dat ik als klein jongetje bij verschillende Afrikaanse vrouwen op de rug in een draagdoek zit. Zo ging dat eraan toe daar.” Waarom verhuisden jullie naar de Bijlmer? “Schiet mij maar lek. Omdat mijn ouders vier kinderen hadden en een relatief groot appartement konden krij­gen voor weinig geld, denk ik. Mijn ouders hadden geen moeite met de slechte reputatie die de Bijlmer had. Zij waren Afrika gewend en voelden zich in de Bijlmer wel thuis.” Wat maakten jullie mee in de Bijlmer? “Ik leefde er tussen alle soorten nationa­liteiten. Het was zo gemixt, dat niemand zich buitengesloten voelde. Er waren mensen uit Nederland, India, Indonesië, Burundi, Pakistan, Ghana, Suriname en uit de Antillen. Alle geloven liepen door elkaar heen. Ik heb er een geweldige tijd gehad. Mijn beste vrienden zijn nog steeds die van vroeger.” Ben je in aanraking gekomen met criminaliteit? “Ik ben er nooit mee in aanraking gekomen, maar ik heb het wel om me heen gezien. In mijn optiek viel het wel mee. Ik was te druk bezig met andere dingen, met voetbal. Ik had het niet zo in de gaten.” Je bent nooit Guus T. geweest? “Nee.” Lachend: “Guus T. uit de Bijlmer, dat had er trouwens ook maar eentje kunnen zijn.” En op de pleintjes heb je het voetbal ontdekt? “Ja. En mijn broer zat al op voetbal, bij SV Diemen. Ik voetbalde altijd met zijn vrienden op een basketbalveldje. Dan hadden we geen keeper nodig, want niemand wilde op het pleintje keeper zijn. Die paal was al moeilijk genoeg om te raken, daarom hadden we geen keeper nodig.” Blonk je meteen uit? “Ik heb altijd balgevoel gehad. Kan goed tennissen, tafeltennissen en bad­mintonnen. Geef mij een balletje en ik raak hem. Ik ben alleen niet zo goed in bowlen. Ik heb het balgevoel van mijn moeder, zij kon goed tennissen.” Je bent bij SV Geinburgia in Driemond begonnen. Daarna vertrok je naar SV Diemen en daar werd je opgepikt door AZ. Als Amsterdamse jongen was het toch logischer geweest als je bij Ajax terecht was gekomen? “Ajax is nooit een optie geweest.” Je was niet het grootste talent, maar hebt het wel ver geschopt. “Als je in de jeugd de beste bent, breek je vaak niet door. Dat heb ik veel om me heen gezien. Bijna alle jongens die om me heen de besten waren, hebben het niet gered. Als je op die leeftijd al heel erg ontwikkeld bent, heb je daar zoveel profijt van. Dan is de balbehande­ling niet eens essentieel om de beste te zijn. Maar ik was liever wel de allerbeste geweest, hoor.” Brachten je ouders je naar AZ? “Tot mijn veertiende werd ik opgehaald door een busje. Daarna ging ik met het openbaar vervoer: de metro, trein en bus. Ik deed er minimaal twee uur over, en dan had ik nog geluk. In de periode van AZ vertrok ik om zes uur ’s ochtends en kwam ik om acht uur ’s avonds thuis. In die tijd ben ik wel heel zelfstandig geworden. In de bus en trein deed ik huiswerk. Het was een pittig schema, maar ik heb wel gewoon in zes jaar mijn vwo afgerond.” Hoe betrokken waren je ouders bij je voetbalcarrière? “Enorm betrokken. Ze waren er bijna altijd, maar bleven na afloop van wed­strijden altijd weg bij het voetbalinhou­delijke. Dat vond ik fijn.” Jij hebt in het verleden weleens gezegd dat je ouders de voetbalwereld vreselijk vinden. “Daar moet ik wel een beetje op terug­ komen. Mijn ouders houden enorm van sport. Naast voetbal stond er ook gere­geld tennis en schaatsen op bij ons thuis.” Wat vinden ze ervan dat je profvoetballer bent? “Dat heb ik eigenlijk nooit aan ze gevraagd, maar ik denk wel dat ze trots op me zijn.” En de rest van de familie? “Mijn ooms en tantes zijn enthousiast. Maar wat ik soms vervelend vind, is dat het al heel veel over mij gaat omdat ik profvoetballer ben. Als ik thuis ben, heb ik liever niet dat het over mij en voetbal gaat.” Hoe ben jij door je ouders opgevoed? “Ze hebben me sturing gegeven. Als kind krijg je vanzelf mee hoe je ouders in het leven staan zonder dat ze dat bewust overbrengen. Ze discussiëren aan tafel, dus je merkt al snel waar ze het wel of niet mee eens zijn. Op die leeftijd ben je het automatisch eens met je ouders. Maar voor de rest hebben mijn ouders me altijd heel vrij opgevoed.” Vonden je ouders school belangrijker dan voetbal? “Ze vonden het belangrijk, maar lieten mij er vrij in omdat ze wisten dat dat het beste werkt voor mij. Ze keken bijvoor­beeld nooit naar mijn cijferlijsten. Als ik een keer een 3 haalde, zeiden ze: ‘Als je je best hebt gedaan, is het goed. Het komt wel goed.’ En zo voelde ik het ook.” Wat zijn je ambities op maatschappelijk vlak? “Ik wil na mijn carrière zeker een studie doen. Ik heb het al geprobeerd te com­bineren met voetbal, heb me een paar jaar geleden ingeschreven voor economie en bedrijfseconomie, maar ik vond het lastig me op twee dingen tegelijk te concentreren. Voor nu heb ik tegen mezelf gezegd: ga voetballen, geef daar alles voor, en dan kijk ik wel waar het schip strandt.” Helden Magazine Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

‘Als ik maar mijn vrijheid heb’

Met zijn club Barcelona won Frenkie de Jong [...]
Met zijn club Barcelona won Frenkie de Jong afgelopen seizoen de beker. Op het EK werd hij met het Nederlands elftal in de achtste finales uitgeschakeld. We volgden Frenkie deze zomer en spraken met hem over Lionel Messi, zijn leven in Barcelona en confronteerden hem met kritieken. ‘Na een mooi begin van het toernooi eindigt het in een grote teleurstelling. Je land vertegenwoordigen op een eindtoernooi is iets waar ik altijd al van droomde. De teleurstelling is enorm en het gaat tijd kosten om dit te kunnen verwerken. Desondanks heb ik enorm genoten van de tijd die we als groep bij elkaar zijn geweest, zowel binnen als buiten het veld. De support die je tijdens het toernooi voelt vanuit het hele land is uniek. We hadden dan ook niks liever gewild dan jullie en onszelf trots te maken,’ luidde de Instagram-post van Frenkie de Jong op dinsdag 29 juni 2021, twee dagen na de uitschakeling van Oranje op het EK tegen Tsjechië in de achtste finale. DROOM Meedoen aan het EK was een jongensdroom die uitkwam. Kleine Frenkie zat vroeger met getekende oranje vlaggetjes op zijn wangen en met oranje verf in zijn haren voor de tv als het Nederlands elftal speelde, vertelde hij in aanloop naar het toernooi op het trainingskamp van Oranje in Portugal. “Het EK van 2004 kan ik me nog vaag herinneren, de eerste eindronde die ik echt beleefde was het WK in 2006. Maar de meeste herinneringen heb ik aan het WK 2010. Ik was dertien en zat met familie te kijken. Ik heb als kind naar een succesvolle generatie spelers kunnen kijken.” Frenkie zag Oranje, met onder andere Wesley Sneijder, Arjen Robben, Robin van Persie en Rafael van der Vaart, de WK-finale halen in Zuid-Afrika. En net als veel jonge jongens dacht ook Frenkie bij ieder eindtoernooi: ik wil dit ook bereiken. “Voor mijn gevoel was dat altijd reëel, ik wist: ik kan daar ook staan.” Na een lang seizoen bij Barcelona, waar hij de meeste speelminuten had gemaakt van alle internationals van het Nederlands elftal, 5446 minuten om precies te zijn, kreeg hij wat langer rust dan zijn Oranje-ploeggenoten. Het werd een weekje Arkel, zijn geboorteplaats, waar hij tijd doorbracht met familie en vrienden. Daar zag hij hoe langzaam de aandacht naar het EK werd getrokken, zoals in reclames op tv. “Als ik er zelf niet in zit, vind ik het leuk,” zei hij erover met zijn kenmerkende gulle lach, die hij zo ongeveer na iedere vraag die hij gesteld krijgt laat zien. Helden Magazine Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

‘Ik bid iedere dag’

Cody Gakpo (22) is een van de smaakmakers van PSV [...]
Cody Gakpo (22) is een van de smaakmakers van PSV en maakte op het EK zijn debuut voor het Nederlands elftal. We spreken hem over zijn genen, stamcellen en zijn dromen. “Ik wil een van de vaste aanvallers van Oranje worden.” Cody en zijn inspiratiebronnen “Diego Maradona is altijd een idool van me geweest. Op YouTube heb ik elk filmpje van hem ontelbaar vaak gekeken. Ik keek ook graag naar Thierry Henry. Hij stond ook aan de linkerkant en was, net als ik, lang. Meestal zijn buitenspelers klein. Op filmpjes bestudeerde ik zijn bewegingen en hoe hij bepaalde dingen deed, zodat ik daarvan kon leren. Vroeger sliep ik onder een PSV-dekbed en haalde ik uit voetbalmagazines de posters. Ik had PSV-spelers op mijn kamer hangen en teamfoto’s van onder meer Barcelona. Ibrahim Afellay, toen aanvoerder van PSV, hing er ook. Ik heb ook nog even met hem mogen spelen bij PSV, heb nog steeds af en toe contact met hem.” Cody en de goaltjes “Ik ben een aanvaller en hou van scoren. Dat begon al in de E’tjes. We werden kampioen met een paar honderd goals en ik had er meer dan honderd gemaakt. In die tijd wonnen we wedstrijden met 20-0. Als je er dan vijf of tien maakt, loopt het aantal snel op. Toen ik vier was, begon ik met voetbal bij Eindhoven. Op mijn zesde ging ik naar PSV. Als jongetje was ik altijd aan het voetballen. Thuis in Stratum waar ik ben opgegroeid, op straat of op de club. In de jeugd was oud-voetballer Twan Scheepers een tijd mijn trainer. Dat is nu een goede vriend van me. Hij heeft mij enorm geholpen in het voetbal, maar ook op mentaal vlak. Mensen denken misschien dat het vanzelf gaat als je goed kunt voetballen, maar dat is niet zo. Toen ik heel jong was, liep ik nog niet echt tegen problemen aan. Maar toen ik in de puberteit kwam, ging het ook weleens wat minder met voetbal, op school of het contact met een trainer verliep wat moeizamer. Op die leeftijd waren er jongens die er op dat moment meer uitsprongen dan ik en ik had weleens het gevoel dat ik achterliep. Twan heeft me daar goed bij geholpen. Hij zei altijd: ‘Je moet je eigen zelfvertrouwen kweken en geloof blijven houden in je kwaliteiten, wat er ook gebeurt.’ Helden Magazine Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

John Bosman: ‘Het kwam wel aan: ineens ernaast staan’

Hij begon als basisspeler aan het gewonnen EK van 1988. Maar het [...]
Hij begon als basisspeler aan het gewonnen EK van 1988. Maar het lot, Rinus Michels en vooral Marco van Basten beslisten dat dit na de van de USSR verloren openingswedstrijd veranderde. Spits John Bosman werd de dupe van de heldenrol die zijn concurrent opeiste en zat de rest van het toernooi balend in de dug-out. “Richting het EK stond mijn positie niet ter discussie. Marco was in zijn eerste AC Milan-jaar bijna het hele seizoen geblesseerd geweest en pas net weer fit. Ik had dat seizoen de EK-kwalificatiewedstrijden, de laatste oefeninterlands gespeeld en bij Ajax had ik er 25 ingelegd. In de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Cyprus, de beruchte bomwedstrijd in De Kuip die we met 8-0 wonnen, had ik vijf keer gescoord. Vanwege dat bomincident moesten we die wedstrijd zonder publiek overspelen in De Meer en die wonnen we met 4-0, met drie goals van mij. Daarmee hadden we ons gekwalificeerd en ben ik ervan uitgegaan dat ik tijdens het EK eerste spits zou zijn. Dat ik het shirt met nummer 9 kreeg, zag ik als een bevestiging. Ik denk ook niet dat Marco zich toen eerste spits gevoeld zal hebben. Hij trainde hard om sterker te worden en zal ongetwijfeld gedacht hebben: als mijn kans komt, sta ik er. Voor het eerst in acht jaar was Nederland weer aanwezig op een groot toernooi. PSV had net de Europa Cup I gewonnen en met Ajax hadden we de Europa Cup II-finale verloren, die we een jaar eerder nog gewonnen hadden. Dus deze groep had kwaliteit en ging met verwachtingen naar het EK, met Rinus Michels als coach. We kenden zijn bijnamen: de Sfinx, de Generaal en bij Ajax hadden we van Johan Cruijff al gehoord dat hij in de jaren 70 als speler onder Michels soms vier keer per dag had moeten trainen. Maar Michels bleek een stuk menselijker en relaxter geworden. En hij had humor. 'Ik zag bij de spitspositie geen 'JB' staan, maar 'MvB'. Van Basten zou dus spelen in mijn plaats. Alsof 't mijn schuld was dat we van Rusland verloren hadden' Na een training met glijpartijen vanwege een glad veld kwam hij naast John van ’t Schip en mij staan en zei: ‘Van ’t Schip, speelde jij vandaag soms op Friese doorlopers? En jij Bosman, zat de schoenendoos nog om je kicksen?’ Daar konden we wel om lachen. ‘Volgens mij hebben we niet zo goed getraind,’ zei ik tegen John. Voor de openingswedstrijd tegen Rusland stonden mijn initialen op de flip-over: 'JB'. We speelden niet slecht en hadden een overwicht, maar hebben weinig kansen gecreëerd. Ik kreeg vooral hoge ballen van achteruit en daar kon ik niet veel mee. Nadat zij in de tweede helft vanuit het niets via een afstandsschot van Rats op 1-0 waren gekomen, is Marco warm gaan lopen. Dat ik gewisseld zou kunnen worden, is nooit bij me opgekomen. Helden Magazine 57 Het eerste gedeelte van het verhaal van John Bosman komt voort uit Helden Magazine 57. Het dubbeldik zomernummer staat volledig in het teken van de Olympische Spelen in Tokio en het EK voetbal. In Helden Magazine 57 lees je een uitgebreid interview met Dafne Schippers en haar broer Derek over hun speciale band. Spraken we keepster en boegbeeld van de Nederlandse handbalsters: Tess Wester over trouwen, de liefde en het moederschap. En ook een gesprek met en over Mathieu van der Poel, het fenomeen debuteert dit jaar in de Tour de France en rijdt een maand later de olympische mountainbikerace. Met aanvoerder Georginio Wijnaldum, assistent-bondscoach Ruud van Nistelrooij, Denzelf Dumfries en Wout Weghorst blikken we uitgebreid vooruit op het EK. Hoe goed is daarnaast Frenkie de Jong? We vroegen het aan acht kenners én een interview met Memphis Depay. Ook in Helden Magazine 57 staat er geen maat op Annemiek van Vleuten meer sinds haar dramatische val tijdens de Spelen in Rio. Praat Sifan Hassan over het geloof, de liefde, haar geheim, de toekomst en goede espresso. Bespreekt chef de mission van de Nederlandse olympische ploeg: Pieter van den Hoogenbandde mensen die hem inspireren. Praat de stille kracht van de hockeysters: Eva de Goede over poseren voor Sports Illustrated en tafelvoetballen met Neymar én wint Marianne Vos minder vaak, maar is ze wel gelukkiger. Verder praten we met de vier krachtpatsers van het baansprinten: Roy van den Berg, Matthijs Büchli, Jeffrey Hoogland en Harrie Lavreysen. Spreekt Vivianne Miedema openhartig over haar wens om ooit voor Feyenoord te spelen, zwaait Epke Zonderland in Tokio af, wist Arno Kamminga zelf lange tijd niet hoe goed hij was én pakten Alexander Brouwer en Robert Meeuwsen in 2016 de eerste Nederlandse olympische medaille in het beachvolleybal. Victoria Koblenko stapte daarnaast met Nicolas Heiner in de boot én staat Sarina Wiegman in de ‘Leeuwinnen in het Rijks’ stil bij De serenade van Judith Leyster. Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

Ruud van Nistelrooij: ‘Ik kon het slechter treffen’

Ruud van Nistelrooij is sinds afgelopen zomer [...]
Ruud van Nistelrooij is sinds afgelopen zomer weer actief in de Premier League. Aanvankelijk begon hij als assistent-trainer van Erik Ten Hag bij Manchester United, maar in die rol kwam de afgelopen tijd een plotse verandering. Erik Ten Hag werd op straat gezet en Ruud werd naar voren geschoven om zijn taken tijdelijk over te nemen. Na vier wedstrijden werd Ruben Amorim aangesteld als trainer van United en mocht Ruud weer vertrekken.
Leicester City stond snel op de stoep en inmiddels zijn de eerste wedstrijden als hoofdtrainer in De Premier League achter de rug. Een tijd geleden namen we een elftal met hem door. Een gesprek over eten met Tom Cruise, kletsen met Clarence Seedorf en Edgar Davids en de new wave-generatie bij het Nederlands elftal. 10 juli 2004 [caption id="attachment_18430" align="alignnone" width="2540"] De huwelijkskus tussen Ruud en Leontien van Nistelrooij.[/caption] ''Dat we gingen trouwen was wel een dingetje in Heesch. We trouwden kort na het EK in Portugal en daar stonden wij, de 28-jarige prins en zijn prinses. Ik speelde al bij Manchester United, de pers was ingelicht, niet door ons overigens. Het plein stond helemaal vol, er stonden zelfs dranghekken. Laten we elkaar dan maar een kus geven, dachten we.'' ''We leerden elkaar kennen in ons laatste jaar van de mbo, toen we negentien waren, en zijn inmiddels 26 jaar samen. Wij zaten de laatste twee jaar van de opleiding bij elkaar in de klas, gingen vriendschappelijk met elkaar om, hielpen elkaar met toetsen. Pas na het eindexamen voelde ik ineens dat ik haar miste. We hebben een keer afgesproken en, om het zo maar uit te drukken, toen kwam het er wel van. Leontien heeft de studie marketingmanagement & -communicatie nog afgemaakt, maar toen we in 2001 naar Engeland vertrokken, heeft ze alles laten vallen. Mijn moeder had al een keer tegen Leontien gezegd dat ze, als ik naar het buitenland zou gaan, haar werk niet kon voortzetten. Je zag Leontien destijds denken: het buitenland? Daarmee had ze aanvankelijk nooit rekening gehouden. Ze had echt het idee, en terecht, dat ze iets zou gaan doen met haar studie. Dat ze geen rekening had gehouden met verhuizen naar het buitenland, kwam ook door haar opvoeding. Dan zat ik op zondagavond bij haar thuis om kwart voor zeven te wachten op Studio Sport, maar bleef de tv gewoon op Van Kooten & De Bie staan. Was ik helemaal van slag. Zij waren de eerste mensen die ik ontmoette die op zondagavond geen Studio Sport keken. Ik vond dat toen heel apart. Leontien had daardoor ook niet het beeld van een leven met een voetballer dat in het buitenland kon eindigen. Terugkijkend besef ik dat al die transfers, van PSV naar Manchester, van Manchester naar Madrid, van Madrid naar Hamburg en ten slotte nog naar Malaga veel meer aanpassing van m’n directe omgeving eisten dan van mij als voetballer. Uiteindelijk moest Leontien haar carrière abrupt beëindigen en tegelijk heeft ze me altijd voor de volle honderd procent gesteund.” 3 juni 2016 [caption id="attachment_18431" align="alignnone" width="2560"] Marco van Basten en Ruud van Nistelrooij: allebei (oud)-topspitsen, allebei assistenten van bondscoach Danny Blind.[/caption] “Ik sprak Marco laatst, we hebben nog heel goed contact. Het is wel een mooi verhaal wat wij samen hebben meegemaakt: van onze verstandhouding als trainer-speler, via collega-assistent trainers bij het Nederlands elftal, tot goede vrienden. Onze relatie begon bij het WK van 2006 in Duitsland, waar het tussen Marco als bondscoach en mij als speler misging toen hij in die achtste finale tegen Portugal voor Dirk Kuijt in de spits koos en mij op de bank zette. Ik was voor dat toernooi zijn eerste spits en ik beschouwde zijn keus mij op de bank te zetten als een vertrouwensbreuk. Die beslissing kwam hard aan, en toen werden we in die wedstrijd ook nog uitgeschakeld. Daardoor en daarna is er een breuk ontstaan. Richting het EK van 2008 ging hij zonder mij verder bij Oranje. In de tussentijd ging ik van Manchester naar Madrid, werd in 2007 kampioen met Real en topscorer van Spanje. Dat ontging Marco natuurlijk ook niet. Het mooie vind ik dat de winnaar in Marco kwam bovendrijven en dat hij voor het EK toch de in zijn ogen beste spelers nodig had. Hij belde me op een dag en zei iets van: ‘Ik zie dat je weer lekker bezig bent.’ Toen hij vertelde dat hij me weer wilde selecteren, antwoordde ik dat we volgens mij wel iets hadden uit te spreken. Dat begreep hij. Marco vroeg: ‘Maar ben jij dan iemand die daarna toch weer door kan gaan, of ben je iemand die altijd boos blijft?’ Ik antwoordde dat ik niet iemand was die altijd boos bleef. Hij zei dat hij ook niet zo’n type was. Dat was het gesprek. Ik zou dus voor de volgende interland weer geselecteerd worden. Ik zei hem in dat telefoontje: als je me selecteert, weet je waarom je me selecteert. Hij begreep goed dat ik niet een speler was die hij erbij moest halen om erbij te hebben, antwoordde Marco. Dat EK in 2008 was een geweldig toernooi met die ongelooflijke poulewedstrijden tegen Frankrijk en Italië, de WK-finalisten van 2006. En die kwartfinale tegen Rusland, die we verloren, is misschien wel de meest bizarre wedstrijd uit mijn loopbaan. In 2015 werden Marco en ik allebei dus assistent, waardoor we elkaar weer anders leerden kennen en er een echte vriendschap ontstond. Marco is authentiek, zegt wat hij vindt, vindt het ook prima als je het niet met hem eens bent. Hij heeft een interessante kijk op voetbal en zaken buiten het voetbal. Hij zet mij ook vaak tot denken aan. Ik heb ook met hem gesproken over zijn stoppen als coach. Hij vond dat het hem te veel werd, waardoor hij het niet meer leuk vond en liever iets anders ging doen. Heel pragmatisch. Ik herken dat wel, hij toont daarin zijn onafhankelijke denken. Ik wist niet dat hij onder die spanning leed als coach, herken wel de spanning die hij voelde als speler. Dat had ik ook, dat ik niet kon genieten voor een wedstrijd en soms bijna hoopte dat de wedstrijd al voorbij was. Je moet ook wel spanning voelen, je kunt geen wedstrijd vrijblijvend spelen, dan gaat het sowieso niet goed. Maar ik zou ook tegen spelers willen zeggen dat ze moeten durven te genieten. Gelukkig heb ik tijdens wedstrijden ook vaak genoten, vooral als een wedstrijd de goede kant opging omdat ik scoorde en de toeschouwers dansten en zongen. Achteraf had ik meer willen genieten, maar het is gelopen zoals het is gelopen. Mijn humeur werd zeker in de beginjaren sterk beïnvloed door de gespeelde wedstrijd. Na een voor mij slechte wedstrijd was ik twee dagen niet te genieten. Leontien vond het prima, liet zich nauwelijks beïnvloeden en deed gewoon haar ding.” 6 augustus 2003 [caption id="attachment_18432" align="alignnone" width="2048"] Ruud als speler van Manchester United samen met manager Sir Alex Ferguson en de Gouden Schoen, nadat hij is gekozen als beste speler van de Premier League in het seizoen 2002/2003.[/caption] “Deze foto symboliseert het hoogste niveau dat ik heb aangetikt in mijn loopbaan. Ik zie hier aan mijn hoofd en mijn lichaam hoe fit en sterk ik was. Ik was 27 en in de kracht van m’n leven. Voor de buitenwacht waren het vooral de doelpunten die ik week in, week uit scoorde, maar ik vond dat ik ook echt goed speelde. Het leek alsof in sommige wedstrijden alles lukte en dat gaf zo’n lekker gevoel. Ik was in 2002 door mijn collega’s al gekozen tot Speler van het Jaar en in 2003 kwamen daar de Gouden Schoen en de landstitel met United nog bij. Ook Alex Ferguson was hier op de toppen van zijn kunnen. Ik speelde bij United in een topteam met mannen als David Beckham, Ryan Giggs, Roy Keane, Paul Scholes en ook nog even met Jaap Stam. Ferguson was niet alleen als manager een eersteklas motivator en stimulator, hij stelde als technisch-directeur en trainer ook het juiste team samen. Hij was een meester in het op het juiste moment spelers kopen en verkopen, dat heb ik zelf aan den lijve ondervonden toen hij mij kwijt wilde in 2006. Dat vond ik natuurlijk niet leuk. Ik voelde dat ze anders naar me gingen kijken, dat het vertrouwen afnam. Maar ik speelde het spel op een gegeven moment ook wel mee, was niet gek. Ik had het voordeel dat de clubleiding rekening moest houden met een achterban die mij op handen droeg. Ik voelde dat er iets zou worden geforceerd, waardoor ik uiteindelijk zelf ook weg wilde. Toen het spel eenmaal op de wagen was, merkte ik ineens dat ik helemaal kapot was na 219 wedstrijden in vijf jaar Premier League. Ik had nooit vrij met kerst en oud en nieuw, speelde zestig tot zeventig wedstrijden per jaar met de club en daarnaast ook nog de interlands. Die wedstrijden hadden mentaal en fysiek zoveel van me geëist. Ik was kapot, ik kon niet meer. De intrinsieke motivatie was misschien één procent minder. Dus achteraf was ik zelf ook toe aan iets nieuws. Ik zeg dus nu: dat heeft Ferguson goed aangevoeld. Uiteindelijk kon ik kiezen tussen Real Madrid en Bayern München. Het was het ideale moment om nog een keer een grote stap te maken en ik kon het slechter treffen. Leontien is in al die hectiek altijd zichzelf gebleven, zij wilde nooit prominent op de voorgrond treden. Toen we verhuisden van Manchester naar Madrid, was Leontien acht maanden zwanger van onze eerste. Bij Real Madrid heb ik ook weer met Beckham gespeeld. Hij deed waar hij zin in had, bouwde aan zijn merk en, niet onbelangrijk, we hadden in het veld een enorme klik. Hij kon de ballen precies neerleggen waar ik ze wilde hebben. Ik weet nog dat ik voor de kampioenswedstrijd met Real Madrid in mijn eerste seizoen zei dat een paar vrienden zouden overkomen en dat Beckham zei dat zijn ‘mates’ ook kwamen. ‘Tom komt uit LA,’ zei hij. Dus ik vroeg: welke Tom? ‘O, Tom Cruise,’ zei hij. Na de wedstrijd gingen we eten en zat ik ineens aan tafel met Tom Cruise. Voor Beckham was dat heel normaal. Clarence Seedorf is ook zo’n mooi figuur, was altijd druk met allerlei zaken buiten het voetbal, met bedrijven en met zijn laptop voor zich op zijn bureau in allerlei talen aan het bellen. Als ik niet kon slapen bij het Nederlands elftal, ging ik naar zijn kamer en lekker bij Clarence zitten, want hij kon ook nooit goed slapen. Ik vond het altijd leuk jongens te leren kennen die anders zijn dan ik. Ik moest er niet aan denken dat ik allerlei dingen aan mijn hoofd had, maar Clarence hield in de kamer in Noordwijk gewoon kantoor. Is toch geweldig dat je dat kunt? Ik kon daar ontzettend van genieten mede omdat ik zelf veel te eenzijdig was gericht op maar één ding.” 4 mei 1998 [caption id="attachment_18433" align="alignnone" width="2048"] SC Heerenveen heeft Europees voetbal gehaald.[/caption] “Voordat Heerenveen me in 1997 kocht, was er lichte twijfel. Voorzitter Riemer van der Velde kwam zelf nog een keer kijken toen ik met FC Den Bosch de laatste wedstrijd van het seizoen speelde tegen Emmen. Ging nergens meer over, maar Riemer had gezien dat ik in de 88ste minuut een sprint trok om een kansloos ogende bal nog te bemachtigen en vervolgens over de keeper te tikken. Die actie overtuigde hem om me te contracteren. Ik droomde altijd dat ik een bekende voetballer zou worden. Daarom besloot ik als klein kind al van Nooit Gedacht uit Geffen naar Margriet in Oss te gaan, want die club had een betere jeugdafdeling. Die overgang heb ik zelf geregeld. Ik vond mezelf goed genoeg, maar ik werd niet gescout. Ik snapte er niets van. Er konden twee oorzaken zijn: ik was niet goed genoeg of ze wisten Geffen niet te vinden. Dus besloot ik maar naar Oss te gaan. ‘Oké,’ zei mijn moeder, ‘maar dan moet je wel drie keer per week met de fiets een half uur heen en weer rijden, want we kunnen je niet brengen.’ Bij Margriet werd ik wél gescout, door Walter van de Kerkhove namens FC Den Bosch. Hij was de enige die het toen in mij zag zitten. Ik heb ook nooit in vertegenwoordigende jeugdelftallen gespeeld. Trainer Foppe de Haan liet in ons eerste gesprek doorschemeren dat Riemer een grote rol had gespeeld in mijn transfer, waarmee hij me het gevoel gaf dat ik hem nog moest overtuigen. Dat deed hij heel slim, want daardoor voelde ik een extra drang om me te bewijzen. Voor de eerste competitiewedstrijd had hij tien namen opgeschreven, maar niet de spits. Hij twijfelde nog tussen Van Nistelrooij en de Roemeen Gusatu, vertelde hij. Ik was helemaal over de zeik. Dus toen hij me uiteindelijk toch aanwees als zijn spits, dacht ik meteen: ik zal jou even iets laten zien, zodat je nooit meer twijfelt. 'Foppe de Haan heeft de basis gelegd en misschien wel de belangrijkste rol gespeeld in mijn ontwikkeling van een leuke spits tot een echte prof' We speelden tegen NAC, ik scoorde meteen en kort daarna zei Foppe dat ze een groot talent hadden binnengehaald. Foppe heeft me in dat ene jaar geleerd wat er nodig is om te slagen als betaald voetballer. Hij heeft de basis gelegd en misschien wel de belangrijkste rol gespeeld in mijn ontwikkeling van een leuke spits tot een echte prof. Foppe heeft geleerd hoe je keuzes maakt in en buiten het veld, hoe belangrijk voeding en rust zijn voor je lichaam, hoe je jezelf moet verzorgen als prof, dat je jezelf moet analyseren en evalueren en hoe je jezelf moet beoordelen om beter te worden. Op een heel natuurlijke manier benaderde hij iedere speler op zijn eigen wijze. Ik probeer dat nu ook in mijn trainingen bij PSV onder 18, me in te leven in de spelers en ze van daaruit te benaderen. Zo hebben we een groep Spaanstalige spelers die ik niet in de Hollandse mal probeer te duwen. Ik leg ze uit hoe direct wij kunnen reageren, dat we nogal hard kunnen zijn in onze eerste reactie.” 17 oktober 1999 [caption id="attachment_18434" align="alignnone" width="2048"] Het koningskoppel van PSV: Ruud van Nistelrooij en Luc Nilis.[/caption] “Ach ja, Luc. We hebben samen een prachtige tijd gehad, hij als nummer tien en ik als nummer negen. We hadden een geweldige voetbalklik, hij was ook zo goed. Ik denk dat hij het voorbeeld is van een professionele sporter die ons toont hoe moeilijk het is om na je carrière zonder het spelletje verder te moeten leven. Voetballen was alles voor hem. Luc heeft het zo zwaar gehad nadat hij was gestopt en heeft het nog niet makkelijk. Hij ging vanuit Eindhoven als trainer naar VVV, waar hij korte tijd onder Maurice Steijn heeft gewerkt. Ik heb nog wel contact met hem. Na één jaar Heerenveen was ik klaar voor een topclub. Het werd dus PSV. Frank Arnesen was technisch directeur, maar ik weet bijna zeker dat destijds geen transfer werd gedaan zonder instemming van voorzitter Harry van Raaij. Een geweldige man. Van Raaij had een heel lieve kant, maar kon als hij het belang van zijn club moest behartigen, keihard zijn. Hij leek wel op Riemer.” 6 mei 2007 [caption id="attachment_18435" align="alignnone" width="2560"] Van Nistelrooij  in zijn eerste seizoen bij Real Madrid.[/caption] “Toen ik kwam, had Real al heel lang niets meer gewonnen. Mijn eerste seizoen werd La temporada de la remontada, het seizoen van de comeback, genoemd. We stonden aanvankelijk een kilometer achter op Barcelona, maar werden toch nog kampioen. We eindigden in punten gelijk, maar hadden thuis gewonnen en uit 3-3 gespeeld en werden daardoor kampioen. Ik maakte tegen Barcelona thuis de tweede en scoorde uit in Camp Nou twee doelpunten, Lionel Messi maakte ze toen alle drie voor Barcelona. Ik heb in mijn eerste seizoen wel iets neergezet in Madrid: topscorer en kampioen. Madrid was in alle opzichten een aangename verandering. De cultuur, het leven, het voetbal, het aangename weer en de geboorte van onze beide kinderen zorgden ervoor dat we ook daar een geweldige tijd hebben gehad. Ik was in Madrid niet vaak thuis, veel in trainingskamp. Maar als ik thuis was, was ik ook thuis. Dan zei Leontien bij wijze van spreken: ‘Alsjeblieft, hier zijn je kinderen.’ Daar liep ik ook niet voor weg. We hadden geen au pair, vonden iemand in huis een te grote inbreuk op ons privéleven. Qua privacy was het in Madrid wel minder dan Manchester, je kon niet zomaar de stad in. Als je ging eten in de stad, kon het alleen als het was georganiseerd. Ik had bij Real Madrid een goede klik met Raúl, ik als nummer negen en hij als tien. Zo’n klik had ik bij PSV met Luc en bij United met Paul Scholes. Het klikte ook zo goed met Raúl doordat we vergelijkbaar in het leven stonden en staan.” 1 augustus 2014 [caption id="attachment_18436" align="alignnone" width="2560"] Bondscoach Guus Hiddink en zijn assistenten Danny Blind en Ruud van Nistelrooij worden gepresenteerd in Zeist.[/caption] ‘Ha, het kleine bankje. Door Guus ben ik de cursus Coach Betaald Voetbal gaan doen. Ik had het eerste voetbaldiploma gehaald en had even geen zin om weer een cursus te volgen. Hiddink wilde mij in 2014 per se als assistent-bondscoach. Op die manier heeft hij altijd geprobeerd oud-internationals voor het voetbal te behouden, door ze voor het trainersvak te interesseren. Tegen mij zei Guus dat hij me niet als assistent bij het Nederlands elftal zou halen als ik de vervolgcursus niet zou doen. Ik ben zo dankbaar dat Guus me heeft overtuigd. Dankzij hem heb ik nu het hoogste diploma. Onder Hiddink heb ik de transitie van speler naar trainer kunnen maken en gezien hoe ontzettend veel er komt kijken bij het trainersvak. Als speler had ik daar geen weet van, was ik alleen geïnteresseerd in het tonen van m’n kwaliteiten en vond ik alles wat voor me werd geregeld heel normaal. Ik was in shock toen Guus in de zomer van 2015 werd ontslagen. Ik vond het heftig en niet nodig. Bij Guus kwam het heel hard aan. Ik weet dat het ontslag ook heeft gezorgd voor de ruzie tussen elftalbegeleider Hans Jorritsma en Guus. Zo zonde, ze waren beiden toppers in hun vak. Ik stuur Jorritsma nog vaak een appje voor een interland. Misschien moet ik een keer mediaten, met de situatie van Marco van Basten en mij als voorbeeld. Toen Guus wegging, werden Marco en ik assistent van Danny Blind. Dick Advocaat is ook nog even bondscoach geweest. Met zowel Guus als Danny heb ik nog geregeld contact, zoals ik met heel veel mensen met wie ik heb gewerkt nog contact heb.” 6 november 1998 [caption id="attachment_18437" align="alignnone" width="2048"] Na het afzeggen van Edgar Davids, Dennis Bergkamp en Aron Winter heeft bondscoach Frank Rijkaard voor de vriendschappelijke interland tegen Duitsland de debutanten Dries Boussatta en Ruud van Nistelrooij opgeroepen.[/caption] “Dit specifieke moment kan ik me niet meer herinneren, maar ik weet wel dat Frank me eind 1998 liet debuteren. Ik kwam als broekie bij de lichting die de halve finale van het WK in 1998 had gehaald. Natuurlijk was ik zenuwachtig toen ik de eerste keer bij het Nederlands elftal binnenkwam. Ik kende bijna niemand. Maar ik had wel branie en ging meteen aan een tafel zitten waar plaats was. De trainingen waren van gigantisch hoog niveau, maar ik merkte al snel dat ik kon aanhaken. Ik had ook geen twijfel over mezelf en dat voelden m’n medespelers ook. 'Met Edgar Davids kon ik heel goed praten. Vaak zochten we elkaar na het eten even op. Hij weet en leest veel en het interesseert hem niets hoe mensen over hem denken' Rijkaard zei niet veel, maar je had altijd een warm gevoel bij hem. Hij was geen prater, maar als hij wat zei, voelde het goed. Hij was heel chill, straalde vertrouwen uit naar mij en hij was echt iets met mij van plan voor het EK 2000, als jonge jongen naast Dennis Bergkamp en Patrick Kluivert. Maar helaas raakte ik geblesseerd aan m’n knie, scheurde m’n kruisband. Geen EK en de transfer naar Manchester United moest nog een jaartje wachten.” 14 november 2012 [caption id="attachment_18438" align="alignnone" width="2560"] Patrick Kluivert, Michael Reiziger, Edgar Davids en Ruud van Nistelrooij nemen afscheid van Oranje voorafgaand aan de oefeninterland tegen Duitsland.[/caption] “Vier totaal verschillende karakters, maar er was iets dat ons bond: drijfveer, liefde voor het spel en groot onderling respect. Ik kan met weemoed kijken naar deze foto, krijg er echt een warm gevoel bij. Patrick Kluivert en ik zijn precies even oud, beiden van 1 juli 1976, maar zijn twee totaal verschillende persoonlijkheden. Michael Reiziger is geweldig bezig als trainer, werd kampioen met Ajax 2 in de eerste divisie en is nu met Winston Bogarde aan het werk bij het eerste. Met Edgar had ik ook altijd een klik, ik kon heel goed met hem praten. Vaak zochten we elkaar na het eten even op. Hij weet en leest veel en het interesseert hem niets hoe mensen over hem denken. Sterker, ik denk dat hij dat zogenaamd slechte imago van hem cultiveert. De tegenstellingen tussen Ajax, Feyenoord en PSV speelden nooit bij het Nederlands elftal. Racisme was ook nooit een item bij ons. Voor mijn gevoel bestonden racisme en discriminatie ook niet in de spelersgroepen waarin ik speelde. Misschien komt het door mijn opvoeding dat ik mensen nooit heb beoordeeld op hun afkomst. Voor mij, mijn omgeving en mijn kinderen is het zo vanzelfsprekend de ander als gelijke te behandelen dat het me toch altijd weer verbaast dat velen in de maatschappij niet zover zijn. De against racism-campagne is voor mij dan ook iets heel normaals. Ik besef tegelijkertijd dat ik makkelijk praten heb. Ik vrees dat Edgar, Patrick en Michael in hun jeugd toch met discriminatie of racisme te maken hebben gehad. We spraken er nooit over bij de club en het Nederlands elftal, althans tegen mij hebben ze nooit iets gezegd. Ik heb die jongens ook nooit als anders gezien. Ik vind het ook geweldig hoe Georginio Wijnaldum en Frenkie de Jong zich hebben uitgesproken, die post van hen heb ik ook geretweet. Vind het mooi dat de huidige generatie topvoetballers zich maatschappelijk uitspreekt, ze worden de new wave genoemd. Die spelersactie om een aantal dagen te stoppen met social media vind ik ook prima. Ik vind dat de KNVB en de clubs zich maximaal moeten inzetten om nu af te rekenen met elke vorm van uitsluiting. Op mijn social mediakanalen heb ik geschreven dat ik voor ‘equality’ ben. Ik ben voor gelijkheid in alle opzichten: mannen en vrouwen, kleuren, geaardheid, geloof. Ik vind: de pijn van een ander is ook mijn pijn. Als ik in teams die ik begeleid ook maar iets zou merken van ongelijke behandeling, zou ik daar keihard op reageren. In mijn teams, en dat weten mijn spelers, is geen plek voor welke vorm van uitsluiting dan ook. Ik geef spelers altijd aan dat ze alles met mij in vertrouwen mogen bespreken en dat doen ze ook.” 22 mei 2004 [caption id="attachment_18439" align="alignnone" width="1599"] Ruud van Nistelrooij en Cristiano Ronaldo hebben de FA Cup gewonnen door in de finale Millwall met 3-0 te verslaan.[/caption] “Cristiano is de enige speler die vandaag ter sprake is gekomen die ik niet meer spreek. Zijn drive, zijn focus en zijn geloof in eigen kunnen heb ik bij niet één andere speler meegemaakt. Ik hou ook niet van de vergelijking tussen Cristiano en Lionel Messi. Ze zijn allebei geweldige spelers en beiden heb ik meegemaakt, de een als medespeler, de ander als tegenstander. Fantastisch.” 22 maart 2021 [caption id="attachment_18440" align="alignnone" width="2560"] Assistent Ruud van Nistelrooij, Memphis Depay, Georginio Wijnaldum en bondscoach Frank de Boer tijdens de training in aanloop naar de WK-kwalificatiewedstrijd tegen Turkije.[/caption] “Mijn rol is assistent van Frank de Boer in de breedste zin van het woord: van het selectiebeleid, de voorbereiding van de training, de tactiek, tot de opstelling. Frank bespreekt alles met ons en neemt dan uiteindelijk de beslissing. We hebben bij Oranje een prachtige groep: een mooie lichting met echte persoonlijkheden die zich ook uitspreken. Iedereen is zichzelf. Het leeft ook binnen deze groep dat het alweer zeven jaar geleden is dat we aan een eindtoernooi deelnamen. Ik merk dat iedereen zo’n zin heeft in het EK. 'We hebben bij Oranje een prachtige groep: een mooie lichting met echte persoonlijkheden die zich ook uitspreken' We hebben als doel gesteld dat we ver moeten komen in het toernooi en dat we hopelijk kunnen stunten. Ik ben echt heel trots dat dit Nederlands elftal meer is dan een voetbalteam en dat ik daar onderdeel van ben. Ik heb mede daardoor zoveel zin in het EK. Het is echt een drive van dit team om Nederland trots te kunnen maken.” Helden Magazine 57 Het verhaal van Ruud van Nistelrooij komt voort uit Helden Magazine 57. Het dubbeldik zomernummer staat volledig in het teken van de Olympische Spelen in Tokio en het EK voetbal. In Helden Magazine 57 lees je een uitgebreid interview met Dafne Schippers en haar broer Derek over hun speciale band. Spraken we keepster en boegbeeld van de Nederlandse handbalsters: Tess Wester over trouwen, de liefde en het moederschap. En ook een gesprek met en over Mathieu van der Poel, het fenomeen debuteert dit jaar in de Tour de France en rijdt een maand later de olympische mountainbikerace. Met aanvoerder Georginio Wijnaldum, Denzelf Dumfries en Wout Weghorst blikken we uitgebreid vooruit op het EK. Hoe goed is daarnaast Frenkie de Jong? We vroegen het aan acht kenners. Verder in het EK-gedeelte een interview met Memphis Depay en John Bosman blikt terug op het EK van 1988. Ook in Helden Magazine 57 staat er geen maat op Annemiek van Vleuten meer sinds haar dramatische val tijdens de Spelen in Rio. Praat Sifan Hassan over het geloof, de liefde, haar geheim, de toekomst en goede espresso. Bespreekt chef de mission van de Nederlandse olympische ploeg: Pieter van den Hoogenbandde mensen die hem inspireren. Praat de stille kracht van de hockeysters: Eva de Goede over poseren voor Sports Illustrated en tafelvoetballen met Neymar én wint Marianne Vos minder vaak, maar is ze wel gelukkiger. Verder praten we met de vier krachtpatsers van het baansprinten: Roy van den Berg, Matthijs Büchli, Jeffrey Hoogland en Harrie Lavreysen. Spreekt Vivianne Miedema openhartig over haar wens om ooit voor Feyenoord te spelen, zwaait Epke Zonderland in Tokio af, wist Arno Kamminga zelf lange tijd niet hoe goed hij was én pakten Alexander Brouwer en Robert Meeuwsen in 2016 de eerste Nederlandse olympische medaille in het beachvolleybal. Victoria Koblenko stapte daarnaast met Nicolas Heiner in de boot én staat Sarina Wiegman in de ‘Leeuwinnen in het Rijks’ stil bij De serenade van Judith Leyster. Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.

Voetbal

Denzel Dumfries: ‘Ik ben nooit lang boos’

Denzel Dumfries (25) heeft stapje voor stapje [...]
Denzel Dumfries (25) heeft stapje voor stapje de top bereikt. De aanvoerder van PSV heeft goede papieren voor een basisplaats als rechtsback van Oranje op het EK. Tijd voor een goed gesprek over racisme, Suriname, Mohamed Ihattaren, Dusan Tadic en zijn toekomst. Hij kreeg toen hij net twintig jaar geworden was de Gouden Stier, de prijs voor het grootste talent van de eerste divisie. Dat was in 2016, toen Denzel Dumfries ook nog eens kampioen werd met Sparta. Hij verliet zijn geboortestad Rotterdam een jaar later en trok naar Heerenveen. Weer een jaar later telde PSV 5,5 miljoen euro voor hem neer. Denzel volgde dus, zeg maar, de Ruud van Nistelrooij-route naar de top: van de eerste divisie naar Heerenveen en na een jaartje door naar PSV. Hij is sinds 2018 de vaste rechtsback in Eindhoven, is aanvoerder en international en zou op het EK zomaar de eerste keuze kunnen zijn van bondscoach Frank de Boer. De carrière van Denzel zit in de lift, steeds stapt hij weer een etage hoger uit. Toch duurde het even voordat hij werd ontdekt. “Tegen mijn oma zei ik altijd dat ik dominee wilde worden, omdat ik haar daarmee blij maakte, maar eigenlijk had ik maar een droom: voetballer worden. Ik had ook geen plan B, maar ja, ik werd nooit gescout. Ik kreeg altijd dezelfde antwoorden. ‘We zitten vol.’ Of, zoals bij FC Dordrecht: ‘We stoppen met de busjes die talenten ophalen, dus we nemen je niet aan.’ Uiteindelijk wilde Excelsior me een contract geven. Ik was zeventien, speelde in de A1 van Barendrecht, stond al op de teamfoto, maar had nog geen overschrijving aangevraagd. Ik trainde in die tijd met Tony Pengel en looptrainer Errol Esajas en vertelde vol trots dat ik naar Excelsior ging. Tony vroeg me alleen hoeveel jongens bij Excelsior waren doorgebroken. Hij zette me aan het denken en ik vertelde uiteindelijk tegen Excelsior dat ik vanwege school toch niet kon komen. Een jaar later kreeg ik een brief waarin ik werd uitgenodigd voor een stage bij Sparta. Na twee maanden mocht ik al meetrainen met het eerste en ik kreeg mijn eerste contract. Ik kwam vanuit de amateurs en wist niks van zone verdedigen, doordekken en inspelen. Ik deed maar wat, gaf alleen maar lange ballen. Onder trainer Alex Pastoor debuteerde ik. Ik liep weg met hem, hij heeft me zo geholpen en ik heb nog altijd contact met hem.” Uit wat voor gezin kom je? “We vormden een gezin van zes. Ik heb een oudere zus, een jonger zusje en een broertje. Met elkaar praten vormde de basis in ons gezin. Hoe moeilijk het soms ook was, we moesten altijd het gesprek aangaan. Mijn moeder hield ook veel één-op-één gesprekken met ons. Ze is in alles een lerares. Ze komt uit Paramaribo en is op haar derde naar Nederland gekomen. Na 25 jaar voor de klas werd ze manager van een MBO in Rotterdam die niet bepaald een goede naam had. Uiteindelijk hebben ze er met alle leerkrachten een heel mooie school van weten te maken, waar iedereen nu graag naartoe wil. Mijn vader is Arubaans, kwam op zijn achttiende naar Nederland. Hij had altijd de wens om terug te keren en die kans deed zich voor toen hij een baan kreeg aangeboden op Aruba. Ik vond het vreselijk om te vertrekken uit Nederland, had de droom om profvoetballer te worden en op Aruba werden mijn kansen daarop niet groter. Uiteindelijk zijn we daar maar negen maanden gebleven, omdat ons huis in Nederland niet verkocht werd. Ik heb trouwens nog twee oefeninterlands gespeeld met Aruba onder 21. Ik was blij dat we teruggingen vanwege mijn voetbaldroom, maar ga nog altijd naar Aruba op vakantie. En ook Suriname trekt bij mij altijd, ik voel me ook Surinamer.” Je komt niet echt uit een sportfamilie toch? Lachend: “Mijn moeder heeft vroeger nog gevoetbald, maar mijn vader heeft niets met sport. Ik ben wat dat betreft een vreemde eend in de Dumfries-bijt. Mijn vader en moeder begrijpen allebei weinig van voetbal. Ze komen zo vaak mogelijk kijken en zijn hartstikke trots, maar het is beter dat ze niets over voetbal tegen me zeggen. Nu mijn vader wat meer wedstrijden heeft gezien, denkt hij dat hij soms ook wat mag zeggen. Ik antwoord dan meteen met: pap, ik geloof het wel.” 'Tijdens de ramadan heb ik uit solidariteit met Ihattaren besloten een dag te vasten en 's avonds nodigde Mo me uit om na zonsondergang de iftarmaaltijd te nuttigen' Jouw moeder was dus lerares. Kon jij goed leren? “Ik kon wel goed leren, vond filosofie een mooi vak. Ik vind het nog steeds leuk om me te verplaatsen in de denkwijze van sommige filosofen. Mijn probleem op school was dat ik veel te druk was. Ik heb op vijf verschillende middelbare scholen gezeten, zat op de havo, maar heb die niet afgemaakt. In mijn eindexamenjaar liep ik stage bij Sparta en kon dat niet combineren met school. Mijn moeder vindt het nog steeds jammer dat ik mijn school niet heb afgemaakt. Maar ze heeft er meer vrede mee nu ze heeft gezien hoe ik me heb ontwikkeld. Ik ben aanvoerder van PSV en speel voor het Nederlands elftal. Ze weet dat ik mijn weg weet te vinden en ook een gesprek kan voeren.” Helden Magazine 57 Het eerste gedeelte van het verhaal van Denzel Dumfries komt voort uit Helden Magazine 57. Het dubbeldik zomernummer staat volledig in het teken van de Olympische Spelen in Tokio en het EK voetbal. In Helden Magazine 57 lees je een uitgebreid interview met Dafne Schippers en haar broer Derek over hun speciale band. Spraken we keepster en boegbeeld van de Nederlandse handbalsters: Tess Wester over trouwen, de liefde en het moederschap. En ook een gesprek met en over Mathieu van der Poel, het fenomeen debuteert dit jaar in de Tour de France en rijdt een maand later de olympische mountainbikerace. Met aanvoerder Georginio Wijnaldum, assistent-bondscoach Ruud van Nistelrooij en Wout Weghorst blikken we uitgebreid vooruit op het EK. Hoe goed is daarnaast Frenkie de Jong? We vroegen het aan acht kenners. Verder in het EK-gedeelte een interview met Memphis Depay en John Bosman blikt terug op het EK van 1988. Ook in Helden Magazine 57 staat er geen maat op Annemiek van Vleuten meer sinds haar dramatische val tijdens de Spelen in Rio. Praat Sifan Hassan over het geloof, de liefde, haar geheim, de toekomst en goede espresso. Bespreekt chef de mission van de Nederlandse olympische ploeg: Pieter van den Hoogenbandde mensen die hem inspireren. Praat de stille kracht van de hockeysters: Eva de Goede over poseren voor Sports Illustrated en tafelvoetballen met Neymar én wint Marianne Vos minder vaak, maar is ze wel gelukkiger. Verder praten we met de vier krachtpatsers van het baansprinten: Roy van den Berg, Matthijs Büchli, Jeffrey Hoogland en Harrie Lavreysen. Spreekt Vivianne Miedema openhartig over haar wens om ooit voor Feyenoord te spelen, zwaait Epke Zonderland in Tokio af, wist Arno Kamminga zelf lange tijd niet hoe goed hij was én pakten Alexander Brouwer en Robert Meeuwsen in 2016 de eerste Nederlandse olympische medaille in het beachvolleybal. Victoria Koblenko stapte daarnaast met Nicolas Heiner in de boot én staat Sarina Wiegman in de ‘Leeuwinnen in het Rijks’ stil bij De serenade van Judith Leyster. Krijg jij geen genoeg van alle inspirerende sportverhalen? Kies het abonnement dat bij jou past én wordt abonnee. Zo ontvang je telkens de nieuwste edities op je deurmat, voordat het sportblad in de supermarkten te vinden is. Wil je een Helden Magazine cadeau doen? Het is ook mogelijk om een abonnement cadeau te doen, deze abonnementen lopen automatisch af. Daarnaast zijn de recentste exemplaren ook gemakkelijk te bestellen via onze webshop.